Opwekking 3 : 1 Wees blij in de Heer en zing verheugd, amen, halleluja! Wees blij in de Heer en zing verheugd, amen, halleluja! Verheugd, verheugd, amen, halleluja. Verheugd, verheugd, amen, halleluja. Opwekking 4 : 1-2 1 Zijn naam is wonderbaar, zijn naam is wonderbaar, zijn naam is wonderbaar, Jezus, mijn Heer. Hij is een Heer zo groot. Heerser tot in de dood. Zijn naam is wonderbaar, Jezus, mijn Heer. 2 Hij is mijn Redder, de Rots aller eeuwen, almachtig God is Hij. Laten w'ons buigen, Hem eer betuigen. Zijn naam is wonderbaar, Jezus, mijn Heer. Opwekking 5 : 1 Halleluja... Opwekking 6 : 1-2 1 Hij is Heer, Hij is Heer. Hij is opgestaan, want Jezus, Hij is Heer. Elke knie zal zich buigen, elke tong zal belijden, want Jezus, Hij is Heer. 2 He is Lord, He is Lord. He is risen from the dead, for He is Lord. Ev'ry knee shall bow, ev'ry tongue confess, that Jesus Christ is Lord. Opwekking 7 : 1-2 1 Heer, God, U loven wij. Heer, U belijden wij. Vader in eeuwigheid, zingt 't gans heelal uw naam. Aarde en hemel, Heer, zingen uwe naam ter eer, heel uw schepping door, eeuwig met 't engelenkoor: 2 Heilig, heilig, heilig is onze God, de Heer Ze-ebaoth. Hemel en aarde zijn van uw grootheid vol. Hemel en aarde zijn van uw grootheid vol. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Amen. Opwekking 8 : 1-3 1 Door de heilige Geest zijn wij één in de Heer. Door de Geest groeit de liefde voor elkaar steeds meer. Daarom bidden we samen dat die eenheid zichtbaar wordt. Refrein: Toon je liefde voor God en voor elkaar, voor elkaar. Jezus-mensen hebben liefde voor elkaar. 2 In het volgen van Jezus wordt de liefde openbaar. Samen biddend geloven met de handen in elkaar, en de mensen vertellen dat God niet veranderd is. Refrein: Toon je liefde voor God en voor elkaar, voor elkaar. Jezus-mensen hebben liefde voor elkaar. 3 Ja, wij danken de Vader, die ons leven bewaart. En wij prijzen de Zoon, die ons zijn liefde verklaart. Lof en eer voor de Geest, in Hem ontmoeten wij elkaar. Refrein: Toon je liefde voor God en voor elkaar, voor elkaar. Jezus-mensen hebben liefde voor elkaar. Opwekking 9 : 1 Wat ik nodig heb, wat ik nodig heb, Jezus alleen. Wat ik nodig heb, wat ik nodig heb, Jezus alleen. Opwekking 10 : 1-2 1 Laat mijn leven zijn, vol van zonneschijn, altijd stralend, juichend, zingend tot uw eer. Laat mijn leven zijn, vol van zonneschijn, altijd stralend, juichend, zingend tot uw eer. 2 Als Jezus in je woont, ebt ied're wanklank weg. Hij geeft je vreugd' en harmonie in plaats van pech. Laat mijn leven zijn, vol van zonneschijn, altijd stralend, juichend, zingend tot uw eer. Opwekking 11 : 1-6 1 Jezus sprak hier op aard': Mensen kom tot Mij, dat is Mij alles waard, Ik maak waarlijk vrij. Refrein: Er is een Heer, er is een Heer, er is een Heer, er is een Heer. Alleen Hij wacht, totdat Hij ook voor jou zorgen mag. 2 Stel niet uit. Zeg tot Hem: wees nu ook mijn Heer. Luister steeds naar zijn stem, Hij geeft leven weer. Refrein: Er is een Heer, er is een Heer, er is een Heer, er is een Heer. Alleen Hij wacht, totdat Hij ook voor jou zorgen mag. 3 Spoedig komt Christus weer. Heel de schepping buigt vol ontzag zich terneer. Hij is aller Heer. Refrein: Er is een Heer, er is een Heer, er is een Heer, er is een Heer. Alleen Hij wacht, totdat Hij ook voor jou zorgen mag. 4 Refrein: Er is een Heer, (4x) Alleen Hij wacht, totdat Hij ook voor jou zorgen mag. 5 Spoedig komt Christus weer. Heel de schepping buigt, vol ontzag zich terneer, Hij is aller Heer. 6 Refrein: Er is een Heer, (4x) Alleen Hij wacht, totdat Hij ook voor jou zorgen mag. Opwekking 12 : 1-3 1 All over the world the Spirit is moving. All over the world as the prophet said it would be. All over the world there's a mighty revelation of the glory of the Lord, as the waters cover the sea. 2 Deep down in my heart the Spirit is moving. Deep down in my heart as the prophet said it would be. Deep down in my heart there's a mighty revelation of the glory of the Lord, as the waters cover the sea. 3 Gods Geest is aan 't werk over d'einden der wereld. Gods Geest is aan 't werk, zoals voorzegd werd door de profeet. Gods Geest is aan 't werk. Er is een machtige revolutie tot zijn eer en heerlijkheid, als de waat'ren omhullen de zee. Opwekking 13 : 1-4 1 Jezus, Hij is Koning, Jezus, Hij is Koning, Koning van het gans heelal. Ja, diep in mijn hart leeft dit geloof: Jezus, Hij is Koning! 2 Jezus heeft ons vrijgekocht, Jezus heeft ons vrijgekocht, vrijgekocht door 't dierbaar bloed. Ja, diep in mijn hart leeft dit geloof: Jezus heeft ons vrijgekocht. 3 Wij zullen overwinnen, wij zullen overwinnen, wij zullen overwinnaars zijn. Ja, diep in mijn hart leeft dit geloof: Wij zullen overwinnaars zijn. 4 Jezus, Hij zal komen, Jezus, Hij zal komen, komen zal Hij met gejuich. Ja, diep in mijn hart leeft dit geloof: Jezus, Hij zal komen. Opwekking 14 : 1 The joy of the Lord is my strength! The joy of the Lord is my strength! The joy of the Lord is my strength! The joy of the Lord is my strength! De vreugde des Heren is mijn kracht! De vreugde des Heren is mijn kracht! De vreugde des Heren is mijn kracht! De vreugde des Heren is mijn kracht! La, la, la... Opwekking 15 : 1 Jesus' love is very wonderful, Jesus' love is very wonderful, Jesus' love is very wonderful. O, wonderful love: so high you can't get over it, so deep you can't get under it, so wide you can't get around it, o, wonderful love. Opwekking 16 : 1 Hij is getrouw en nimmer falend, en nimmer falend, en nimmer falend. Hij is getrouw en nimmer falend, nimmer falend tot in alle eeuwigheid. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 17 : 1 Ja, God is goed. Ja, God is goed. Ja, God is goed. God is goed voor mij. Opwekking 18 : 1-2 1 Zijn goedheid en genade zijn steeds mijn deel, elke dag, elke dag die ik leef. Zijn goedheid en genade zijn steeds mijn deel, elke dag, elke dag die ik leef. En ik zal wonen in 't huis van mijn Heer voor eeuwig, en ik zal delen het feestmaal met Hem. Zijn goedheid en genade zijn steeds mijn deel, elke dag, elke dag die ik leef. 2 Surely goodness and mercy shall follow me, all the days, all the days of my life. Surely goodness and mercy shall follow me, all the days, all the days of my life. I shall dwell in the house of my Lord forever. I shall feast at the table spread for me. Surely goodness and mercy shall follow me, all the days, all the days of my life. Opwekking 19 : 1-3 1 He brought me to His banqueting table and His banner over me is love. He brought me to His banqueting table and His banner over me is love. He brought me to His banqueting table and His banner over me is love. His banner over me is love. 2 Jesus loves me and I love Him. His banner over me is love. Jesus loves me and I love Him. His banner over me is love. Jesus loves me and I love Him. His banner over me is love. His banner over me is love. 3 I love you and you love me. His banner over me is love. I love you and you love me. His banner over me is love. I love you and you love me. His banner over me is love. His banner over me is love. Opwekking 20 : 1 Niemand anders dan Jezus, niemand anders dan Hij, kan mij verlossen van zonden vrij. In al mijn zorgen is Hij nabij mij, niemand anders dan Jezus, niemand anders dan Hij. Opwekking 21 : 1-3 1 Ik dank U, dank U Jezus. Ik dank U, dank U Jezus. Ik dank U, dank U Jezus, in mijn hart. Ik dank U, dank U Jezus. Ik dank U, dank U Jezus. Ik dank U, dank U Jezus, in mijn hart. 2 Ik prijs U, prijs U Jezus. Ik prijs U, prijs U Jezus. Ik prijs U, prijs U Jezus, in mijn hart. Ik prijs U, prijs U Jezus. Ik prijs U, prijs U Jezus. Ik prijs U, prijs U Jezus, in mijn hart. 3 Ik houd van U, Heer Jezus. Ik houd van U, Heer Jezus. Ik houd van U, Heer Jezus, in mijn hart. Ik houd van U, Heer Jezus. Ik houd van U, Heer Jezus. Ik houd van U, Heer Jezus, in mijn hart. Opwekking 22 : 1 In de naam van Jezus, in de naam van Jezus, overwinnen wij. In de naam van Jezus, in de naam van Jezus, vluchten demonen voor mij. Wie kan weerstaan Gods liefdemacht? Wie wil ervaren zijn grote kracht? In de naam van Jezus, Jezus, overwinnen wij. Opwekking 23 : 1 Ik weet, dat God de weg mij banen zal. Ik weet, dat God de weg mij banen zal. Want als Jezus in mij woont en in mij zijn kracht betoont, dan weet ik ook, dat Hij mij helpen zal. Opwekking 24 : 1-4 1 Zingt, zingt en jubelt nu Gods eer, mijn Heiland en mijn Heer. mijn Heiland en mijn Heer. Mijn God bewees op Golgotha de kracht van zijn gena. de kracht van zijn gena. de kracht van zijn gena. 2 Mijn God en Meester sta mij bij, dat ik getrouw steeds zij, dat ik getrouw steeds zij, in 't wijd verbreiden van de faam, van uw verheven naam. van uw verheven naam. van uw verheven naam. 3 Jezus, de naam, die angst verdrijft, geen zorg in 't hart meer blijft. geen zorg in 't hart meer blijft. Op die muziek zingt alles mee, 't is leven, licht en vree. 't is leven, licht en vree. 't is leven, licht en vree. 4 Hij breekt de taaiste zondemacht met goddelijke kracht, met goddelijke kracht, maakt ieder hart van smetten vrij, zijn bloed verlost ook mij. zijn bloed verlost ook mij. zijn bloed verlost ook mij. Opwekking 25 : 1 Laat ons met elkander, laat ons met elkander, zingen, prijzen, loven de Heer. Laat ons dat tezamen doen, zingen, prijzen, loven de Heer. Zingen, prijzen, loven de Heer, zingen, prijzen, loven de Heer, zingen, prijzen, loven de Heer, zingen, prijzen, loven de Heer. Opwekking 26 : 1 Gods weg is de beste, de beste altijd. Gods weg is de beste, waarheen Hij jou ook leidt. Gehoorzaam zijn roepstem, neem je kruis op en volg Hem. Gods weg is de beste, de beste altijd. Opwekking 27 : 1-4 1 Leid mij, Heer, o machtig Heiland door dit leven aan uw hand. Ik ben zwak, maar Gij zijt machtig, wees mijn Gids in 't barre land. Gij mijn Sterkte, Gij mijn Leider, vul mij met uw Geest steeds meer, vul mij met uw Geest steeds meer. 2 Laat mij zijn een Godsgetuige, sprekend van U meer en meer. Leid mij steeds door uwe liefde, groeiend naar uw beeld, o Heer. Brood des levens, Brood des hemels, voed mij dat ik groei naar U, voed mij dat ik groei naar U. 3 Laat door mij uw levend water vloeien als een klare stroom. O, Heer Jezus, 't wordt steeds later dat uw Geest over allen koom'. Machtig Heiland, mijn Verlosser, kom, Heer Jezus, in uw kracht, kom, Heer Jezus, in uw kracht. 4 Gij mijn Sterkte, Gij mijn Leider, vul mij met uw Geest steeds meer, vul mij met uw Geest steeds meer. Brood des levens, Brood des hemels, voed mij dat ik groei naar U, voed mij dat ik groei naar U. Machtig Heiland, mijn Verlosser, kom, Heer Jezus in uw kracht, kom, Heer Jezus in uw kracht. Opwekking 28 : 1-5 1 Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David zingen wij. Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David zingen wij. Wij zingen, wij zingen, gelijk David zingen wij. Wij zingen, wij zingen, gelijk David zingen wij. 2 Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David bidden wij. Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David bidden wij. Wij bidden, wij bidden, gelijk David bidden wij. Wij bidden, wij bidden, gelijk David bidden wij. 3 Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David klappen wij. Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David klappen wij. Wij klappen, wij klappen, gelijk David klappen wij. Wij klappen, wij klappen, gelijk David klappen wij. 4 Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David loven wij. Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David loven wij. Wij loven, wij loven, gelijk David loven wij. Wij loven, wij loven, gelijk David loven wij. 5 Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David juichen wij. Als Gods Geest waarlijk in ons woont, gelijk David juichen wij. Wij juichen, wij juichen, gelijk David juichen wij. Wij juichen, wij juichen, gelijk David juichen wij. Opwekking 29 : 1 Praise the Lord from whom all blessings flow. Praise the Lord all creatures here below. Praise Him up above ye heavenly host. Praise the Father, Son and Holy Ghost. Opwekking 30 : 1 Ik heb een loflied in mijn hart. Ik heb een loflied in mijn hart. Ik wil Hem prijzen, hulde bewijzen. Ik heb een loflied in mijn hart. Opwekking 31 : 1 O, how I love Jesus, o, how I love Jesus, o, how I love Jesus, because He first loved me. Opwekking 32 : 1-2 1 Dit is de dag, dit is de dag, die de Heer ons geeft, die de Heer ons geeft. Weest daarom blij, weest daarom blij en zingt verheugd, en zingt verheugd. Dit is de dag die de Heer ons geeft. Weest daarom blij en zingt verheugd. Dit is de dag, dit is de dag, die de Heer ons geeft. 2 Dit is de dag die de Heer ons geeft. Weest daarom blij en zingt verheugd. Dit is de dag,dit is de dag, die de Heer ons geeft. Opwekking 33 : 1 Prijst God... (Amazing grace). Opwekking 34 : 1 Hiney matov ooma nayim, shèvet achim gam yachad. Hiney matov ooma nayim, shèvet achim gam yachad. Hiney matov, shèvet achim gam yachad. Hiney matov, shèvet achim gam yachad. Opwekking 35 : 1 Klapt in de handen alle mensen, juicht God toe met een jubelstem. Klapt in de handen alle mensen, juicht God toe met een jubelstem. Hosanna! Hosanna! Juicht God toe met een jubelstem. Prijst Hem! Prijst Hem! Prijst God met een jubelstem. Opwekking 36 : 1 Roep Mij toch aan en Ik zal u voortaan grote en machtige dingen doen zien, waarvan gij niet weet. Roep Mij toch aan en Ik zal u voortaan grote en machtige dingen doen zien, waarvan gij niet weet. Opwekking 37 : 1 Halleluja. Hij stierf voor mij. Hij leeft in mij. Jezus komt weer. Opwekking 38 : 1 Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Amen. Opwekking 39 : 1-5 1 Heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, Heer God almachtig. Als bewijs van onze liefde heffen wij ons hart tot U. Heilig, heilig, heilig, heilig. 2 Onze Vader, door genade zijn wij kinderen van U voor eeuwig, Vader. Als bewijs van onze liefde heffen wij het hoofd omhoog. Onze Vader, onze Vader. 3 Here Jezus, o, Heer Jezus, dank U wel dat U ons redde, Here Jezus. Als bewijs van onze liefde heffen wij de handen op. Here Jezus, o, Heer Jezus. 4 Geest zo heilig, heilig, heilig, kom en vul ons hart opnieuw met vuur zo heilig. Als bewijs van onze liefde heffen wij dit loflied aan. Geest zo heilig, heilig, heilig. 5 Heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, Heer God almachtig. Als bewijs van onze liefde, heffen wij ons hart tot U. Heilig, heilig, heilig, heilig. Opwekking 40 : 1-6 1 Zoekt eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, en dit alles krijgt u bovendien. Hallelu, halleluja. Refrein: Halleluja, halleluja, halleluja, hallelu, halleluja. 2 Men kan niet leven van brood alleen, maar van ieder woord dat door de Heer gesproken wordt. Hallelu, halleluja. Refrein: Halleluja, halleluja, halleluja, hallelu, halleluja. 3 Bidt en u zal gegeven zijn, zoekt en gij zult het zien, klopt en de deur zal voor u opengaan. Refrein: Halleluja, halleluja, halleluja, hallelu, halleluja. 4 Halleluja, halleluja, halleluja, hallelu, halleluja. 5 Bidt en u zal gegeven zijn, zoekt en gij zult het zien, klopt en de deur zal voor u opengaan. Hallelu, halleluja. 6 Halleluja, halleluja, halleluja, hallelu, halleluja. Opwekking 41 : 1-2 1 Love is the flag, flown high from the castle of my heart, from the castle of my heart, from the castle of my heart. Love is the flag, flown high from the castle of my heart, when the King is in residence there. 2 So let it fly in the sky. Let the whole world know, let the whole world know, let the whole world know. So let it fly in the sky. Let the whole world know, when the King is in residence there. Opwekking 42 : 1 'k Stel mijn vertrouwen op de Heer, mijn God. Want in zijn hand ligt heel mijn levenslot. Hem heb ik lief, zijn vrede woont in mij. 'k Zie naar Hem op en 'k weet: Hij is mij steeds nabij. Opwekking 43 : 1-4 1 In Gods overwinning trekken wij ten strijd. Samen in zijn leger, Hem ten dienst gewijd. Christus, onze Koning, stelt Zich aan het hoofd. Hij heeft ons de zege in de strijd beloofd. Hij heeft ons de zege in de strijd beloofd. 2 Als een machtig leger, vol van Geest en kracht, gaan wij achter Jezus, die ons 't leven bracht. Nergens heerse tweedracht. Eén geloof, één Heer, één in hoop en liefde, juichend Hem ter eer. Eén in hoop en liefde, juichend Hem ter eer. 3 Tronen, machten, krachten zullen dra vergaan, waar de heil'gen samen vastgeworteld staan. Niets kan ons weerhouden, jagend naar het eind. Glorie voor de Schepper, nu en voor altijd. Glorie voor de Schepper, nu en voor altijd. 4 Volg uw Meester, kind'ren, sluit u vast aaneen. Hef het schild als pijlen suizen om u heen. Hem zij eer, aanbidding, roem en heerlijkheid. Zingen wij tot glorie Hem in eeuwigheid. Zingen wij tot glorie Hem in eeuwigheid. Opwekking 44 : 1-6 1 Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft. Die vol ontferming ieder troost en alle schuld vergeeft. Die heel het aards gebeuren vast in handen heeft. 2 Refrein: Hem zij de glorie, want Hij die overwon, zal nooit verlaten wat zijn hand begon. Halleluja. Geprezen zij het Lam, dat de schuld der wereld op Zich nam. 3 Verdreven is de schaduw van de nacht. En wie Hem wil aanvaarden wordt eens veilig thuisgebracht. Voor hem geldt ook dit wonder: alles is volbracht. 4 Refrein: Hem zij de glorie, want Hij die overwon, zal nooit verlaten wat zijn hand begon. Halleluja. Geprezen zij het Lam, dat de schuld der wereld op Zich nam. 5 Hij doet ons dankbaar schouwen in het licht, dat uitstraalt van het kruis, dat eens voor ons werd opgericht. En voor ons oog verrijst een heerlijk vergezicht. 6 Refrein: Hem zij de glorie, want Hij die overwon, zal nooit verlaten wat zijn hand begon. Halleluja. Geprezen zij het Lam, dat de schuld der wereld op Zich nam. Opwekking 45 : 1-4 1 Heer, 'k wil U danken, U loven en prijzen voor alles wat U doet voor mij. Heer, ik wil daag'lijks U hulde bewijzen door te leven zoals Gij. Ik wil de weg gaan, die U hebt gewezen. U zult mij steeds weer de kracht daarvoor geven. Dank Heer, dat ik in de hemel woon en met U zitten mag op de troon. 2 Dank Heer, dat ik nu niet stil hoef te wachten op alle dingen die komen gaan. Maar strijden mag tegen duivelse machten en overwinnen in uw naam. Dank Heer, dat ik zo het doel mag bereiken. Dat is: dat ik sprekend op U zal lijken, dat ied're vijand, die nu nog woedt, voetbank zal zijn onder uwe voet. 3 Dank Heer, dat ondanks de listen van satan, ondanks de nood van deze tijd, ik deel mag hebben aan 't machtige heilsplan, dat mij leidt tot volkomenheid. Vol van uw kracht, Heer, en zonder te beven, wil ik getuigen: U geeft een nieuw leven. Alles herstelt U wat is ontwricht. U maakt het duister tot stralend licht. 4 Dank Heer, dat U boven bidden en denken in alle dingen rijk voorziet. Dank, dat U mij uw bescherming wilt schenken, daartoe uw engelenwacht gebiedt. Blijdschap en vrede hebt U mij gegeven. Uw naam zij daarvoor geloofd en geprezen. U wil ik geven steeds meer en meer. Glorie en lofprijs, ja, dank en eer. Opwekking 46 : 1-3 1 Vader, ik aanbid U. 'k Leg mijn leven voor U. Halleluja. 2 Jezus, ik aanbid U. 'k Leg mijn leven voor U. Halleluja. 3 Heil'ge Geest, ik aanbid U. 'k Leg mijn leven voor U. Halleluja. Opwekking 47 : 1-2 1 Omdat Hij leeft, ben ik niet bang voor morgen. Omdat Hij leeft, mijn angst is weg. Omdat ik weet, Hij heeft de toekomst. En het leven is het leven waard omdat Hij leeft. 2 Because He lives, I can face tomorrow. Because He lives, my fear is gone. Because I know, He holds the future. And life is worth the living, just because He lives. Opwekking 48 : 1-3 1 Dank U Jezus, dank U Jezus, dank U Jezus, wij danken U. 2 Halleluja, halleluja, halleluja, wij prijzen U. 3 Here Jezus, Here Jezus, Here Jezus, wij prijzen U. Opwekking 49 : 1 Halleluja, want de Heer onze God, de Almachtige heerst. O, kind van God, verblijdt u zeer, en prijst zijn naam en looft de Heer. Halleluja, want de Heer onze God, de Almachtige heerst. Opwekking 50 : 1 'k Wil U prijzen, o Heer, 'k wil U prijzen, o Heer, met een hart vol aanbidding, 'k wil U prijzen, o Heer. Met mijn handen omhoog, met een mond vol van dank, met een hart vol aanbidding, 'k wil U prijzen, o Heer. Opwekking 51 : 1 Dit is mijn gebod, dat gij elkander liefhebt en uw blijdschap wordt vervuld. Dit is mijn gebod, dat gij elkander liefhebt en uw blijdschap wordt vervuld, en uw blijdschap wordt vervuld, en uw blijdschap wordt vervuld. Dit is mijn gebod, dat gij elkander liefhebt en uw blijdschap wordt vervuld. Opwekking 52 : 1 Gij zijt waardig, Gij zijt waardig, Gij zijt waardig, o Heer, om te ontvangen macht en ere, heerlijkheid, o Heer. Want Gij hebt geschapen, ja alles geschapen. Gij hebt geschapen het al. Ja, Gij zijt waardig om te ontvangen, macht en ere, o Heer. Opwekking 53 : 1-2 Zingt de Here een nieuw lied, zingt de Here, gij ganse aarde. Zingt de Here, prijst zijn naam, boodschapt zijn heil van dag tot dag. Vertelt onder de volken zijn heerlijkheid, onder alle natiën zijn wonderen, want God is majesteit. Zingt de Here een nieuw lied, zingt de Here, gij ganse aarde. Zingt de Here, prijst zijn naam, boodschapt zijn heil van dag tot dag. Opwekking 54 : 1 Looft de Here, alle gij volken, prijst Hem, alle gij natiën, want zijn goedertierenheid is machtig over ons, en des Heren trouw is tot in eeuwigheid. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 55 : 1 Groot is de Heer en hoog te loven, in de stad van onze God zijn heilige berg. Schoon door zijn verhevenheid, een vreugde voor de ganse aarde, is de berg Sion, ver in het noorden, de stad van de grote Koning, is de berg Sion, ver in het noorden, de stad van de grote Koning. Opwekking 56 : 1 Zijn naam is hoger dan ieder ander. Zijn naam is Jezus, zijn naam is Heer, zijn naam is Wonderbaar, zijn naam is Raadsman, zijn naam is Vredevorst, almachtig God. Opwekking 57 : 1 Prijst de naam van Jezus, prijst de naam van Jezus. Hij's mijn Rots, Hij's mijn vaste Burcht, Hij's mijn Bevrijder, op wie ik vertrouw. Prijst de naam van Jezus. Opwekking 58 : 1-4 1 Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. 2 Blijft in mijn vrede, blijft in Mij. Mijn woord moet in u zijn, dat maakt u vrij. Blijft in mijn vrede, blijft in Mij. Mijn woord moet in u zijn, dat maakt u vrij. 3 Ontvangt mijn Geest, heilige Geest. Hij zal u leiden, weest niet bevreesd. Ontvangt mijn Geest, heilige Geest. Hij zal u leiden, weest niet bevreesd. 4 Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. Vrede zij u, vrede zij u, gelijk Mij de Vader zond, zend Ik ook u. Opwekking 59 : 1-3 1 Mogen de woorden van mijn mond en de overleggingen van mijn hart U welgevallig zijn. 2 Mogen de woorden van mijn mond en de overleggingen van mijn hart U welgevallig zijn. 3 O, Here, mijn Rots en mijn Verlosser. Mogen de woorden van mijn mond en de overleggingen van mijn hart U welgevallig zijn. Opwekking 60 : 1-5 1 Voor uw liefde, Heer Jezus, dank U wel. Voor uw liefde, Heer Jezus, dank U wel. Wij aanbidden U, Heer. U komt toe alle lof en eer. O, Heer, wij prijzen uw naam! 2 Voor uw woord van genade, dank U wel. Voor uw woord van genade, dank U wel. Heer, U maakte ons vrij. In uw kracht overwinnen wij. O, Heer, wij prijzen uw naam! 3 Wij aanbidden U, Jezus, Zoon van God. Wij aanbidden U, Jezus, Zoon van God. Vul ons hart voor altijd, met uw liefde en heerlijkheid. O, Heer, wij prijzen uw naam! 4 U bent heilig, heilig, heilig Heer. U bent heilig, heilig, heilig Heer. Machtig God, zie ons staan, neem ons lied als een lofzang aan. O, Heer, wij prijzen uw naam! 5 Maranatha, Heer Jezus, kom terug. Maranatha, Heer Jezus, kom terug. Wij verwachten U, Heer. Hoor wij bidden: Kom haastig weer! O, Heer, wij prijzen uw naam! Opwekking 61 : 1 Prijst met ons de Heer. Prijst de Heer. Heft uw stemmen naar de hemel, en prijst de Heer. Prijst met ons de Heer. Prijst de Heer. Heft uw stemmen naar de hemel, en prijst de Heer. Opwekking 62 : 1 Gods lof wil 'k zingen met die woorden die mij spreken van zijn kracht, van overwinning en verlossing, van zijn liefde en zijn macht. Ja, 'k wil Hem prijzen voor het wonder dat Hij voor ons heeft gedaan. Hem zij de glorie en aanbidding. 'k Ga op zijn beloften staan. Opwekking 63 : 1 Prijst de Here met elkander, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 64 : 1-2 1 Beter dan 't leven, is uw genade. Beter dan 't leven, is uw genade. Ik wil U prijzen, ik wil U loven. Ik hef mijn handen in aanbidding naar omhoog. 2 Ik hef mijn handen tot U omhoog. Ik hef mijn handen tot U omhoog. Ik wil U prijzen, ik wil U loven. Ik hef mijn handen in aanbidding naar omhoog. Opwekking 65 : 1 Loof de Here, mijn ziel, loof de Here, mijn ziel, en alles wat in mij is zijn heilige naam. Opwekking 66 : 1-2 1 Komt, prijst de Heer, al gij knechten van de Heer, die staan des nachts in het huis van de Heer. Heft uw handen op, naar het heiligdom, en prijst de Heer, en prijst de Heer. 2 Heft uw handen op, naar het heiligdom, en prijst de Heer, en prijst de Heer. Opwekking 67 : 1-2 1 Het is goed, ja 't is goed om de Heer te loven. Het is goed, ja 't is goed zijn naam psalmen te zingen. Het is goed, ja 't is goed om de Heer te loven, zijn naam psalmen te zingen, d'Allerhoogste. 2 Het is goed, ja 't is goed om de Heer te loven, zijn naam psalmen te zingen, d' Allerhoogste! Opwekking 68 : 1-3 1 Zing halleluja voor de Heer, zing halleluja voor de Heer. Zing halleluja, zing halleluja. Zing halleluja voor de Heer. 2 Jezus is Koning en Heer, Jezus is Koning en Heer. Jezus is Koning, Jezus is Koning. Jezus is Koning en Heer. 3 Heilig, heilig is de Heer, heilig, heilig is de Heer. Heilig, heilig, heilig, heilig. Heilig, heilig is de Heer. Opwekking 69 : 1 'k Heb je lief met de liefde van de Heer. 'k Heb je lief met de liefde van de Heer. Want ik zie in jou de grootheid van zijn naam. 'k Heb je lief met de liefde van de Heer. Opwekking 70 : 1-4 1 Heer, onze God, hoe heerlijk is uw naam, die U ons noemt door sterren, zon en maan. Hemel en aarde spreken wijd en zijd, tonen het wonder van uw heerlijkheid. 2 Heer, onze God, die aard' en hemel schiep, zeeën en land met macht te voorschijn riep. Wat zijn wij, mensen, dat U aan ons denkt en ons uw heerlijkheid en luister schenkt? 3 U komt ons, Heer, in Christus tegemoet. U geeft ons, Heer, verlossing door zijn bloed. U roept ons, mensen, in uw heerlijkheid: leven om Jezus' wil in eeuwigheid! 4 Daarom zal, Heer, ons lied een loflied zijn, dat in ons zingt met eindeloos refrein. Prijzend uw liefde, heffen wij het aan: Heer, onze God, hoe heerlijk is uw naam! Opwekking 71 : 1-5 1 Refrein: Jezus leeft in eeuwigheid, zijn sjaloom wordt werkelijkheid. Alle dingen maakt Hij nieuw. Hij is de Heer van mijn leven. 2 Straks als er een nieuwe dag begint, en het licht het van het duister wint, mag ik bij Hem binnengaan, voor zijn troon gaan staan. Hef ik daar mijn loflied aan: 3 Refrein: Jezus leeft in eeuwigheid, zijn sjaloom wordt werkelijkheid. Alle dingen maakt Hij nieuw. Hij is de Heer van mijn leven. 4 Straks wanneer de grote dag begint, en het licht voor altijd overwint, zal de hemel opengaan, komt de Heer er aan. Heffen wij dit loflied aan: 5 Jezus komt in heerlijkheid, zijn sjaloom wordt wereldwijd. Alle dingen maakt Hij nieuw. Hij is de Heer van ons leven. Opwekking 72 : 1-2 1 Vanwaar de zon opgaat, tot waar zij daalt, ondergaat, zij de naam van God geloofd. Vanwaar de zon opgaat, tot waar zij daalt, ondergaat, zij de naam van God geloofd. Prijst dan de Heer, allen die Hem echt willen dienen. Looft de naam van onze God. (halleluja) Prijst dan de Heer van nu af aan tot in eeuwigheid. 2 Prijst dan de Heer, allen die Hem echt willen dienen. Looft de Naam van onze God. Halleluja, prijst dan de Heer, van nu af aan tot in eeuwigheid. Opwekking 73 : 1 Wat een plezier heeft het meisje in de reidans, jongeren en ouderen tezamen. Lai, lai, lai, ... De Heer verblijdt en troost ons in verdriet, verandert rouw hier in een vreugdelied. Want Hij, zo luidt het woord van God, geeft van zijn overvloed, verzadigt iedereen, voorgoed, ook mij. De Heer maakt alle dingen goed, geeft van zijn overvloed, verzadigt iedereen voorgoed. Opwekking 74 : 1-3 1 Heer, we zijn hier saamgekomen in uw naam en wij aanbidden U. Heer, we zijn hier saamgekomen in uw naam en wij aanbidden U. Heer, we zijn hier saamgekomen in uw naam en wij aanbidden U als Heer. Jezus, Jezus onze Heer. 2 Heer, het gaat op dit moment niet meer om ons, het gaat alleen om U. Heer, het gaat op dit moment niet meer om ons, het gaat alleen om U. Heer, het gaat op dit moment niet meer om ons. Het gaat om Jezus, onze Heer, Jezus, Jezus onze Heer. 3 Heer, wij heffen in aanbidding reine handen naar U op en eren U. Heer, wij heffen in aanbidding reine handen naar U op en eren U. Heer, wij heffen in aanbidding reine handen naar U op en heiligen uw naam. Jezus, Jezus onze Heer. Opwekking 75 : 1 Wie lof offert, eert Mij, eert Mij, wie lof offert, eert Mij, eert Mij en baant de weg, en baant de weg dat Ik hem Gods heil doe zien. Opwekking 76 : 1-3 1 Maar Gij, Heer, zijt een schild dat mij dekt, Maar Gij, Heer, zijt een schild dat mij dekt, mijn eer en die mijn hoofd opheft, mijn eer en die mijn hoofd opheft. 2 Als ik luide roep tot de Here, als ik luide roep tot de Heer, als ik luide roep tot de Here, dan antwoordt Hij mij van zijn heilige berg. 3 Maar Gij, Heer, zijt een schild dat mij dekt, Maar Gij, Heer, zijt een schild dat mij dekt, mijn eer en die mijn hoofd opheft, mijn eer en die mijn hoofd opheft. Opwekking 77 : 1-2 1 Wij zijn allen hier bijeen in Jezus' naam. Wij zijn allen hier bijeen in Jezus' naam. En wij brengen Hem aanbidding, glorie, lof en eer. Wij zijn allen hier bijeen in Jezus' naam. 2 En weet je wat zo mooi is bij Jezus voel je je vrij om helemaal jezelf te zijn, want hij houdt van jou (ja, hij houdt van jou) ja hij houdt van jou en mij. Opwekking 78 : 1-6 1 Halleluja, looft God in zijn heiligdom, looft Hem in zijn machtig uitspansel; looft Hem om zijn machtige daden, looft Hem naar zijn geweldige grootheid. Refrein: Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja, halleluja. Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja. 2 Looft Hem met bazuingeschal, looft Hem, looft Hem met de harp en de citer, looft Hem met de tamboerijn en reidans, looft Hem met het snarenspel en fluit. Refrein: Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja, halleluja. Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja. 3 Looft Hem met de klinkende cimbalen, looft Hem met de schallende cimbalen. Refrein: Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja, halleluja. Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja. 4 Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja, halleluja. Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja. 5 Looft Hem met de klinkende cimbalen, looft Hem met de schallende cimbalen. 6 Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja, halleluja. Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja. Opwekking 79 : 1 Tot U, o Heer, hef ik op mijn ziele. Tot U, o Heer, hef ik op mijn ziele; o mijn God, ik vertrouw op U, maak mij niet beschaamd, laat niet mijn vijand juichen over mij. Opwekking 80 : 1-2 Ik zal opgaan naar Gods huis met gejubel en gejuich; ik zal komen in zijn hof met lof. Ik zal eren onze Heer die mijn dagen maakt. Ik ben verheugd, want Jezus maakt mij blij. Jezus maakt mij blij, Jezus maakt mij blij Ik ben verheugd, want Jezus maakt mij blij. Jezus maakt mij blij, Jezus maakt mij blij Ik ben verheugd, want Jezus maakt mij blij. Opwekking 81 : 1 Waardig, waardig, waardig is het Lam van God. Waardig, waardig, waardig is het Lam. Ere, ere, ere zij het Lam van God. Ere, ere, ere zij het Lam. Heilig, heilig, heilig is het Lam van God. Jezus, Jezus, Jezus is het Lam van God. Opwekking 82 : 1-5 Komt, laat ons zingen vandaag, zingen vandaag, zingen tot de eer van God. Komt, laat ons zingen vandaag, zingen vandaag, zingen tot de eer van God. Komt, laat ons klappen vandaag, klappen vandaag, klappen tot de eer van God. Komt, laat ons klappen vandaag, klappen vandaag, klappen tot de eer van God. Komt, laat ons dansen vandaag, dansen vandaag, dansen tot de eer van God. Komt, laat ons dansen vandaag, dansen vandaag, dansen tot de eer van God. Komt, laat ons prijzen vandaag, prijzen vandaag, prijzen tot de eer van God. Komt, laat ons prijzen vandaag, prijzen vandaag, prijzen tot de eer van God. Komt, laat ons bidden vandaag, bidden vandaag, bidden tot de eer van God. Komt, laat ons bidden vandaag, bidden vandaag, bidden tot de eer van God. Opwekking 83 : 1 Hij, die gelooft, hij die gelooft, leeft in alle eeuwigheid. Hij, die gelooft in de Vader en de Zoon, leeft in alle eeuwigheid. Kom ik in de hemel, kijk ik in het rond, leef in alle eeuwigheid; zit bij mijn Heiland, doe op mijn kroon, leef in alle eeuwigheid. Opwekking 84 : 1 Hij wordt mij liever ied're dag, Hij wordt mij liever ied're dag. 'k Mag bij Hem zijn, Jezus is mijn. Hij wordt mij liever ied're dag. Opwekking 85 : 1 Eenmaal zullen wij de Koning zien, eenmaal zullen wij de Koning zien, eenmaal zullen wij de Koning zien. En juichen Hem ter eer. Opwekking 86 : 1 Zing en speel tot eer van Hem, geef je hart en ook je stem, geef je over aan de Heiland, laat niets achter in de strijd. Zing en speel tot eer en glorie van de hoogste Majesteit. Opwekking 87 : 1 Alle kind'ren mogen komen, zelfs de kleinsten erbij. Elk jongetje, elk meisje maakt Hij van zonden vrij. Als zij komen tot Jezus, hun Heiland en Heer, dan wast Hij hun hartjes en daalt daarin neer. Opwekking 88 : 1-4 1 Een rivier vol van vrede, een rivier vol van vrede, een rivier vol van vrede in mijn hart. Een rivier vol van vrede, een rivier vol van vrede, een rivier vol van vrede in mijn hart. 2 Een fontein vol van blijdschap, een fontein vol van blijdschap, een fontein vol van blijdschap, in mijn hart. Een fontein vol van blijdschap, een fontein vol van blijdschap, een fontein vol van blijdschap, in mijn hart. 3 Ik heb lief als mijn Jezus, ik heb lief als mijn Jezus, ik heb lief als mijn Jezus, in mijn hart. Ik heb lief als mijn Jezus, ik heb lief als mijn Jezus, ik heb lief als mijn Jezus, in mijn hart. 4 Een rivier vol van vrede, een fontein vol van blijdschap, ik heb lief als mijn Jezus, in mijn hart. Een rivier vol van vrede, een fontein vol van blijdschap, ik heb lief als mijn Jezus, in mijn hart. Opwekking 89 : 1-2 1 Als ik mij herinner wat Hij deed voor mij, dan keer ik nimmermeer terug. Halleluja. Als ik mij herinner wat Hij deed voor mij, dan keer ik nimmermeer terug. 2 Nee, nooit, nooit, nee, nooit, dan keer ik nimmermeer terug. Halleluja. Als ik mij herinner wat Hij deed voor mij, dan keer ik nimmermeer terug. Opwekking 90 : 1-3 1 Daarginds ver in de hemel ontmoeten w’elkaar; hoe fijn is het daar. Daarginds ver in de hemel ontmoeten we vol vreugde elkaar. 2 Als jij er bent voordat ik er ben, zie uit naar mij, want ik kom er ook. Als jij er bent voordat ik er ben ontmoeten we vol vreugde elkaar. 3 Als ik mijn hart voor de Heer ontsluit, dan neemt Hij al het kwade eruit. Als ik mijn hart voor de Heer ontsluit, dan neemt Hij het kwade eruit. Opwekking 91 : 1-2 1 Jezus houdt van alle kleine kinderen. Jezus houdt van alle kleine kinderen. Jezus houdt van alle kleine kinderen. Alle kleine kinderen mogen komen. Eén kleine, twee kleine, drie kleine kinderen, vier kleine, vijf kleine, zes kleine kinderen, zeven kleine, acht kleine, negen kleine kinderen, alle kleine kind'ren mogen komen. 2 (Jezus houdt van alle hippe hippies, zieke kinderen, oude mensen, lieve baby's, enz.) Opwekking 92 : 1-2 1 Geef mij olie in mijn lamp, houd het brandend, brandend met uw heilig vuur. Geef mij olie in mijn lamp, opdat ik gereed zal zijn, wanneer Gij, mijn Heiland, komt dit uur. 2 Zing hosanna, zing hosanna, zing hosanna, prijs de Heer, halleluja. Zing hosanna, zing hosanna, zing hosanna, prijs de Heer. Opwekking 93 : 1 Jezus overwon de dood, o, glorie halleluja. Hij's gezeten op zijn troon; geprezen zij zijn naam. Spoedig komt Hij als mijn Heer, o, glorie halleluja. Eens zal ik Hem ontmoeten, Hem als mijn Heer begroeten, Jezus overwon de dood. Opwekking 94 : 1 Heel mijn leven wil ik wijden, om in de dienst van mijn Heer te strijden. O ja... en wat ik ben en wat ik doe, is door gena (door gena). Als Jezus niet zijn bloed had gegeven, hoe zouden wij dan in deze wereld leven, vol van duisternis die de satan heeft gebracht. Maar halleluja, Jezus overwon hem door zijn kracht. Daarom wil ik heel mijn leven wijden om in de dienst van de Heer te strijden. O ja... en wat ik ben, en wat ik doe is door gena (door gena). Opwekking 95 : 1-5 1 Als j'een echte christen bent, klap in de hand. Als de Heer je heeft bevrijd, klap in de hand. Hef je ogen naar omhoog. Houd je Heiland in het oog. Als je reeds voor Jezus boog, klap in de hand. 2 Refrein: Klap in de hand, klap in de hand, en verbreid de naam des Heren door het land. Klap in de hand, klap in de hand, en verbreid de naam des Heren door het land. 3 Mijn lied maakt groot de Heer. Van Hem zing 'k telkens weer. Een lied van vrijheid, een lied van blijheid, tot eer van Jezus' naam. Halleluja. Een lied van vrijheid, een lied van blijheid, tot eer van Jezus' naam. 4 Hef je hand op als j'een godskind bent genaamd. Sta nu op als je je voor Jezus' woord niet schaamt. Zet je dan weer rustig neer. Groet je buurman deze keer. Als je blij bent in de Heer, klap in de hand. 5 Refrein: Klap in de hand, klap in de hand, en verbreid de naam des Heren door het land. Klap in de hand, klap in de hand, en verbreid de naam des Heren door het land. Opwekking 96 : 1-2 Ik vouw mijn handen, Heer en kniel voor U neer. Ja, voor U die mij nooit zal verlaten. Ik vouw mijn handen, Heer en iedere keer, vind ik rust om met U te kunnen praten. Ja, ik bid U, wees met mij op al mijn wegen. Want wat zou ik kunnen doen zonder uw zegen. Ik vouw mijn handen, Heer en kniel voor U neer. Ja, voor U die mij nooit meer verlaat. Opwekking 97 : 1 De vensters des hemels zijn open. De zegen des Heren daalt neer. Daar's vreugd', vreugd', vreugd' in mijn hart, want Jezus bemint mij zozeer. Ik gaf Hem mijn oud, zondig leven. Zijn bloed maakt mij stralend en rein. 'k Mag zitten aan 't feestmaal des Heren. 'k Ben blij, want ik weet: Hij is mijn. Opwekking 98 : 1-6 1 Eens was ik onverschillig, en zocht niet naar de Heer. Maar Hij zocht mij vol liefde, en riep mij keer op keer. Maar ik zei: Nee, nee, nee, ik ben nog jong genoeg, het is nog veel te vroeg. Aan die godsdienst doe ik niet mee. 2 Refrein 1: Maar halleluja, nu ben ik een kind van God. Nu is mijn levenslot, in handen van mijn God. Hij maakt mij blij en geeft mijn leven perspectief. Zeg, weet je 't al, de Heer heeft jou ook lief. 3 Eens was ik ongehoorzaam aan God en zijn gebod. Hij vroeg mijn hart ter woning, maar ik hield de deur op slot. En ik zei: Nee, nee, nee, ik ben nog jong genoeg, het is nog veel te vroeg. Aan die godsdienst doe ik niet mee. 4 Refrein 1: Maar halleluja, nu ben ik een kind van God. Nu is mijn levenslot, in handen van mijn God. Hij maakt mij blij en geeft mijn leven perspectief. Zeg, weet je 't al, de Heer heeft jou ook lief. 5 Heb jij nog niet je leven aan Jezus toegewijd. Geef Hem dan nu je harte, 't is nu de beste tijd. En zeg niet: Nee, nee, nee, ik ben nog jong genoeg, het is nog veel te vroeg. Aan die godsdienst doe ik niet mee. 6 Refrein 2: Maar geef je over en word ook een kind van God, en laat je levenslot in handen van mijn God. Hij maakt je blij, en geeft je leven perspectief. Zeg weet je 't al... de Heer heeft jou ook lief. Opwekking 99 : 1 Volgen wil ik U, o trouwe Heer, volgen op mijn levenspad. Heel mijn toekomst is bij U bekend. Ja, Gij leidt mij stap voor stap. Nu ben ik vrij en blij, want Jezus zorgt voor mij. Voor heel mijn leven, zal kracht Hij geven tot aan het eind der baan, in 's hemels Kanaän is Jezus' liefde genoeg voor mij. Opwekking 100 : 1 Hohohohosanna, hahahalleluja, Hehehehe loves me, I got the joy of the Lord. Opwekking 101 : 1 Ik ben zo blij, dat 'k een kind van de Heer mag zijn. 'k Heb er opeens een Vader bij. Al is mijn jonge leventje nog zonder zorg, ik weet Hij houdt van mij. En is mijn moeder boos op al het kattekwaad, dan heb ik soms weleens verdriet. Maar ik weet, Hij maakt blij en verzekert mij dat ik een kind van de Heer mag zijn, dat ik een kind van de Heer mag zijn. Opwekking 102 : 1-7 1 Refrein: Amen, prijs de Heer. Amen, prijs de Heer. Glorie halleluja, prijs de Heer. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. 2 Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand, nee niemand komt tot de Vader dan door Mij. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. 3 Refrein: Amen, prijs de Heer. Amen, prijs de Heer. Glorie halleluja, prijs de Heer. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. 4 Jullie moeten wederom geboren worden, Jullie moeten wederom geboren worden, anders kun je 't Koninkrijk van God niet binnengaan. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. 5 Refrein: Amen, prijs de Heer. Amen, prijs de Heer. Glorie halleluja, prijs de Heer. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. 6 Verhindert niet de kleine kind'ren tot Mij te komen. Verhindert niet de kleine kind'ren tot Mij te komen. Want juist voor dezen is het Koninkrijk van God. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. 7 Refrein: Amen, prijs de Heer. Amen, prijs de Heer. Glorie halleluja, prijs de Heer. Spring op, draai rond, raak de grond en prijs de Heer. Opwekking 103 : 1-2 1 David met zijn slinger die was voor niemand bang. Hij bad tot God zijn Vader en zong een lofgezang. Klein, veracht van mensen, vertrouwde hij op God. Hij nam vijf gladde stenen en luisterde niet naar spot. 2 En in die slinger zat een steen, en de steen vloog rond en rond. En in die slinger zat een steen, en de steen vloog rond en rond en rond en rond en rond en rond en rond en rond en rond. De kleine steen vloog door de lucht en de reus viel op de grond. Opwekking 104 : 1-2 Weet je wel, o christen, dat j'een boodschap bent te voet. Weet je wel, o christen, dat j'een boodschap bent te voet. 't Is naar Jezus' wensen dat het nieuws naar and'ren moet. Dus geef het en leef het, een boodschap te voet. Dus ken het en ben het, dus waag het en draag het. Geef het en leef het, en ken het en ben het, en waag het en draag het, een boodschap te voet. Opwekking 105 : 1-2 1 Alles wat ik heb, dat heb ik van mijn Vader. Alles wat ik ben, dat ben ik door de Heer. Alles wat ik doe, dat doe ik voor mijn Meester. Alles wat ik nodig heb, ontvang ik en nog meer. 2 Blij, blij, blij, zo blij van hart, 'k mag zingen. Blij, blij, blij, daar is een God, die leeft. Zoek niet in 't aards gewemel. Mijn weg leidt naar de hemel. En als ik zie op Jezus ben ik blij, blij, blij. Opwekking 106 : 1 Gezegend Hij, die komt, die komt in de naam des Heren. Gezegend Hij, die komt, die komt in de naam van God. Hosanna, de Zoon van David, hosanna, de Zoon van David, hosanna, de Zoon van David. Gezegend Hij, die komt. Opwekking 107 : 1 Kind'ren van Jezus, ja, dat zijn wij. Want in zijn Koninkrijk zijn wij erbij. Ik hou van Jezus, Hij is mijn Heer, ik hou van Jezus, Hij is mijn Heer. Opwekking 108 : 1-4 1 Prijst Hem, prijst Hem. Prijst Hem in de morgen, prijst Hem in de middag. Prijst Hem, prijst Hem, prijst Hem tot de avond daalt. 2 Vertrouwt Hem, vertrouwt Hem. Vertrouwt Hem in de morgen, vertrouwt Hem in de middag. Vertrouwt Hem, vertrouwt Hem, vertrouwt Hem tot de avond daalt. 3 Looft Hem, looft Hem. Looft Hem in de morgen, looft Hem in de middag. Looft Hem, looft Hem, looft Hem tot de avond daalt. 4 Aanbidt Hem, aanbidt Hem. Aanbidt Hem in de morgen, aanbidt Hem in de middag. Aanbidt Hem, aanbidt Hem, aanbidt Hem tot de avond daalt. Opwekking 109 : 1-3 1 Wij zingen van Jezus, van Hem is alle macht. Hij heeft op Golgotha de wereld heil gebracht. De Zoon van God is Hij en aller heren Heer. Wij zingen van Jezus meer en meer. 2 Wij zingen van Jezus, Gods volheid woont in Hem. Hij bracht ons in het licht. Wij luist'ren naar Zijn stem. Zijn Geest woont nu in ons, En leidt ons keer op keer. Wij zingen van Jezus meer en meer. 3 Wij zingen van Jezus. Die eeuwig leven geeft. Die al wat duivel is, reeds overwonnen heeft. Voor Hem die Koning is, is onze dank en eer. Wij zingen van Jezus meer en meer. Opwekking 110 : 1 Jezus roept mij, ik zal volgen, Jezus roept mij, ik zal volgen, Jezus roept mij, ik zal volgen. Ik zal volgen, waarheen Hij mij ook leidt. Ik zal volgen, ik zal volgen, ik zal volgen, waar Jezus mij ook leidt. Ik zal volgen, ik zal volgen, ik zal volgen, waar Jezus mij ook leidt. Opwekking 111 : 1-2 1 U houdt uw hand, grote God op deez' aard. Houdt uw machtige hand op uw schepping. U schiep bergen en streken, bronnen en beken. O Heer, houdt uw sterke hand op mij! 2 U maakt tot regen de wolk, van de regen de zee, van de zee wolken weer, opdat wij leven zouden, Heer. U hebt de hemel en aard' in uw hand Heer. O God, houdt uw sterke hand op mij! Opwekking 112 : 1-2 1 'k Ben zo gelukkig. Hoe word jij gelukkig? 'k Ben zo gelukkig. Vertel mij toch waarom? 'k Ben zo gelukkig. Hoe word jij gelukkig? Ik wil het ook graag zijn. 2 Het is een wonder. Wat is dat wonder? Is dat wonder, dat gebeurd is ook voor mij? Jezus stierf en redde mij, gaf zijn bloed en kocht mij vrij. Dus kan ik gelukkig zijn. Opwekking 113 : 1 Al moet ik door het druk verkeer, in spitsuren van de dag, ik ben niet bang, want 'k weet mij omringd van Jezus' eng'lenwacht. De Heer kent de straten van de stad. Hij leidt mij op weg naar huis. Ik loop gerust, ik rij beschermd; Hij brengt mij veilig thuis. Opwekking 114 : 1 Looft de Heer, want Hij is goed. Trouw in alles wat Hij doet. Want zijn goedertierenheid zal bestaan in eeuwigheid. Opwekking 115 : 1 Heilig, heilig, heilig is de Heer onze God. Heilig, heilig, heilig is de Heer onze God. De aarde is vol van zijn glorie, de aarde is vol van zijn glorie, de aarde is vol van zijn glorie. Heilig is de Heer. Opwekking 116 : 1 Jezus, naam boven alle naam, geweldige Redder, verheerlijkte Heer. Immanuël, God is met ons, grote Verlosser, het Levende Woord. Opwekking 117 : 1 In het midden der gemeente lofzing ik uw naam, want U bent de Heilige, die troont op de lofzangen Israëls. Laat ons denken aan zijn goedheid, zijn barmhartigheid. Laat zijn naam verhoogd zijn hier op aard' en in eeuwigheid. Lai, lai, lai... Opwekking 118 : 1 Vader, maak ons één. Vader, maak ons één, opdat de wereld weet, dat Gij zond uw Zoon. Vader maak ons één. Opwekking 119 : 1-2 1 Ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik wil al uw wonderen verhalen; in U wil ik mij verheugen en juichen, en juichen. In U wil ik mij verheugen en juichen, o Heer. 2 Ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik wil al uw wonderen verhalen; uw naam psalmzingen, o Allerhoogste, o Allerhoogste, uw naam psalmzingen, o Allerhoogste, o Allerhoogste. Opwekking 120 : 1-2 1 Want U, o Heer, bent God, de Allerhoogste. U bent zeer hoog verheven boven elke god. Want U, o Heer, bent God, de Allerhoogste. 2 U bent zeer hoog verheven boven elke god. Ik verhoog U, ik verhoog U, ik verhoog U, o Heer. Ik verhoog U, ik verhoog U, ik verhoog U, o Heer. Opwekking 121 : 1-4 1 De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets; Hij doet mij nederliggen in grazige weiden; Hij voert mij aan rustige wateren; Hij verkwikt mijn ziel. Hij leidt mij in rechte sporen om zijns naams wil. 2 Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij; uw stok en uw staf, die vertroosten mij. Gij richt voor mij een dis aan voor de ogen van wie mij benauwen. 3 Gij zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over. Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen, al de dagen van mijn leven; ik zal in het huis des Heren verblijven tot in lengte van dagen. 4 De Here is mijn herder. Opwekking 122 : 1-2 1 Ik vermag alle dingen in Hem die mij kracht geeft, ik vermag alle dingen in Hem. Ik vermag alle dingen in Hem die mij kracht geeft, ik vermag alle dingen in Hem. 2 Ik vermag alle dingen in Hem, alles in Hem, ja alles in Hem. Ik vermag alle dingen in Hem. Ik vermag alle dingen in Hem. Opwekking 123 : 1-4 1 Groot is uw trouw, o Heer, mijn God en Vader. Er is geen schaduw van omkeer bij U. Ben ik ontrouw, Gij blijft immer dezelfde die Gij steeds waart, dat bewijst Gij ook nu. 2 Refrein: Groot is uw trouw, o Heer, groot is uw trouw, o Heer, iedere morgen aan mij weer betoond. Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven. Groot is uw trouw, o Heer, aan mij betoond. 3 Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden, en uw nabijheid, die sterkt en die leidt: Kracht voor vandaag, blijde hoop voor de toekomst. Gij geeft het leven tot in eeuwigheid. 4 Refrein: Groot is uw trouw, o Heer, groot is uw trouw, o Heer, iedere morgen aan mij weer betoond. Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven. Groot is uw trouw, o Heer, aan mij betoond. Opwekking 124 : 1-3 1 Ik bouw op U, mijn Schild en mijn Verlosser. Niet eenzaam ga ik op de vijand aan. Sterk in uw kracht, gerust in uw bescherming. Ik bouw op U en ga in uwe naam. Sterk in uw kracht, gerust in uw bescherming. Ik bouw op U en ga in uwe naam. 2 Gelovend ga ik, eigen zwakheid voelend. En telkens meer moet ik uw kracht verstaan. Toch rijst in mij een lied van overwinning. Ik bouw op U en ga in uwe naam. Toch rijst in mij een lied van overwinning. Ik bouw op U en ga in uwe naam. 3 Ik bouw op U, mijn Schild en mijn Verlosser. Gij voert de strijd, de huld' is U gewijd. In 't laatste uur zal 'k zegevierend ingaan in rust met U die mij hebt voortgeleid. In 't laatste uur zal 'k zegevierend ingaan in rust met U die mij hebt voortgeleid. Opwekking 125 : 1-4 1 Heer, ik kom tot U, hoor naar mijn gebed. Vergeef mijn zonden nu, en reinig mijn hart. 2 Met uw liefde, Heer, kom mij tegemoet, nu ik mij tot U keer, en maak alles goed. 3 Zie mij voor U staan, zondig en onrein. O, Jezus raak mij aan, van U wil ik zijn. 4 Jezus op uw woord, vestig ik mijn hoop. U leeft en U verhoort mijn bede tot U. Opwekking 126 : 1 Jezus vol liefde, U wilt ons leiden. Wij prijzen U als onze Heer. Kom met uw kracht o Heer, en vul ons tot uw eer, kom tot uw doel met ieder van ons. Maak ons een volk Heer, heilig en rein, dat U Heer, volkomen steeds toegewijd zal zijn. Opwekking 127 : 1 Wij eren en aanbidden U, Koning en Heer (Koning en Heer). Wij eren en aanbidden U, Koning en Heer (Koning en Heer). En wij volgen U tesamen, volgen U tesamen. En wij volgen U tesamen, Koning en Heer (Koning en Heer). Opwekking 128 : 1 In my life Lord, be glorified, be glorified. In my life Lord, be glorified today. In my church Lord, be glorified, be glorified. In my church Lord, be glorified today. Opwekking 129 : 1 Ruach, Ruach, Ruach. Niet door kracht of geweld, maar door mijn Geest, zegt de Heer. Opwekking 130 : 1 Wij prijzen U als Here, wij prijzen U als Heer, wij prijzen U als Here. U komt toe alle lof en eer. Opwekking 131 : 1 U komt de eer en glorie toe, halleluja. U bent de Koning op de troon, halleluja. U heb ik lief, ik prijs uw naam, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 132 : 1 Verhoogt de Here, onze God, verhoogt de Here, onze God, verhoogt de Here, onze God, buigt u neder voor de voetbank zijner voeten; heilig is Hij, heilig is Hij. Opwekking 133 : 1 Hoe lieflijk is uw woning. Mijn ziel verlangt naar U; mijn hart en mijn vlees juichen voor de Heer, mijn God, U bent de levende God. Opwekking 134 : 1-2 1 De Heer is mijn licht, mijn burcht en mijn redder, voor wie zou ik vrezen, voor wie zou ik vrezen. De Heer is mijn licht, mijn burcht en mijn redder, voor wie zou ik vrezen, voor wie zou ik vrezen. 2 De Heer is mijn kracht, de kracht van mijn leven, voor wie dan zou ik nog vrezen. De Heer is mijn licht, mijn burcht en mijn redder, voor wie zou ik vrezen, voor wie zou ik vrezen. Opwekking 135 : 1 Halleluja, halleluja, Hij regeert, Hij regeert. Halleluja, Jezus regeert. Halleluja, halleluja, Hij is Heer, Hij is Heer. Halleluja, Jezus is Heer, halleluja, Jezus is mijn Heer. Opwekking 136 : 1-3 1 Abba, Vader, U alleen, U behoor ik toe. U alleen doorgrondt mijn hart, U behoort het toe. Laat mijn hart steeds vurig zijn, U laat nooit alleen. Abba, Vader, U alleen U behoor ik toe. 2 Abba, Vader, laat mij zijn slechts van U alleen. Dat mijn wil voor eeuwig zij d'uwe en anders geen. Laat mijn hart nooit koud zijn, Heer. Laat mij nimmer gaan. Abba, Vader, laat mij zijn slechts van U alleen. 3 Abba, Father, let me be Yours and Yours alone. May my will forever be evermore Your own. Never let my heart grow cold. Never let me go. Abba, Father, let me be Yours and Yours alone. Opwekking 137 : 1-2 1 King of kings and Lord of lords glory, halleluja. King of kings and Lord of lords glory, halleluja. Jesus, Prince of Peace glory, halleluja. Jesus, Prince of Peace glory, halleluja. 2 Jesus, Prince of Peace glory, halleluja. Jesus, Prince of Peace glory, halleluja. Opwekking 138 : 1-7 1 Kom maar, wees blij en verheugd, wees blij en verheugd in de Here. Kom maar, wees blij en verheugd, wees blij en verheugd in de Here. 2 't Oude is nu voorbij, het nieuwe is gekomen. Jezus maakt ons vrij. Hij zal als Koning komen. 3 Kom maar, wees blij en verheugd, wees blij en verheugd in de Here. 4 Hij is aan 't kruis gegaan. Hij stierf voor onze zonden en Hij is opgestaan en heeft de Trooster gezonden. 5 Kom maar, wees blij en verheugd, wees blij en verheugd in de Here. 6 Hij heeft zijn tempel gebouwd en zal heel spoedig komen. Ieder die op Hem vertrouwt, zal Hij met heerlijkheid kronen. 7 Kom maar, wees blij en verheugd, wees blij en verheugd in de Here. Opwekking 139 : 1-3 1 In moments like these, I sing out a song. I sing out a love song for Jesus. In moments like these, I lift up my hands. I sing out a song to the Lord. 2 Singing: I love You Lord. Singing: I love You Lord. Singing: I love You Lord. I love You Lord. 3 (optioneel) Singing: I praise You Lord. Singing: I praise You Lord. Singing: I praise You Lord . I praise You Lord. Opwekking 140 : 1-3 1 Hemelse Vader, wat een liefde bent U. Hemelse Vader, wat een liefde bent U. U redt mij, U leidt mij, U troost en bevrijdt mij. Hemelse Vader, wat een liefde bent U. 2 Zoon van God, wat een wonder bent U. Zoon van God, wat een wonder bent U. U redt mij, U leidt mij, U troost en bevrijdt mij. Zoon van God, wat een wonder bent U. 3 Heil'ge Geest, wat een Trooster bent U. Heil'ge Geest, wat een Trooster bent U. U redt mij, U leidt mij, U troost en bevrijdt mij. Heil'ge Geest, wat een Trooster bent U. Opwekking 141 : 1-2 1 He is the King of kings. He is the Lord of lords. His name is Jesus, Jesus, Jesus, Jesus, o, He is the Lord! 2 Hij is de Zoon van God. Hij is de Heer der heren. Zijn naam is Jezus, Jezus, Jezus, Jezus, o, Hij is mijn Heer! Opwekking 142 : 1 'k Vertrouw op U, o Heer mijn God. Ik rust in U en vertrouw alleen op U. Opwekking 143 : 1 De Heer, uw God, in uw midden is machtig, is machtig; Hij die redt zal Zich over u verblijden met vreugd; Hij zal zwijgen in zijn liefde, Hij zal juichen over u met gejubel. De Heer, uw God, in uw midden is machtig, is machtig, is machtig. Opwekking 144 : 1 Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de glorie in eeuwigheid. Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de glorie in eeuwigheid. Opwekking 145 : 1-3 1 U zal ik loven, Heer, met mijn ganse hart, o God, ik wil uw wonderen verhalen; in U wil ik mij verheugen. U zal ik loven, Heer, met mijn ganse hart. Ik zal U maken tot het voorwerp van mijn vreugde, halleluja. 2 Je louerai l'Eternel, de tout mon coeur, je raconterai toutes tes merveilles; je chanterai ton nom. Je louerai l'Eternel, de tout mon coeur. Je ferai de Toi le sujet de ma joie, alléluia. 3 I will give thanks unto the Lord, with all my heart, I will tell everyone of the things Thou hast done; I will sing praise to Thy name. I wil give thanks unto the Lord, with all my heart, my soul shall find its source of joy in Thee, halleluja. Opwekking 146 : 1-2 1 Immanuël, Immanuël, zijn naam zal zijn Immanuël, God met ons, getoond aan ons, zijn naam zal zijn, Immanuël. 2 Emmanuel, Emmanuel, His name is called Emmanuel, God with us, revealed to us, His name is called Emmanuel. Opwekking 147 : 1-3 1 Father, we love You. We worship and adore You. Glorify Your name in all the earth. Glorify Your name, glorify Your name, glorify Your name, in all the earth. 2 Jesus, we love You. We worship and adore You. Glorify Your name in all the earth. Glorify Your name, glorify Your name, glorify Your name, in all the earth. 3 Spirit, we love You. We worship and adore You. Glorify Your name in all the earth. Glorify Your name, glorify Your name, glorify Your name, in all the earth. Opwekking 148 : 1-2 1 Gods volk wordt uitgeleid, zij gaat met vreugde voort, en de bergen en heuv'len juichen rondom haar. Alles zingt erbij, zelfs de bomen zijn blij en zij klappen voor hun God. 2 En de bomen in het veld zullen klappen voor Hem... En de bomen in het veld zullen klappen voor Hem... En de bomen in het veld zullen klappen voor Hem... en wij gaan vrolijk voort. Opwekking 149 : 1-2 1 Heer, U riep mij om met vreugde in uw dienst te staan. Heer, U schiep mij en U bent het doel van mijn bestaan. En mijn vreugde neemt toe, als ik het goede doe, daarom strek ik mij in liefde uit naar U. 2 Ja, ik hef mijn handen tot U op en prijs uw naam. Ik verbind mij met degenen die hier naast mij staan. En mijn vreugde neemt toe, als ik het goede doe, daarom strek ik mij in liefde uit naar U. Opwekking 150 : 1-2 1 Ik hou van U en 'k verhef mijn stem en prijs uw naam. O mijn ziel, wees blij. Schep vreugde, Heer in wat U hoort, laat mij zijn een lofgezang voor U. 2 I love You, Lord and I lift my voice to worship You. O my soul, rejoice. Take joy, my King in what You hear, let me be a sweet, sweet sound in Your ear. Opwekking 151 : 1 Laat ons juichen, laat ons zingen, maak voor Hem nu een nieuw lied. Laat ons juichen, laat ons zingen, maak voor Hem nu een nieuw lied. Ik zal Hem prijzen, want Hij heeft glansrijk gezegevierd. Ik zal Hem prijzen, want Hij heeft glansrijk gezegevierd. Opwekking 152 : 1-2 1 O komt, prijst de Heer, al gij knechten van de Heer. Heft dan uw handen op in zijn heiligdom, komt, prijst de Heer. 2 Behold, bless ye the Lord, all ye servants of the Lord. Lift up your hands in the sanctuary, and bless, bless ye the Lord. Opwekking 153 : 1-6 1 Prijst de Heer, want de Heer is goed. Prijst de Heer, want de Heer is groot en zijn naam is zeer te prijzen. Refrein: O, halleluja, halleluja, halleluja! O, halleluja, halleluja, halleluja! 2 Dient de Heer met blijdschap, looft zijn heil'ge naam. Prijst Hem, alle volk'ren, want Hij is zeer te prijzen. Refrein: O, halleluja, halleluja, halleluja! O, halleluja, halleluja, halleluja! 3 Slaakt een vreugdekreet voor onze Heer! Slaakt een vreugdekreet voor onze God! Want Hij is onze lofprijs waard. Hij is onze lofprijs waard. Refrein: O, halleluja, halleluja, halleluja! O, halleluja, halleluja, halleluja! 4 Praise the Lord, for the Lord is good. Praise the Lord, for the Lord is great and He's greatly to be praised. Refrein: O, halleluja, halleluja, halleluja! O, halleluja, halleluja, halleluja! 5 Serve the Lord with gladness, bless His holy name. Praise Hem, all ye people, for He's greatly to be praised. Refrein: O, halleluja, halleluja, halleluja! O, halleluja, halleluja, halleluja! 6 Make a joyful noise unto the Lord! For our God is worthy of our praise. God is worthy of our praise. Opwekking 154 : 1-2 1 Weest stil en weet dat Ik ben uw God! Weest stil en weet dat Ik ben uw God! Weest stil en weet dat Ik ben uw God! 2 Ik ben de Heer, die u geneest! Ik ben de Heer, die u geneest! Ik ben de Heer, die u geneest! Opwekking 155 : 1 Hij is de Almachtige, Hij is de Waarachtige, Hij is alles in al, die was, die is en komen zal... Opwekking 156 : 1-2 1 Ik wil zingen van mijn Heer, zolang als ik leef. Ik wil Hem eren, mijn God, zolang als ik ben. Hij is zo groot, elke keer als ik aan Hem denk, maakt het me blij, maakt het me blij in de Heer! 2 Loof nu de Heer, o mijn ziel, en alles wat in mij is. Prijs nu de Heer, o mijn ziel, prijs nu de Heer. Loof nu de Heer, o mijn ziel, en alles wat in mij is. Prijs nu de Heer, o mijn ziel, prijs nu de Heer. Opwekking 157 : 1 Ik verblijd mij zeer in de Heer, mijn ziel juicht in mijn God. Ik verblijd mij zeer in de Heer, mijn ziel juicht in mijn God, want Hij heeft mij bekleed met de klederen des heils, met de mantel der gerechtigheid heeft Hij mij omhuld. Opwekking 158 : 1 Gij zijt mijn God, U zal ik loven, uw grote naam zal ik verhogen. Looft de Heer, want Hij is groot en Hij is goed, en zijn goedheid bestaat tot in eeuwigheid. Opwekking 159 : 1-3 1 Here der heren, Koning der koningen, U wil ik eren, U wil ik lofzingen, Rots aller eeuwen, U bent mijn Vesting, mijn Vaste Burcht, bij wie ik schuil. 2 Halleluja, halleluja. Halleluja, halleluja. 3 Eer aan de Vader, die alle dingen schiep. Eer aan de Zoon, die mij tot leven riep. Eer aan de Geest, U maakt ons samen één, U alleen, U heb ik lief. Opwekking 160 : 1-2 1 Don't build your house on the sandy land. Don't build it too near the shore. It might look a kind of nice, but you'll have to build it twice. O, you'll have to build your house once more. 2 You better build your house on the Rock. Make a firm foundation on a solid spot. And then the storms may come and go. But the peace of God you will know. Opwekking 161 : 1-6 1 Refrein: Heer, geef mij ook uw waterbronnen. Heer, geef mij ook uw waterbronnen, Heer, geef mij ook uw waterbronnen, zodat ik overstroom, zodat ik overstroom. 2 Laat de woestijn, Heer, bloeien als een roos. De steppe jubelen voor U. Heer, laat de wereld weten dat U leeft. Heer, maak dat ik overstroom, Heer, maak dat ik overstroom. 3 Refrein: Heer, geef mij ook uw waterbronnen. Heer, geef mij ook uw waterbronnen, Heer, geef mij ook uw waterbronnen, zodat ik overstroom, zodat ik overstroom. 4 Heer, laat ons samen delen in die stroom. Heer, geef uw volk grote vreugd'. Wij zien de oogst al rijpen in de zon. Heer, maak uw bron een grote stroom, Heer, maak uw bron een grote stroom. 5 Refrein: Heer, geef mij ook uw waterbronnen. Heer, geef mij ook uw waterbronnen, Heer, geef mij ook uw waterbronnen, zodat ik overstroom, zodat ik overstroom. 6 Halleluja, halleluja, halleluja, hallelu. Halleluja, halleluja, Heer, maak dat ik overstroom, Heer, maak dat ik overstroom. Opwekking 162 : 1-3 1 'k Zal U loven, o Heer, in het midden van de volken. En ik zing psalmen voor U onder de natiën. Want uw liefde Heer, is groot, zo hoog als de wolken. En uw grote trouw, uw grote trouw, reikt hemelhoog. 2 Wees verheven, o God, boven de wolken. Laat uw glorie zijn over heel de aarde. Wees verheven, o God, boven de wolken, laat uw glorie, laat uw glorie, laat uw glorie zijn over heel de aarde. 3 Wees verheven, o God, boven de wolken. Laat uw glorie zijn over heel de aarde. Wees verheven, o God, boven de wolken, laat uw glorie (3x) zijn over heel de aarde. Opwekking 163 : 1 O, Heer, U bent groot en almachtig. Uw liefde is zo sterk en zo krachtig. Ik wil luisteren naar U. O, Heer, spreek tot mij nu, maak uw wil door uw Geest mij bekend. Opwekking 164 : 1-2 1 Let us adore, the everliving God, and render praise unto Him. Who spread out the heavens, and established the earth. And whose glory is revealed in the heavens above. And whose greatness is manifest throughout the whole world. He is our God, there is no one else. You are our God, there is no one else. 2 O, komt, aanbidt, de God die eeuwig leeft. Geeft Hem de eer, die Hem toekomt. Want Hij schiep de hemel, en Hij bracht de aarde voort. Ja, de hemel verkondigt zijn glorie, en de aarde getuigt van zijn heerlijke grootheid. Hij is onze Heer, de enige God, U bent onze Heer, de enige God. Opwekking 165 : 1-3 1 Omdat we in U geloven, willen wij U loven, willen wij ons buigen, 'halleluja!' juichen: Halleluja, halleluja, halleluja, amen. 2 Omdat wij op U hopen, staan wij voor U open. Heer, wij willen leren U nog meer te eren: Halleluja, halleluja, halleluja, amen. 3 Wij mogen als uw zonen onze liefde tonen. Om het te bewijzen, willen wij U prijzen: Halleluja, halleluja, halleluja, amen. Opwekking 166 : 1-2 U bent de grote Koning. U bent de Vredevorst. U bent de Heer van hemel en aard'. U bent waarlijk Zoon van God. Eng'len buigen voor U. Juichen in het koor voor U die het Woord bent van eeuwig leven; Jezus Christus, U bent Heer. Hosanna voor de Zoon van David, de Koning aller koningen. Glorie in de hoogste heem'len, want Jezus de Messias heerst. Opwekking 167 : 1-3 1 Samen in de naam van Jezus heffen wij een loflied aan, want de Geest spreekt alle talen en doet ons elkaar verstaan. Samen bidden, samen zoeken naar het plan van onze Heer. Samen zingen en getuigen, samen leven tot zijn eer. 2 Heel de wereld moet het weten dat God niet veranderd is. En zijn liefde als een lichtstraal doordringt in de duisternis. 't Werk van God is niet te keren omdat Hij er over waakt, en de Geest doorbreekt de grenzen die door mensen zijn gemaakt. 3 Prijst de Heer, de weg is open naar de Vader, naar elkaar. Jezus Christus, Triomfator, mijn Verlosser, Middelaar. Vader, met geheven handen breng ik U mijn dank en eer. 't Is uw Geest die mij doet zeggen: Jezus Christus is de Heer! Opwekking 168 : 1-2 Wij zien Jezus, wij zien Jezus nu gekroond met eer en heerlijkheid. Wij zien Jezus in zijn glorie, wij zien Jezus met heerlijkheid gekroond. Alles is Hem onderworpen in de hemel en op aarde. Alles is Hem onderworpen ook al zien wij dat nog niet. Maar wij zien Jezus, wij zien Jezus nu gekroond met eer en heerlijkheid. Wij zien Jezus in zijn glorie, wij zien Jezus met heerlijkheid gekroond. Opwekking 169 : 1 Ik leef omdat mijn Heer is verrezen, in Hem heeft zonde geen macht over mij. Ik leef, ja leef, want Hij is verrezen, ik leef en breng de eer aan Hem. Dank U Jezus, dank U Jezus, omdat U verrees, omdat U verrees, omdat U verrees, leef ik. Opwekking 170 : 1 Jezus, Jezus, Jezus, uw liefde raakte mij aan. Jezus, Jezus, Jezus, uw liefde raakte mij aan. Opwekking 171 : 1-3 1 Door mijn God zal 'k strijdend voorwaarts gaan. Het is Hij, die onze vijand zal verslaan. Ja, 'k zing en prijs; Hij overwon. Christus heerst! 2 Gods overwinning werd een feit, zijn volk bevrijdde Hij. Zijn woord werd heerlijk werkelijkheid de wereld hoort en ziet het: 3 Door mijn God zal 'k strijdend voorwaarts gaan. Het is Hij, die onze vijand zal verslaan. Ja, 'k zing en prijs; Hij overwon. Christus heerst! Opwekking 172 : 1 Heer, ik verheug m'in U en ik juich, ik verhef uw liefde boven de wijn. Trek mij met U mee en laten wij ons spoeden. Heer, ik verheug m'in U en ik juich. Opwekking 173 : 1-4 1 Heilig is de Heer, o heilig is de Here God. Er is alleen gerechtigheid in U. U weigerde elk compromis, geen leugen werd in U gezien, de heem'len zingen met ons tot uw eer. 2 Heilig, o heilig, Hij's dezelfde gist'ren, nu en voor altijd. Al was U aan de mens gelijk, toch zondigde U niet, heilig is uw naam. 3 Waardig is de Heer, o waardig is de Here God. Uw goedertierenheid is elke dag weer nieuw. U hield zich aan gerechtigheid, toch gaf U ons genade Heer, de heem'len zingen met ons tot uw eer. 4 Waardig, o waardig, Hij's dezelfde gist'ren, nu en voor altijd. Al was U aan de mens gelijk, toch zondigde U niet, waardig is uw naam. Opwekking 174 : 1-7 1 Juicht, want Jezus is Heer, kinderen Sions, verblijdt u ter ere van Hem, die ons liefheeft. Hij is verrezen en leeft, Jezus, de Koning, die mensen het leven weer geeft. 2 Tegenstem vrouwen: Wij juichen, tot eer van onze God, die ons liefheeft. Wij juichen, tot eer van onze God. 3 Liefde bedekt zijn schepping, de bloemen, de vogels, het gras. Zou Hij dan jou vergeten, Jezus, die blinden genas, verrees. 4 Tegenstem vrouwen: Liefde is zijn schepping, zou Hij jou vergeten. 5 Wees als een boom die vruchtdraagt, ieder seizoen op zijn tijd. Drink van het levend water, Jezus, de bron voor altijd, verrees. 6 Tegenstem vrouwen: Wees een boom die vruchtdraagt, drink het levend water. 7 Juicht, want Jezus is Heer, kinderen Sions, verblijdt u ter ere van Hem, die ons liefheeft. Hij is verrezen en leeft, Jezus, de Koning, die mensen het leven weer geeft. Opwekking 175 : 1 In de stilte van mijn hart nader ik tot U, o Heer. In de stilte van mijn hart kniel ik aan uw voeten neer. In de stilte van mijn hart aanbid ik U als Heer, prijs uw naam, prijs uw naam, prijs uw naam steeds weer. Opwekking 176 : 1 U bent mijn schuilplaats Heer, U vult mijn hart steeds weer met een verlossingslied. Telkens als ik angstig ben, steun ik op U. Ik vertrouw op U. Als ik zwak ben, ben ik sterk in de kracht van mijn Heer. Opwekking 177 : 1 Bedenk al wat waar is, al wat waardig, al wat rechtvaardig is. Bedenk al die dingen, wat waar is, bedenk dat. Opwekking 178 : 1-2 1 Waardig, o waardig bent U, Heer, wij heffen onze stem tot U vol aanbidding, dank en eer. Waardig, o waardig bent U, Heer, wij heffen onze stem tot U vol aanbidding, dank en eer. 2 O halleluja, Lam voor ons geslacht. Wij heffen onze handen op naar U die redding bracht. Halleluja, ere aan de Koning, U, sterke Overwinnaar, U, Heerser van 't heelal. Opwekking 179 : 1 'k Hef mijn roep tot U, o Heer. U bent onze lofzang waard. Zo word ik bevrijd van mijn vijanden. De Heer leeft, geprezen zij mijn Rots. U, mijn Heiland en Verlosser, wees verheerlijkt. De Heer leeft, geprezen zij mijn Rots. U, mijn Heiland en Verlosser, wees verheerlijkt. Opwekking 180 : 1-6 1 Bron van licht en leven, wij aanbidden U. Onze God voor eeuwig. Heer, wij danken U. Refrein: Laat de zon van uw gerechtigheid opgaan over ons leven; en wij zien U in uw heerlijkheid, halleluja. 2 U bent onze Vader, wij aanbidden U. U geeft ons genade, Heer, wij eren U. Refrein: Laat de zon van uw gerechtigheid opgaan over ons leven; en wij zien U in uw heerlijkheid, halleluja. 3 U bent onze Koning, wij aanbidden U. U wilt bij ons wonen, Heer, wij prijzen U. 4 Laat de zon van uw gerechtigheid opgaan over ons leven; en wij zien U in uw heerlijkheid, halleluja. 5 U bent onze Koning, wij aanbidden U. U wilt bij ons wonen, Heer, wij prijzen U. 6 Laat de zon van uw gerechtigheid opgaan over ons leven; en wij zien U in uw heerlijkheid, halleluja. Opwekking 181 : 1-3 1 Majesteit, groot is zijn majesteit; lof zij Jezus en glorie, hulde en eer. Majesteit, God, die de zijnen leidt. Vanaf zijn troon vestigt de Zoon zijn heerschappij. 2 Dus verhoog, maak eeuwig groot de naam van Jezus. Volk van God kom en breng lof aan Jezus, de Koning. Majesteit, groot is zijn majesteit; dwars door de dood werd Hij verhoogd, Jezus regeert! 3 Majesteit, groot is zijn majesteit. Dwars door de dood, werd Hij verhoogd, Jezus regeert! Opwekking 182 : 1 O, Heer, U bent mijn God en ik verhoog U en prijs uw naam, ja, ik verhoog U en prijs uw naam. Want in uw eindeloze trouw hebt U wonderen gedaan. O Heer, U bent mijn God en ik verhoog U en prijs uw naam. Opwekking 183 : 1 U mag ik kennen o Heer, bij U mag ik zijn. Uw dood te gedenken door het brood en de wijn. Gemeenschap te hebben door het bloed van uw Zoon en dan neer te knielen voor uw heilige troon. Opwekking 184 : 1 Wie op de Heer vertrouwen, zijn als de berg Sion. Wie op de Heer vertrouwen, zijn als de berg Sion die niet wankelt, maar voor altoos blijft. Rondom Jeruzalem zijn bergen; zo is de Heer rondom zijn volk van nu aan tot in eeuwigheid, halleluja, halleluja. Opwekking 185 : 1 Jezus is de Heer, Koning voor altijd. Vrede en gerechtigheid brengt Christus ons weer. Elke generatie, elke stam of natie zal zich onderwerpen tot zijn eer. Want de Vader Zelf deed Hem opstaan uit de dood en Hij gaf zijn Zoon alle macht om te heersen als vorst van gerechtigheid en kracht. Onze God heeft zijn Zoon bevestigd als Heer. Opwekking 186 : 1 Hoe lieflijk op de bergen zijn de voeten van hem, die brengt goed nieuws, die heil en vrede proclameert en die ons zegt: Mijn God heerst, mijn God heerst, mijn God heerst, mijn God heerst, mijn God heerst, mijn God heerst. Opwekking 187 : 1 Open mijn ogen, 'k wil Jezus, mijn Heer zien. Open mijn ogen, opdat ik U zien kan. Open mijn oren, opdat ik uw stem hoor. Open mijn hart, Heer, opdat ik gehoorzaam. Opwekking 188 : 1 Laat de heerlijkheid des Heren voor eeuwig duren; dat het werk zijner handen Hem verheugt. Ja, ik zal de Here zingen zolang als ik leef; psalmen wil ik voor God zingen zolang ik ben. Opwekking 189 : 1-4 1 Zegen ons Heer, zegen ons Heer. U, die hemel en aarde gemaakt heeft, zegen ons Heer. 2 Heft uw handen op naar het heiligdom en prijst de Heer, halleluja. 3 De Heer zegene u, de Heer zegene u. Hij, die hemel en aarde gemaakt heeft, zegene u. 4 Dank U Heer, dank U Heer. U, die hemel en aarde gemaakt heeft, dank U Heer. Opwekking 190 : 1-2 Waarlijk, mijn ziel keert zich stil tot God, van Hem is mijn heil. Hij is mijn Rots, mijn Burcht, ik zal niet wankelen. Waarlijk, mijn ziel keert zich stil tot God. Ik verwacht het van Hem, mijn schuilplaats is in mijn God. Ik heb U lief, mijn Redder, en ik vertrouw op U. Mijn handen hef ik naar het heiligdom, zo prijs ik U, mijn leven lang. Waarlijk, mijn ziel keert zich stil tot God, op Hem rust mijn heil, mijn schuilplaats is in mijn Heer. Opwekking 191 : 1-2 1 Kom en prijs de Here, onze God, in het heiligdom dat vol is van zijn Geest. Dus richt je hart op Hem en prijs Hem met je stem en de heerlijkheid van God vervult dit huis. Refrein: Prijs de Heer! (Prijs de Heer) Prijs de Heer! (Prijs de Heer) 2 Te midden van de lofprijs woont de Here. En roepen wij Hem aan, Hij antwoordt ons. Dus richt je hart op Hem en prijs Hem met je stem en de heerlijkheid van God vervult dit huis. Refrein: Prijs de Heer! (Prijs de Heer) Prijs de Heer! (Prijs de Heer) Opwekking 192 : 1-3 1 Ik kom in uw heiligdom binnen, 't voorhangsel ga ik voorbij. 'k Breng U mijn offer, een zoete geur, vrucht van wat U deed in mij. Mijn mond brengt een offer van lof, Heer. 't Gaat nu alleen om uw eer. 't Reukwerk van mijn lofgezang stijgt op in uw woning. 2 Ik kniel voor de troon van mijn Koning. Samen met mijn stem hef ik ook mijn handen op tot U, 't loflied komt diep uit mijn hart. Lofprijs, aanbidding, glorie en kracht komen U toe, God van 't heelal voor eeuwig. Lofprijs, aanbidding, glorie en kracht komen U toe, God van 't heelal. 3 Samen met mijn stem hef ik ook mijn handen op tot U, 't loflied komt diep uit mijn hart. Lofprijs, aanbidding, glorie en kracht komen U toe, God van 't heelal voor eeuwig. Lofprijs, aanbidding, glorie en kracht komen U toe, God van 't heelal. Opwekking 193 : 1-3 Toon ons uw macht, o God, laat ons weer zien wat U deed eeuwen her. Toon ons uw macht, o God, laat ons weer zien wat U deed eeuwen her, o Heer! (v) De strijdwagens van God zijn tweemaal tienduizend, (m) en duizenden maal duizenden. (v) De strijdwagens van God zijn tweemaal tienduizend, (m) en duizenden maal duizenden. Sta op, o God, en spreek uw Woord, doe al uw tegenstanders vluchten. 't Krijgsgeschreeuw wordt al gehoord, gejuich van dappere soldaten. Opwekking 194 : 1-2 1 U maakt ons één. U bracht ons tesamen, wij eren en aanbidden U. U maakt ons één, U bracht ons tesamen, wij eren en aanbidden U. Wordt uw wil gedaan, dan bindt het ons saam, iedereen zal deel zijn van uw gezin. Wordt uw wil gedaan, dan bindt het ons saam, iedereen zal deel zijn van uw gezin. 2 Wordt Uw wil gedaan, dan bindt het ons saam, dan bindt het ons saam, iedereen zal deel zijn van uw gezin. Opwekking 195 : 1-3 1 U, o Heer, bent een schild rondom mij. U bent mijn eer en U heft mijn hoofd omhoog. U, o Heer, bent mijn schild rondom mij, U bent mijn eer en U heft mijn hoofd omhoog. Halleluja, halleluja, halleluja! Ja, U heft mijn hoofd omhoog. 2 U, o Heer, bent een schild rondom mij, U bent mijn eer en U heft mijn hoofd omhoog. 3 Halleluja, halleluja. Halleluja, ja, U heft mijn hoofd omhoog Opwekking 196 : 1-2 1 Zing een lied tot de Heer, door zijn Geest en vanuit zijn Woord. Zing tot Hem en wees blij, onze God is een sterke Koning. Roep met luid gejuich tot de Heer. Jouw lofoffer brengt Hem eer. Almachtig God is Hij, die maakt volkomen vrij. Vertrouw dan op zijn kracht, Hij, die je leven bracht. 2 Hef op je hoofd tot Hem en prijs Hem met je stem. Kom, zing je vreugdelied voor onze God. Opwekking 197 : 1 Heer, U bent wonderschoon, wonderschoon bent U, Heer. Vredevorst, Zoon van God bent U Heer. Heer, U bent wonderbaar, wonderbaar bent U, Heer. Raadsman, sterke God bent U, Heer, U mijn Heer, U mijn Heer, U mijn Heer. Opwekking 198 : 1 Laat ons loflied voor U zijn als reukwerk, laat ons loflied voor U zijn als zuilen voor uw troon. Laat ons loflied voor U zijn als reukwerk. Wij verhogen en eren U, Vader, Geest en Zoon. Nu w'U zien, Heer, in uw schoonheid, U aanschouwen in uw majesteit. En wij samen met de engelen U belijden als de Heilige. Opwekking 199 : 1 Eer aan het Lam, eer aan het Lam dat stierf voor onze zondeschuld. Voor eeuwig op de troon, ja, God in heerlijkheid gehuld. Halleluja! Eer aan het Lam, eer aan het Lam van God, verheven is zijn naam. Elke knie zal voor Hem buigen, mensen, eng'len saam. Halleluja! Hij is Heer, Hij is Heer, Hij is Heer, Hij is Heer, Hij is Heer! Opwekking 200 : 1-4 Geloofd zijt Gij, o Heer, God van Israël, onze Vader van eeuwigheid tot eeuwigheid. Geloofd zijt Gij, o Heer, God van Israël,onze Vader, van eeuwigheid tot eeuwigheid. U, Heer, is de majesteit. U, Heer, is alle kracht. U, Heer, is de heerlijkheid, heerlijk-, heerlijk-, heerlijk-, heerlijkheid. U, Heer, is de roem, U, Heer, is de grootheid. U, Heer, is de heerlijkheid, heerlijk-, heerlijk-, heerlijk-, heerlijkheid. Alles wat in de hemel en op aarde is, komt van U. U heeft de macht en Gij zijt als hoofd boven alles verheven. U heeft de macht en Gij zijt als hoofd over alles verheven. Rijkdom en ere komt van U, U heerst over alles. Rijkdom en ere komt van U, U heerst over alles. U heerst over alles. U heerst over alles. Nu, onze God, wij danken U en roemen uw heerlijke Naam! Geloofd zijt Gij, o Heer, God van Israël,onze Vader van eeuwigheid tot eeuwigheid. Geloofd zijt Gij, o Heer, God van Israël,onze Vader, van eeuwigheid tot eeuwigheid. Geloofd zijt Gij, o Heer! Opwekking 201 : 1-2 Wij danken U, Heer God almachtig, die was en is en komen zal. Dat Gij uw grote macht hebt opgenomen en uw koningschap hebt aanvaard. Het koninkrijk van deze wereld wordt het koninkrijk van Jezus Christus en Hij zal Koning zijn voor eeuwig en eeuwig. Opwekking 202 : 1-2 De Heer leert hoe ik strijden moet, Hij geeft mijn handen kracht. De Heer leert hoe ik strijden moet, zijn woord geeft mij de macht. Hij geeft zijn schild van overwinning en de satan valt neer. Geprezen zij mijn Rots, want Jezus Christus is Heer. Tegenstem vrouwen: De Heer, mijn God, Hij overwint. De Heer, mijn God, Hij overwint. De Heer, mijn God, Hij overwint. Geprezen zij mijn Rots, want Jezus Christus is Heer. Opwekking 203 : 1-5 Ik wil U prijzen Heer, veel meer dan ik doe. Ik wil U prijzen Heer, veel meer dan ik doe. Leren zien op U, leren luisteren naar U. Ik wil U prijzen Heer. Refrein: Vogels in de lucht, zingen daar voor U, bomen in het veld keren zich naar U. Ik zing dit lied voor U, ik hef mijn handen op naar U, mijn Heer. (optioneel) Ik wil U kennen Heer, veel meer dan ik doe. Ik wil U kennen Heer, veel meer dan ik doe. Leren zien op U, leren luisteren naar U. Ik wil U kennen Heer. (optioneel) 'k Wil van U houden Heer, veel meer dan ik doe. 'k Wil van U houden Heer, veel meer dan ik doe. Leren zien op U, leren luisteren naar U. 'k Wil van U houden Heer. (optioneel) Ik wil U dienen Heer, veel meer dan ik doe. Ik wil U dienen Heer, veel meer dan ik doe. Leren zien op U, leren luisteren naar U. Ik wil U dienen Heer. Opwekking 204 : 1 Maak mij zoals U, Heer, maak mij zoals U. U bent een dienstknecht maak mij als U. 'k Wil zijn zoals U Heer, doe wat U moet doen om mij zo te maken, maak mij zoals U. Maar wat U ook doet, Heer, 'k wil zijn zoals U. Opwekking 205 : 1-7 1 U Heer, bent wonderschoon, naar U verlangt mijn hart. En als uw ogen op mij zijn, vervult uw liefde mij. 2 O, Lord, You're beautiful, Your face is all I seek, for when your eyes are on this child Your grace abounds to me. 3 Oh Lord, you're beautiful, Your face is all I see, For when your eyes are on this child, Your grace abounds to me. 4 I want to take your word and shine it all around. But first help me just to live it Lord. And when I'm doing well, help me to never seek a crown. For my reward is giving glory to you. 5 Oh Lord, please light the fire, That once burned bright and clean. Replace the lamp of my first love, That burns with Holy fear. 6 I want to take your word and shine it all around. But first help me just to live it Lord. And when I'm doing well, help me to never seek a crown. For my reward is giving glory to you. 7 Oh Lord, you're beautiful, Your face is all I see, For when your eyes are on this child, Your grace abounds to me. Opwekking 206 : 1-3 1 Dank U Jezus, dank U Jezus, dank U Heer, U houdt van mij. Dank U Jezus, dank U Jezus, dank U Heer, U houdt van mij. 2 U stierf op Golgotha, U gaf uw leven daar. Dank U Heer, U houdt van mij. U stierf op Golgotha, U gaf uw leven daar. Dank U Heer, U houdt van mij. 3 U bent weer opgestaan, ik ben uw onderdaan, dank U Heer, U houdt van mij. U bent weer opgestaan, ik ben uw onderdaan, dank U Heer, U houdt van mij. Opwekking 207 : 1-6 1 Mijn God, ik zal U verhogen, uw naam zal 'k prijzen altijd en elke dag wil ik loven uw macht, uw majesteit. Uw koningschap is voor eeuwig, uw heerschappij onbeperkt. Ik wil de mensen vertellen al wat uw hand heeft bewerkt. 2 Refrein: Welzalig hij, wiens God de Here is! Welzalig hij, wiens God de Here is! 3 U steunt wie dreigen te vallen, U troost in zorg en verdriet. Uw goedheid, Heer, is voor allen, uw liefd' en trouw falen niet. U doet uw milde hand open, verzadigt alles wat leeft. Ik weet, Heer, als ik U aanroep, dat U verlossing mij geeft. 4 Refrein: Welzalig hij, wiens God de Here is! Welzalig hij, wiens God de Here is! 5 Ik dank U voor uw nabijheid, voor kracht, die 'k vind in uw woord. Ik jubel over uw grootheid dat U gebeden verhoort! Ik dank U, dat ik mag wonen in 't huis, dat U mij bereidt. Ik weet, Heer, wat ook mag komen, dat U mij sterkt en leidt. 6 Refrein: Welzalig hij, wiens God de Here is! Welzalig hij, wiens God de Here is! Opwekking 208 : 1 En ik zag en hoorde een stem van vele, vele engelen rondom de troon, en de dieren en de oudsten, en 't getal van hen was tienduizend maal tienduizend en duizenden duizenden zeggende met luider stem: Lof en eer, en heerlijkheid en de kracht zij aan Hem, die zit op de troon en zij aan het Lam voor eeuwig en eeuwig. Waardig is het Lam, dat is geslacht. Opwekking 209 : 1-3 1 Zing halleluja en hef in geloof tot God je hart en je handen omhoog! Treed in zijn voorhoven, juich tot zijn eer: Alles wat adem heeft, love de Heer! Refrein: Halleluja, prijst de Heer! Halleluja, prijst de Heer! 2 Offer in psalmen de lof van zijn naam, zing van het wonder dat Hij heeft gedaan. Zing voor de Heer die in eeuwigheid leeft, die ons in Christus genadig vergeeft. Refrein: Halleluja, prijst de Heer! Halleluja, prijst de Heer! 3 Zing door het vuur van zijn Geest aangeraakt: dit is de dag die de Heer heeft gemaakt! Spring op van vreugde en jubel zijn eer: Heer, onze God, eeuwig God, onze Heer! Refrein: Halleluja, prijst de Heer! Halleluja, prijst de Heer! Opwekking 210 : 1 Wie is aan U gelijk onder de goden, Heer? Wie is aan U gelijk heerlijk in heiligheid machtig in daden, roemrijk in wond'ren. Wie is aan U gelijk? Opwekking 211 : 1-4 1 O, die zaal'ge vreugd, in dat heilig uur, toen 'k gedoopt werd met Gods Geest, en 'k in nieuwe tongen mijn Heiland prees op dat heilig Pinksterfeest. Refrein: Toen de kracht Gods op mij viel, kwam er blijdschap in mijn ziel. Ied're schaduw week voor 't gouden licht, toen de kracht Gods op mij viel. 2 Zijt gij aangegord tot Gods heil'ge dienst met de waap'nen van zijn kracht? Overwinnaar is slechts dat kind van God dat bekleed is met Gods macht. Refrein: Toen de kracht Gods op mij viel, kwam er blijdschap in mijn ziel. Ied're schaduw week voor 't gouden licht, toen de kracht Gods op mij viel. 3 Leg uw al nu neer aan des Heilands voet. Stel niet uit maar doe het nu. Hij wil zeeg'nen u met Gods Geest en vuur. Ja, die doop is ook voor u! Refrein: Toen de kracht Gods op mij viel, kwam er blijdschap in mijn ziel. Ied're schaduw week voor 't gouden licht, toen de kracht Gods op mij viel. 4 Is uw lamp gevuld? Want de Heiland komt. Is uw bruidsgewaad gereed? O, laat dopen u met de Heil’ge Geest en trek aan het nieuwe kleed. Refrein: Toen de kracht Gods op mij viel, kwam er blijdschap in mijn ziel. Ied're schaduw week voor 't gouden licht, toen de kracht Gods op mij viel. Opwekking 212 : 1-4 1 Ziet de dag is daar, spreekt de Heer uw God. Ik ben God en niemand meer. 'k Stort mijn Geest thans uit over alle vlees, gans de aarde buigt zich neer. Refrein: Regen val met grote kracht, lang reeds heeft de aard' gewacht. Giet uw Geest nu uit, o mijn dier'bre Heer. O, vervul ons tot uw eer. 2 Uwe kind'ren zullen gezichten zien, profeteren in mijn naam. Ja, de volk'ren zullen Mij hulde biên, en Mij prijzen al tezaam. Refrein: Regen val met grote kracht, lang reeds heeft de aard' gewacht. Giet uw Geest nu uit, o mijn dier'bre Heer. O, vervul ons tot uw eer. 3 Wonderteek'nen zal 'k in uw midden doen, in de hemel en op aard', bloed en vuur en rook, diepe duisternis, maar mijn volk blijft trouw bewaard. Refrein: Regen val met grote kracht, lang reeds heeft de aard' gewacht. Giet uw Geest nu uit, o mijn dier'bre Heer. O, vervul ons tot uw eer. 4 't Zal geschieden al wie de Heer aanroept, vindt ontkoming door het kruis, want op Sions berg is ons plaats bereid, in het eeuwig Vaderhuis. Refrein: Regen val met grote kracht, lang reeds heeft de aard' gewacht. Giet uw Geest nu uit, o mijn dier'bre Heer. O, vervul ons tot uw eer. Opwekking 213 : 1-3 1 U zij de glorie, opgestane Heer! U zij de victorie, nu en immermeer. Uit een blinkend stromen, daald' een engel af, heeft de steen genomen van 't verwonnen graf. U zij de glorie, opgestane Heer! U zij de victorie, nu en immermeer. 2 Ziet Hem verschijnen, Jezus onze Heer! Hij brengt al de zijnen in zijn armen weer. Weest dan volk des Heren, blijd' en welgezind, en zegt telkenkere: Christus overwint! U zij de glorie, opgestane Heer, U zij de victorie, nu en immermeer. 3 Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft, die mij heeft genezen, die mij vrede geeft? In zijn godd'lijk wezen is mijn glorie groot, niets heb ik te vrezen in leven en dood. U zij de glorie, opgestane Heer, U zij de victorie, nu en immermeer. Opwekking 214 : 1-8 1 Ik wandel in het licht met Jezus, het donk're dal ligt achter mij, en 'k weet mij in zijn trouw geborgen, welk een liefdevolle vriend is Hij. Refrein: Ik wandel in het licht met Jezus, en 'k luister naar zijn dierb're stem, en niets kan mij van Jezus scheiden sinds ik wandel in het licht met Hem. 2 Ik wandel in het licht met Jezus, geen duist're wolk bedekt de zon, en 'k kan niet anders 'k moet Hem prijzen, die de zonde in mij overwon. Refrein: Ik wandel in het licht met Jezus, en 'k luister naar zijn dierb're stem, en niets kan mij van Jezus scheiden sinds ik wandel in het licht met Hem. 3 Ik wandel in het licht met Jezus, mijn ziel is Hem gans toegewijd, met Hem verrezen tot nieuw leven, volg 'k mijn Heiland tot in eeuwigheid. Refrein: Ik wandel in het licht met Jezus, en 'k luister naar zijn dierb're stem, en niets kan mij van Jezus scheiden sinds ik wandel in het licht met Hem. 4 Ik wandel in het licht met Jezus, o, mocht ik zelf een lichtje zijn, dat straalt te midden van de wereld, die gebukt gaat onder zorg en pijn. Refrein: Ik wandel in het licht met Jezus, en 'k luister naar zijn dierb're stem, en niets kan mij van Jezus scheiden sinds ik wandel in het licht met Hem. 5 Ik wandel in het licht met Jezus, mijn ziel is Hem gans toegewijd, met Hem verrezen tot nieuw leven, volg 'k mijn Heiland tot in eeuwigheid. 6 Ik wandel in het licht met Jezus, en 'k luister naar zijn dierb're stem, en niets kan mij van Jezus scheiden sinds ik wandel in het licht met Hem. 7 Ik wandel in het licht met Jezus, o, mocht ik zelf een lichtje zijn, dat straalt te midden van de wereld, die gebukt gaat onder zorg en pijn. 8 Ik wandel in het licht met Jezus, en 'k luister naar zijn dierb're stem, en niets kan mij van Jezus scheiden sinds ik wandel in het licht met Hem. Opwekking 215 : 1-5 1 De Heer is mijn herder en geen ding ontbreekt mij naar zijn wil; Hij schenkt mij rust in grazig land, aan waat'ren klaar en stil. 2 Hij is het, die mijn ziel verkwikt en die mijn schreden leidt in rechte sporen om de eer zijns naams in eeuwigheid. 3 Al ga ik door een duister dal, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt altijd met mij en uw stok en staf vertroosten mij. 4 Gij zijt het, die mijn dis bereidt voor 't oog van wie mij krenkt; die zalft mijn hoofd en mij een kelk tot overvloeiens schenkt. 5 Zo zullen heil en goedheid groot mij volgen dag aan dag, en ik verkeer in 's Heren huis, waar 'k eeuwig wonen mag. Opwekking 216 : 1-8 1 Staand' op de beloften van mijn Heer en God, ga ik moedig voorwaarts onder hoon en spot. Bergen zullen wank'len, maar Gods woord houdt stand, veil'ge gids naar 't hemels vaderland! 2 Refrein: Glorie, glorie! Nimmer kan het eeuwig woord des Heren falen! Glorie, glorie! 'k Sta vast op de beloften van mijn God! 3 Staand' op de beloften van mijn Heer en God, weet ik in zijn hand geborgen gans mijn lot. Glorie en aanbidding zij mijn dierb're Heer, zijn beloften falen nimmermeer. 4 Refrein: Glorie, glorie! Nimmer kan het eeuwig woord des Heren falen! Glorie, glorie! 'k Sta vast op de beloften van mijn God! 5 Staand' op de beloften van mijn Heer en God, vind ik in zijn Woord mijn hoogste zielsgenot. Zijn beloften zijn, o welk een zaligheid, ja en amen, tot in eeuwigheid! 6 Refrein: Glorie, glorie! Nimmer kan het eeuwig woord des Heren falen! Glorie, glorie! 'k Sta vast op de beloften van mijn God! 7 Staand' op de beloften van mijn Heer en God, onderhoud ik vast en moedig zijn gebod. Rustend in mijn Jezus als mijn al in al, vrees ik voor geen tegenspoed of val. 8 Refrein: Glorie, glorie! Nimmer kan het eeuwig woord des Heren falen! Glorie, glorie! 'k Sta vast op de beloften van mijn God! Opwekking 217 : 1-4 1 O, welk een wond're Verlosser vond ik in mijn Heiland en Heer. Lofprijs vervult nu mijn harte, mijn zonden gedenkt Hij niet meer. Refrein: Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij! 2 Stromen van licht en genade vervullen mijn ziel, meer en meer. 'k Weet: al mijn schuld is vergeven door 't bloed van mijn Heiland en Heer. Refrein: Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij! 3 Niets kan van Jezus mij scheiden, Hij woont door zijn Geest in mijn hart. In Hem ben 'k veilig geborgen, in uren van zorg en van smart. Refrein: Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij! 4 'k Werd niet gered door mijn werken, zelfs niet door berouwvol geween, noch door mijn worst'ling en strijden, doch slechts door genade alleen. Refrein: Genade kocht mij vrij! Genade kocht mij vrij! Mijn ziele juicht: Halleluja! Genade kocht mij vrij! Opwekking 218 : 1-4 1 Is hier een hart door vrees benard, vermoeid door 's levens strijd? Twijfel drukt u neer, gij struikelt telkens weer. O, vat weer moed, want God is goed en steeds tot hulp bereid: Zo gij slechts kunt geloven, ziet gij zijn heerlijkheid. 2 Refrein: Daar zijn geen grenzen aan Jezus' macht, voor elk die wond'ren van Hem verwacht! Ja, wie Hem aanraakt, ervaart zijn kracht. Daar zijn geen grenzen aan Jezus' macht. 3 Gaat gij gebukt, door zorg gedrukt? Leg dan uw lasten neer! Tob niet langer voort, vertrouw op 's Heren woord. Hij hoort uw bee en schenkt u vree in liefde eind'loos teer. Zo gij slechts kunt geloven, niets is onmoog'lijk meer! 4 Refrein: Daar zijn geen grenzen aan Jezus' macht, voor elk die wond'ren van Hem verwacht! Ja, wie Hem aanraakt, ervaart zijn kracht. Daar zijn geen grenzen aan Jezus' macht. Opwekking 219 : 1-4 1 Juicht, aarde! Juicht alom de Heer. Dient God met blijdschap, geeft Hem eer. Komt, nadert voor zijn aangezicht, zingt Hem een vrolijk lofgedicht. 2 De Heer is God: erkent, dat Hij ons heeft gemaakt (en geenszins wij) tot schapen die Hij voedt en weidt; een volk, tot zijne dienst bereid. 3 Gaat tot zijn poorten in met lof, met lofzang in zijn heilig hof. Looft Hem aldaar met hart en stem, prijst zijne naam, verheerlijkt Hem. 4 Want goedertieren is de Heer, zijn goedheid eindigt nimmermeer. Zijn trouw en waarheid houdt haar kracht tot in het laatste nageslacht. Opwekking 220 : 1-7 1 Volle verzeek'ring, Jezus is mijn! Wat schenkt dat rust aan 't volgzaam gemoed. In Hem zal 'k zalig, zalig steeds zijn, wedergeboren door Jezus' bloed. 2 Refrein: Dit is mijn vreugde, altoos te zijn, in mijne Heiland, Jezus is mijn! Dit is mijn vreugde, altoos te zijn, in mijne Heiland, Jezus is mijn! 3 Voll' onderwerping, zijn eigendom, in Hem te rusten, heerlijk genot. 't Eigen ik doden, zijn wil alleen, rijk in mijn Heiland, leven voor God. 4 Refrein: Dit is mijn vreugde, altoos te zijn, in mijne Heiland, Jezus is mijn! Dit is mijn vreugde, altoos te zijn, in mijne Heiland, Jezus is mijn! 5 Volle verlossing, gans vrij te zijn. 'k Mag alles leggen in zijn hand. 't Harte naar boven, 't oog hemelwaarts; zo Jezus volgen naar 't vaderland. 6 Refrein: Dit is mijn vreugde, altoos te zijn, in mijne Heiland, Jezus is mijn! Dit is mijn vreugde, altoos te zijn, in mijne Heiland, Jezus is mijn! 7 Volle bewustheid, Hij leeft voor mij, dit geeft mij blijvend heerlijk genot! 'k Mag altijd wand'len aan Jezus' zij. 'k Mag nu steeds leven voor mijne God. Opwekking 221 : 1-5 1 Prijst de Heer met blijde galmen, gij, mijn ziel, hebt rijke stof. 'k Zal zo lang ik leef, mijn psalmen vrolijk wijden aan zijn lof. 'k Zal zolang ik 't licht geniet, Hem verhogen in mijn lied! Hem verhogen in mijn lied! 2 Zalig hij, die in dit leven Jacobs God ter hulpe heeft; hij, die door de nood gedreven, zich tot Hem om troost begeeft, die zijn hoop in 't hach'lijkst lot vestigt op de Heer zijn God. vestigt op de Heer zijn God. 3 't Is de Heer, wiens alvermogen, 't groot heelal heeft voortgebracht. Die, genadig, uit de hoge, ziet, wie op zijn bijstand wacht, en aan elk, die Hem verbeidt, trouwe houdt in eeuwigheid. trouwe houdt in eeuwigheid. 4 't Is de Heer, wiens mededogen, blinden schenkt het lief'lijk licht. Wie in 't stof lag neergebogen, wordt door Hem weer opgericht. God, die lust in waarheid heeft, mint hem, die rechtvaardig leeft. mint hem, die rechtvaardig leeft. 5 't Is de Heer van alle heren, Sions God, geducht in macht, Die voor eeuwig zal regeren, van geslachte tot geslacht. Sion, zingt uw God ter eer, prijst zijn grootheid, looft de Heer! prijst zijn grootheid, looft de Heer! Opwekking 222 : 1-4 1 Doorgrond mijn hart, en ken mijn weg, o Heer. Beproef m'en zie wat niet is tot uw eer. Is soms de weg, die 'k ga niet goed voor mij? Leid m'op de eeuw'ge weg, Heer, maak mij vrij! 2 O Heer, heb dank, 'k mag toch de uwe zijn. Uw dierbaar bloed wast mij van zonden rein. Doop mij met vuur, opdat 'k mij niet meer schaam. 'k Wil leven Heer, tot eer van uwe naam. 3 Zie Heer, hier ben 'k, maak mij een vat voor U, woon in mijn hart, vernieuw het, doe het nu. Verbreek mijn wil, maak m'ook van hoogmoed vrij. 'k Wil in U blijven Heer, blijf Gij in mij. 4 O, heil'ge Geest, kom tot uw heerschappij, schenk een herleving en begin bij mij. Zegen uw volk, maak 't als een bruid bereid, wachtend op Jezus' komst in heerlijkheid. Opwekking 223 : 1-5 1 Jezus, uw naam zij d'hoogste eer in hemel, aard en lucht. Voor U knielt mens en engel neer en satan vreest en vlucht. Refrein: Geen and're pleitgrond hebben wij, niets maakt naast Hem ons vrij. Het is genoeg, dat Jezus stierf, ja, stierf voor u en mij. 2 Zijn naam brengt hoop aan 't bangste hart vol twijfel, vrees en pijn. Hij brengt er vreugd' in plaats van smart, een hemelvreugd' zo rein. Refrein: Geen and're pleitgrond hebben wij, niets maakt naast Hem ons vrij. Het is genoeg, dat Jezus stierf, ja, stierf voor u en mij. 3 Jezus verbreekt des satans macht, maakt zondeslaven vrij. De zwakke zielen geeft Hij kracht, bedroefden maakt Hij blij. Refrein: Geen and're pleitgrond hebben wij, niets maakt naast Hem ons vrij. Het is genoeg, dat Jezus stierf, ja, stierf voor u en mij. 4 O, zag de wereld slechts als wij die rijkdom van gena! In teed're liefde rijk en vrij slaat Hij zijn scheps'len ga. Refrein: Geen and're pleitgrond hebben wij, niets maakt naast Hem ons vrij. Het is genoeg, dat Jezus stierf, ja, stierf voor u en mij. 5 Tot aan mijn laatste ademtocht zal 'k zingen Hem ter eer, die door zijn dood verzoening wrocht, mijn Heiland en mijn Heer. Opwekking 224 : 1-9 1 Komt, laat ons zingen al te zaam: God is goed. Hemel en aarde, prijst zijn naam: God is goed. Laat ieder naad'ren tot zijn troon, zingen met ons op blijde toon in melodieën rein en schoon: God is goed! 2 Refrein: God is goed, God is goed, in melodieën rein en schoon: God is goed! 3 O, zegt het voort aan 't verste strand: God is goed. Voor elk is plaats in 't vaderland: God is goed. Van zonde maakt ons Christus vrij. Licht in de duist're nacht bracht Hij. Als zijn verlosten juichen wij: God is goed! 4 Refrein: God is goed, God is goed, in melodieën rein en schoon: God is goed! 5 En zo mijn hart en vlees bezwijkt: God is goed. Hij is de Rots, die nimmer wijkt: God is goed. Ja, ook de kille doodsjordaan brengt ons niet meer verschrikking aan, daar zal de Heiland met ons gaan: God is goed! 6 Refrein: God is goed, God is goed, in melodieën rein en schoon: God is goed! 7 Ginds in de hemel ruist het voort: God is goed. Nimmer werd schoner zang gehoord: God is goed. Eind'loze eeuwen gaan voorbij. Nog klinkt dat loflied, vol en vrij. Duizend, tienduizend juichen blij: God is goed! 8 Refrein: God is goed, God is goed, in melodieën rein en schoon: God is goed! 9 O, dat nu ieder hart getuig': God is goed. Dat ied're knie voor Hem zich buig': God is goed. O, Hem te kennen is zaligheid, 't leven tot in der eeuwigheid. Laat ons 't vermelden wijd en zijd: God is goed! Opwekking 225 : 1-4 1 Verblijdt u in Jezus, uw Heer. Gij allen oprechten van hart, zingt vrolijk uw Heiland ter eer, die wegnam uw droefheid en smart. Refrein: Verheugd, verheugd! Weest blij in de Heer en verheugd! Verheugd, verheugd! Weest blij in de Heer en verheugd! 2 Verblijdt u, want Hij is de Heer. De Koning, die hemel en aard, door 't woord zijner almacht regeert, die zondaars verlost en bewaart. Refrein: Verheugd, verheugd! Weest blij in de Heer en verheugd! Verheugd, verheugd! Weest blij in de Heer en verheugd! 3 Houdt moed in de geest'lijke strijd, hoe groot ook de satans geweld. Door 't leger van God steeds bereid, wordt iedere vijand geveld. Refrein: Verheugd, verheugd! Weest blij in de Heer en verheugd! Verheugd, verheugd! Weest blij in de Heer en verheugd! 4 Verblijdt u in Jezus, uw Heer. Hem zij onze lofzang gewijd. Laat schallen het lied tot zijn eer, roemt zijne gena t'allen tijd. Opwekking 226 : 1-4 1 Ik wil zingen van mijn Heiland, van zijn liefde, wondergroot, die Zichzelve gaf aan 't kruishout en mij redde van de dood. Refrein: Zing, o zing van mijn Verlosser. Met zijn bloed kocht Hij ook mij: Aan het kruis schonk Hij genade, droeg mijn schuld en ik was vrij. 2 'k Wil het wonder gaan verhalen, hoe Hij op Zich nam mijn straf. Hoe in liefde en genade Hij 't rantsoen gewillig gaf. Refrein: Zing, o zing van mijn Verlosser. Met zijn bloed kocht Hij ook mij: Aan het kruis schonk Hij genade, droeg mijn schuld en ik was vrij. 3 'k Wil mijn dierb're Heiland prijzen, spreken van zijn grote kracht. Hij kan overwinning geven over zond' en satans macht. Refrein: Zing, o zing van mijn Verlosser. Met zijn bloed kocht Hij ook mij: Aan het kruis schonk Hij genade, droeg mijn schuld en ik was vrij. 4 Ik wil zingen van mijn Heiland, hoe Hij smarten leed en pijn, om mij 't leven weer te geven, eeuwig eens bij Hem te zijn. Opwekking 227 : 1-3 1 O, heilig Lam van God, Gij hebt op Golgotha heerlijk getriomfeerd. Amen, halleluja. Gij droeg als 't Offerlam, ons aller zondeschuld en hebt tot aan het kruis Gods recht en wet vervuld. Toen riep uw liefdestem in onze nacht: Het is volbracht! Het is volbracht! 2 O, godd'lijk Levenswoord, U neem 'k gelovig aan: Gij zijt de sterke Rots, waarop ik vast kan staan. Eeuwig volmaakt is 't heil dat Gods genad' ons biedt. Grijp het, o zondaar, aan. Hij schenkt het u om niet. Wijk nu! all' eigen werk, all' eigen kracht. Het is volbracht! Het is volbracht! 3 Jezus, in U verblijd, zing 'k U mijn leven lang! Ja, in all' eeuwigheid, prijst U mijn lofgezang. 'k Ben nu gerecht en rein door 't heilig offerbloed. 'k Leef in de zonneschijn Heer, van uw liefdegloed. Eer zij het Lam dat riep, toen 't werd geslacht: Het is volbracht! Het is volbracht! Opwekking 228 : 1-4 Wij zijn hier bijeen in Jezus' naam om U te loven, o Heer. Wij zijn hier bijeen in Jezus' naam om U te loven, o Heer. Eer aan de Vader, eer aan de Zoon, eer aan de heil'ge Geest, de Drie-In-Een. Eer aan de Vader, eer aan de Zoon, eer aan de heil'ge Geest, de Drie-In-Een. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 229 : 1-3 O, geeft aan de Heer gij zonen der Machtige. O, geeft aan de Heer ere en kracht. Geeft Hem de glorie, looft zijn heilige naam. De Here hult zich in majesteit, gerechtigheid is zijn staf. Hij heerst in luister en heerlijkheid en Hij troont als Koning nu en voor altijd. Aanbidt dan de Heer, gij zonen der Machtige. Aanbidt dan de Heer in heilig gewaad. Geeft Hem de glorie, looft zijn heilige naam. Opwekking 230 : 1-2 Want Ik maak Mij een geest'lijke tempel, op de kostbare Hoeksteen gebouwd. 'k Wil een koninklijk priesterschap vormen, uitverkoren en mijn eigendom. Bouw uw kerk, Heer, maak ons sterk, Heer, in het rijk, Heer, van uw Zoon. Maak ons één, Heer, als uw volk, Heer, breng ons samen bij uw troon. Opwekking 231 : 1-2 Als wij zingend komen voor zijn majesteit, vieren wij de overwinning na de strijd. Want de Heer verlost en maakt zijn kind'ren vrij. Samen gaan wij voort met Hem. Hij's de Bevrijder. Het tweesnijdend zwaard ligt vast in onze hand. Door zijn belofte erven wij het land. Wij binden de vijand door Gods rechterhand en zo komt de vervulling van zijn plan tot stand. Opwekking 232 : 1 Lof, eer, aanbidding voor U, Heer Jezus, grote God, machtig Heer, stralende Ster. En door alle eeuwen heen wil ik U prijzen, en met U regeren in uw koninkrijk. Opwekking 233 : 1 Koning Jezus, heers over alle naties van de aarde! Koning Jezus, heers over alle naties van de aard! Laat de wereld vol zijn van al uw heerlijkheid. Laat de volken zien al uw macht en majesteit, want U alleen bent waardig, Koning Jezus, heers. Opwekking 234 : 1 Komt nu zijn poorten met dankzegging binnen. Gaat tot zijn voorhof in met lof. [trans off] Verheugt u, weest blij in onze Schepper, verheugt u, weest blij in de Vader van 't Licht. Verheugt u, weest blij in onze Redder, verheugt u in Hem, die was en die is. Opwekking 235 : 1-3 1 't Is nu het uur, 't is nu het uur, de Vader 't aanbidden in waarheid en in Geest. 't Is nu het uur, 't is nu het uur, de Vader 't aanbidden in waarheid en in Geest. 2 'k Hef mijn handen op, 'k hef mijn handen op, om U te aanbidden in waarheid en in Geest. 'k Hef mijn handen op, 'k hef mijn handen op, om U te aanbidden in waarheid en in Geest. 3 Ik heb U lief, ik heb U lief, mijn Vader, 'k aanbid U in waarheid en in Geest. Ik heb U lief, ik heb U lief, mijn Vader, 'k aanbid U in waarheid en in Geest. Opwekking 236 : 1-3 1 Heilig, heilig, heilig, Here God almachtig vroeg in de morgen wordt U mijn zang gewijd. Heilig, heilig, heilig, liefdevol en machtig, drieënig God, die één in wezen zijt. 2 Heilig, heilig, heilig, Gij blijft ons verborgen, wijl' voor zondig' ogen uw glans verdwijnt in nacht. Gij alleen zijt heilig, geen is uws gelijke, volmaakt in liefde, heiligheid en macht! 3 Heilig, heilig, heilig! Here God almachtig, heel de schepping prijst U in aard' en hemel wijd. Gij alleen zijt heilig, liefdevol en machtig, drieënig God, die één in wezen zijt. Opwekking 237 : 1-2 1 Jezus, wij verhogen U, wij erkennen U als Heer. U bent hier, in ons midden, Heer, en onze lofprijs geeft U eer. Als wij aanbidden, bouw uw troon, als wij aanbidden, bouw uw troon, als wij aanbidden, bouw uw troon. Kom, Heer Jezus en neem uw plaats. 2 Als wij aanbidden, bouw Uw troon, als wij aanbidden, bouw Uw troon, als wij aanbidden, bouw Uw troon, kom, Heer Jezus, en neem Uw plaats. Opwekking 238 : 1-3 1 U bent waardig, dat wij U prijzen, en ik prijs U (en ik prijs U). U bent waardig, om voor te buigen, en ik buig voor U (en ik buig voor U). U bent waardig, dat wij aanbidden, ik aanbid U. Ik prijs U, ik buig neer voor U, en ik aanbid U. 2 U bent waardig, dat wij U eren, en ik eer U (en ik eer U). U bent waardig, dat wij geloven, en ik geloof in U (en ik geloof in U). U bent waardig, dat wij vertrouwen, en ik vertrouw op U. Ik eer U, ik geloof in U, en ik vertrouw op U. 3 U bent waardig om van te houden, en ik houd van U (en ik houd van U). U bent waardig om voor te leven, en ik leef voor U (en ik leef voor U). U bent waardig, o zo waardig, ik geef mijzelf aan U. Ik houd van U, ik leef voor U, ik geef mijzelf aan U. Opwekking 239 : 1-4 1 Kom, Leeuw van Juda en Gods Zoon. Kom, neem uw plaats nu op de troon. U bent de Vredevorst, de Redder die verlost. Laat uw koningschap voor eeuwig zijn. Koning en Heer. (Koning en Heer.) Koning en Heer. (Koning en Heer.) 2 U, Leeuw van Juda, kwam bij ons. Ik wil U danken voor uw komst. Voor het levend woord. Voor uw dood aan het kruis. Voor uw opstanding in heerlijkheid. Halleluja. (Halleluja.) Halleluja. (Halleluja.) 3 Wanneer U terugkomt als Gods Zoon, dan zult U heersen op de troon. Uw schepping wordt bevrijd. komt tot volkomenheid en uw koninkrijk wordt openbaar. Maranatha. (Maranatha.) Maranatha. (Maranatha.) 4 Kom, Leeuw van Juda en Gods Zoon. Kom, neem uw plaats nu op de troon. U bent de Vredevorst, de Redder, die verlost, laat uw koningschap voor eeuwig zijn. Koning en Heer. (Koning en Heer.) Koning en Heer. (Koning en Heer.) Koning en Heer. Koning en Heer. U bent mijn Heer. Opwekking 240 : 1-6 1 Hosanna, hosanna, de Koning komt, in de naam van de God van Israël. Hosanna, hosanna, de Koning komt, in de naam van de God van Israël. 2 Refrein: Hosanna, hosanna, de Koning van Israël. Hosanna, hosanna, de Koning van Israël. 3 Wees welkom, wees welkom o Vredevorst in de naam van de God van Israël. Wees welkom, wees welkom o Vredevorst in de naam van de God van Israël. 4 Gij geeft ons het leven en overvloed in de naam van de God van Israël. Gij geeft ons het leven en overvloed in de naam van de God van Israël. 5 Gij brengt en verkondigt het jubeljaar in de naam van de God van Israël. Gij brengt en verkondigt het jubeljaar in de naam van de God van Israël. 6 Gij zendt van de Vader de heil'ge Geest in de naam van de God van Israël. Gij zendt van de Vader de heil'ge Geest in de naam van de God van Israël. Opwekking 241 : 1-5 1 Zing tot de glorie, zing tot de glorie, zing tot de glorie, de glorie van God. Zing tot de glorie, de glorie van God. 2 Juich tot de glorie, juich tot de glorie, juich tot de glorie, de glorie van God. Juich tot de glorie, de glorie van God. 3 Loof Hem, de Koning, loof Hem, de Koning, loof Hem, de Koning, halleluja. Loof Hem, de Koning, halleluja. 4 Speel voor de Koning, speel voor de Koning, speel voor de Koning, halleluja. Speel voor de Koning, halleluja. 5 Dans tot de glorie, dans tot de glorie, dans tot de glorie, de glorie van God. Dans tot de glorie, de glorie van God. Opwekking 242 : 1-2 1 Met vreugde zal ik tot U zingen Heer, U bent de Rots van mijn verlossing. 'k Kom met een danklied voor uw troon, o Heer, en verhoog U met gezang. U bent de Heerser over al wat leeft, U houdt de diepte der aard' in uw hand. Met vreugde zal ik tot U zingen, Heer, U bent de rots van mijn verlossing. 2 U bent de Heerser over al wat leeft, U houdt de diepte der aard' in uw hand. Met vreugde zal ik tot U zingen, Heer, U bent de rots van mijn verlossing. Opwekking 243 : 1-6 1 Jezus is Heer, je ziet het om je heen, want zijn Godd'lijk Woord bracht alles voort wat er bestaat! Jezus is Heer, de stem van al het schone, dwars door de hele schepping juicht: Jezus is Heer! Refrein: Jezus is Heer, Jezus is Heer. Prijst Hem, zingt halleluja, want Jezus is Heer! 2 Jezus is Heer, maar Hij verliet de hemel om mens te zijn: Hij stierf in pijn op Golgotha. Jezus is Heer, de Bron van alle leven heeft door Zichzelf te geven een volk vrijgemaakt! Refrein: Jezus is Heer, Jezus is Heer. Prijst Hem, zingt halleluja, want Jezus is Heer! 3 Jezus is Heer, de dood is overwonnen en elke kracht erkent zijn macht en zijn bestaan. Jezus is Heer, Gods Geest kwam in ons wonen. Hij zal de wereld tonen dat Jezus is Heer! Refrein: Jezus is Heer, Jezus is Heer. Prijst Hem, zingt halleluja, want Jezus is Heer! 4 Jezus is Heer, Jezus is Heer. Prijst Hem, zingt halleluja, want Jezus is Heer! 5 Jezus is Heer, de dood is overwonnen en elke kracht erkent zijn macht en zijn bestaan. Jezus is Heer, Gods Geest kwam in ons wonen. Hij zal de wereld tonen dat Jezus is Heer! 6 Jezus is Heer, Jezus is Heer. Prijst Hem, zingt halleluja, want Jezus is Heer! Opwekking 244 : 1 Welzalig de man, die niet wandelt in de raad der goddelozen. Die niet staat op de weg der zondaars, noch zit in de kring der spotters, maar aan des Heren wet zijn welgevallen heeft. Opwekking 245 : 1-3 1 Hier in uw heiligdom, dicht bij de troon, vraagt uw aanwezigheid ons stil te zijn. Zo komen wij tot U, met heilig ontzag, als uw Geest ons trekt tot U. 2 Rein door uw zuiver bloed, met zekerheid dat wij geborgen in uw liefde zijn. Staan wij vrijmoedig hier en antwoordt ons hart op de roepstem van uw Geest. 3 Heer, ik wil horen uw zachte stem. Laat and're stemmen in mij zwijgen. Open mijn ogen, Heer opdat ik het licht van uw aangezicht zal zien. Opwekking 246 : 1-2 1 Koning Jezus, prijst Koning Jezus. Geeft Hem glorie en ere en macht, Koning Jezus. Voor uw majesteit hef ik mijn handen op. Heer, ik prijs U, 'k aanbid U, 'k bemin U, halleluja! 2 Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Voor uw majesteit hef ik mijn handen op. Heer, ik prijs U, 'k aanbid U, 'k bemin U, halleluja! Opwekking 247 : 1 Shalom, shalom, shalom, Ha Mashiach. Shalom, shalom, shalom. Opwekking 248 : 1-3 1 God is getrouw, zijn plannen falen niet. Hij kiest de zijnen uit, Hij roept die allen. Die 't heden kent, de toekomst overziet. Laat van zijn woorden geen ter aarde vallen. En 't werk der eeuwen, dat zijn Geest omspant, volvoert zijn hand. 2 De Heer regeert! Zijn koninkrijk staat vast. Zijn heerschappij omvat de loop der tijden. Een sterke hand, die nooit heeft misgetast. blijft met het heilig zwaard des Geestes strijden. En d'adem zijner lippen overmant de tegenstand. 3 De Heil'ge Geest, die haar de toekomst spelt. doet aan Gods kerk zijn heilsgeheimen weten. Hij, die haar leidt en in de waarheid stelt, heeft zijn bestek met wijsheid uitgemeten! Hij trekt met heel zijn kerk van land tot land, als Gods gezant. Opwekking 249 : 1-5 1 Heer, wat een voorrecht om in liefde te gaan, schouder aan schouder in uw wijngaard te staan, samen te dienen, te zien wie U bent, want uw woord maakt uw wegen bekend. 2 Refrein: Samen op weg gaan, dat is ons gebed, als een volk, dat juist daarvoor door U apart is gezet. Vol van uw liefde, genade en kracht, als een lamp, die nog schijnt in de nacht. 3 Samen te strijden in woord en in werk. Eén zijn in U, dat alleen maakt ons sterk. Delen in vreugde, in zorgen, in pijn, als uw kerk, die waarachtig wil zijn. 4 Refrein Samen op weg gaan, dat is ons gebed, als een volk, dat juist daarvoor door U apart is gezet. Vol van uw liefde, genade en kracht, als een lamp, die nog schijnt in de nacht. 5 Refrein Samen op weg gaan, dat is ons gebed, als een volk, dat juist daarvoor door U apart is gezet. Vol van uw liefde, genade en kracht, als een lamp, die nog schijnt in de nacht. Opwekking 250 : 1-2 1 Zingt Gode, psalmzingt zijn naam. Baant de weg voor Hem. Here is zijn naam, juicht dan voor zijn aangezicht! 2 Hosanna, Zoon van David. Hosanna in de hoogste hemelen. Hosanna, Zoon van David, die komt in de naam van onze God! Opwekking 251 : 1-2 1 Zing een vrolijk liedje voor Immanuël, laat het door het luchtruim trillen. Dans en zing hosanna voor zijn heilige naam. Laat al wat ademt het vreugdelied zingen. We leven voor altijd met Hem. 2 Bomen en bergen prijzen Hem, de lucht en zeeën verkondigen zijn naam. De natuur verheft haar stem tot glorie van de Koning. Opwekking 252 : 1 Heer, doorgrond mijn hart, maak het echt voor U. Heer, doorgrond mijn hart, laat mij zijn als U. U bent de Maker, ik ben de klei. Kneed mij en vorm mij, Heer, verander mij. Opwekking 253 : 1 Heilig, heilig, heilig Heer, God van licht en kracht. Hemel en aarde zijn vol van uw glorie. Heilig, heilig, heilig Heer, God van licht en kracht. Hemel en aarde zijn vol van uw glorie. Hosanna, hosanna, in de hoge. Hosanna, hosanna, in de hoge. Opwekking 254 : 1-4 1 Prijs nu de Heer. Zing halleluja voor de Koning van 't heelal. Prijs nu zijn naam. Breek uit in gejubel alles wat adem heeft. 2 Refrein: (m) 'k Zal Hem prijzen. (v) 'k Zal Hem prijzen. (m) 'k Zal Hem verhogen. (v) 'k Zal Hem verhogen. (m) Eer aan Hem. (v) Eer aan Hem. (m) 'k Zal Hem prijzen. (v) 'k Zal Hem prijzen. (m) 'k Zal Hem verhogen. (v) 'k Zal Hem verhogen. (m) Eer aan Hem. (v) Eer aan Hem, want zijn liefde duurt voor eeuwig. 3 Prijs nu de Heer. De wind en de zee zijn vol van zijn macht en majesteit. Juich voor de Heer, hoi! Verhef dan je stem, zing mee met 't scheppingslied. 4 Refrein: (m) 'k Zal Hem prijzen. (v) 'k Zal Hem prijzen. (m) 'k Zal Hem verhogen. (v) 'k Zal Hem verhogen. (m) Eer aan Hem. (v) Eer aan Hem. (m) 'k Zal Hem prijzen. (v) 'k Zal Hem prijzen. (m) 'k Zal Hem verhogen. (v) 'k Zal Hem verhogen. (m) Eer aan Hem. (v) Eer aan Hem, want zijn liefde duurt voor eeuwig. Opwekking 255 : 1-2 1 'k Wil U prijzen Heer U glorie geven. 'k Wil U prijzen Heer U glorie geven. 2 De Heer is barmhartig en vol gena, goedertieren, halleluja. De Heer is rechtvaardig in al zijn werk, loof de Heer en geef Hem glorie. Opwekking 256 : 1-3 1 Jezus Christus, ik aanbid U, heilig is uw naam. Jezus Christus, ik aanbid U, heilig is uw naam. Heilig is uw naam. Heilig is uw naam. Heilig, heilig, heilig is uw naam. 2 Jezus Christus, ik verwacht U, vul mij met uw Geest. Jezus Christus, ik verwacht U, vul mij met uw Geest. Vul mij met uw Geest. Vul mij met uw Geest. Vul mij, vul mij, vul mij met uw Geest. 3 Halleluja, halleluja, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja. Halleluja. Halleluja. Halleluja. Halleluja. Opwekking 257 : 1 Uw lieflijk aangezicht wil 'k altijd voor mij zien. Dit vraag ik U. Mijn diepst verlangen is, dat nergens in mijn hart verborgen liefdes zijn. Geen ander op de troon dan Jezus, U alleen. Opwekking 258 : 1-2 1 Blijdschap vervult mijn hart vandaag en daarom vereer ik nu mijn God. Hij heeft in zijn liefde mij gezocht. Dat wil ik overal vertellen ja, overal vertellen. 2 Ik ben nu een kind van God geworden. Jezus' liefde heeft mijn hart geraakt. Ik wil de naam van mijn Heer verhogen voor altijd. Amen. Opwekking 259 : 1 Want zijn naam is verheven, zijn glorie boven hemel en aard'. Heilig is de Heer God almachtig. Die was en die is en die komen zal. Want zijn naam is verheven, zijn glorie boven hemel en aard'. Heilig is de Heer God almachtig, die zit op de troon en die leeft in eeuwigheid. Opwekking 260 : 1-8 1 Het is volbracht, komt laat ons binnengaan. De weg is open en de wet vervuld. Hij heeft betaald en met zijn eigen bloed heeft Hij ons vrijgekocht van elke schuld. 2 Refrein: Het is volbracht, halleluja. Uw liefde kwam met zoveel kracht dat ik aan U alleen door heel mijn leven heen de dank wil brengen dat het is volbracht. 3 Het is volbracht, en zie de satan vlucht, zwicht voor de overmacht van onze Heer. Het is volmaakt, het offer dat Hij bracht. In Christus is er nu geen aanklacht meer. 4 Refrein: Het is volbracht, halleluja. Uw liefde kwam met zoveel kracht dat ik aan U alleen door heel mijn leven heen de dank wil brengen dat het is volbracht. 5 Het is volbracht, en in zijn lijdensweg nam Hij de ziekten in zijn lichaam aan. En door zijn pijn en zijn gebrokenheid brengt Hij ons vrede en genezing aan. 6 Refrein: Het is volbracht, halleluja. Uw liefde kwam met zoveel kracht dat ik aan U alleen door heel mijn leven heen de dank wil brengen dat het is volbracht. 7 Het is volbracht, het Lam van God alleen is tot in eeuwigheid ons loflied waard. In Jezus' naam, bekleed met zijn gezag zal zijn gemeente heersen hier op aard'. 8 Refrein: Het is volbracht, halleluja. Uw liefde kwam met zoveel kracht dat ik aan U alleen door heel mijn leven heen de dank wil brengen dat het is volbracht. Opwekking 261 : 1 Abba Vader, Abba Vader, heel mijn ziel roept uit naar U. Abba Vader, Abba Vader, ik zal altijd van U houden, Heer. Opwekking 262 : 1-2 1 Sta op, o kind'ren van Israël. Kom en prijs nu je Maker. Dans, zing en verheug j'in Hem. Zing en verheug j'in Hem. Zing en verheug j'in Hem, o Israël. De Heer is mijn Licht, de Rots van mijn verlossing. Ik vrees geen kwaad, want Hij is bij mij. 2 De Heer is mijn licht, de Rots van mijn verlossing. Ik vrees geen kwaad want Hij is bij mij. Sta o, Israel Opwekking 263 : 1-4 1 Er is een Verlosser, Jezus, Zoon van God. Kostbaar Lam van God, Messias, heilig God is Hij. 2 Jezus, mijn Verlosser, niemand is aan U gelijk. Kostbaar Lam van God, Messias, maakt van zonden vrij. 3 Dank U, o mijn Vader. U gaf uw eigen Zoon, uw Geest als hulp voor ons totdat het werk op aarde is gedaan. 4 Ja, de dag zal komen dat ik Jezus zie. Dan zal ik mijn Koning dienen voor eeuwig en eeuwig. Opwekking 264 : 1 Waardig is het Lam, alle lof, eer en aanbidding en sterkte en heil en heerlijkheid, wijsheid en macht en majesteit en de scepter voor eeuwig, waardig is het Lam. Sterkte! (Sterkte!) Rijkdom! (Rijkdom!) Heerlijkheid en eer en aanbidding en wijsheid. Waardig is het Lam. Opwekking 265 : 1 Groot is de Heer en machtig in sterkte, zijn grote wijsheid kent geen grenzen. De Heer verheugt zich in wie Hem vrezen, die hun vertrouwen op Hem hebben gesteld. Hij sterkt de grendels van uw poorten, Hij geeft vrede in uw land. Opwekking 266 : 1-3 Heer, U leidde mij in de wildernis, in het dal van Achor, en opnieuw sprak U tot mijn hart. Heer, U leidde mij in de wildernis, in het dal van Achor, en opnieuw sprak U tot mijn hart. Daar zal ik zingen, voor U zingen als in de dagen van mijn jeugd, in het dal van Achor klinkt mijn lied. Want God maakte het dal tot een deur der hoop. Daarom zing ik vol vreugd' dit lied. Zing halleluja, halleluja, zing halleluja. Halleluja, halleluja, amen. Want God maakte het dal tot een deur der hoop. Daarom zing ik vol vreugd' dit lied. Opwekking 267 : 1-2 1 Groot is de Heer, Hij is heilig en goed. Door zijn kracht staan wij vast in zijn liefde. Groot is de Heer, Hij's waarachtig en trouw. Door genade bewijst Hij zijn liefde. 2 Groot is de Heer en waard onze lofprijs. Groot is de Heer en waard onze eer. Groot is de Heer, verhef dan je stem, verhef dan je stem. Groot is de Heer. Groot is de Heer. Opwekking 268 : 1-8 1 Hij kwam bij ons, heel gewoon, de Zoon van God als mensenzoon. Hij diende ons als een knecht en heeft zijn leven afgelegd. Refrein: Zie onze God, de Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept om te dienen iedere dag, gedragen door zijn liefd' en kracht. 2 En in de tuin van de pijn verkoos Hij als een lam te zijn, verscheurd door angst en verdriet maar toch zei Hij: 'Uw wil geschied'. Refrein: Zie onze God, de Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept om te dienen iedere dag, gedragen door zijn liefd' en kracht. 3 Zie je de wonden zo diep. De hand die aard' en hemel schiep, vergaf de hand die Hem sloeg. De Man, die onze zonden droeg. Refrein: Zie onze God, de Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept om te dienen iedere dag, gedragen door zijn liefd' en kracht. 4 Wij willen worden als Hij. Elkanders lasten dragen wij. Wie is er ned'rig en klein? Die zal bij ons de grootste zijn. Refrein: Zie onze God, de Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept om te dienen iedere dag, gedragen door zijn liefd' en kracht. 5 Zie je de wonden zo diep. De hand die aard' en hemel schiep, vergaf de hand die Hem sloeg. De Man, die onze zonden droeg. 6 Zie onze God, de Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept om te dienen iedere dag, gedragen door zijn liefd' en kracht. 7 Wij willen worden als Hij. Elkanders lasten dragen wij. Wie is er ned'rig en klein? Die zal bij ons de grootste zijn. 8 Zie onze God, de Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept om te dienen iedere dag, gedragen door zijn liefd' en kracht. Opwekking 269 : 1 Baruch ha-Shem Adonai, Baruch ha-Shem Adonai. Gezegend zij de naam van de Heer. Baruch ha-Shem Adonai. Opwekking 270 : 1-2 1 Wie is God behalve onze Heer? En wie is een rots behalve onze God? Een schuilplaats en een schild, een burcht en een bevrijder is Hij, voor wie vertrouwen op Hem. 2 Wie is God behalve onze Heer? En wie is een rots behalve onze God? Hij sterkt mij in de strijd en doet mij overwinnen keer op keer, ik geef voor eeuwig Hem de eer. Opwekking 271 : 1 Want U bent machtig, Koning en God. U bent de Vredevorst, eeuwig en trouw. Heer, wij staan voor U, geprezen zij uw naam. Wij zien U in uw heerlijkheid en buigen voor uw troon. U bent de Heer en wij willen U behagen. Wij brengen U de eer met heel ons hart. Opwekking 272 : 1-2 1 Ik dank U wel, mijn Vader dat U voleinden zal wat U begon in mij. Ik dank U wel, mijn Vader dat U voleinden zal wat U begon in mij. 2 Want door uw majesteit en uw lankmoedigheid kan ik vertrouwen op U. Door uw zachtmoedigheid, uw trouw en liefde kan ik vertrouwen op U. Opwekking 273 : 1 Lofoffers brengen wij aan U in uw huis, o Heer. Lofoffers brengen wij aan U in uw huis, o Heer. En wij brengen aan U een offer van dankzegging. En wij brengen aan U een offer van vreugd'! Opwekking 274 : 1-3 1 God is goed, komt, zingt en jubelt. God is goed, zo vieren wij. God is goed, er is geen twijfel. God is goed, dit weten wij. 2 En als ik nu aan zijn liefde denk wordt mijn hart zo blij dat ik wil gaan dansen. Want in zijn hart is ook plaats voor mij en ik ren als een kind naar Hem toe. 3 God is goed, komt zingt en jubelt. God is goed, zo vieren wij. God is goed, er is geen twijfel. God is goed, dit weten wij. Opwekking 275 : 1 Wij zijn hier gekomen met lofzang in het hart. Alles wat U toekomt hebben wij gebracht. Hier is onze liefde die naar U verlangt. Alles binnen in ons roept: ‘Abba Vader. Help ons U te geven vreugde en genoegen. Dat U steeds mag horen: Ik hou van U.' Opwekking 276 : 1-6 1 Laat heel de wereld het zien, maak de volk'ren weer blij door de klank van zijn stem. Heuvels en dalen breek uit! Kom en juich, zing het luid! Klap je handen voor Hem! 2 Refrein: Liefde en recht zal Hij brengen op aard', een eeuwige heerschappij. In onze hand ligt een tweesnijdend zwaard. 't Woord van de waarheid maakt vrij. Het maakt vrij. 3 Laat heel de wereld het zien, maak gevangenen vrij, breng de eenzamen thuis. Heel satans bolwerk stort neer, door 't gebed tot de Heer, door de kracht van het kruis. 4 Refrein: Liefde en recht zal Hij brengen op aard', een eeuwige heerschappij. In onze hand ligt een tweesnijdend zwaard. 't Woord van de waarheid maakt vrij. Het maakt vrij. 5 Laat heel de wereld nu staan vol ontzag voor zijn naam, zing het lied dat Hem eert. Wees niet meer stil, zeg het voort tot de wereld het hoort: Jezus regeert! 6 Refrein: Liefde en recht zal Hij brengen op aard', een eeuwige heerschappij. In onze hand ligt een tweesnijdend zwaard. 't Woord van de waarheid maakt vrij. Het maakt vrij. Opwekking 277 : 1-3 1 Machtig God, sterke Rots, U alleen bent waardig. Aard' en hemel prijzen U, glorie voor uw naam. 2 Lam van God, hoogste Heer, heilig en rechtvaardig, stralend Licht, Morgenster, niemand is als U. 3 Prijst de Vader, prijst de Zoon. Prijst de Geest, die in ons woont. Prijst de Koning der heerlijkheid. Prijst Hem tot in eeuwigheid. Opwekking 278 : 1-2 Juicht de Here, gij ganse aarde, dient de Here met vreugde. Juicht de Here, gij ganse aarde, dient de Here met vreugde. Komt voor zijn aangezicht met gejubel. Erkent, dat de Here God is; Hij heeft ons gemaakt, en Hem behoren wij. Gaat met een loflied zijn poorten binnen, zijn voorhoven met een lofgezang. Gaat met een loflied zijn poorten binnen, zijn voorhoven met een lofgezang. Looft Hem, prijst zijn naam. Looft Hem, prijst zijn naam. Opwekking 279 : 1 Ik wil zingen halleluja, halleluja voor de Heer. Ik wil zingen halleluja, halleluja voor de Heer. Waardig, waardig, waardig is de Heer der heren. Waardig, waardig, waardig is de Heer. Opwekking 280 : 1 Majesteit, wij eren U, Majesteit. Glorie en eer brengen wij Heer, voor uwe majesteit. Majesteit, wij eren U, Majesteit. Koning en Heer, 'k buig voor U neer, Koning in eeuwigheid. Opwekking 281 : 1 Als een hert dat verlangt naar water, zo verlangt mijn ziel naar U. U alleen kunt mijn hart vervullen, mijn aanbidding is voor U. U alleen bent mijn kracht, mijn schild. Aan U alleen geef ik mij geheel. U alleen kunt mijn hart vervullen, mijn aanbidding is voor U. Opwekking 282 : 1-2 1 Refrein: 'k Zegen U, Heer, God van hemel en aarde, U bent mijn Vader, liefdevol in goedheid. Ik maak gevangenen los, Ik maak blinden ziende, gebogenen richt Ik op, mijn trouw is tot in eeuwigheid. 2 Ik genees de verbrokenen, Ik verbind hun wonden, de walmende vlaspit doof Ik niet, het geknakte riet verbreek Ik niet. Shalom, shalom, shalom. Shalom, shalom, shalom. Opwekking 283 : 1-3 1 Refrein: Eer aan de Vader, eer aan de Zoon, eer aan de Geest van God, halleluja! Miljoenen eng'len voor zijn troon aanbidden Hem, de grote Koning. 2 Refrein: Eer aan de Vader, eer aan de Zoon, eer aan de Geest van God, halleluja! Het Lam van God is waardig te ontvangen sterkte, lof en heerlijkheid. 3 Refrein: Eer aan de Vader, eer aan de Zoon, eer aan de Geest van God, halleluja! Kom Schepper Geest, vervul ons leven. Gij Trooster uit de Vader. Opwekking 284 : 1-2 1 Maak groot de Here, onze God, de Rots. Zijn werken zijn volmaakt en al zijn wegen recht. Maak groot de Here, onze God, de Rots. Zijn werken zijn volmaakt en al zijn wegen recht. Een God van trouw is Hij en volmaakt in liefde. Goed en rechtvaardig is Hij. 2 Een God van trouw is Hij en volmaakt in liefde. Goed en rechtvaardig is Hij. Opwekking 285 : 1 Ik hou van U, o Heer, U bent mijn rots, mijn sterkte, en mijn bevrijder. Mijn God, mijn rots, bij wie ik schuil, mijn schild en mijn vaste burcht. Ik riep tot U, o Heer, en werd gered. U bent waardig, zo waard dat wij U prijzen. Opwekking 286 : 1-2 1 Zing een vreugdelied voor onze Heer, halleluja, halleluja. Zing tot God met lof en roep verheugd: halleluja, halleluja. Zing een lied met cimbalen. Speel de harp, blaas bazuinen. Zing een vreugdelied voor onze Heer. Zing een vreugdelied voor onze Heer. 2 Wij zijn een volk door God verkoren, wij zijn een koninklijk priesterschap. Wij zijn een heilige natie, een volk, dat God toebehoort. Om te verkondigen de grote daden Gods. Om te verkondigen de grote daden Gods. Om te verkondigen de grote daden Gods. Hij bracht ons vanuit het duister tot in zijn wonderbaar licht. Opwekking 287 : 1-3 1 Prijs Hem, prijs Hem, geef Hem dank en eer. Prijs Hem, prijs Hem, prijs nu onze Heer. Refrein: Want de Heer is waardig om t'ontvangen onze eer. Want de Heer is waardig om t'ontvangen onze eer. 2 Prijs Hem, prijs Hem, prijs Hem met je stem. Prijs Hem, prijs Hem, leef tot eer van Hem. Refrein: Want de Heer is waardig om t'ontvangen onze eer. Want de Heer is waardig om t'ontvangen onze eer. 3 Prijs Hem, prijs Hem, maak zijn naam bekend. Prijs Hem, prijs Hem, geef Hem wat je bent. Refrein: Want de Heer is waardig om t'ontvangen onze eer. Want de Heer is waardig om t'ontvangen onze eer. Opwekking 288 : 1 Hef je hoofd omhoog, want de Koning komt. Buig nu voor Hem en aanbid Hem. Zing... (hosanna voor de Heer). Vol van heerlijkheid is zijn majesteit. Breng nu ere aan de Here. Hij, de Koning, komt. Opwekking 289 : 1 U hebt de overwinning behaald, triomfeerde over zond' en dood. En wij, uw kerk, verkondigen uw naam op aard'. Elke macht, die troont in de hel, beeft bij 't horen van uw heil'ge naam. O, de glorie van uw naam, de grootheid van uw naam, niets is gelijk aan de almacht van uw naam. U bent Jezus! U bent Heer! U bent God! Opwekking 290 : 1-2 1 Hemelse Vader, hoor, wij eren U, verhogen U op heel de aarde. Bouw uw rijk op de gezangen van uw volk Heer, al uw kind'ren roemen uwe naam. Gezegend zij de Heer, God almachtig, die was en is en komen zal. Gezegend zij de Heer, God almachtig, die leeft in eeuwigheid. 2 Gezegend zij de Heer, God almachtig, Die was en is en komen zal. Gezegend zij de Heer God almachtig, Die leeft in eeuwigheid. Opwekking 291 : 1 Vader God, ik ben vol lof en dank voor U. Vader God, mijn handen hef ik op naar U. Want uw macht en liefde Heer, verbazen mij, verbazen mij. En ik sta aanbiddend voor U, Vader God. Opwekking 292 : 1 Laat mijn leven tot eer zijn van uw naam. Dat mijn leven U eert en niet beschaamt. Maak mij vol van uw Geest, opdat ik elke dag tot uw glorie en eer leven mag. Opwekking 293 : 1-6 1 Bereidt de weg van de Heer, effent de baan in Jezus' naam. Hij zal de poorten van uw hart binnengaan. Hosanna, wij volgen de Heer. 2 Refrein: Wij zullen heel de aarde vullen met lof. Jezus is Heer, aan Hem alle eer. Wij willen Hem alleen, geen ander als Heer. Hosanna, wij volgen de Heer. 3 En Jezus komt weer terug, wij zullen Hem zien in al zijn pracht, vol glorie en macht, maar wij ervaren nu reeds zijn koningschap. Hosanna, wij dienen de Heer. 4 Refrein: Wij zullen heel de aarde vullen met lof. Jezus is Heer, aan Hem alle eer. Wij willen Hem alleen, geen ander als Heer. Hosanna, wij volgen de Heer. 5 Zijn rijk breekt krachtig baan. De schepping wordt vrij onder zijn heerschappij. Eens buigt zich elke knie en juicht elke tong: Hosanna, want Jezus is Heer. 6 Refrein: Wij zullen heel de aarde vullen met lof. Jezus is Heer, aan Hem alle eer. Wij willen Hem alleen, geen ander als Heer. Hosanna, wij volgen de Heer. Opwekking 294 : 1-7 1 Glorie, glorie, glorie aan het Lam. Glorie, glorie, glorie aan het Lam. Want Hij is waardig te ontvangen onze eer, het Lam op zijne troon. En onze stem verheffen wij tot Hem, het Lam op zijne troon. 2 Heilig, heilig, heilig is het Lam. Heilig, heilig, heilig is het Lam. Want Hij is waardig te ontvangen onze eer, het Lam op zijne troon. En onze stem verheffen wij tot Hem, het Lam op zijne troon. 3 Waardig, waardig, waardig is het Lam. Waardig, waardig, waardig is het Lam. Want Hij is waardig te ontvangen onze eer, het Lam op zijne troon. En onze stem verheffen wij tot Hem, het Lam op zijne troon. 4 Glorie, glorie, glorie aan het Lam. Glorie, glorie, glorie aan het Lam. 5 Waardig, waardig, waardig is het Lam. Waardig, waardig, waardig is het Lam. 6 Want Hij is waardig te ontvangen onze eer, het Lam op zijne troon. En onze stem verheffen wij tot Hem, het Lam op zijne troon. 7 Glorie, glorie, glorie aan het Lam. Glorie, glorie, glorie aan het Lam. Opwekking 295 : 1 Geef eer aan God in de hoge, Geef eer aan God in de hoge, want Hij alleen is waardig want Hij alleen is waardig om te ontvangen alle macht en glorie. om te ontvangen alle macht en glorie. Want Hij is de Koning der ere. Want Hij is de Koning der ere. Prijst de Heer. Prijst de Heer. Opwekking 296 : 1 U bent waardig, Heer Jehova. U bent waardig, Almachtig God. U bent waardig, onze Vader. U bent waardig, Lam van God. Opwekking 297 : 1 Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God heeft bereid, al wat God heeft bereid voor degenen, die van Hem houden. Zingt dan hallé, hallé, halleluja. Hallé, hallé, halleluja. Halleluja. Opwekking 298 : 1-4 1 Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Heer, ons hart is vol lof. Wij verhogen uw naam. Wees verheven, o Heer mijn God, hosanna in de hoge. 2 Glorie, glorie, glorie voor de Koning. Glorie, glorie, glorie voor de Koning. Heer, ons hart is vol lof. Wij verhogen uw naam. Wees verheven, o Heer mijn God, glorie voor de Koning. 3 Hosanna, hosanna, hosanna in the highest. Lord we lift up Your name. With our hearts full of praise. Be exalted, o Lord our God. Hosanna in the highest. 4 Glory, glory, glory to the King of kings! Lord we lift up Your name. 2x With our hearts full of praise. Be exalted, o Lord our God. Glory in the highest. Opwekking 299 : 1-6 1 Refrein: Wees blij, want Hij, Koning Jezus, de Hoop, de Vrede, woont in ons. Hij leeft, Hij leeft, zijn Geest is in ons. Sta op, o machtig leger. Hij regeert! 2 Nu is het tijd te bouwen aan zijn Koninkrijk, terug te nemen het land, dat Hij ons gaf. Hij komt in majesteit, brengt overwinning in de strijd. De wereld ziet: Hij is de Heer! 3 Refrein: Wees blij, want Hij, Koning Jezus, de Hoop, de Vrede, woont in ons. Hij leeft, Hij leeft, zijn Geest is in ons. Sta op, o machtig leger. Hij regeert! 4 God is aan 't werk in ons, volvoert in ons zijn plan, Hij bouwt een rijk, niet van woorden, maar van kracht. Al wat onmoog'lijk is, bewerkt Hij door zijn wonderen. De eer en glorie is aan Hem! 5 Refrein: Wees blij, want Hij, Koning Jezus, de Hoop, de Vrede, woont in ons. Hij leeft, Hij leeft, zijn Geest is in ons. Sta op, o machtig leger. Hij regeert! 6 Al zijn wij zwak, door zijn genade zijn wij sterk, wij zijn als klei en Hij vormt ons naar zijn beeld. Zelfs onze zwakheden keert Hij ten goede door zijn Geest en toont zijn glorie door ons heen! Opwekking 300 : 1-5 1 De aard' is van God en al wat daarin is. De aard' is van God, het werk van zijn hand. De aard' is van God en al wat daarin is. En alles schiep Hij tot zijn glorie. 2 Van Hem zijn de bergen, de zeeën en landen, de steden en dorpen, elk huis, elke straat. Laat wie rebelleert, zich buigen, Hem eren. Want alles schiep Hij tot zijn glorie. 3 De aard' is van God en al wat daarin is De aard' is van God, het werk van zijn hand De aard' is van God en al wat daarin is En alles schiep Hij tot zijn glorie. 4 Van Hem zijn de bergen, de zeeën en landen de steden, de dorpen, elk huis, elke straat. Laat wie rebelleert, zich buigen, Hem eren Want alles schiep Hij tot zijn glorie. 5 De aard' is van God en al wat daarin is De aard' is van God, het werk van zijn hand De aard' is van God en al wat daarin is En alles schiep Hij, ja alles schiep Hij en alles schiep Hij tot zijn glorie. Opwekking 301 : 1-2 Wij verklaren: Gods Koninkrijk is hier! Wij verklaren: Gods Koninkrijk is hier! In uw midden. In uw midden. De blinden en doven en lammen genezen; ziekte vlucht weg voor zijn stem. De doden staan op en Goed Nieuws voor de armen: Jezus is Koning, weest blij! Opwekking 302 : 1 Uw naam is als balsem voor 't hart. Jezus, Jezus, Jezus, Jezus. Uw naam is als balsem voor 't hart. Uw naam is als balsem voor 't hart. Opwekking 303 : 1 Jezus, ik houd van U, 'k heb U lief Heer, boven alle dingen. Al wat in mij is verlangt te zingen: Jezus, ik houd van U. Opwekking 304 : 1 Halleluja, Adonai. Halleluja, Adonai. Hosanna, hosanna. Halleluja, Adonai. Opwekking 305 : 1-2 1 Wees stil en weet, dat Hij is uw God. Wees stil, weet, dat Hij Koning is. Wees stil, mijn ziel en wacht op uw God. Wees stil en prijs zijn heil'ge naam. 2 Mijn ziel in mij juicht voor U met heilig, heilig. Mijn ziel in mij juicht voor U met heilig. Mijn ziel in mij juicht voor U met heilig, heilig, heilig is het Lam. Opwekking 306 : 1 Ons leven is uit God en vindt zijn doel in Hem. Ons leven is uit God en vindt zijn doel in Hem. Zing het uit van vreugd', jubel voor de Heer. Uit je liefde vrij, dans nu voor Hem. Zing het uit van vreugd', jubel voor de Heer. Uit je liefde vrij, halleluja. Opwekking 307 : 1-2 1 (v) Verblijdt u, zonen Gods, al gij zonen Gods en verheugt u in de Heer, uw God. (m) Al gij dochters, dochters van de Heer, danst in het rond en weest verheugd. Want de Heer heeft grote dingen gedaan. 2 Gaat dan met vreugde zijn poorten binnen en komt met lofzang in zijn heiligdom. Komt, prijst de Heer met ons, groot is zijn trouw aan ons. Zijn woord is vlees geworden onder ons. Opwekking 308 : 1-4 1 O laat Gods Zoon je thans omhullen met zijn liefde en zijn Geest. Laat je hart en ziel gevuld zijn door de Heer. O geef Hem alles wat je vasthoudt en zijn Geest zal als een duif op je leven dalen met godd'lijke kracht. 2 Refrein: Jezus, o Jezus, kom en vul ons hart. Jezus, o Jezus, kom en vul ons hart. 3 O kom en zing dit lied met blijdschap, met een hart vol van vreugd'. Hef je handen in aanbidding naar omhoog. O geef Hem al je pijn en moeite en de jaren van verdriet en nieuw leven vangt dan aan in Jezus' naam. 4 Refrein: Jezus, o Jezus, kom en vul ons hart. Jezus, o Jezus, kom en vul ons hart. Opwekking 309 : 1 Geef Hem nu glorie en lofprijs en ere, glorie en lofprijs aan Jezus. Glorie, ere, glorie en ere aan Hem. Opwekking 310 : 1 U bent het lied van mijn hart. U bent de liefde van mijn leven en U komt spoedig terug, als een lied in de nacht. Over de bergen en de heuvels diep in de dalen klinkt uw stem. Ik kan U horen, mijn Geliefde, het bruiloftslied! Opwekking 311 : 1-3 1 'k Heb geloofd en daarom zing ik, daarom zing ik van gena. Van ontferming en verlossing, door het bloed van Golgotha. Daarom zing ik U, die stervend alles, alles hebt volbracht. Lam Gods, dat de zonden wegneemt, Lam van God, voor ons geslacht. 2 'k Heb geloofd in U, wie d'aarde met haar doornen heeft gekroond, maar die nu, gekroond met ere, aan Gods rechterzijde troont. U, aan wiens doorboorde voeten, eenmaal in het gans heelal, hier, daarboven en hieronder, alle knie zich buigen zal. 3 Ja, 'k geloof en daarom zing ik, daarom zing ik U ter eer, 's werelds Heiland, Hogepriester, aller heren Opperheer! Zoon van God en Zoon des mensen, o, kom spoedig in uw kracht, op des hemels wolken weder! Kom, Heer Jezus, kom, ik wacht. Opwekking 312 : 1-5 1 Mildheid en majesteit God in zijn waardigheid werd in zachtmoedigheid een mens zoals wij. Heer van de eeuwigheid, teder en toegewijd wast ons de voeten, Hij werd nederig en klein. 2 Refrein: O, wat een heerlijkheid, mildheid en majesteit. Kom en aanbid Hem want dit is uw God. Dit is uw God. 3 Vaders voorzienigheid, beeld van zijn zuiverheid, leerde gehoorzaamheid al was Hij de Zoon. Droeg elke marteling toen Hij door 't lijden ging, bad bij zijn kruisiging: 'vergeef wat ze doen'. 4 Refrein: O, wat een heerlijkheid, mildheid en majesteit. Kom en aanbid Hem want dit is uw God. Dit is uw God. 5 Wijsheid uitzonderlijk God ondoorgrondelijk heeft ons zo wonderlijk zijn liefde betoond. Brengt ons barmhartigheid. Schenkt ons standvastigheid. Tilt onze menselijkheid omhoog tot zijn troon. Opwekking 313 : 1-4 1 In een donker graf gevangen greep de dood Hem aan. Jezus brak de sterkste banden. Hij is opgestaan! Refrein: Overwinnaar (Overwinnaar). Hij is verrezen (Hij is verrezen). Overwinnaar (Overwinnaar). Hij regeert in eeuwigheid. 2 Overweldigd door het duister, leek Hij neergeveld. Door zijn bloed brak Hij de macht van zonde, dood en hel. Refrein: Overwinnaar (Overwinnaar). Hij is verrezen (Hij is verrezen). Overwinnaar (Overwinnaar). Hij regeert in eeuwigheid. 3 Niemand hoeft de dood te vrezen, liefde keert het tij. Wie gevangen zit in 't duister: Christus maakt u vrij! Refrein: Overwinnaar (Overwinnaar). Hij is verrezen (Hij is verrezen). Overwinnaar (Overwinnaar). Hij regeert in eeuwigheid. 4 Naar de hemel opgevaren draagt Hij nu zijn kroon. Laat het door de wereld klinken: glorie voor Gods Zoon! Opwekking 314 : 1-3 1 Geprezen zij de Heer voor zijn liefde en kracht. Geprezen zij de Heer. Hij heeft alle macht. 2 Wij verhogen U Heer met een hart vol vreugd', en wij geven U eer, U die ons verheugt. Wij verhogen U Heer met een hart vol vreugd', en wij geven U eer, U die ons verheugt. 3 Geprezen zij de Heer voor zijn lankmoedigheid. Geprezen zij de Heer voor zijn heiligheid. Opwekking 315 : 1 Heer, uw bloed dat reinigt mij, doet mij leven en maakt mij vrij. Heer, uw bloed dat nam mijn plaats in het offer dat U bracht. En U wast mij witter dan de sneeuw, dan de sneeuw. Mijn Jezus, Gods Lam voor mij geslacht. Opwekking 316 : 1-4 1 Bij uw rivier wil ik komen, o Heer, bij uw rivier wil ik komen, o Heer, bij uw rivier wil ik komen, o Heer, komen, o Heer, komen, o Heer, komen, o Heer. 2 Uit uw rivier wil ik drinken, o Heer, uit uw rivier wil ik drinken, o Heer, uit uw rivier wil ik drinken, o Heer, drinken, o Heer, drinken, o Heer, drinken, o Heer. 3 Van uw rivier wil ik leven, o Heer, van uw rivier wil ik leven, o Heer, van uw rivier wil ik leven, o Heer, leven, o Heer, leven, o Heer, leven, o Heer. 4 Bij uw rivier wil ik komen, o Heer, uit uw rivier wil ik drinken, o Heer, van uw rivier wil ik leven, o Heer, komen, o Heer, drinken, o Heer, leven, o Heer. Opwekking 317 : 1-7 1 Ik zal mijn water gieten op dorstig land. Ik breng een vloed over droge grond. Ik giet mijn Geest over al uw kinderen stromen van zegen in overvloed. 2 Refrein: Stroom van levend water, kom en maak ons rein. Stroom van levend water dat reinigt het hart en de ziel. 3 Israël mijn dienstknecht, Ik ben uw Formeerder. Ik delg uw overtredingen uit. Nee, Ik vergeet u niet, keer weer terug naar Mij. Mijn helend water doorstroomt u opnieuw. 4 Refrein: Stroom van levend water, kom en maak ons rein. Stroom van levend water dat reinigt het hart en de ziel. 5 Ik ben de Heer, ja de Alpha en Omega, Rots en Verlosser, wie is als Ik. Hemel en aarde verheug u en zing uw lied. Neem levend water in stromen om niet. 6 Refrein: Stroom van levend water, kom en maak ons rein. Stroom van levend water dat reinigt het hart en de ziel. 7 Stroom van levend water dat verzadigt de ziel. Opwekking 318 : 1-3 1 Eet het brood met Mij, drink de wijn met Mij. Tussen de vleugels van de Cherubim, deel het maal met Mij. Eet het brood met Mij, drink de wijn met Mij. Tussen de vleugels van de Cherubim, deel het maal met Mij. 2 Wij aanbidden U, wij aanbidden U. Tussen de vleugels van de Cherubim, aanbidden wij U. Wij aanbidden U, wij aanbidden U. Tussen de vleugels van de Cherubim, aanbidden wij U. 3 Ik ontmoet je daar, Ik ontmoet je daar. Tussen de vleugels van de Cherubim, daar ontmoet Ik jou. Ik ontmoet je daar, Ik ontmoet je daar. Tussen de vleugels van de Cherubim, daar ontmoet Ik jou. Opwekking 319 : 1 Veni Creator Spiritus. Veni Creator Spiritus. Veni Creator, veni Creator. Veni Creator Spiritus. Opwekking 320 : 1-4 1 Ere zij aan God, de Vader, ere zij aan God, de Zoon, eer de Heil'ge Geest, de Trooster, de Drie-een'ge in zijn troon. Halleluja, halleluja, de Drie-een'ge in zijn troon. 2 Ere zij aan Hem, wiens liefde ons van alle smet bevrijdt, eer zij Hem die ons gekroond heeft, koningen in heerlijkheid. Halleluja, halleluja, ere zij het Lam gewijd. 3 Ere zij de Heer der eng'len, ere zij de Heer der kerk, ere aan de Heer der volken; aard' en hemel looft uw werk! Halleluja, halleluja, looft de Koning, heel zijn kerk. 4 Halleluja, lof, aanbidding brengen eng'len U ter eer heerlijkheid en kracht en machten legt uw schepping voor U neer. Halleluja, halleluja, lof zij U, der heren Heer! Opwekking 321 : 1-7 1 Refrein: Jubel, jubel dochter Sions, juich van harte Israël. Kom verheug u en wees vrolijk, dochter van Jeruzalem! 2 Uw gerichten heeft Hij weggenomen De vijand weggevaagd. Ja de Here, Koning Israëls, is in uw midden, dus vrees niet. 3 Refrein: Jubel, jubel dochter Sions, juich van harte Israël. Kom verheug u en wees vrolijk, dochter van Jeruzalem! 4 Op die dag zal worden gezegd tot Jeruzalem: vrees niet Sion, Sion, Sion, laten uw handen niet verslappen. 5 Refrein: Jubel, jubel dochter Sions, juich van harte Israël. Kom verheug u en wees vrolijk, dochter van Jeruzalem! 6 De Heer uw God is in uw midden, een Held die verlost. Hij zal zich over u met vreugd' verblijden, met gejubel over u juichen! 7 Refrein: Jubel, jubel dochter Sions, juich van harte Israël. Kom verheug u en wees vrolijk, dochter van Jeruzalem! Opwekking 322 : 1 De Heer is mijn kracht en mijn lied. De Heer is mijn heil en mijn verlosser. Hij is mijn God. Ik wil Hem bereiden mijn hart, Ik wil Hem bereiden mijn hart, Ik wil Hem bereiden mijn hart. De Heer, Hij regeert voor eeuwig en eeuwig, amen, voor eeuwig en eeuwig, amen. Opwekking 323 : 1-2 1 Aan Hem die zit op de troon, en aan het Lam, Aan Hem die zit op de troon, en aan het Lam, 2 komt zegen en glorie en ere en macht toe, voor eeuwig. komt zegen en glorie en ere en macht toe, voor eeuwig. Opwekking 324 : 1 Ik wil komen en knielen aan uw voeten Heer Jezus. In uw nabijheid is volheid van vreugd. Er is niemand, niets en niemand die mij zo vervullen kan. 'k Vind mijn vreugde in U alleen, o Heer. Opwekking 325 : 1 O, de glorie van uw wezen, doet vervullen die U vrezen. Uw nabijheid, o Heer brengt aanbidding steeds weer. Als uw liefde ons hart omhult en uw glorie dit huis vervult. Opwekking 326 : 1-2 1 Ik verhoog uw naam, ver boven heel de aard'. Ik verhoog uw naam, ver boven heel de aard'. 2 U wil ik zingen, Heer de lofzang van mijn hart. U wil ik zingen, Heer de lofzang van mijn hart. Opwekking 327 : 1 Jezus, ik hou van U. Ik buig mij nu voor U. Lofprijs, aanbidding, voor mijn Heer! Halleluja, halleluja. Halleluja, hallelu. Opwekking 328 : 1 Heer, ontferm U over ons. Kom en heel ons land. Reinig met uw vuur. Raak ons nu aan. Wij buigen neer en roepen tot U, Heer. O Heer, ontferm U over ons, o Heer, ontferm U over ons, o Heer, ontferm U over ons. Opwekking 329 : 1-2 1 U bent Heer van de schepping en Heer van mijn hart. Heer van het land en de zee. U bent Here der heem'len van voor alle tijd en Heer aller heren blijft Gij. 'k Buig mij neer en aanbid U, o Heer. 'k Buig mij neer en aanbid U, o Heer. 'k Buig mij neer en aanbid U, o Heer. Heer aller heren blijft Gij. 2 U bent Koning der schepping, van alles wat leeft. Koning van 't land en de zee. U bent Koning der heem'len van voor alle tijd en Koning voor eeuwig zijt Gij. 'k Buig mij neer en ik kroon U, o Heer. 'k Buig mij neer en ik kroon U, o Heer. 'k Buig mij neer en ik kroon U, o Heer. Koning voor eeuwig zijt Gij. Opwekking 330 : 1-3 1 Gods bazuinen klinken luid: op de bressen stel niet uit. Verzamelt u en sluit de rij. Verkondig Jezus' heerschappij. 2 Gods bazuinen klinken luid: wachters op de muur, zie uit. Eén hand die het zwaard hanteert, de ander die de Heer vereert. 3 Kom met uw pracht en uw luister. Kom met uw naam vol van kracht. Kom, zend uw licht in het duister, Heer, U bezit alle macht! Heer, U bezit alle macht! Opwekking 331 : 1-3 1 Breng dank aan de Eeuwige, breng dank aan de Heilige, breng dank aan onze Vader die ons Jezus zond. Breng dank aan de Eeuwige, breng dank aan de Heilige, breng dank aan onze Vader die ons Jezus zond. 2 Want nu zegt de zwakke: ik ben sterk, zegt de arme: ik ben rijk, om wat de Here heeft gedaan voor ons. Want nu zegt de zwakke: ik ben sterk, zegt de arme: ik ben rijk, om wat de Here heeft gedaan voor ons. Breng dank. 3 Breng dank. Opwekking 332 : 1 U, o Heer, bent de Allerhoogste. Want U bent de Hogepriester. U regeert over alles wat leeft. Wij aanbidden U en knielen voor U neer. Opwekking 333 : 1-2 1 Heer, U bent El Elohim. Daarom kom ik tot U. Heer, U bent El Elohim, ik aanbid U. 2 Toon mij uw glorie, toon mij wie U bent. Toon mij uw glorie. 'k Wil U kennen, Heer. Opwekking 334 : 1-6 1 Heer, uw licht en uw liefde schijnen waar U bent zal de nacht verdwijnen. Jezus, Licht van de wereld, vernieuw ons. Levend Woord, ja uw waarheid bevrijdt ons. Schijn in mij, schijn door mij. 2 Refrein: Kom, Jezus kom, vul dit land met uw heerlijkheid. Kom Heil'ge Geest, stort op ons uw vuur. Zend uw rivier, laat uw heil heel de aard' vervullen. Spreek, Heer, uw woord: dat het licht overwint. 3 Heer, 'k wil komen in uw nabijheid. Uit de schaduwen in uw heerlijkheid. Door het bloed mag ik U toebehoren. Leer mij, toets mij, uw stem wil ik horen. Schijn in mij, schijn door mij. 4 Refrein: Kom, Jezus kom, vul dit land met uw heerlijkheid. Kom Heil'ge Geest, stort op ons uw vuur. Zend uw rivier, laat uw heil heel de aard' vervullen. Spreek, Heer, uw woord: dat het licht overwint. 5 Staan wij oog in oog met U Heer. Daalt uw stralende licht op ons neer. Zichtbaar, tastbaar wordt U in ons leven. U volmaakt wie volkomen zich geven. Schijn in mij, schijn door mij. 6 Refrein: Kom, Jezus kom, vul dit land met uw heerlijkheid. Kom Heil'ge Geest, stort op ons uw vuur. Zend uw rivier, laat uw heil heel de aard' vervullen. Spreek, Heer, uw woord: dat het licht overwint. Opwekking 335 : 1-6 1 U bent waardig te ontvangen de glorie van uw naam. Want U bent de Heer der heerlijkheid, de Schepper van 't heelal. 2 Refrein: Ik aanbid U, mijn leven geef ik U. Ik buig mij voor U neer. Ik aanbid U, mijn leven geef ik U. Ik buig mij voor U neer. 3 Als uw heil'ge Geest mij aanraakt, neemt U mijn noden weg, en ik hef mijn handen tot uw troon, genade gaf U mij. 4 Refrein: Ik aanbid U, mijn leven geef ik U. Ik buig mij voor U neer. Ik aanbid U, mijn leven geef ik U. Ik buig mij voor U neer. 5 Al mijn banden hebt U losgemaakt, U maakt gevang'nen vrij. Ik verhef mijn stem en prijs uw naam in alle eeuwigheid. 6 Refrein: Ik aanbid U, mijn leven geef ik U. Ik buig mij voor U neer. Ik aanbid U, mijn leven geef ik U. Ik buig mij voor U neer. Opwekking 336 : 1-2 1 Heilig, heilig, heilig is de Heer. Heilig, heilig, heilig is de Heer. die was en is en komen zal. Prijst Hem, want Hij volbracht het al. U bent heilig. Heilig, heilig is de Heer. Heilig, heilig, heilig is de Heer. 2 Waardig, waardig, waardig is de Heer. Waardig, waardig, waardig is de Heer. Aan U, gezeten op de troon, de eer en glorie, heil'ge Zoon. U bent waardig. Waardig, waardig is de Heer. Waardig, waardig, waardig is de Heer. Opwekking 337 : 1-3 1 Mijn hoop is op U Heer, mijn kracht is in U Heer, mijn hart is van U Heer, van U. Mijn hoop is op U Heer, mijn kracht is in U Heer, mijn hart is van U Heer, van U. 2 Ik prijs U met heel mijn hart, ik prijs U met al mijn kracht. Met heel mijn hart, met al mijn kracht, heel mijn hart is van U. 3 Mijn hoop is op U Heer, mijn kracht is in U Heer, mijn hart is van U Heer, van U. Opwekking 338 : 1-2 1 U bent mij zo kostbaar o Heer. U bent mij zo kostbaar o Heer. En ik houd van U, ja ik houd van U. Uw liefde trok mij aan. U bent zo genadig voor mij. U bent zo genadig voor mij. En ik houd van U, ja ik houd van U. Uw liefde trok mij aan. 2 U bent zo genadig voor mij. U bent zo genadig voor mij. En ik houd van U, ja ik houd van U. Uw liefde trok mij aan. Opwekking 339 : 1-2 1 O, kom nu en jubel, breng dank aan de Heer, en juich voor de Rots van ons heil. O, kom voor zijn aangezicht, breng Hem eer. Verheug Hem met snarenspel. Want de Heer is een groot God en de Koning van alles wat leeft. Want de Heer is een groot God en de Koning van alles wat leeft. 2 Want de Heer is een groot God en de Koning van alles wat leeft. Want de Heer is een groot God en de Koning van alles wat leeft. Opwekking 340 : 1-2 1 Vader, U bent mijn erfdeel voor altijd, want U bracht mij hoop en heerlijkheid, en ik hou van U, o ik hou van U, Heer, ik hou van U voor altijd. 2 Jezus, U bent mij dierbaar voor altijd, want U gaf uw hart en heiligheid, en ik hou van U, o ik hou van U, Heer, ik hou van U voor altijd. Opwekking 341 : 1 Open je hart, zie de schoonheid van de Heer, verhef je stem en geef Hem alle eer. Ik heb U lief, ik roep het uit: Halleluja, ik loof uw naam. Opwekking 342 : 1-4 1 Meer liefde, meer kracht. laat mij zijn zoals U. Meer liefde, meer kracht. laat mij zijn zoals U. 2 Ik aanbid U, Heer, met heel mijn hart. Ik aanbid U, Heer, met heel mijn verstand. Ik aanbid U Heer, met heel mijn kracht, want U bent mijn Heer. U bent mijn Heer. 3 More love, more power, more of You in my life. More love, more power, more of You in my life. 4 And I will worship You with all of my heart, and I will worship You with all of my mind, and I will worship You with all of my strength, for You are my Lord. You are my Lord. Opwekking 343 : 1 Heilige Geest van God, vul opnieuw mijn hart. Heilige Geest van God, vul opnieuw mijn hart. Vul mij opnieuw, vul mij opnieuw. Heilige Geest, vul opnieuw mijn hart. Opwekking 344 : 1 De Here bouwt aan Jeruzalem. De Here bouwt aan Jeruzalem. Als een veilig oord voor de kind'ren van Israël, olie voor hun hoofd, balsem voor hun ziel. De Here bouwt, de Here bouwt aan Jeruzalem. Opwekking 345 : 1-3 1 Jezus het Lam, Jezus het Lam, volmaakt en onbevlekt. Uw bloed heeft ons geheiligd, uw bloed maakte ons vrij. Uw bloed heeft ons geheiligd, uw bloed maakte ons vrij. 2 Jezus ons Lam, Jezus ons Lam, U bent ons Offerlam. Uw lichaam verbroken, maakte ons heel. Uw bloed maakte ons vrij. Uw lichaam verbroken, maakte ons heel. Uw bloed maakte ons vrij. 3 Jezus het Lam, voor ons geslacht, is opgestaan uit de dood. Samen herdenken en danken wij U, wij aanbidden U. Samen herdenken en danken wij U, wij aanbidden U. Opwekking 346 : 1-5 1 Maak ons tot een stralend licht voor de volken, een stralend licht voor de mensen om ons heen. Tot de wereld ziet wie haar het leven geeft. Laat het schijnen door ons heen. 2 Maak ons tot een woord van hoop voor de volken, een levend woord voor de mensen om ons heen. Tot de wereld weet dat U verlossing geeft. Uw genade door ons heen. 3 Maak ons tot een zegening voor de volken, een zegening voor de mensen om ons heen. Tot de wereld weet wie elke schuld vergeeft. Uw genezing door ons heen. 4 Maak ons tot een vrolijk lied voor de volken, een lied van dank voor de mensen om ons heen. Tot de wereld zingt voor degeen die eeuwig leeft. Laat het klinken door ons heen. 5 En bouw uw koninkrijk in de volken, uw wil geschied' in de mensen om ons heen. Tot de wereld weet dat Jezus Christus heerst. Bouw uw koninkrijk in ons. Bouw uw koninkrijk op aard'! Opwekking 347 : 1-4 1 Ik geloof in God de Vader, Schepper, die de schepping draagt. In zijn Zoon, in Christus Jezus die, geboren uit een maagd, aan het kruis de wereld redde, onze zonden op zich nam. Opgestaan en opgevaren troont Hij aan Gods rechterhand. 2 Jezus, Hij is Heer, Hij is Heer. Jezus, Hij is Heer, Hij is Heer. Jezus, Hij is Heer, Hij is Heer. Jezus, Hij is Heer, Hij is Heer. Naam aller namen, naam aller namen. 3 Ik geloof in God de Trooster, gaven van de Heil'ge Geest, die Gods woord aan ons bevestigt: gaat en predikt en geneest. Als Hij komt met macht en luister zal de mensheid voor Hem staan. Dan zal elke knie zich buigen, elke tong belijdt zijn naam: 4 Jezus, U bent Heer, U bent Heer. Jezus, U bent Heer, U bent Heer. Jezus, U bent Heer, U bent Heer. Jezus, U bent Heer, U bent Heer. Naam aller namen, naam aller namen. Opwekking 348 : 1-2 1 Heer van mijn hart, Heer van mijn hart, ik kniel aanbiddend in de schaduw van uw troon. 2 Heer van mijn hart, Heer van mijn hart, in uw nabijheid klinkt één lied: U alleen bent Heer. Opwekking 349 : 1-2 1 Hij is verheerlijkt, als Koning verheven, zo hoog, 'k zal Hem prijzen. Hij is verheerlijkt, voor eeuwig verheerlijkt en ik verhoog zijn naam. 2 Hij is mijn God, zijn waarheid houdt eeuwig stand. Hemel en aard' verheugen zich in zijn naam. Hij is verheerlijkt, als Koning verheven, zo hoog. Opwekking 350 : 1-4 1 Vader, vol van vrees en schaamte, buigen wij voor U. Heel uw werk door ons vertreden, klaagt ons, mensheid aan bij U. 2 Heer ontferm U over ons, die schuldig voor U staan. U bent onze God en Redder, neem ons in uw liefde aan. 3 Vader, in dit uur der waarheid, keren w'ons tot U. O, vergeef ons, Heer herstel ons, maak ons hart en leven nieuw. 4 Vul ons met uw heil'ge Geest, geef vuur en kracht steeds weer. Ieder zal uw macht aanschouwen, dat wij uw naam verhogen Heer. Opwekking 351 : 1-3 Jezus geeft een loflied in ons - hart. Jezus geeft een loflied in ons - hart. 't Is een lied van vreugde, niemand - neemt het weg, Jezus geeft een loflied - in ons hart. Jezus leert ons samen zijn in - harmonie. Jezus leert ons samen zijn in - harmonie. Zoveel mensen, zoveel harten - Hij maakt ons één. Jezus leert ons samen zijn - in harmonie. Jezus leert ons samenleven - als gezin. Jezus leert ons samenleven - als gezin. Door zijn liefde groeit de liefde - voor iedereen. Jezus bindt ons samen - als gezin. Opwekking 352 : 1-3 Christus, onze Heer, verrees, halleluja! Heil'ge dag na angst en vrees, halleluja! Die verhoogd werd aan het kruis, halleluja! bracht ons in Gods vrijheid thuis, halleluja! Prijst nu Christus in ons lied, halleluja! Die in heerlijkheid gebiedt, halleluja! Die aanvaardde kruis en graf, halleluja! Dat Hij zondaars 't leven gaf, halleluja! Maar zijn lijden en zijn strijd, halleluja! Heeft verzoening ons bereid, halleluja! Nu is Hij der heem'len Heer, halleluja! Eng'len juub'len Hem ter eer, halleluja! Opwekking 353 : 1-2 1 Kom met uw genade Heer, reinig ons door uw bloed. Kom met uw genade Heer, reinig ons door uw bloed. Geef ons uw vrede, waai met uw Geest. Geef ons uw vrede, en doorstroom ons opnieuw met uw Geest. 2 Kom met uw genade Heer, reinig ons door uw bloed. Kom met uw genade Heer, reinig ons door uw bloed. Geef ons uw vrede, waai met uw Geest. Geef ons uw vrede, en doorstroom ons opnieuw met uw Geest. Opwekking 354 : 1-7 Refrein: Glorie aan God, glorie aan God, glorie aan God, glorie aan God. Lof zij de Heer, Hem komt toe alle eer. Hij's het Lam dat regeert tot in eeuwigheid. Zijn woord is macht, heeft ons vrijheid gebracht. Wij aanbidden, wij knielen voor Jezus. Groot is zijn troon, eeuwig zijn kroon. Overwinnaar zal Hij zijn, over zonde, dood en pijn. Heel het rijk der duisternis, weet wie Jezus Christus is: Hij is de hoogste Heer! Refrein: Glorie aan God, glorie aan God, glorie aan God, glorie aan God. Kondigt het aan, door de kracht van zijn naam: Heel de aard' wordt vervuld van zijn glorie! Satan, hij beeft, want hij weet: Jezus leeft! Hij's verslagen, het Lam troont voor eeuwig! Jezus is Heer, Redder en Heer! Overwinnaar zal Hij zijn, over zonde, dood en pijn. Heel het rijk der duisternis, weet wie Jezus Christus is: Hij is de hoogste Heer! Refrein: Glorie aan God, glorie aan God, glorie aan God, glorie aan God. Opwekking 355 : 1 U die mij geschapen hebt. U wil ik aanbidden als mijn God. In voor- of tegenspoed, uw liefde doet mij zingen. U die mij geschapen hebt, U wil 'k danken hoe ik mij ook voel. En U gehoorzaam zijn. Heer, U bent mijn doel. Opwekking 356 : 1-2 1 Heer, ik wil U prijzen, 'k hef mijn handen op tot U, Heer. U bent alles voor mij, en ik verhoog uw heil'ge naam, o Heer. 2 Heer, ik wil U prijzen, 'k hef mijn handen op tot U, Heer. U bent alles voor mij, en ik verhoog uw heil'ge naam. Ik verhoog uw heil'ge naam. Ik verhoog uw heil'ge naam, o Heer. Opwekking 357 : 1-5 1 Refrein: Lof zij de Heer, die ons doet triomferen. Lof zij de Heer, die overwinnaar is! Lof zij de Heer, die ons doet triomferen. Lof zij de Heer, die overwinnaar is! 2 Wie de wereld overwinnen door het bloed van het Lam. Leggen hier hun leven af, zelfs tot in de dood. 't Woord van ons getuigenis, draagt in heel de wereld vrucht. Lichtend in de duisternis: Jezus komt terug! Jezus komt terug! 3 Refrein: Lof zij de Heer, die ons doet triomferen. Lof zij de Heer, die overwinnaar is! Lof zij de Heer, die ons doet triomferen. Lof zij de Heer, die overwinnaar is! 4 Door het bloed van onze Heiland zijn wij van de vloek bevrijd. Jezus' offer is voldoende, eens en voor altijd. Hij heeft satans macht gebroken, nam de dood zijn rechten af. Heeft het levend woord gesproken: Leef in eeuwigheid! Leef in eeuwigheid! 5 Refrein: Lof zij de Heer, die ons doet triomferen. Lof zij de Heer, die overwinnaar is! Lof zij de Heer, die ons doet triomferen. Lof zij de Heer, die overwinnaar is! Opwekking 358 : 1 Uw tederheid genas, wat er bitter in mij was. Uw heil neem ik aan, o Heer. Uw liefde overwon, keerde al mijn boosheid om. Uw heil neem ik aan, o Heer, uw heil neem ik aan, o Heer, uw heil neem ik aan, o Heer. Opwekking 359 : 1-4 1 De hemel juicht tot eer van de verrezen Heer. En alles buigt voor de schoonheid van de Heer. 2 In eeuwigheid zal Hij het Lam zijn op de troon. En daarom knielen wij uit eerbied voor Gods Zoon. 3 Kom zing met mij tot eer van de verrezen Heer. Hij kocht ons vrij met zijn leven en zijn eer. 4 In eeuwigheid zult Gij het Lam zijn op de troon. En daarom knielen wij uit eerbied voor Gods Zoon. Opwekking 360 : 1-2 1 Dit is heil'ge grond. We staan hier op heil'ge grond. Want de Heer is hier en Hij alleen is heilig. Dit is heil'ge grond. We staan hier op heil'ge grond. Want de Heer is hier en Hij alleen is heilig. 2 'k Hef mijn handen op, mijn heilige handen op, want de Heer is hier en Hij alleen is heilig. 'k Hef mijn handen op, mijn heilige handen op, want de Heer is hier en Hij alleen is heilig. Opwekking 361 : 1-2 1 Als David dans ik uit alle macht toen de ark werd teruggebracht. Voor God, de hoogste Koning. Als Miriam speel ik de tamboerijn, zingen, klappen en vrolijk zijn. Voor God, de hoogste Koning. Refrein: Heer, wij komen voor U, wij prijzen U in koor. Eren en aanbidden U, Jezus ging ons voor. 2 Ik loof de Heer zoals Juda deed, vóór het volk met de vijand streed. Voor God, de hoogste Koning. Ik juich als Jozua in zijn naam, macht en muur zullen wij verslaan. Voor God, de hoogste Koning. Refrein: Heer, wij komen voor U, wij prijzen U in koor. Eren en aanbidden U, Jezus ging ons voor. Opwekking 362 : 1-2 1 Baruch Ha Ba B'Shem Adonai. Halleluja! Baruch Ha Ba B'Shem Adonai. Halleluja! 2 Gezegend is hij die komt in de naam van de Heer. Gezegend is hij die komt in de naam van de Heer. Gezegend is hij die komt in de naam van de Heer. Gezegend is hij die komt in de naam van de Heer. Die komt in de naam van de Heer. Halleluja, halleluja. Opwekking 363 : 1 Kom laat ons buigen voor de Heer. Laat ons knielen en aanbidden onze Schepper. Kom laat ons buigen voor de Heer. Laat ons knielen en aanbidden onze Schepper. Want Hij is onze God, die ons leidt als een liefdevolle Herder. En wij zijn de schapen van zijn hand, ja, wij zijn de schapen van zijn hand. Opwekking 364 : 1-2 1 Prijs onze Heer, Hij alleen is de machtige God, vol van majesteit. Kom en buig neer, loof zijn heil'ge naam. Breng dan aan Hem, als een offer een zoete geur. De gebeden van je hart naar zijn troon. Geef Hem dank en eer. 2 De Heer almachtig, zijn liefde duurt voor eeuwig. Zijn trouw en goedheid gaan ons voor. Zijn kracht zal nimmer falen of ontbreken en zijn liefde blijft. Opwekking 365 : 1 'k Aanbid U, Heer, almachtig God. niemand is als U. 'k Aanbid U, Heer, o Vredevorst. Heel mijn hart verheerlijkt U. Ik dank U, Heer, U bent mijn gerechtigheid. 'k Aanbid U, Heer, almachtig God, niemand is als U. Opwekking 366 : 1-3 1 Kroon Hem met gouden kroon het Lam op zijne troon! Hoor, hoe het hemels loflied al verwint in heerlijk schoon. Ontwaak! Mijn ziel en zing van Hem, die voor u stierf. En prijs Hem in all' eeuwigheen die 't heil voor u verwierf. 2 Kroon Hem, der liefde Heer! Aanschouw Hem, hoe Hij leed. Zijn wonden tonen 't gans heelal wat Hij voor 't mensdom deed. De eng'len om Gods troon, all' overheid en macht, zij buigen dienend zich terneer voor zulke wond're pracht. 3 Kroon Hem, de Vredevorst! Wiens macht eens heersen zal van pool tot pool, van zee tot zee. 't Klinke over berg en dal. Als alles voor Hem buigt en vrede heerst alom, wordt d'aarde weer een paradijs. Kom, Here Jezus, kom! Opwekking 367 : 1-6 1 Als God zijn stem doet horen in Israël dan zien wij al zijn luister en macht. Kom naar de heilige berg van God. Zing dit feestlied in de nacht. 2 Refrein: Hij's de Machtige van Israël. De Machtige van Israël. Zijn stem wordt gehoord in de sterkte van zijn woord. De Machtige van Israël. 3 Dan toont Hij zijn kracht en de blinden zullen zien. De doven verstaan zijn stem. De tong van de stomme zal zingen in de nacht. De lamme zal dansen voor Hem. 4 Refrein: Hij's de Machtige van Israël. De Machtige van Israël. Zijn stem wordt gehoord in de sterkte van zijn woord. De Machtige van Israël. 5 De dorre woestijn zal gaan bloeien als een roos. De wildernis jubelt en lacht. Spreek tot het hart van wie moe is en bang: Wees sterk! De Heer vernieuwt uw kracht! 6 Refrein: Hij's de Machtige van Israël. De Machtige van Israël. Zijn stem wordt gehoord in de sterkte van zijn woord. De Machtige van Israël. Opwekking 368 : 1-5 1 Refrein: Hoor, o Israël de Heer, uw God is één God. Halleluja! Hoor, o Israël de Heer, uw God is één God. Halleluja! 2 En heb de Heer, uw God dan lief met heel uw ziel, met heel uw kracht. En geef Hem vreugde en verheug u met uw hele hart. 3 Er is geen and're Redder, geen and're Zaligmaker. O God van alle tijden. Wij willen steeds uw naam belijden. 4 Refrein: Hoor, o Israël de Heer, uw God is één God. Halleluja! Hoor, o Israël de Heer, uw God is één God. Halleluja! 5 Slot: Eén God. Halleluja! Opwekking 369 : 1-6 1 Door uw genade, Vader, mogen wij hier binnengaan. Niet door rechtvaardige daden, maar door het bloed van het Lam. 2 U roept ons in uw nabijheid en dankzij uw Zoon; dankzij het bloed dat ons vrijpleit, komen wij voor uw troon. komen wij voor uw troon. 3 Nooit konden wij zonder zonde voor U staan. Maar in uw Zoon zijn wij schoon door het bloed van het Lam. Nooit konden wij zonder zonde voor U staan. Maar in uw Zoon zijn wij schoon door het bloed van het Lam. 4 Door uw genade, Vader, mogen wij hier binnengaan. Niet door rechtvaardige daden, maar door het bloed van het Lam. 5 U roept ons in uw nabijheid en dankzij uw Zoon; dankzij het bloed dat ons vrijpleit, komen wij voor uw troon. komen wij voor uw troon. 6 U roept ons in uw nabijheid en dankzij uw Zoon; dankzij het bloed dat ons vrijpleit, komen wij voor uw troon. Opwekking 370 : 1-3 1 Een vaste Burcht is onze God, een toevlucht voor de zijnen. Al drukt het leed, al dreigt het lot, Hij doet zijn hulp verschijnen. De vijand rukt vast aan met opgestoken vaân. Hij draagt zijn rusting nog van gruwel en bedrog, maar zal als kaf verdwijnen. 2 Geen aardse macht begeren wij, die gaat wel ras verloren. Ons staat de sterke Held terzij, die God ons heeft verkoren. Vraagt gij zijn naam zo weet, dat Hij de Christus heet. Gods eengeboren Zoon, Verwinnaar op de troon. De zege is ons beschoren. 3 Gods woord houdt stand in eeuwigheid en zal geen duimbreed wijken. Beef, satan! Hij die ons geleidt zal u de vaân doen strijken! Delf vrouw en kind'ren 't graf. Neem goed en bloed ons af. Het brengt u geen gewin, wij gaan ten hemel in en erven koninkrijken! Opwekking 371 : 1-3 1 Refrein: Heer, U gaf aan mij uw vreugdeolie. Een lofgewaad in plaats van rouw. Een gouden kroon in plaats van as. Overwinning in plaats van verdriet. 2 Ik verblijd mij zeer in U, mijn ziel verheugt zich en zingt. Want U nam mijn lege leven en legde uw liefde erin. Refrein: Heer, U gaf aan mij uw vreugdeolie. Een lofgewaad in plaats van rouw. Een gouden kroon in plaats van as. Overwinning in plaats van verdriet. 3 Toen mijn leven doelloos en leeg was kwam U en gaf het weer zin. Nu 's mijn hart vol lof en aanbidding, want U maakte mij rijk binnenin. Refrein: Heer, U gaf aan mij uw vreugdeolie. Een lofgewaad in plaats van rouw. Een gouden kroon in plaats van as. Overwinning in plaats van verdriet. Opwekking 372 : 1-4 1 Refrein: U verzadigt mij met uw liefde, Heer. U vervult mij met uw Geest. Wat een rijkdom om van U te zijn. O Heer, mijn God, wat bent U groot. U bent de Herder die mijn ziel geneest. Een Vader die mij overvloedig geeft. Een schuilplaats waar ik telkens vrede vind. O Heer, mijn God, ik ben uw kind. 2 Refrein: U verzadigt mij met uw liefde, Heer. U vervult mij met uw Geest. Wat een rijkdom om van U te zijn. O Heer, mijn God, wat bent U groot. U kent mijn wezen en wat in mij leeft. U bent het die mij hoop en toekomst geeft. Uw hand leidt mij zodat ik leven vind. O Heer, mijn God, ik ben uw kind. 3 Refrein U verzadigt mij met Uw liefde, Heer. U vervult mij met Uw Geest. Wat een rijkdom om van U te zijn. O Heer, mijn God, wat bent U groot. 4 U kent mijn wezen en wat in mij leeft. U bent het die mij hoop en toekomst geeft. Uw hand leidt mij zodat ik leven vind. O Heer, mijn God, ik ben Uw kind. Opwekking 373 : 1 Voor de allerhoogste Heer knielen wij in ootmoed neer voor uw troon, uw hoog verheven troon. Heel ons wezen, ons verstand geven wij nu in uw hand. Maak ons met U verweven tot één volmaakt patroon, om het evenbeeld te worden van uw Zoon. Opwekking 374 : 1-6 1 Met hemelse wapens gaan wij door het land. Dit is de strijd van de Heer. Geen wapen gesmeed tegen ons houdt ooit stand. Want dit is de strijd van de Heer. 2 Refrein: Wij zingen: eer en glorie sterkte en macht aan de Heer! Wij zingen: eer en glorie sterkte en macht aan de Heer! 3 Komt de macht van het kwaad op ons aan als een vloed. Dit is de strijd van de Heer. Dan heft Hij het vaandel de kracht van zijn bloed. Want dit is de strijd van de Heer. 4 Refrein: Wij zingen: eer en glorie sterkte en macht aan de Heer! Wij zingen: eer en glorie sterkte en macht aan de Heer! 5 Brengt de vorst van het duister je kracht in het nauw. Dit is de strijd van de Heer. Houdt moed want de Heer brengt verlossing voor jou. Want dit is de strijd van de Heer. 6 Refrein: Wij zingen: eer en glorie sterkte en macht aan de Heer! Wij zingen: eer en glorie sterkte en macht aan de Heer! Opwekking 375 : 1-5 1 Refrein: De Heer regeert, de Heer regeert, de Heer regeert. Dat de aarde juicht, dat de aarde juicht, dat de aarde juicht. Dat het volk zich verheugt, want Hij regeert. 2 Het vuur dat voor Hem uitgaat, verteert zijn sterkste vijanden. De bergen zijn als was bij 't verschijnen van de Heer. bij 't verschijnen van de Heer. 3 Refrein: De Heer regeert, de Heer regeert, de Heer regeert. Dat de aarde juicht, dat de aarde juicht, dat de aarde juicht. Dat het volk zich verheugt, want Hij regeert. 4 De hemel toont zijn heerlijkheid. De volken zien zijn grootheid. Want U, o Heer, bent verheven boven al wat leeft. boven al wat leeft. 5 Refrein: De Heer regeert, de Heer regeert, de Heer regeert. Dat de aarde juicht, dat de aarde juicht, dat de aarde juicht. Dat het volk zich verheugt, want Hij regeert. Opwekking 376 : 1-5 1 Refrein: Maak ons een leger, o Heer. Roep al uw kinderen bij elkaar. Maak ons een leger, o Heer, dat uw rijk bekend maakt dat uw woord bewaart en uw heerlijkheid openbaart. 2 Eén hoop, één hart, één volmacht bindt mensen aan elkaar. Maak 't uitverkoren volk bereid. Laat ons uw grote opdracht vervullen met elkaar, in eenheid aan U toegewijd. 3 Refrein: Maak ons een leger, o Heer. Roep al uw kinderen bij elkaar. Maak ons een leger, o Heer, dat uw rijk bekend maakt dat uw woord bewaart en uw heerlijkheid openbaart. 4 O hoe bewond'renswaardig, hoe prachtig is uw plan, dat U ons hier gebruiken wilt. Barmhartig en genadig voert U het leger aan. Wij zullen gaan waar U beveelt. 5 Refrein: Maak ons een leger, o Heer. Roep al uw kinderen bij elkaar. Maak ons een leger, o Heer, dat uw rijk bekend maakt dat uw woord bewaart en uw heerlijkheid openbaart. Opwekking 377 : 1-4 1 Wat de toekomst brengen moge, mij geleidt des Heren hand; moedig sla ik dus de ogen naar het onbekende land. Leer mij volgen zonder vragen; Vader, wat Gij doet is goed! Leer mij slechts het heden dragen met een rustig, kalme moed! 2 Heer, ik wil uw liefde loven, al begrijpt mijn ziel U niet. Zalig hij, die durft geloven, ook wanneer het oog niet ziet. Schijnen mij uw wegen duister, zie, ik vraag U niet: waarom? Eenmaal zie ik al uw luister als ik in de hemel kom! 3 Laat mij niet mijn lot beslissen: zo ik mocht, ik durfde niet. Ach, hoe zou ik mij vergissen, als Gij mij de keuze liet! Wil mij als een kind behand'len, dat alleen de weg niet vindt: neem mijn hand in uwe handen en geleid mij als een kind. 4 Waar de weg mij brenge moge, aan des Vaders trouwe hand, loop ik met gesloten ogen naar het onbekende land. Opwekking 378 : 1-5 1 Ik wil jou van harte dienen en als Christus voor je zijn. Bid dat ik genade vind, dat jij het ook voor mij kunt zijn. 2 Wij zijn onderweg als pelgrims, vinden bij elkaar houvast. Naast elkaar als broers en zusters, dragen wij elkanders last. 3 Ik zal Christus' licht ontsteken als het duister jou omvangt. Ik zal jou van vrede spreken waar je hart naar heeft verlangd. 4 Ik zal blij zijn als jij blij bent, huilen om jouw droefenis. Al mijn leeftocht met je delen tot de reis ten einde is. 5 Dan zal het volmaakte komen als wij zingend voor Hem staan. Als wij Christus' weg van liefde en van lijden zijn gegaan. Opwekking 379 : 1-3 1 Heerlijk is uw naam, heerlijk is uw naam, hoog verheven en vol van kracht. Heerlijk is uw naam. Jezus, Jezus. Heerlijk is uw naam. 2 Heilig Lam van God, heilig Lam van God, dat de zonde der wereld droeg. Heilig Lam van God. Jezus, Jezus. Heilig Lam van God. 3 Waardig bent U, Heer, waardig bent U, Heer, alle macht en heerlijkheid. Alle lof en eer. Jezus, Jezus. Waardig bent U, Heer. Opwekking 380 : 1 Koning van Sjaloom. Morgenster, zo wonderschoon. Van uw majesteit zingt een lied in mijn hart altijd. Glorie en eer in Geest en waarheid, Heer. Groot is uw naam, een loflied hef ik aan. Ik leg mijn leven neer als offer van mijn liefde, Heer. Ik jubel en ik zing mijn God en Heer. Opwekking 381 : 1-4 1 De zaligheid is van God, die samen met het Lam regeert op zijn troon. Eer en rijkdom, wijsheid en macht. Heerlijkheid, sterkte en kracht. 2 Refrein: Zij onze God voor eeuwig en eeuwig. Zij onze God voor eeuwig en eeuwig. Zij onze God voor eeuwig en eeuwig. Amen! 3 En wij de verlosten zijn sterk door 't woord van ons getuigenis. En wij roepen uit: Eer en rijkdom, wijsheid en macht. Heerlijkheid, sterkte en kracht. 4 Refrein: Zij onze God voor eeuwig en eeuwig. Zij onze God voor eeuwig en eeuwig. Zij onze God voor eeuwig en eeuwig. Amen! Opwekking 382 : 1-8 1 O Heer, de nacht komt over ons. Het grote oordeel wacht tot U zult spreken. O Heer, kunt U nog aanzien hoe uw liefde wordt veracht, hoe mensen breken? 2 Refrein: Ontferm U Heer. Vergeef ons Heer. Genees ons Heer en maak uw kerk weer nieuw. Herstel het recht. Geef vrede. Doorstroom het land met uw gerechtigheid. 3 O Heer, waar is de vredesduif, of zijn haar vleugels lam, voorgoed gebroken? O Heer, wij bouwen oorlogstuig en kinderen gaan dood van brood verstoken. 4 Refrein: Ontferm U Heer. Vergeef ons Heer. Genees ons Heer en maak uw kerk weer nieuw. Herstel het recht. Geef vrede. Doorstroom het land met uw gerechtigheid. 5 O Heer, de macht van 't duister doet zijn gif van angst en haat op aarde stromen. O Heer, laat ons ontwaken met de liefde die bevrijdt. Laat uw rijk komen. 6 Refrein: Ontferm U Heer. Vergeef ons Heer. Genees ons Heer en maak uw kerk weer nieuw. Herstel het recht. Geef vrede. Doorstroom het land met uw gerechtigheid. 7 O Heer, toch zal het kruis voortaan als baken van de hoop boven ons land staan. Door het vuur zal men uw schoonheid zien en zal uw volk opnieuw voor U in brand staan. 8 Refrein: Ontferm U Heer. Vergeef ons Heer. Genees ons Heer en maak uw kerk weer nieuw. Herstel het recht. Geef vrede. Doorstroom het land met uw gerechtigheid. Opwekking 383 : 1-2 1 Geest van hierboven, leer ons geloven, hopen, liefhebben door uw kracht! Hemelse Vrede, deel U nu mede aan een wereld die U verwacht! Wij mogen zingen van grote dingen, als wij ontvangen al ons verlangen, met Christus opgestaan. Halleluja! Eeuwigheidsleven zal Hij ons geven, als wij herboren Hem toebehoren, die ons is voorgegaan. Halleluja! 2 Wat kan ons schaden, wat van U scheiden, Liefde die ons hebt liefgehad? Niets is ten kwade, wat wij ook lijden, Gij houdt ons bij de hand gevat. Gij hebt de zege voor ons verkregen, Gij zult op aarde de macht aanvaarden en onze Koning zijn. Halleluja! Gij, onze Here, doet triomferen die naar U heten en in U weten, dat wij Gods zonen zijn. Halleluja! Opwekking 384 : 1-4 1 De dag, door uwe gunst ontvangen, is weer voorbij, de nacht genaakt; en dankbaar klinken onze zangen tot U die 't licht en 't duister maakt. 2 Die dan, als onze beden zwijgen, als hier het daglicht onderduikt, weer nieuwe zangen op doet stijgen, ginds waar de nieuwe dag ontluikt. 3 Zodat de dank, U toegezonden, op aard' nooit onderbroken wordt, maar steeds opnieuw door mensenmonden gezongen en gesproken wordt. 4 Voorwaar, de aarde zal getuigen van U, die thans en eeuwig zijt, tot al uw schepselen zich buigen voor uwe liefd' en majesteit. Opwekking 385 : 1-4 1 Mijn vrede laat Ik u. Mijn vrede geef Ik u. Weest dan niet bezorgd. 2 Mijn vrede laat Ik u. Mijn vrede geef Ik u. Weest niet bevreesd. 3 My peace I leave you. My peace I give you. Trouble not your hearts. 4 My peace I leave you. My peace I give you. Be not afraid. Opwekking 386 : 1-3 1 Lof zij de Heer, de almachtige Koning der ere. Laat ons naar hartelust zingen en blij musiceren. Komt allen saam, psalmzingt de heilige naam. Looft al wat ademt de Here. 2 Lof zij de Heer, Hij omringt met zijn liefde uw leven. Heeft u in 't licht, als op adelaarsvleug'len geheven. Hij die u leidt, zodat uw hart zich verblijdt. Hij heeft zijn woord u gegeven. 3 Lof zij de Heer, met de heerlijkste naam van zijn namen. Christenen looft Hem met Abrahams kinderen samen. Hart wees gerust, Hij is uw licht en uw lust. Alles wat ademt zegt: Amen. Opwekking 387 : 1-3 1 Groot en machtig is Hij. Groot en machtig is Hij: bekleed met sterkte, gehuld in luister. Groot en machtig is Hij. 2 Groot en machtig is Hij. Groot en machtig is Hij: bekleed met sterkte, gehuld in luister. Groot en machtig is Hij. 3 Prijs met mij de naam van God, vier het feest met mij, want Hij heeft ons vrijgekocht: wat een Heer is Hij! Opwekking 389 : 1-2 1 Create in me a clean heart, o God and renew a right spirit within me. Create in me a clean heart, o God and renew a right spirit within me. 2 Cast me not away from thy presence, o Lord and take not thy Holy Spirit from me. Restore unto me the joy of thy salvation and renew a right spirit within me. Opwekking 390 : 1-5 Ik belijd: ons land heeft gezondigd en wij zijn ook schuldig, want wij baden niet. We dwaalden af, van wat U ons leerde en namen te gretig uw genade aan. Neem, o Heer, de vloek van ons land af; we roofden uw huis leeg, onze voorraden zijn op. Open wijd uw hemelse sluizen. Bestraf de verslinder, zodat hij ons niet verdelgt. U zei ons toch: verneder jezelf en roep Mij aan; dan genees Ik je kale land en reinig je totaal. Vergeet ons niet; laat dit toch de generatie zijn, die uw naam verhoogt boven de aarde. Red ons, o God, red een volk voor Uzelf, o Heer. Laat de vreze des Heren steeds hun maatstaf zijn. Red ons, o God; vergeef ons onze onbetrouwbaarheid. Laat het huis waar wij wonen een gebedsplaats zijn. Opwekking 391 : 1-5 1 Refrein (2x): Welkom, Heil'ge Geest van God, waai over ons. Maak onze harten rein. 2 Zoals koren op het veld wordt bewogen door de wind, buigen wij ons voor uw kracht, opdat uw Geest het werk begint. 3 Refrein : Welkom, Heil'ge Geest van God, waai over ons. Maak onze harten rein. 4 Schenk uw levensadem, Heer, want wij buigen voor U neer. Laat geen angst of trots bestaan en maak ons heilig in uw naam. 5 Refrein : Welkom, Heil'ge Geest van God, waai over ons. Maak onze harten rein. Opwekking 392 : 1-4 1 Mijn Jezus, ik hou van U, ik noem U mijn Vriend. Want U nam de straf op U die ik had verdiend. De grote Verlosser, mijn Redder bent U; 'k Heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu. 2 Mijn Jezus, ik hou van U, want U hield van mij. Toen U aan het kruis hing, een wond in uw zij. Voor mij de genade, een doornenkroon voor U; 'k Heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu. 3 Ik zal van U houden in leven en dood. En ik wil U prijzen, zelfs dan in mijn nood. Als ik kom te sterven, dan roep ik tot U: 'k Heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu. 4 Als ik in uw glorie, uw eeuwigheid kom, dan buig ik mij vóór U, in uw heiligdom. Gekroond met uw heerlijkheid, zal 'k zingen voor U: 'k Heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu, maar nooit zoveel als nu. Opwekking 393 : 1-2 Lam van God, Heilige; Jezus Christus, Zoon van God was bereid te sterven ook voor mij. Dat ik - hoe schuldig ook - mag weten dat uw bloed mij vrijmaakt, mij reinigt en heiligt. Ik verhoog U, Jezus, mijn Offerlam. Ik verhoog U, mijn Verlosser en mijn God. Ik verhoog U, waardig Lam van God en vol eerbied buig ik neder voor uw troon. Opwekking 394 : 1-3 Genade en vrede zij u van de Vader; als u tot Hem nadert, dan nadert Hij u. Genade en vrede zij u van de Vader; als u tot Hem nadert, dan nadert Hij u. Genade en vrede zij u van de Vader; als u zich vernedert, rechtvaardigt Hij u. Genade en vrede zij u van de Vader; als u zich vernedert, rechtvaardigt Hij u. Genade en vrede zij u van de Vader; als u zich ontledigt, verzadigt Hij u. Genade en vrede zij u van de Vader; als u zich ontledigt, verzadigt Hij u. Tegenstem: Genade zij u, vrede zij u. Genade zij u, vrede zij u. Opwekking 395 : 1-2 Zing met luid gejubel en gejuich voor de Heer, zing met luid gejubel voor de Heer. Zing met luid gejubel en gejuich voor de Heer, zing met luid gejubel voor de Heer. Zing en jubel, wees verheugd en prijs Hem, zing met luid gejubel voor de Heer. Zing en jubel, wees verheugd en prijs Hem, zing met luid gejubel voor de Heer. Opwekking 396 : 1-7 Hoor de bazuin, de hemel zingt! Alles is klaar het feest begint! Kijk: bij de poort, die open staat, wacht Jezus tot je binnengaat. Een koningsmaal staat voor je klaar; kom, proef zijn vrede en blijdschap maar. Vol van zijn liefde zul je zijn, van water maakt Hij nieuwe wijn! Refrein: Zing nu dankbaar een blij lied voor de Heer, kom, geniet van zijn liefde, geef Hem eer! Neem je plaats aan zijn tafel, als zijn kind. Alles is klaar het feest begint. Alles is klaar het feest begint. Wie honger heeft wordt goed gevoed; de arme geeft Hij overvloed. Hemel en aarde, paar je stem; juich voor zijn goedheid, klap voor Hem! Refrein: Zing nu dankbaar een blij lied voor de Heer, kom, geniet van zijn liefde, geef Hem eer! Neem je plaats aan zijn tafel, als zijn kind. Alles is klaar het feest begint. Alles is klaar het feest begint. Jezus (Jezus), ik dank U (ik dank U) voor uw liefde (voor uw liefde) en vreugde (en vreugde). Jezus (Jezus), ik dank U (ik dank U) voor het goede (voor het goede), dat U mij geeft (dat U mij geeft). (refrein) Zing nu dankbaar een blij lied voor de Heer, kom, geniet van zijn liefde, geef Hem eer! Neem je plaats aan zijn tafel, als zijn kind. Alles is klaar het feest begint. Alles is klaar het feest begint. Opwekking 397 : 1-4 Ooooh....Jezus woont in mijn hart. Ooooh....Jezus woont in mijn hart. Ooooh....Jezus woont in mijn hart. Ooooh....Jezus woont in mijn hart. (v) Het koninkrijk van God is hier, (allen) Jezus woont in mijn hart. (v) Zijn machtige aanwezigheid, (allen) Jezus woont in mijn hart. (v) Rondom zijn troon is heiligheid, (allen) Jezus woont in mijn hart. (v) En louter licht en vrolijkheid, (allen) Jezus woont in mijn hart. Ooooh.... Jezus woont in mijn hart. Ooooh.... Jezus woont in mijn hart. Ooooh.... Jezus woont in mijn hart. Ooooh.... Jezus woont in mijn hart. (v) Wij zijn een tempel voor zijn troon, (allen) Jezus woont in mijn hart. (v) De hoeksteen is Hijzelf, Gods Zoon, (allen) Jezus woont in mijn hart. (v) Hij komt terug en brengt ons thuis, (allen) Jezus woont in mijn hart. (v) Wij wachten op Hem als zijn bruid, (allen) Jezus woont in mijn hart. Opwekking 398 : 1-4 1 Leid mij naar uw heiligdom, huis van heerlijkheid. Laat uw vrede heersen in mijn hart. Dan zal ik uw woorden horen, in uw taal van liefde. Laat uw vrede heersen Vader, telkens als ik tot U nader. Laat uw vrede heersen in mijn hart. 2 Refrein: Hier ben ik Heer: vul mij. Hier ben ik Heer: vorm mij. Hier ben ik Heer: leid mij. Hier ben ik Heer: zend mij. 3 Leid mij steeds op al mijn wegen, draag mij door het duister. Laat uw Geest regeren in mijn hart. Dan zal ik uw woorden spreken, in uw taal van liefde. Laat uw Geest regeren Vader, ik wil van U leren Vader. Laat uw Geest regeren in mijn hart. 4 Refrein: Hier ben ik Heer: vul mij. Hier ben ik Heer: vorm mij. Hier ben ik Heer: leid mij. Hier ben ik Heer: zend mij. Opwekking 399 : 1-2 1 Vader God, ik vraag me af, hoe ik ooit heb geleefd zonder te weten dat uw vaderhart al zolang om mij geeft. Maar nu ben ik uw kind, nu mag ik wonen in uw huisgezin en ik zal nooit meer eenzaam zijn, want, Vader, U bent altijd bij mij. 2 Heer, ik wil U prijzen. Heer, ik wil U prijzen. Heer, ik wil U prijzen. zolang ik leef. Heer, ik wil U prijzen. Heer, ik wil U prijzen. Heer, ik wil U prijzen. zolang ik leef. Opwekking 400 : 1-2 1 Liefde was het, onuitputt'lijk, liefd' en goedheid, eind'loos groot. Toen de Levensvorst op aarde tot ons heil zijn bloed vergoot. Komt, laat ons zijn liefde prijzen! God geeft vreugd' en dankensstof. Eenmaal zingen wij voor eeuwig in de hemel zijnen lof. 2 Rijd als Heerser door de velden, Jezus in uw grote kracht. Niets, niets kan U tegenhouden, zelfs de hel niet met haar macht. Voor uw naam, zo groot en heerlijk zinkt de vijand weg in 't niet. Heel de schepping, Heer, zal beven, als zij U, haar Koning, ziet. Opwekking 401 : 1-4 1 Koning Jezus, wij verhogen U, Lam van God, wij brengen eer aan die was en is en komen zal, aan de hoog verheven Heer. 2 Eeuwig duurt uw macht en heerschappij, daarom buigen wij ons neer en in Geest en waarheid brengen wij U alleen de hoogste eer. 3 Koning Jezus, Heerser van 't heelal en de Heer van heel de aard, Koning, die voor eeuwig heersen zal; U bent onze lofprijs waard. 4 O, halleluja, Koning Jezus, halleluja, Lam van God, halleluja, Heer der Heren, U, die hoog verheven bent. Opwekking 402 : 1-5 1 Vader, Zoon en Geest, ik prijs U met heel mijn wezen, Heer. Voor uw troon geknield, bewijs ik U hulde en eer. 2 Vader, Zoon en Geest, ik eer U; U bent volkomen één. Al mijn liefde en aanbidding is voor U alleen. 3 Refrein: U, die één in wezen zijt, is ons leven toegewijd. In uw liefde zijn wij één; aanbidden wij U alleen. 4 Vader, Zoon en Geest, voor eeuwig bent U volkomen rein. Heilig God, laat heel mijn leven tot eer van U zijn. 5 Vader, Zoon en Geest, ik dank U; buig mij vol eerbied neer. Hoog verheven God, ontvang nu mijn liefde en eer. Opwekking 403 : 1 Kom en help ons oogsten, dat Gods rijk zal komen. Wie met tranen zaaien, maaien met gejuich. Werkers bindt uw schoven, want de Allerhoogste roept ons om te oogsten, voor zijn rijk. Opwekking 404 : 1-5 1 Wij gaan op weg met brandend hart, met een gebed bij elke stap. Het lied van hoop klinkt door de landen, zingend van de nieuwe dag. 2 Tweeduizend jaar - en dag en nacht brandt deze vlam, verlicht ons land. Mensen wachten, harten smachten naar een liefde die verwarmt. 3 Refrein: Laat de vlam weer branden, als een helder baken; als heraut van 't morgenuur. Laat het lied weer sprank'len, laat de liefde branden, als een vuur, als een vuur. 4 De liefde roept, de waarheid spreekt; dat is de kracht waarmee wij gaan, om hen die vallen, hen die wank'len op te vangen in uw naam. 5 Refrein: Laat de vlam weer branden, als een helder baken; als heraut van 't morgenuur. Laat het lied weer sprank'len, laat de liefde branden, als een vuur, als een vuur. Opwekking 405 : 1-4 1 Er is maar één God en maar één middelaar tussen God en mensen, Jezus Christus, die Zich gegeven heeft als een losprijs voor allen. Eén God, één middelaar, Jezus Christus, de Zoon van God. 2 Er is geen kloof meer en geen angst als tussenmuur tussen God en mensen in Jezus Christus, die Zich gegeven heeft als een losprijs voor allen. Geen kloof, geen tussenmuur in Jezus Christus, de Zoon van God. 3 Hij is Heer over zon en maan, Hij is Heer over heel het heelal. Hij is Heer; Hij is opgestaan, Hij is Heer in mijn hart. 4 Er is maar één God en maar één middelaar tussen God en mensen, Jezus Christus, die Zich gegeven heeft als een losprijs voor allen. Eén God, één middelaar, Jezus Christus, de Zoon van God. Eén God, één middelaar, Jezus Christus, de Zoon van God. Opwekking 406 : 1-6 1 In uw naam komen wij hier bijeen en eren U. Raak ons aan en maak ons één; kom, Heil'ge Geest. 2 Refrein: (m) En maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één in liefde voor U. (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één. Daal neer als de dauw op de bergen van Sion... (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één in liefde voor U. (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één. Want dan geeft de Heer aan ons allen zijn zegen. 3 O, hoe goed, hoe lief'lijk Heer, als gezin bijeen te zijn. 't Is alsof de olie vloeit op Jezus' hoofd. 4 Refrein: (m) En maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één in liefde voor U. (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één. Daal neer als de dauw op de bergen van Sion... (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één in liefde voor U. (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één. Want dan geeft de Heer aan ons allen zijn zegen. 5 In uw naam spreken wij ons verbond van vrede uit. Leven tot in eeuwigheid. Kom, heil'ge Geest! 6 Refrein: (m) En maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één in liefde voor U. (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één. Daal neer als de dauw op de bergen van Sion... (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één in liefde voor U. (m) Maak ons één in liefde voor U, (v) maak ons één. Want dan geeft de Heer aan ons allen zijn zegen. Opwekking 407 : 1-6 1 O, Heer mijn God, wanneer ik in verwondering de wereld zie die U hebt voortgebracht. Het sterrenlicht, het rollen van de donder, heel dit heelal, dat vol is van uw kracht. 2 Refrein: Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! 3 Als ik bedenk, hoe Jezus zonder klagen tot in de dood gegaan is als een Lam. Sta ik verbaasd, dat Hij mijn schuld wou dragen en aan het kruis mijn zonde op zich nam. 4 Refrein: Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! 5 Als Christus komt met majesteit en luister, brengt Hij mij thuis, hoe heerlijk zal dat zijn. Dan zal ik vol aanbidding voor Hem buigen en zingt mijn ziel: o Heer, hoe groot zijt Gij! 6 Refrein: Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God: hoe groot zijt Gij, hoe groot zijt Gij! Opwekking 408 : 1-5 1 Israël, verheug u in uw maker, kinderen van Sion juich nu met uw Koning; Israël, de Heer is uw Bewaker, Hij is als de muren van een sterke woning. 2 Refrein: Halleluja! Halleluja! Halleluja! Halleluja! 3 Tegenstem refrein: Halle-o-halleluja! Halle-o-halleluja! Halle-o-halleluja! Halle-o-halleluja! 4 Israël, verheug u in de Here, Hij heeft uw land met liefde overgoten; Israël, u zult met Hem regeren, dat is de luister van zijn gunstgenoten. 5 Refrein: Halleluja! Halleluja! Halleluja! Halleluja! Opwekking 409 : 1-5 1 Refrein: Heel mijn hart jubelt voor de Heer, Ik dans, want alles zingt in mij. Hij maakte mij zo stralend als de zon door zijn rechtvaardigheid. Heel mijn hart jubelt voor de Heer, heel mijn hart jubelt voor de Heer. 2 Ik was arm maar Hij bracht rijkdom, ruilde schande om voor eer, kleedde mij in licht en luister, glorie breng ik aan de Heer! Heel mijn hart jubelt voor de Heer, heel mijn hart jubelt voor de Heer. 3 Refrein: Heel mijn hart jubelt voor de Heer, Ik dans, want alles zingt in mij. Hij maakte mij zo stralend als de zon door zijn rechtvaardigheid. Heel mijn hart jubelt voor de Heer, heel mijn hart jubelt voor de Heer. 4 (v) Als een bruid die straalt van blijdschap (v) klopt ons hart van vreugde voor het feest. (m) Zoals priesters vol genade (m) die vervuld zijn met zijn Geest. 5 Heel mijn hart jubelt voor de Heer, heel mijn hart jubelt voor de Heer. Heel mijn hart jubelt voor de Heer, heel mijn hart jubelt voor de Heer. Opwekking 410 : 1-8 1 Refrein: O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. 2 Toen ik Hem riep gaf Hij antwoord, Hij redde mij uit mijn ellende, Hij bevrijdde mij van mijn angst. Nu ben ik vrij. Ik ben vrij! 3 Refrein: O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. 4 Wij zullen roemen in de Heer, vertellen wat Hij heeft gedaan. Laten de mensen het horen en maak hen blij, maak hen blij! 5 Refrein: O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. 6 Samen zullen wij Jezus verhogen. Wij verhogen uw naam, o Heer! Samen zullen wij Jezus verhogen. Wij verhogen uw naam, o Heer! 7 Refrein: O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. O, maak de Heer nu groot met mij en laten we samen voor Hem juichen. 8 Slot: wij juichen, wij juichen, wij juichen! Opwekking 411 : 1-5 1 Refrein: Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. 2 Want het geknakte riet verbreekt Hij niet. Al wat beschadigd is herstelt Hij op den duur. Wat walmt dat dooft Hij niet, want Hij kent ons verdriet. Barmhartig schenkt Hij ons zijn warmte en zijn vuur. 3 Refrein: Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. 4 Want een verbroken hart veracht Hij niet. Al wat vernederd is, verhoogt Hij op zijn tijd. Hij troost de treurenden, de zwakke beurt Hij op. Barmhartig schenkt Hij ons zijn goedertierenheid. 5 Refrein: Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. Opwekking 412 : 1-2 1 Komt tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt. Komt tot Mij, en Ik geef u rust. Komt tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt. Komt tot Mij, en Ik geef u rust. 2 Neemt mijn juk op u en leert van Mij. Want Ik ben zachtmoedig en need'rig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen, want mijn juk is zacht en mijn last is licht. Opwekking 413 : 1-5 1 Hoe kom ik van zonde vrij? Leid mij naar het kruis van Jezus. Vrij van schuld, van slavernij? Leid mij naar het kruis van Jezus. 2 Niet door eigen kracht, door werk dat ik volbracht, maar het kruis dat is genoeg. Daar heeft Hij gebloed, in mijn plaats geboet, toen Hij al mijn zonden droeg. 3 Hoe weet ik wie vrede geeft? Leid mij naar het kruis van Jezus. Wie een lied van vreugde geeft? Leid mij naar het kruis van Jezus. 4 Als een nieuw gebod, uit het hart van God komt zijn liefde die vergeeft. Zijn gerechtigheid, genade die bevrijdt; en die mij in reinheid kleedt. 5 Hoe kan ik het leven aan? Leid mij naar het kruis van Jezus. En zijn weg gewillig gaan? Leid mij naar het kruis van Jezus. Opwekking 414 : 1-3 1 U zond uw Zoon, onschuldig, rein, Hij kon niet langer bij U zijn maar kwam als mens op aarde tot Hij werd geslacht als Lam van God. Refrein: O, Lam van God, Gods eigen Zoon was met uw dierbaar bloed mij schoon. O, neem mijn hart, bestuur mijn lot, mijn Jezus Christus, Lam van God. 2 Zij kruisigden uw eigen Zoon, belaadden Hem met smaad en hoon. De Joden-koning werd bespot; ze offerden het Lam van God. Refrein: O, Lam van God, Gods eigen Zoon was met uw dierbaar bloed mij schoon. O, neem mijn hart, bestuur mijn lot, mijn Jezus Christus, Lam van God. 3 Ik had de dood verdiend, maar nu, dankzij uw dood, leef ik met U. U leidt mij met uw staf en stok en U noemt mij een lam van God. Refrein: O, Lam van God, Gods eigen Zoon was met uw dierbaar bloed mij schoon. O, neem mijn hart, bestuur mijn lot, mijn Jezus Christus, Lam van God. Opwekking 415 : 1-3 1 Refrein: Toon je dank aan de Heer, want zijn liefde eindigt nooit. Toon je dank aan de Heer. Aan zijn liefde komt nooit een eind. Prijs de Heer, zing je lofgezang, en vertel de wereld van Hem. Vul de landen met feestgezangen, verwelkom Hem met je stem. 2 Refrein: Toon je dank aan de Heer, want zijn liefde eindigt nooit. Toon je dank aan de Heer. Aan zijn liefde komt nooit een eind. Dank de Heer voor de goede oogst, en zijn adem op al wat leeft. Voor de pracht in zijn scheppingskracht en de vreugde die Hij ons geeft. 3 Refrein: Toon je dank aan de Heer, want zijn liefde eindigt nooit. Toon je dank aan de Heer. Aan zijn liefde komt nooit een eind. Laat de hemel nu voor Hem juichen en heel de aarde, wees blij! Al wat leeft en wat adem heeft, roep nu luid: de Koning is Hij! Opwekking 416 : 1-5 1 Jezus is Koning over de aarde, Hij is de Heer over heel het heelal. Hemel en aarde, getuigen van liefde, zullen weer juichen als Hij komen zal. 2 Als Jezus komt dan verdwijnt al het duister, komt er een einde aan honger en pijn. Als Jezus komt dan verschijnt Hij met luister, zal heel de aarde vol heerlijkheid zijn. 3 Dan zal de wolf met het schaapje verkeren, dansen de lammen en blinden op straat. Als alle stammen en volken Hem eren komt er een vrede die eeuwig bestaat. 4 Iedere tong zal als Heer Hem verhogen, liederen zingen met vurige stem. Iedere knie is vol eerbied gebogen als aller ogen gericht zijn op Hem. 5 Jezus is Koning over de aarde, Hij is de Heer over heel het heelal. Hemel en aarde, getuigen van liefde, zullen weer juichen als Hij komen zal. Opwekking 417 : 1-2 1 Heer, U draagt de hoogste kroon, de scepter van rechtmatigheid. Heer, U draagt de hoogste kroon en draagt de schepping door uw woord. U heerst met luister, regeert met sterkte. U bent de Heer van hemel en aard'. Allerhoogste Heer, allerhoogste Heer! 2 U heerst met luister, regeert met sterkte. U bent de Heer van hemel en aard'. Allerhoogste Heer, allerhoogste Heer! Opwekking 418 : 1-3 1 Als ik opzie naar uw heiligheid, mij verbaas over uw lieflijkheid, dan vervagen de dingen rondom mij door uw helder licht. 2 Als ik vreugde vind heel dicht bij uw hart, als uw liefde mijn wil heeft omvat, dan vervagen de dingen rondom mij door uw helder licht. 3 Heer, ik aanbid U. Heer, ik aanbid U. U schiep mij om U te aanbidden, Heer. Heer, ik aanbid U. Heer, ik aanbid U. Ik leef nu om U te aanbidden, Heer. Opwekking 419 : 1-2 1 U bent God, en wij prijzen U (en wij prijzen U). U bent Heer, wij verhogen U (wij verhogen U). Want U bent onze Vader; heel de schepping buigt voor U, heel de schepping juicht voor U. Amen. 2 Want U bent onze Vader; heel de schepping buigt voor U, heel de schepping juicht voor U. Amen. Opwekking 420 : 1-2 1 Refrein: Geen andere naam dan de naam van Jezus, geen andere naam dan de naam van de Heer. Geen andere naam dan de naam van Jezus is waard te ontvangen de glorie en ere, de kracht en de lof in eeuwigheid. 2 Zijn naam is verheven boven heel de aard'. Zijn naam is hoger dan de hemel. Zijn naam is verheven boven heel de aard'. Geef glorie en eer Hem en prijs nu zijn naam. Opwekking 421 : 1-3 1 Ja, ik wil U volgen, 'k volg U Heer. Ja, ik wil U volgen, 'k volg U Heer. Ja, ik wil U volgen, Heer met alles wat ik heb. 2 Ik wil U aanbidden, 'k buig mij neer. Ik wil U aanbidden, 'k buig mij neer. Ik wil U aanbidden, Heer met alles wat ik ben. 3 Ik wil van U houden, 'k hou van U. Ik wil van U houden, 'k hou van U. Ik wil van U houden, Heer met heel mijn hart en ziel, met alles wat ik ben. Opwekking 422 : 1-3 1 U wil ik kennen, U wil ik kennen, en steeds met U wandelen door U met de waarheid bekleed. 2 'k Heb mijn ogen op U gericht. Heer, toon mij uw aangezicht. Ik bouw mijn geloof op U. Vertrouw U mijn leven toe. 3 U wil ik kennen, leer mij U kennen, meer van U houden, Heer, Jezus, Jezus. Opwekking 423 : 1-4 1 Refrein: Ik zing en juich voor mijn verlosser, juich voor mijn verlosser. Ik zing en juich voor mijn verlosser: Jezus is mijn Heer, Jezus is mijn Heer. 2 Hij is mijn rots en mijn vertrouwen, rots en mijn vertrouwen. Hij is mijn rots en mijn vertrouwen: Jezus is mijn Heer, Jezus is mijn Heer. 3 Refrein: Ik zing en juich voor mijn verlosser, juich voor mijn verlosser. Ik zing en juich voor mijn verlosser: Jezus is mijn Heer, Jezus is mijn Heer. 4 Hij is mijn kracht en overwinning, kracht en overwinning. Hij is mijn kracht en overwinning: Jezus is mijn Heer, Jezus is mijn Heer. Opwekking 424 : 1-3 1 Ik wil zingen voor de Koning. Hef met mij samen een loflied aan. Zing van zijn goedheid en zijn genade. Hef met mij samen een loflied aan. 2 Maak de Heer nu groot met mij. Heilig is zijn naam. Altijd zal Hij Koning zijn. Hef met mij een loflied aan! 3 Ik wil zingen voor de Koning. Hef met mij samen een loflied aan. Zing van zijn goedheid en zijn genade. Hef met mij samen een loflied aan. Opwekking 425 : 1 Er is geen grens aan de liefde van Jezus. Zijn gunstbewijzen houden nooit op. Zij zijn nieuw elke morgen, nieuw elke morgen. Groot is uw trouw, o Heer, mijn God. Groot is uw trouw, o Heer. Opwekking 426 : 1-2 1 Ja, ik geloof in Jezus. Ik geloof in Hem als Zoon van God. Ik geloof dat Hij gestorven is. Ik geloof dat Hij is opgestaan. (m) Hij is hier in ons midden, (v) Hij is hier in ons midden, (m) zijn armen uitgespreid. (v) zijn armen uitgespreid. (m) Hij geneest als wij bidden, (v) Hij geneest als wij bidden, Hij vergeeft en bevrijdt. 2 Ja, ik geloof in U, Heer. Ik geloof in U als Zoon van God. Ik geloof dat U gestorven bent. Ik geloof dat U bent opgestaan. (m) U bent hier in ons midden, (v) U bent hier in ons midden, (m) uw armen uitgespreid. (v) uw armen uitgespreid. (m) U geneest als wij bidden, (v) U geneest als wij bidden, U vergeeft en bevrijdt. Opwekking 427 : 1-4 1 Maak mij rein voor U als gelouterd goud, en zuiver zilver. Laat mij zijn voor U als gelouterd goud; puur goud. 2 Dwars door het vuur maakt U mij rein en puur. Ik strek mij uit, Jezus, naar meer van uw Geest en uw heiligheid. Ja, ik besluit, Jezus, een dienstknecht te zijn van U, mijn Meester, steeds tot uw wil bereid. 3 Maak mij rein voor U. Was mijn leven schoon, vergeef mijn zonden. Laat mij zijn voor U, zuiver als uw Zoon; heilig mij. 4 Dwars door het vuur maakt U mij rein en puur. Ik strek mij uit, Jezus, naar meer van uw Geest en uw heiligheid. Ja, ik besluit, Jezus, een dienstknecht te zijn van U, mijn Meester, steeds tot uw wil bereid. Opwekking 428 : 1-4 1 Genade, zo oneindig groot. Dat ik, die 't niet verdien het leven vond, want ik was dood en blind, maar nu kan 'k zien. 2 Genade die mij heeft geleerd te vrezen voor het kwaad. Maar ook - als ik mij tot Hem keer - dat God mij nooit verlaat. 3 Want Jezus droeg mijn zondelast en tranen aan het kruis. Hij houdt mij door genade vast en brengt mij veilig thuis. 4 Als ik daar in zijn heerlijkheid mag stralen als de zon, dan prijs ik Hem in eeuwigheid dat ik genade vond. dan prijs ik Hem in eeuwigheid dat ik genade vond. Opwekking 429 : 1-3 1 Refrein: God wijst mij een weg als ik zelf geen uitkomst zie. Langs wegen die geen mens bedenkt, maakt Hij mij zijn wil bekend. Hij geeft elke dag nieuwe liefde, nieuwe kracht. Als ik mijn hand in zijn hand leg, wijst Hij mij de weg, wijst Hij mij de weg. 2 Al moet ik door de wildernis - Hij leidt mij. Hij toont mij een rivier in de woestijn. Alles zal ooit vergaan maar zijn liefde blijft bestaan en Hij maakt iets heel nieuws vandaag. 3 Refrein: God wijst mij een weg als ik zelf geen uitkomst zie. Langs wegen die geen mens bedenkt, maakt Hij mij zijn wil bekend. Hij geeft elke dag nieuwe liefde, nieuwe kracht. Als ik mijn hand in zijn hand leg, wijst Hij mij de weg, wijst Hij mij de weg. Opwekking 430 : 1-2 1 Heer, ik prijs uw grote naam. Heel mijn hart wil ik U geven. Want U bent de weg gegaan die mij redding bracht en leven. 2 U daalde neer van uw troon om mens te zijn. Van de stal naar het kruis droeg U mijn pijn. Van het kruis naar het graf. Uit het graf weer opgestaan. Heer, ik prijs uw grote naam. Opwekking 431 : 1-7 1 Refrein: Laat een loflied op je lippen zijn en het tweesnijdend zwaard in je hand. Laat een loflied op je lippen zijn en het woord als een zwaard in je hand. 2 Om machten te binden, de vijand te verslaan. Dit is de eer van het volk van God dat uitgaat in zijn naam. 3 Refrein: Laat een loflied op je lippen zijn en het tweesnijdend zwaard in je hand. Laat een loflied op je lippen zijn en het woord als een zwaard in je hand. 4 Want Hij is de Maker, de Koning op zijn troon. Hij geeft zijn heil aan het volk van God. Genade als een kroon. 5 Refrein: Laat een loflied op je lippen zijn en het tweesnijdend zwaard in je hand. Laat een loflied op je lippen zijn en het woord als een zwaard in je hand. 6 Verheug Hem met reidans, verhoog Hem met je stem. Juich voor de Heer, o volk van God, want alles komt van Hem. 7 Laat een loflied op je lippen zijn en het tweesnijdend zwaard in je hand. Laat een loflied op je lippen zijn en het woord als een zwaard in je hand, en het woord als een zwaard in je hand. Opwekking 432 : 1-6 1 Refrein: Kom en prijs, kom en prijs, kom en prijs nu de naam van de Heer, nu de naam van de Heer. 2 Alles wat adem heeft, kom: prijs de naam van de Heer. Alles wat adem heeft, kom: prijs de Heer! 3 Refrein: Kom en prijs, kom en prijs, kom en prijs nu de naam van de Heer, nu de naam van de Heer. 4 Prijs Hem met cimbalen. Prijs Hem met trompetten. Prijs Hem met de tamboerijn. Prijs - nu de naam van de Heer. Nu de naam van de Heer! 5 Klap nu voor zijn grootheid. Juich nu voor zijn goedheid. Dans nu voor zijn heiligheid. Prijs - nu de naam van de Heer. Nu de naam van de Heer. 6 Refrein: Kom en prijs, kom en prijs, kom en prijs nu de naam van de Heer, nu de naam van de Heer. Opwekking 433 : 1-3 1 Refrein: Groter is Hij die in mij is dan die in de wereld is. Machtiger is de naam van Jezus! Groter is Hij die in mij is dan die in de wereld is. Machtiger is de naam van Jezus! 2 Want zijn naam is verhoogd boven iedere naam; geen macht overtreft zijn gezag en geen kracht op de wereld is sterker dan Hij; Jezus, de Heer leeft in mij! 3 Refrein: Groter is Hij die in mij is dan die in de wereld is. Machtiger is de naam van Jezus! Groter is Hij die in mij is dan die in de wereld is. Machtiger is de naam van Jezus! Opwekking 434 : 1-3 1 Tot zijn eer en heerlijkheid riep Hij ons tot leven. Om een open brief te zijn, door Hemzelf geschreven. Sprekend van zijn daden, door zijn hand geleid. Tekenen van genade, tot zijn eer en heerlijkheid. tot zijn eer en heerlijkheid. 2 Tot zijn eer en heerlijkheid delen wij zijn lijden. Tranen die de grens van tijd en ruimte overschrijden. Wat door Hem volbracht is, sterkt ons in de strijd. Vult ons met verwachting, tot zijn eer en heerlijkheid. tot zijn eer en heerlijkheid. 3 Tot zijn eer en heerlijkheid scherpt Hij onze zwaarden. Woorden van het koninkrijk, dat Hij brengt op aarde. Al wat was gebonden, wordt door Hem bevrijd. Zo zijn wij gezonden, tot zijn eer en heerlijkheid. tot zijn eer en heerlijkheid. Opwekking 435 : 1-5 1 Heer, uw koninkrijk breekt baan met kracht, heel de aarde ziet uw grote macht: de bergen wank'len, storten in de zee, eng'len juichen met ons mee. 2 Doven horen, lammen lopen; door uw kracht gaan kerkers open. Doden leven door uw woord; het evangelie wordt gehoord. Uw heerlijkheid duurt tot in eeuwigheid! 3 Heer, uw koninkrijk breekt baan met kracht, heel de aarde ziet uw grote macht: de zieken helen, blinden krijgen zicht, leven verder in uw licht. 4 Jezus Christus, Heer der heren, heel de aard' zal U vereren; U, de Koning van 't heelal, die was en is en komen zal. Uw heerlijkheid duurt tot in eeuwigheid! 5 Sterkte, macht, wijsheid, kracht, heerlijkheid in eeuwigheid. In eeuwigheid! Sterkte, macht, wijsheid, kracht, heerlijkheid in eeuwigheid. In eeuwigheid! Opwekking 436 : 1-6 Onze Vader in de hemel, heilig is uw naam. Laat uw koninkrijk spoedig komen. Laat uw wil worden gedaan. In de hemel, zo ook hier op aard'. Onze Vader in de hemel, heilig is uw naam. Laat uw koninkrijk spoedig komen. Laat uw wil worden gedaan. In de hemel, zo ook hier op aard'. Refrein: Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Onze Vader in de hemel, geef ons daaglijks brood. En vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij dat doen. Hen vergeven die ons iets schuldig zijn. Refrein: Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. En leidt ons niet in verzoeking, maar verlos ons van het kwaad. Refrein: Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Slot: Amen. Amen. Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Want van U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Amen, Amen. Opwekking 437 : 1 Verhoog de Here God, verhoog de Here God en kniel aan zijn voeten, kniel aan zijn voeten. Heilig is Hij, heilig is Hij. Opwekking 438 : 1-4 Ik buig neer, voor U, mijn Heer. Ik buig neer, voor U, mijn Heer. Trouw en rechtvaardig, heilig en goed. U bent mijn God. U bent Jezus, mijn bevrijder en met diep ontzag en eerbied buig ik neer voor U. Ik kniel neer, voor U, mijn Heer. Ik kniel neer, voor U, mijn Heer. Verlosser enTrooster, eeuwige Rots. U bent mijn God. U bent Jezus, mijn bevrijder en met diep ontzag en eerbied kniel ik neer voor U. Jezus, voor U. Opwekking 439 : 1-8 1 Machtig is de naam van de Heer, machtig is de naam van de Heer, machtig is de naam van de Heer, mijn God. Machtig is de naam van de Heer, machtig is de naam van de Heer, machtig is de naam van de Heer, mijn God. 2 Refrein: De naam van de Heer is als een toren. Een veilige schuilplaats voor wie Hem dient. De naam van de Heer is als een toren. Een veilige schuilplaats voor wie Hem dient. 3 Heilig is de naam van de Heer, heilig is de naam van de Heer, heilig is de naam van de Heer, mijn God. Heilig is de naam van de Heer, heilig is de naam van de Heer, heilig is de naam van de Heer, mijn God. 4 Ere zij de naam van de Heer, ere zij de naam van de Heer, ere zij de naam van de Heer, mijn God. Ere zij de naam van de Heer, ere zij de naam van de Heer, ere zij de naam van de Heer, mijn God. 5 Ere zij de naam van de Heer. Ere zij de naam van de Heer. 2x Ere zij de naam van de Heer, mijn God. 6 De naam van de Heer is als een toren. 2x Een veilige schuilplaats voor wie Hem dient. 7 Machtig is de naam van de Heer. Machtig is de naam van de Heer. 2x Machtig is de naam van de Heer, mijn God. 8 Machtig is de naam van de Heer, mijn God. Opwekking 440 : 1-3 1 Machtig zijn al uw daden, Heer. Wonderlijk is uw weg. Krachtig is uw genade, Heer. Wonderbaar is uw naam. Machtig zijn al uw daden, Heer. Wonderlijk is uw weg. Krachtig is uw genade, Heer. Wonderbaar is uw naam. 2 Jehovah Jireh; U geeft genadig. Ja, U verzadigt ieder, die U vertrouwt 3 Tegenstem mannen: Machtig zijn uw daden, Heer. Wonderlijk uw weg. En uw genade, Heer is krachtig. Wonderbaar uw naam. Opwekking 441 : 1-2 1 De kracht van Jezus is wondergroot. Alles werd weer nieuw toen Hij stierf voor mij. De Zoon van God stond op uit de dood. Hij overwon en kocht mij vrij. 2 Hoofdsieraad in plaats van as. Vreugdeolie in plaats van rouw. Een lofgewaad in plaats van een kwijnende geest. Een planting des Heren tot zijn verheerlijking. Opwekking 442 : 1-7 1 Prijst Hem, prijst Hem, Jezus, de machtige Redder. Roemt zijn liefde, eeuwig en wereldwijd. Kroont Hem, kroont Hem, engelen, vol van zijn glorie. Brengt Hem hulde, sterkte en heerlijkheid. 2 Als een herder draagt Hij ons in zijn armen, waar Hij ons barmhartig zijn liefde geeft. Prijst Hem, prijst Hem, om zijn geweldige grootheid. Prijs Hem, prijs Hem, alles wat adem heeft. 3 Prijst Hem, prijst Hem, Jezus, de machtige Redder. Om ons dwalen droeg Hij een doornenkroon. Onze hoop, van wie wij verlossing verwachten. Kroont Hem, kroont Hem, Jezus, de Mensenzoon. 4 Als een offerlam heeft Hij de schuld gedragen. Wat een liefde, dat Hij ons leven geeft. Prijst Hem, prijst Hem om zijn geweldige grootheid. Prijs Hem, prijs Hem, alles wat adem heeft. 5 Prijst Hem, prijst Hem, Jezus, de machtige Redder. Laat de hemel jubelen tot zijn eer. Jezus, Koning, Hij zal voor eeuwig regeren. Kroont Hem, kroont Hem, priester, profeet en Heer. 6 Als Hij wederkomt, schitterend in zijn glorie. Buigt zich voor Hem al wat op aarde leeft. Prijst Hem, prijst Hem om zijn geweldige grootheid Prijs Hem, prijs Hem, alles wat adem heeft. Prijst Hem, prijst Hem om zijn geweldige grootheid Prijs Hem, prijs Hem, alles wat adem heeft. 7 Prijs Hem, prijs Hem, alles wat adem heeft. Opwekking 443 : 1-3 1 U wachtte niet op mij, want ik dwaalde af. Maar U werd een kwetsbaar mens zoals wij. U wachtte niet op mij, maar U droeg mijn straf. En U riep mij bij mijn naam: ‘Kom bij Mij'. 2 Voor eeuwig ben ik dankbaar, o God. Dankbaar voor het kruis, Heer, dat U droeg. Voor eeuwig ben ik dankbaar, o God. U zocht mij, nog voor ik naar U vroeg. Voor eeuwig ben ik dankbaar, o God. Dankbaar voor het kruis, Heer, dat U droeg. Voor eeuwig ben ik dankbaar, o God. U zocht mij, nog voor ik naar U vroeg. 3 Slot: Voor eeuwig ben ik dankbaar! Opwekking 444 : 1-6 1 Refrein: Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. Heel mijn hart strekt zich uit naar U. Want uw goedheid is beter dan het leven. (m) Heel mijn ziel roept naar U. (v) Heel mijn ziel roept naar U. Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. 2 Als een woestijn die smacht naar water, zo wacht mijn ziel op U. Als uw regen valt uit uw milde hand. Heer, dan jubel ik in U. 3 Refrein: Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. Heel mijn hart strekt zich uit naar U. Want uw goedheid is beter dan het leven. (m) Heel mijn ziel roept naar U. (v) Heel mijn ziel roept naar U. Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. 4 Als een fontein die springt ten leven, zo zingt mijn ziel in mij. Als uw liefde stroomt, uit uw milde hand. Heer, dan jubel ik in U. 5 Refrein: Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. Heel mijn hart strekt zich uit naar U. Want uw goedheid is beter dan het leven. (m) Heel mijn ziel roept naar U. (v) Heel mijn ziel roept naar U. Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. 6 Slot: (m) Heel mijn ziel roept naar U. (v) Heel mijn ziel roept naar U. Heel mijn ziel roept naar U, o Heer, mijn God. Opwekking 445 : 1-6 1 Bron van levend water, ontspring nu in mij. Zend uw Geest, o Heilig God, en maak mij vrij van elke situatie die mijn hart bezwaart. 'k Geef mijn last aan U, die heel mijn ziel bewaart. 2 Refrein: Jezus, Jezus, Jezus. Vader, Vader, Vader. Geest van God, Geest van God, Geest van God. 3 Heer, U bent de Herder, die mij geneest. Neem mij in uw armen, leid mij door uw Geest. Neem mijn trots, mijn twijfels en mijn angsten nu. Trek mij met uw liefde, ik verlang naar U. 4 Refrein: Jezus, Jezus, Jezus. Vader, Vader, Vader. Geest van God, Geest van God, Geest van God. 5 Geef jezelf aan Jezus, die jou geneest. Laat Hem je omarmen en ontvang zijn Geest. Als je Hem vertrouwt, word je door Hem bevrijd; zul je met Hem leven tot in eeuwigheid. 6 Refrein: Jezus, Jezus, Jezus. Vader, Vader, Vader. Geest van God, Geest van God, Geest van God. Opwekking 446 : 1-5 1 Wilt u van zonde en schuld zijn verlost? Daar's kracht in het bloed! Daar's kracht in het bloed! Weet, dat uw redding zoveel heeft gekost. Daar's kracht in het bloed van het Lam. 2 Refrein: Daar is kracht, kracht, wonderbare kracht in het bloed van het Lam. Daar is kracht, kracht, wonderbare kracht in het dierbaar bloed van het Lam. 3 Satan gaat rond als een briesende leeuw. Daar's kracht in het bloed! Daar's kracht in het bloed! Wilt u verlost zijn en witter dan sneeuw? Daar's kracht in het bloed van het Lam. 4 Refrein: Daar is kracht, kracht, wonderbare kracht in het bloed van het Lam. Daar is kracht, kracht, wonderbare kracht in het dierbaar bloed van het Lam. 5 Komt dan tot Jezus, Hij stierf ook voor U. Daar's kracht in het bloed! Daar's kracht in het bloed! Hoort naar zijn woord en gelooft in Hem nu. Daar's kracht in het bloed van het Lam. Opwekking 447 : 1 Ik ben vrijgekocht door het Hoogste Goed. 'k Ben verlost en geheiligd door Jezus' bloed. Al mijn schuld betaald door het Offerlam. Halleluja voor de Heer die het op zich nam. Opwekking 448 : 1 Hij, die de Zoon bevrijdt is waarlijk vrij om nooit meer een slaaf van de zonde te zijn. Hij die de Zoon bevrijdt is waarlijk vrij, vrij om een dienstknecht van God te zijn. Want waar de Geest van de Heer is maakt Hij mensen vrij. Ik ga niet meer gebukt onder het juk van slavernij. Jezus is de weg en de waarheid voor mij. Ik ben vrij, ik ben vrij, ik ben vrij. Opwekking 449 : 1-3 1 'k Ben zo blij, Jezus redde mij. 'k Ben zo blij, Jezus redde mij. 'k Ben zo blij, Jezus redde mij. Zing ik glorie halleluja, Jezus redde mij. 2 Toen ik in de put zat, trok Hij mij er uit. Toen ik in de put zat, trok Hij mij er uit. Toen ik in de put zat, trok Hij mij er uit. Zing ik glorie halleluja, Zing ik glorie halleluja, Zing ik glorie halleluja, Jezus redde mij. 3 ‘k Ben zo blij, Jezus redde mij. ‘k Ben zo blij, Jezus redde mij. ‘k Ben zo blij, Jezus redde mij. Zing ik glorie halleluja! Zing ik glorie halleluja! Zing ik glorie hallelula! Jezus redde mij! Opwekking 450 : 1-4 1 Jezus regeert op zijn eeuwige troon. Hij is de Heer. Hij bracht in de wereld het licht van Gods Zoon. Hij is de Heer. Als Koning verheerlijkt; zijn werk is volbracht. Hij is de Heer. Hij troont in ons midden en toont ons zijn kracht. Hij is de Heer. 2 Refrein: Laat uw kracht zien, almachtig God. Laat uw kracht zien, almachtig God. O, God. 3 Uw boodschap geeft hoop aan een wereld die breekt. U bent de Heer. Verlossing en trouw door het woord dat U spreekt. U bent de Heer. Wij vragen geen rijkdom, maar dragen het kruis. U bent de Heer. O, breng ons als erfdeel de dwalenden thuis. U bent de Heer. 4 Refrein: Laat uw kracht zien, almachtig God. Laat uw kracht zien, almachtig God. O, God. Opwekking 451 : 1-4 1 Ik hef mijn ogen op naar de bergen, waar komt mijn hulp vandaan? U bent mijn hulp, Heer, door wie de hemel en aarde zijn ontstaan. 2 Ik heb U nodig, God, want U bent al mijn hoop, U bent mijn kracht, mijn Heer. Dus ik vertrouw op U, dat U mij redden zult, geef mij uw leven weer. 3 Ik hef mijn ogen op naar de bergen, waar komt mijn hulp vandaan? U bent mijn hulp, Heer, door wie de hemel en aarde zijn ontstaan. 4 Ik heb U nodig, God, want U bent al mijn hoop, U bent mijn kracht, mijn Heer. Dus ik vertrouw op U, dat U mij redden zult, geef mij Uw leven weer. Opwekking 452 : 1-3 1 Kom, o Heil'ge Geest van God, wij verwachten U. Kom, o Heil'ge Geest van God; bedauw ons hart opnieuw. Kom, o Heil'ge Geest van God, wij verwachten U. Kom, o Heil'ge Geest van God; bedauw ons hart opnieuw. 2 Openbaar de Vader. Heilig Jezus' naam. Leid ons in de waarheid. Bind ons saam. 3 Kom, o Heil'ge Geest van God, wij verwachten U. Kom, o Heil'ge Geest van God; bedauw ons hart opnieuw. Kom, o Heil'ge Geest van God, wij verwachten U. Kom, o Heil'ge Geest van God; bedauw ons hart opnieuw. Opwekking 453 : 1-2 1 Jezus, Jezus, heilige gezalfde Heer - Jezus. Jezus, Jezus, opgestaan, verhoogd als Heer - Jezus. 2 Uw naam is als honing op mijn tong, uw Geest is als water voor mijn ziel, uw woord is een licht op heel mijn pad. Jezus, ik hou van U, ik hou van U. Opwekking 454 : 1-4 1 Zegen, aanbidding. Kracht, overwinning. Ere zij de eeuwige God. Laat elke natie, elke creatie buigen voor de eeuwige God. 2 Elke tong in hemel, op aard zal uw macht belijden. Elke knie buigt neer voor uw troon, aanbiddend. U wordt hoog verheven, o God en oneindig is uw heerschappij, o, eeuwige God. 3 De aarde wordt vol van uw koninkrijk. Zing nu voor de eeuwige God. Geen andere macht is aan U gelijk. Zing nu voor de eeuwige God. 4 Elke tong in hemel, op aard zal uw macht belijden. Elke knie buigt neer voor uw troon, aanbiddend. U wordt hoog verheven, o God en oneindig is uw heerschappij, o, eeuwige God. Opwekking 455 : 1-4 1 Wij gaan door over grenzen, geen deur blijft op slot. Hand in hand door alle landen, roepen wij: Jezus is Heer! 2 Wij komen op voor de zwakken, het licht breekt hun nacht. Het koninkrijk van Jezus Christus kondigt het aan, zie uit en wacht. 3 Wij gaan door zolang het dag is, het werk wordt gedaan. Al zaaien wij vaak onder tranen, wij juichen als wij oogsten gaan. 4 Straks zien wij Hem in zijn glorie. Het Lam dat eeuwig leeft. Hij haalt zijn bruid uit alle landen. Voor Hem de kroon, voor Hem de eer. Opwekking 456 : 1-5 1 Refrein: Niet de macht van wapenen, niet het werk van mensenhanden: onze kracht is de naam van de Heer. Niet de macht van wapenen, niet het werk van mensenhanden: onze kracht is de naam van de Heer. 2 Door de naam van Jezus worden wij gered; Hij hoort uit de hemel, antwoordt elk gebed. 3 Refrein: Niet de macht van wapenen, niet het werk van mensenhanden: onze kracht is de naam van de Heer. Niet de macht van wapenen, niet het werk van mensenhanden: onze kracht is de naam van de Heer. 4 Door het bloed van Jezus wast de Heer ons schoon. Hef nu zijn banier op; juichend voor Gods troon! 5 Refrein: Niet de macht van wapenen, niet het werk van mensenhanden: onze kracht is de naam van de Heer. Niet de macht van wapenen, niet het werk van mensenhanden: onze kracht is de naam van de Heer. Opwekking 457 : 1-2 1 Kom prijs de Heer al gij knechten van de Heer, die staan des nachts in het huis van de Heer. Kom prijs de Heer al gij knechten van de Heer en prijs zijn heil'ge naam. 2 Zing voor de Koning, want Hij is waardig. Kom zing je vreugdelied tot eer van Hem. Kom voor zijn aangezicht, dien Hem met vreugde; breek uit in luid gejuich. Opwekking 458 : 1-3 1 De Heer is hier in glorie en luister. De Heer is hier, verheerlijk zijn naam. De Heer is hier, hosanna, hosanna. De Heer is hier, verheerlijk zijn naam. De Heer is hier in glorie en luister. De Heer is hier, verheerlijk zijn naam. De Heer is hier, hosanna, hosanna. De Heer is hier, verheerlijk zijn naam. 2 Want de Heer daalt neer in Sion en Hij vestigt zijn troon op ons lied. Laat zijn grootheid zien en verhoog Hem, totdat iedereen Hem ziet. 3 De Heer is hier in glorie en luister. De Heer is hier, verheerlijk zijn naam. De Heer is hier, hosanna, hosanna. De Heer is hier, verheerlijk zijn naam. Opwekking 459 : 1-6 1 Levend water, verfrissend, vrij; het stroomt de berg af tot in de vallei. 't Is Gods rivier die je vreugde geeft. Hij brengt vernieuwing aan alles wat leeft. 2 Refrein: Daar bij de rivier gaan je voeten dansen. Daar bij de rivier zingt je hart een lied. Daar bij de rivier gaan je ogen lachen; kom drink het water, ontvang het om niet. 3 Het bruist van leven in Gods rivier; wie daarvan drinken, verheugen zich hier. En ben je eens in die stroom geweest, dan blijf je dorstig naar meer van Gods Geest. 4 Refrein: Daar bij de rivier gaan je voeten dansen. Daar bij de rivier zingt je hart een lied. Daar bij de rivier gaan je ogen lachen; kom drink het water, ontvang het om niet. 5 En op de berg in Gods heerlijkheid, daar zien wij Jezus in majesteit. En langs de oevers van Gods rivier daar juichen wij, want zijn liefde is hier. 6 Refrein: Daar bij de rivier gaan je voeten dansen. Daar bij de rivier zingt je hart een lied. Daar bij de rivier gaan je ogen lachen; kom drink het water, ontvang het om niet. Opwekking 460 : 1-3 1 Wat mij dierbaar was, wat ik vinden wou, dingen waar ik mij aan binden zou, alles wat ik zocht, kennis, macht of geld heeft geen waarde meer. Wat werk'lijk telt: Refrein: Ik wil U kennen, Jezus; dat is mijn grootste schat. U verlost, U bevrijdt, U bent mijn gerechtigheid; O, ik hou van U... 2 Ik geloof dat ik gerechtvaardigd ben, doordat U mij uw genade geeft. En mijn liefste wens is om meer en meer zoals U te zijn die in mij leeft. Refrein: Ik wil U kennen, Jezus; dat is mijn grootste schat. U verlost, U bevrijdt, U bent mijn gerechtigheid; O, ik hou van U... 3 En wanneer ik deel in uw lijden, Heer, zal ik delen in uw heerlijkheid. Door nu één met U in uw dood te zijn, zal ik bij U zijn in eeuwigheid. Refrein: Ik wil U kennen, Jezus; dat is mijn grootste schat. U verlost, U bevrijdt, U bent mijn gerechtigheid; O, ik hou van U... Opwekking 461 : 1-4 1 Mijn Jezus, mijn redder; Heer, er is niemand als U. Laat elk moment, al wat ik denk, vol zijn van uw liefde, Heer. 2 Mijn schuilplaats, mijn trooster, veilige toren van kracht; adem en stem, al wat ik ben, brengen U voortdurend eer. 3 Refrein: Juich voor de Heer, heel de aarde wees blij. Zing van de Koning en zijn heerschappij. Bergen aanbidden, de zee juicht mee bij het horen van uw naam. U wil ik prijzen voor dat wat U schiep; mijn leven lang loven, want U heb ik lief. Niets is zo goed als een leven heel dicht bij U. 4 Slot: Niets is zo goed als een leven heel dicht bij U. Opwekking 462 : 1-6 1 Refrein: Aan uw voeten Heer, is de hoogste plaats; daarom kniel ik neer bij U. Om bij U te zijn, is de grootste eer; daarom buig ik mij voor U. Ja, ik verkies nu om bij U te zijn en om naar U te luist'ren. In plaats van altijd maar weer bezig te zijn, kom ik nu tot U, o Heer. 2 Refrein: Aan uw voeten Heer, is de hoogste plaats; daarom kniel ik neer bij U. Om bij U te zijn, is de grootste eer; daarom buig ik mij voor U. Mijn hart verlangt er naar om samen te zijn, hier in een plaats van aanbidding. In geest en waarheid samen één te zijn, in aanbidding voor U. 3 Refrein: Aan uw voeten Heer, is de hoogste plaats; daarom kniel ik neer bij U. Om bij U te zijn, is de grootste eer; daarom buig ik mij voor U. Zoals een vader die zijn kind omarmt, ja, zo omarmt U ook mij. U bent een Vader die vertroost en beschermt en ik kom tot rust bij U. 4 Mijn hart verlangt er naar om samen te zijn, hier in een plaats van aanbidding. In geest en waarheid samen één te zijn, in aanbidding voor U. 5 Aan uw voeten Heer, is de hoogste plaats; daarom kniel ik neer bij U. Om bij U te zijn, is de grootste eer; daarom buig ik mij voor U. 6 Zoals een vader die zijn kind omarmt, ja, zo omarmt U ook mij. U bent een Vader die vertroost en beschermt en ik kom tot rust bij U. en ik kom tot rust bij U. en ik kom tot rust bij U. Opwekking 463 : 1-2 1 Vader, daal nu met uw Geest neer op wie hopen op uw kracht. Vader, ga genezend rond; heel hen die verwond op uw liefde wachten. Vader, U kunt ons genezen; daarom bidden wij tot U: Kom en vul ons met uw vuur, heel ons in dit uur; Vader, wij verwachten U. 2 Vader, U kunt ons genezen; daarom bidden wij tot U: Kom en vul ons met uw vuur, heel ons in dit uur; Vader, wij verwachten U. Opwekking 464 : 1-3 1 Wees stil voor het aangezicht van God, want heilig is de Heer. Aanbid Hem met eerbied en ontzag en kniel nu voor Hem neer; die zelf geen zonde kent en ons genade schenkt. Wees stil voor het aangezicht van God, want heilig is de Heer. 2 Wees stil, want de heerlijkheid van God omgeeft ons in dit uur. Wij staan nu op heilige grond, waar Hij verschijnt met vuur; een eeuwigdurend licht straalt van zijn aangezicht. Wees stil, want de heerlijkheid van God omgeeft ons in dit uur. 3 Wees stil, want de kracht van onze God daalt neer op dit moment. De kracht van de God die vergeeft en ons genezing brengt; niets is onmogelijk voor wie gelooft in Hem. Wees stil, want de kracht van onze God daalt neer op dit moment. Opwekking 465 : 1-3 1 Ik prijs U Heer, God van 't heelal; de Vredevorst, die komen zal. Ik breng U eer, want U regeert in mij. 2 En ik dien geen and're heer; geen afgod en geen koning. Ik verlang alleen naar U; mijn hart is U tot woning. 3 En met mijn hart, hef ik ook mijn handen op. Opwekking 466 : 1-6 1 Wandel in het licht, wandel in het licht, wandel in het licht, wandel in het licht van God. 2 Groter is Hij die in mij is, groter is Hij die in mij is, groter is Hij die in mij is, dan die in de wereld is. 3 Zing ik: halleluja, zing ik: halleluja, zing ik: halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. 4 Wandel in het licht, wandel in het licht, wandel in het licht, wandel in het licht van God. 5 Groter is Hij die in jou is, groter is Hij die in jou is, groter is Hij die in jou is, dan die in de wereld is. 6 Zing ik: halleluja, zing ik: halleluja, zing ik: halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 467 : 1-8 1 Wij zijn zout en wij zijn licht, waar elk duist're macht voor zwicht; Gods liefde spoort ons aan om de wereld in te gaan. Met de boodschap die bevrijdt, delen wij genade uit, opdat uw wil geschiedt; openbaar uw koninkrijk met kracht, o, kom met kracht. 2 Refrein: Stort uw zegen uit over deze stad; zend uw vuur. Stort uw regen uit over deze stad; zend uw vuur. Als wij U aanbidden; breek de vloek en zend uw vuur. Hoor ons, als wij bidden; zend uw zegen, zend uw vuur, o, zend uw vuur. 3 Heer, U overwon het graf, U die ons nieuw leven gaf; U bent weer opgestaan om de vijand te verslaan. Kom, verbreek de vloek die bindt, die de natiën verblindt; zend ons in uw naam. U bent opgestaan en U regeert, Heer, U regeert. 4 Stort uw zegen uit op de volken, Heer; zend uw vuur. Stort uw regen uit op de volken, Heer; zend uw vuur. Als wij U aanbidden; breek de vloek en zend uw vuur. Hoor ons, als wij bidden; zend uw zegen, zend uw vuur, o, zend uw vuur. 5 (m) Wij zijn zout en wij zijn licht, waar elke duist're macht voor zwicht; Gods liefde spoort ons aan om de wereld in te gaan. 6 (v) Met de boodschap die bevrijdt, delen wij genade uit, opdat Uw wil geschiedt; 7 (allen) openbaar uw koninkrijk met kracht, o, kom met kracht. 8 Stort uw zegen uit over Nederland; zend uw vuur. Stort uw regen uit over Nederland; zend uw vuur. Als wij U aanbidden; breek de vloek en zend uw vuur. Hoor ons, als wij bidden; zend uw zegen, zend uw vuur, o, zend uw vuur. Opwekking 468 : 1-4 1 Refrein : Wij willen dat Jezus wordt verhoogd, zodat Hij gezien wordt in ons land en ieder erkennen zal dat Hij de weg en de waarheid is. Wij willen dat Jezus wordt verhoogd, zodat Hij gezien wordt in ons land en ieder erkennen zal dat Hij de weg en de waarheid is. 2 Dit willen wij en bidden wij; dat Jezus verhoogd wordt in ons land. Dit willen wij, geloven wij; dat Jezus verhoogd wordt in ons land. 3 Stap voor stap wordt land veroverd, langzaam maar zeker gaan wij door. Elke muur wordt afgebroken; door gebed... vallen ze neer en neer en neer en neer.... 4 Refrein : Wij willen dat Jezus wordt verhoogd, zodat Hij gezien wordt in ons land en ieder erkennen zal dat Hij de weg en de waarheid is. Opwekking 469 : 1-2 1 Halleluja, Jezus Christus leeft! Nu Hij het graf verlaten en de dood ontwapend heeft, zal Hij voor eeuwig heersen; Jezus leeft, ja Hij leeft! 2 Hij, de alpha en omega zal altijd koning zijn; Hij kocht ons vrij van zonde, met zijn bloed wast Hij ons rein. Het Lam is overwinnaar; Jezus leeft, ja Hij leeft. Halleluja, Jezus Christus leeft! Opwekking 470 : 1-6 1 Refrein: Heer, als ik denk aan wat U voor mij deed, dan kan ik U alleen maar danken. En als ik denk aan de strijd die U streed, dan kan ik U alleen maar danken. 2 Angst en verdriet in Gethsémané; door uw eigen vrienden verlaten en verraden door een kus, geschopt en geslagen, omdat U zoveel van mij hield. 3 Refrein: Heer, als ik denk aan wat U voor mij deed, dan kan ik U alleen maar danken. En als ik denk aan de strijd die U streed, dan kan ik U alleen maar danken. 4 Doornen op uw hoofd, een speer in uw zij, spijkers door uw handen en voeten; van het leven beroofd, om te sterven voor mij, omdat U zoveel van mij hield. 5 Refrein: Heer, als ik denk aan wat U voor mij deed, dan kan ik U alleen maar danken. En als ik denk aan de strijd die U streed, dan kan ik U alleen maar danken. 6 Heer, als ik denk aan wat U voor mij deed, dan kan ik U alleen maar danken. En als ik denk aan de pijn die U leed, dan kan ik U alleen maar danken, o, Heer. Opwekking 471 : 1-5 1 Heer, raak mijn hart aan, maak mij bereid uw pijn te voelen om wie er lijdt, uw tranen te huilen, bewogen te zijn; o, kom raak mijn hart aan, Heer, maak mij bereid. 2 Ze zeggen allemaal: Je kunt niks doen, je bent een oen; ze trekken altijd aan mijn paardestaart, ik ben niks waard. Nou heb ik weer de ranja omgegooid, ik leer het nooit. Mijn moeder luistert nooit als ik wat zeg, 'k heb altijd pech, ik ga maar weg. 3 Weet je dat de Vader je kent? Weet je dat je van waarde bent? Weet je dat je een parel bent; een parel in Gods hand? Een parel in Gods hand. 4 Ik snap alweer niks van die rare som, ik ben zo dom. M'n bloes zit onder de spaghettimix, ik kan ook niks. Al noemt de hele klas mij sacherijn, ik mag er zijn. Al zegt mijn broertje steeds: Wat stout ben jij - God houdt van mij, God houdt van mij! 5 Ik weet dat de Vader mij kent. Ik weet dat ik van waarde ben. Ik weet dat ik een parel ben - een parel in Gods hand. (2x) Opwekking 472 : 1-9 1 Blaas met de adem van uw Geest op ons; raak ons aan, zodat uw leven komt. Geef ons geloof, Heer in uw werk; in onze zwakheid betoont U zich sterk. Refrein: Laat ons een volk zijn, dat U vreest, vol van uw liefde, die wonden geneest. Maak ons een leger, sterk in de strijd, dat als een eenheid uw komst voorbereidt. 2 Kom, Jezus, kom en raak ons aan. Kom, Jezus, kom. Kom, Jezus, kom en raak ons aan. Kom, Jezus, kom. 3 Stroom met uw levend water door ons heen; was ons schoon, vernieuw ons hart van steen. Zie hoe uw lichaam is verdeeld; schenk ons uw liefde die sterkt en die heelt. Refrein: Laat ons een volk zijn, dat U vreest, vol van uw liefde, die wonden geneest. Maak ons een leger, sterk in de strijd, dat als een eenheid uw komst voorbereidt. 4 Kom, Jezus, kom en maak ons één. Kom, Jezus, kom. Kom, Jezus, kom en maak ons één. Kom, Jezus, kom. 5 Kom en ontsteek in ons een machtig vuur, dat zal branden tot het laatste uur. Zie, hoe uw schepping U verwacht; maak ons gereed voor uw komst in de nacht. Refrein: Laat ons een volk zijn, dat U vreest, vol van uw liefde, die wonden geneest. Maak ons een leger, sterk in de strijd, dat als een eenheid uw komst voorbereidt. 6 Kom, Jezus, kom wij verwachten U. Kom, Jezus, kom. Kom, Jezus, kom wij verwachten U. Kom, Jezus, kom. KOM, JEZUS, KOM! 7 Kom en ontsteek in ons een machtig vuur, dat zal branden tot het laatste uur. Zie, hoe uw schepping U verwacht; maak ons gereed voor uw komst in de nacht. 8 laat ons een volk zijn, dat U vreest, vol van uw liefde, die wonden geneest. Maak ons een leger, sterk in de strijd, dat als een eenheid uw komst voorbereidt. 9 Kom, Jezus kom en raak ons aan. Kom, Jezus kom. Kom, Jezus kom en raak ons aan. Kom, Jezus kom. Opwekking 473 : 1-6 (v) Zing een heerlijk lied van vreugde, spring op en juich want Hij die verwacht wordt Hij komt; de Bruidegom. En dan komt een betere tijd... En dan wordt een feestmaal bereid... (m) Dans uit alle macht en klap in je handen en wees blij, want de tijd is nabij, dat Hij ons verschijnt. En dan nodigt Jezus ons uit... En dan zijn we rein als zijn bruid... Refrein: Dansend over de gouden straten, de stralende bruid en de Mensenzoon. Alle landen en volkeren zingen het lied van het Lam op de troon. (m) Zing met heel je hart en jubel het uit. (v) Zing met heel je hart en jubel het uit. (m) De hoog verheven Koning komt voor zijn bruid. (v) De hoog verheven Koning komt voor zijn bruid. (m) Vertel het overal en kondig het aan; (v) Vertel het overal en kondig het aan; (m) het grote bruiloftsfeest, het feest van het Lam. (v) het grote bruiloftsfeest, het feest van het Lam. Refrein: Dansend over de gouden straten, de stralende bruid en de Mensenzoon. Alle landen en volkeren zingen het lied van het Lam op de troon. Dansend over de gouden straten... Dansend over de gouden straten... Dansend over de gouden straten... Dansend over de gouden straten... Opwekking 474 : 1-3 1 Niemand is als U, niemand die mijn hart vervult zoals U; ook al zoek ik heel mijn leven lang door, er is niemand zoals U. (m) Uw liefde stroomt als een brede rivier, genezing komt door uw hand. (v) Angstige kinderen schuilen bij U, niemand is als U. 2 Niemand is als U, niemand die mijn hart vervult zoals U; ook al zoek ik heel mijn leven lang door, er is niemand zoals U. Slot: Ook al zoek ik heel mijn leven lang door, er is niemand zoals U, niemand zoals U. 3 Niemand is als U, niemand die mijn hart vervult zoals U; ook al zoek ik heel mijn leven lang door, er is niemand zoals U, ook al zoek ik heel mijn leven lang door, er is niemand zoals U, niemand zoals U. Opwekking 475 : 1-5 1 Majesteit, Koning in eeuwigheid, U die heel de schepping door uw hand hebt voortgebracht. Majesteit, Koning in eeuwigheid, U bent mijn Verlosser, mijn schuilplaats en mijn kracht. 2 Refrein: Wij verhogen U, Heer Jezus; elke knie zal buigen voor uw troon. Wij verhogen U, Heer Jezus; niemand is als U, nee, niemand is als U. 3 Slot: Nee, niemand is als U. Nee, niemand is als U. 4 Wij verhogen U, Heer Jezus; elke knie zal buigen voor uw troon. Wij verhogen U, Heer Jezus; niemand is als U, nee, niemand is als U. 5 Wij verhogen U, Heer Jezus; elke knie zal buigen voor uw troon. Wij verhogen U, Heer Jezus; niemand is als U, nee, niemand is als U. Nee, niemand is als U. Nee, niemand is als U. Opwekking 476 : 1-7 1 Refrein: O, wat een machtige God, o, wat een grote Verlosser; Heel de schepping roept in aanbidding: 'Heilig is de Heer'. O, wat een machtige God, o, wat een grote Verlosser; vol van liefde, goedheid, genade; o, wat een machtige God, o, wat een machtige God. 2 (v) De kracht van uw stem doet de aarde beven; (allen) o, wat een machtige God. (v) Uw hand strekt zich uit, doet de doden leven; (allen) o, wat een machtige God. 3 Refrein: O, wat een machtige God, o, wat een grote Verlosser; Heel de schepping roept in aanbidding: 'Heilig is de Heer'. O, wat een machtige God, o, wat een grote Verlosser; vol van liefde, goedheid, genade; o, wat een machtige God, o, wat een machtige God. 4 (m) U kwam uit het graf, tot het heil van mensen; (allen) o, wat een machtige God. (m) Uw kracht leidt ons voort over alle grenzen; (allen) o, wat een machtige God. 5 Refrein: O, wat een machtige God, o, wat een grote Verlosser; Heel de schepping roept in aanbidding: 'Heilig is de Heer'. O, wat een machtige God, o, wat een grote Verlosser; vol van liefde, goedheid, genade; o, wat een machtige God, o, wat een machtige God. 6 Bridge: Hij heeft geopenbaard in zijn grootheid gerechtigheid en heil aan alle volken. 7 (refrein) Opwekking 477 : 1-6 1 Refrein : Jezus, wij vieren dat U overwon; Jezus, uw liefde maakt ons blij. Jezus, U bracht ons leven door uw dood; Jezus, uw offer maakt ons vrij. Jezus, wij vieren dat U overwon; Jezus, uw liefde maakt ons blij. Jezus, U bracht ons leven door uw dood; Jezus, uw offer maakt ons vrij. 2 Eens vastgebonden, geknecht door slavernij, maar Jezus droeg de zonden, daardoor maakte Hij ons vrij. Door zijn verlossing vieren wij nu feest en om zijn liefde juichen wij. 3 Refrein : Jezus, wij vieren dat U overwon; Jezus, uw liefde maakt ons blij. Jezus, U bracht ons leven door uw dood; Jezus, uw offer maakt ons vrij. 4 De weg is open om met vrijmoedigheid binnen te lopen in zijn aanwezigheid. Daar, in zijn glorie, verdwijnen angst en nood, zijn liefde raakt ons wezen aan. 5 Refrein : Jezus, wij vieren dat U overwon; Jezus, uw liefde maakt ons blij. Jezus, U bracht ons leven door uw dood; Jezus, uw offer maakt ons vrij. 6 Slot: Jezus, wij vieren dat U overwon; Jezus, uw liefde maakt ons blij. Jezus, U bracht ons leven door uw dood; Jezus, uw offer maakt ons Jezus, uw offer maakt ons Jezus, uw offer maakt ons vrij Opwekking 478 : 1-3 1 Speel nu luid op de trompet, zing het uit, verkondig het dat Hij, de grote Koning komt o, kinderen van God. 2 Roer de trom, verhef je stem, kom, bereid de weg voor Hem; de Heer der heren komt terug, o, kinderen van God. Zing: Jezus is Heer, Jezus is Heer. 3 Aanbid het Lam dat redding bracht, want Hij ontnam de dood zijn kracht. De Zoon van God heeft alle macht; Jezus is Heer, Jezus is Heer. Slot: Jezus is Heer, Jezus is Heer. Opwekking 479 : 1-4 1 Refrein: Wij zijn meer dan overwinnaars door Hem die ons heeft liefgehad. Wie zal ons nog kunnen scheiden van de liefde van de Heer. 2 Want als God voor ons is, wie is er tegen ons. Hij die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard heeft van de dood. Hij is gestorven en Hij is opgestaan. Ja, Hij troont nu in de hemel, aan de rechterhand van God. 3 Refrein: Wij zijn meer dan overwinnaars door Hem die ons heeft liefgehad. Wie zal ons nog kunnen scheiden van de liefde van de Heer. 4 Al worden wij vervolgd, al worden wij gedood, wij zijn meer dan overwinnaars door Jezus onze Heer. Noch dood, noch leven, heden of toekomst, niets zal ons nog kunnen scheiden van de liefde van de Heer. Slot: Wij zijn meer dan overwinnaars. Opwekking 480 : 1-7 1 Refrein: U stierf voor mij, mijn Jezus, veracht om mij, mijn God; uw lichaam verbroken om mijn ongerechtigheid, uw bloed heeft mij bevrijd. 2 U kwam bij ons om een mens te zijn, als een kind zo hulpeloos en klein. Een man van smarten, veracht en bespot, de Zoon van God, de Koning, U droeg mijn pijn. 3 Refrein: U stierf voor mij, mijn Jezus, veracht om mij, mijn God; uw lichaam verbroken om mijn ongerechtigheid, uw bloed heeft mij bevrijd. 4 Daar aan het kruishout werd U gedood, door uw striemen droeg U al mijn nood. Uw kostbaar bloed bracht verlossing voor mij, van zonde vrij, door Jezus' genade groot. 5 Refrein: U stierf voor mij, mijn Jezus, veracht om mij, mijn God; uw lichaam verbroken om mijn ongerechtigheid, uw bloed heeft mij bevrijd. 6 De dood verloor zijn grote kracht, Jezus heeft nu alle macht, brak de vloek van satans rijk, bracht het Hemels koninkrijk; Heilig Koning! 7 Refrein: U stierf voor mij, mijn Jezus, veracht om mij, mijn God; uw lichaam verbroken om mijn ongerechtigheid, uw bloed heeft mij bevrijd. U stierf voor mij, mijn Jezus, veracht om mij, mijn God; uw lichaam verbroken om mijn ongerechtigheid, uw bloed heeft mij bevrijd. Opwekking 481 : 1-5 1 Ik aanbid U (Ik aanbid U) met heel mijn hart (met heel mijn hart). Ik verhoog U (ik verhoog U) met al mijn kracht (al mijn kracht). 2 Heer, ik zoek U (Heer, ik zoek U), wil zijn waar U bent (wil zijn waar U bent). Heer, ik volg U (Heer, ik volg U), wil gaan waar U zendt (waar U zendt). 3 Refrein: Heer, ik geef U mijn aanbidding, Heer, ik geef U al mijn dank en eer. U alleen wil ik aanbidden, U alleen komt toe mijn dank en eer. 4 Heer, ik dien U (Heer, ik dien U), en buig voor U neer (en buig voor U neer), geef mijn leven (geef mijn leven), want U bent mijn Heer (U bent Heer). 5 Ik vertrouw U (Ik vertrouw U), Vader en Zoon (Vader en Zoon), hef mijn ogen (hef mijn ogen) op naar uw troon (naar uw troon). Opwekking 482 : 1-5 1 De Heer onze God: Hij is Koning. De Heer onze God; verheven is zijn naam, geweldig in kracht, groot in daden, de Heer onze God; verheerlijk nu zijn naam! 2 Halleluja! Hij is de Allerhoogste. Halleluja! Hij zetelt op de troon. Halleluja! Zijn koningschap is eeuwig. Halleluja! Wij juichen voor zijn naam! 3 (v) Met het tweesnijdend zwaard in de rechterhand en bewaard door het schild van het geloof, (m) mogen wij overwinnen als de strijd ontbrandt, worden vurige pijlen steeds gedoofd. 4 Jezus de Heer: Hij is Koning. Jezus de Heer; verheven is zijn naam, geweldig in kracht, groot in daden. Jezus de Heer; verheerlijk nu zijn naam! 5 Halleluja! Het Lam is overwinnaar. Halleluja! Hij heerst nu op de troon. Halleluja! De dood is overwonnen. Halleluja! Wij juichen voor zijn naam! Halleluja! Wij juichen voor zijn naam! Opwekking 483 : 1-3 1 O zie, de Heer zit op zijn troon; zijn aangezicht straalt als de zon, met ogen van vuur en voeten van brons, zijn stem ruist als een waterval. Heilig, heilig, Heer God almachtig. Heilig, heilig, wij staan hier vol ontzag. 2 Die is en was zal eeuwig zijn, Hij ging voor ons door dood en pijn. Maar zie, Hij leeft en heeft voor altijd de sleutels van het dodenrijk. Heilig, heilig, Heer God almachtig. Heilig, heilig, wij buigen voor uw troon. 3 Breng nu de eer, de heerlijkheid aan Jezus groot in majesteit. 't Heelal hoort ons lied en beeft als weerklinkt: 'Waardig is de Zoon van God!' Heilig, heilig, Heer God almachtig. Heilig, heilig, wij knielen voor U neer. Heilig, heilig, Heer God almachtig. Heilig, heilig, wij knielen voor U neer. Wij knielen voor U neer. Opwekking 484 : 1-8 1 Ik wil altijd zijn waar U bent, al de dagen van mijn leven; dat ik U niet van een afstand ken, maar met U verweven ben. 2 Ik wil altijd zijn waar U bent, in de schaduw van uw vleugels. Breng me naar de plaats waar U bent, ik wil bij U zijn, o Heer. 3 Want ik wil zijn waar U bent; leven in uw schuilplaats, feesten aan uw tafel, omgeven door uw heerlijkheid. 4 In uw schuilplaats, daar zou ik altijd willen zijn; ik wil bij U zijn, heel dicht bij U zijn, o Heer. 5 O mijn God. U bent mijn schild en mijn kracht. In uw nabijheid merk ik: U bent sterk al ben ik zwak. 6 Ik wil altijd zijn waar U bent, in de schaduw van uw vleugels. Breng me naar de plaats waar U bent. Ik wil bij U zijn, heel dicht bij U zijn, o Heer. 7 Want ik wil zijn waar U bent; leven in uw schuilplaats, feesten aan uw tafel, omgeven door uw heerlijkheid. 8 In uw schuilplaats, daar zou ik altijd willen zijn; ik wil bij U zijn, heel dicht bij U zijn, o Heer. Ik wil bij U zijn, heel dicht bij U zijn, o Heer. Opwekking 485 : 1-5 1 (v) Er is een plaats waar de Heer ons zegent, waar eenheid en liefde regeert, een plaats waar de olie van God kan stromen; daar zijn wij één. 2 (m) Heer, U riep ons om vast verbonden als een lichaam te zijn, één als vrienden door de Geest van Jezus, sterk tot het eind. 3 Vader wij bidden zoals Jezus ons leerde; maak ons één, zoals U dat bent. Bind ons samen in eenheid en streven, sterk door de liefde van Hem. 4 (4x) Wij doorbreken elke muur, wij doorbreken elke muur, wij doorbreken elke muur in de naam van de Zoon. Wij doorbreken elke muur, wij doorbreken elke muur en wij worden één. 5 Slot: Wij worden één. Wij worden één. Opwekking 486 : 1-7 1 Wij zijn Gods kind'ren verlost door zijn lijden, vrij door wat Hij heeft volbracht; Heilige priesters, een licht voor de volken, één in zijn Geest, vol van zijn kracht. 2 Refrein: Ga dan in zijn naam, verkondig Jezus’ naam. Kind’ren van God, sta nu op in zijn kracht en verkondig Jezus, Redder, Verlosser en Heer. 3 En terwijl duizenden dwalen in ’t duister slapen wij hier in het licht; Jezus beveelt ons discip’len te maken, liefde is meer, meer dan een plicht. 4 Refrein: Ga dan in zijn naam, verkondig Jezus’ naam. Kind’ren van God, sta nu op in zijn kracht en verkondig Jezus, Redder, Verlosser en Heer. 5 Hoor je de wind van de Geest ons vertellen: eens komt de tijd aan zijn eind. Machten van hemel en aarde, zij wank’len: alles wordt nieuw, Jezus verschijnt. 6 Refrein: Ga dan in zijn naam, verkondig Jezus’ naam. Kind’ren van God, sta nu op in zijn kracht en verkondig Jezus, Redder, Verlosser en Heer. Ga dan in zijn naam, verkondig Jezus’ naam. Kind’ren van God, sta nu op in zijn kracht en verkondig Jezus, Redder, Verlosser en Heer. 7 Jezus is Heer. Jezus is Heer. Jezus is Heer. Jezus is Heer. Opwekking 487 : 1-2 O Heer, giet een stroom van levend water over ons uit, o Heer, kom met kracht. O Heer, stort uw Geest en uw genade over ons uit, o Heer, kom met kracht. Zie ons verdorde land, hoor ons belijden: Alleen uw sterke hand kan ons bevrijden. Laat er vanuit uw troon nieuw leven komen; bevloei opnieuw ons land met waterstromen. Opwekking 488 : 1-6 1 Heer ik kom tot U; neem mijn hart, verander mij, als ik U ontmoet vind ik rust bij U. Want Heer ik heb ontdekt, dat als ik aan uw voeten ben, trots en twijfel wijken voor de kracht van uw liefde. 2 Refrein: Houd mij vast, laat uw liefde stromen. Houd mij vast, heel dichtbij uw hart. Ik voel uw kracht en stijg op als een arend; dan zweef ik op de wind, gedragen door uw Geest en de kracht van uw liefde. 3 Heer, kom dichterbij dan kan ik uw schoonheid zien en uw liefde voelen, diep in mij. En Heer, leer mij uw wil, zodat ik U steeds dienen kan en elke dag mag leven door de kracht van uw liefde. 4 Refrein: Houd mij vast, laat uw liefde stromen. Houd mij vast, heel dichtbij uw hart. Ik voel uw kracht en stijg op als een arend; dan zweef ik op de wind, gedragen door uw Geest en de kracht van uw liefde. 5 Refrein: Houd mij vast, laat uw liefde stromen. Houd mij vast, heel dichtbij uw hart. Ik voel uw kracht en stijg op als een arend; dan zweef ik op de wind, gedragen door uw Geest en de kracht van uw liefde. 6 Dan zweef ik op de wind, gedragen door uw Geest en de kracht van uw liefde. Opwekking 489 : 1-5 1 Wij willen U ontmoeten, U eren in ons lied, vol dank en vol aanbidding, omdat U telkens weer voorziet. Uw liefde vult ons leven, wij zijn zo rijk door U. De dank die wij U geven is ons liefdeslied voor U. 2 Refrein: U bent Vader van de schepping, de opgestane Heer. U verdreef de donk're nacht, toen uw dood nieuw leven bracht. En U heeft uw volk bevrijd door macht en majesteit, Ik wil U volgen, Heer, heel mijn leven, voor altijd. 3 Mijn Jezus, ik aanbid U, mijn lied verhoogt uw naam, want U bent mijn bevrijder, de sterke rots waarop ik sta. Uw liefde vult mijn leven, ik ben zo rijk door U. Mijn dank wil ik nu geven in een liefdeslied voor U. 4 Refrein: U bent Vader van de schepping, de opgestane Heer. U verdreef de donk're nacht, toen uw dood nieuw leven bracht. En U heeft uw volk bevrijd door macht en majesteit, Ik wil U volgen, Heer, heel mijn leven, voor altijd. 5 Refrein: U bent Vader van de schepping, de opgestane Heer. U verdreef de donk're nacht, toen uw dood nieuw leven bracht. En U heeft uw volk bevrijd door macht en majesteit, Ik wil U volgen, Heer, heel mijn leven, voor altijd. Opwekking 490 : 1-3 1 Luid gejuich en jubellied vervullen het huis van wie schuilen bij de Heer. Luid gejuich en jubellied vervullen het huis van wie schuilen bij de Heer. 2 Gods rechterhand die grote dingen doet, Gods rechterhand heeft ons bevrijd. Gods rechterhand die grote dingen doet, voor ieder die bij Hem schuilt, voor ieder die bij Hem schuilt. 3 Luid gejuich en jubellied vervullen het huis van wie schuilen bij de Heer. van wie schuilen bij de Heer. Opwekking 491 : 1-3 1 Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen. (Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen.) Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen. (Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen.) 2 Zing voor Hem een nieuw lied, met een hart dat juicht voor Hem. O, maak met mij de Here groot en laat ons samen zijn naam verhogen. O, maak met mij de Here groot. Kom en verhoog zijn naam. 3 Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen. (Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen.) Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen. (Kom, wees blij in de Heer, al zijn kinderen.) Prijs zijn grote naam. (Prijs zijn grote naam.) Prijs zijn grote naam. (Prijs zijn grote naam.) Prijs zijn grote naam. Opwekking 492 : 1-8 1 (m) Wie kleurt de zon als de dag openbloeit? Groot is de luister van Jezus. (m) Wie maakt dat regen de aarde bevloeit? Groot is de luister van Jezus. 2 (v) Wie heeft het leven uit stof voortgebracht? Groot is de luister van Jezus; (v) maakt dat de steppe weer jubelt en lacht? Groot is de luister van Jezus. Spreek van zijn wonderen overal, dat heel de wereld Hem prijzen zal: 3 Refrein: Onze God is rijk in barmhartigheid, niemand Hem gelijk, vol van heerlijkheid. Kniel nu bij zijn troon, want de Heer is hier; dan wast Hij je schoon in zijn levensrivier. 4 (m) Wie hoort de roep van wie hopeloos zijn? Groot is de liefde van Jezus. (m) Wie heelt de wonden van harten vol pijn? Groot is de liefde van Jezus. 5 (v) Wie kocht ons vrij uit de duistere nacht? Groot is de liefde van Jezus. (v) Wie heeft ons eeuwige redding gebracht? Groot is de liefde van Jezus. Spreek van zijn wonderen overal, dat heel de wereld Hem prijzen zal: 6 Refrein: Onze God is rijk in barmhartigheid, niemand Hem gelijk, vol van heerlijkheid. Kniel nu bij zijn troon, want de Heer is hier; dan wast Hij je schoon in zijn levensrivier. Onze God is rijk in barmhartigheid, niemand Hem gelijk, vol van heerlijkheid. Kniel nu bij zijn troon, want de Heer is hier; dan wast Hij je schoon in zijn levensrivier. 7 Spreek van zijn wonderen overal, dat heel de wereld Hem prijzen zal: 8 Onze God is rijk in barmhartigheid, niemand Hem gelijk, vol van heerlijkheid. Kniel nu bij zijn troon, want de Heer is hier; dan wast Hij je schoon in zijn levensrivier. Opwekking 493 : 1-4 1 Jezus, wat een heerlijke naam; Mensenzoon, Zoon van God, Lam op de troon. Blijdschap en vrede, genade en hoop, al mijn schuld is weggedaan; Jezus, wat een heerlijke naam. 2 Jezus, wat een heerlijke naam; zekerheid, sterke rots, troost als ik lijd. Vrijheid, geborgenheid, leven en kracht, waarheid die mij sterk doet staan; Jezus, wat een heerlijke naam. 3 Jezus, wat een heerlijke naam; heeft mij bevrijd, mijn vaste burcht, held in de strijd. Vergeving en reiniging, warmte en licht, liefde die mij op doet staan; Jezus, wat een heerlijke naam. 4 Vergeving en reiniging, warmte en licht, liefde die mij op doet staan; Jezus, wat een heerlijke naam. Jezus, wat een heerlijke naam. Opwekking 494 : 1-3 1 Soms als ik uw liefde voel zomaar op de straat, heel dicht bij, dan bid ik en fluister ik uw naam. Soms als U mij aanraakt Heer op een stil moment van de dag, dan zing ik: mijn God, ik heb U lief. 2 En af en toe, dan zou mijn hart haast barsten, als ik ervaar hoe groot uw liefde is. Dan groeit in mij steeds sterker dit verlangen: laat heel de wereld zien, hoe echt uw liefde is. 3 Refrein: Ik heb U lief, wil ik roepen over straat. Ik heb U lief, wil ik schreeuwen uit mijn hart. Ik heb U lief, om uw liefde echt en diep, ja, uw liefde heb ik lief. Opwekking 495 : 1-8 1 Hemelse Vader, door uw genade mag ik U naderen, dicht bij uw troon. Niet door mijn streven rechtvaardig te leven, maar door het offer van uw Zoon 2 Refrein: wordt mijn schuld weggedaan, mag ik rein voor U staan; door het bloed van het Lam dat mij vrijmaakt, mag ik uw huis binnengaan. 3 (m) Hij zegt: Kom (v) (en eet aan mijn tafel) (m) Hij zegt: Kom (v) (en drink van de wijn) (m) Hij zegt: (allen) Proef van de vrijheid in mijn nabijheid te zijn. 4 Bron van mijn leven, door uw vergeving ken ik uw vrede daar U in mij woont. U kent mijn daden, mijn angsten en falen, maar door het offer van uw Zoon 5 Refrein: wordt mijn schuld weggedaan, mag ik rein voor U staan; door het bloed van het Lam dat mij vrijmaakt, mag ik uw huis binnengaan. wordt mijn schuld weggedaan, mag ik rein voor U staan; door het bloed van het Lam dat mij vrijmaakt, mag ik uw huis binnengaan. 6 (m) Hij zegt: Kom (v) (en eet aan mijn tafel) (m) Hij zegt: Kom (v) (en drink van de wijn) (m) Hij zegt: (allen) Proef van de vrijheid in mijn nabijheid te zijn. 7 (m) Ja, ik kom (v) (en eet aan uw tafel) (m) Ja, ik kom (v) (en drink van de wijn) (m) Ja, ik (allen) proef van de vrijheid in uw nabijheid te zijn. 8 Hemelse Vader, Hemelse Vader, Hemelse Vader, Hemelse Vader. Opwekking 496 : 1-4 1 Kadosh, kadosh, kadosh. Kadosh, kadosh, kadosh. Adonai Elohim, tz' vaoth, Adonai Elohim, tz' vaoth. 2 Asher hayah v' hoveh v' yavo! Asher hayah v' hoveh v' yavo! 3 Heilig, heilig, heilig. Heilig, heilig, heilig is de Heer onze God, de Almachtige, is de Heer onze God, de Almachtige, 4 die was en die is en die komen zal, die was en die is en die komen zal. die was en die is en die komen zal, die was en die is en die komen zal. Opwekking 497 : 1-5 1 Ik wil leven door uw Geest en in waarheid, o Heer. Alle liefde die ik heb, leg ik hier voor U neer. Ik geef alles op voor U en houd niets apart. Heer, aanvaard mijn offer nu, mijn gebroken hart. 2 Refrein: Jezus, wat kan ik doen, mijn Koning en Vriend? U gaf alles voor mij, meer dan ik had verdiend. Jezus, wat kan ik doen tot eer van uw naam? Neem dit lied aan als dank voor wat U hebt gedaan. Ieder woord schiet tekort en ik voel me verward, maar ik zing uit liefde voor U uit het diepst van mijn hart. 3 Heer, mijn dankbaarheid is groot om wat U hebt betaald. Door uw lijden en uw dood werd mijn leven bepaald. U nam alle schande weg van mijn zonde en schuld en hebt mij vanaf uw troon met uw liefde vervuld. 4 Refrein: Jezus, wat kan ik doen, mijn Koning en Vriend? U gaf alles voor mij, meer dan ik had verdiend. Jezus, wat kan ik doen tot eer van uw naam? Neem dit lied aan als dank voor wat U hebt gedaan. Ieder woord schiet tekort en ik voel me verward, maar ik zing uit liefde voor U uit het diepst van mijn hart. 5 Refrein: Jezus, wat kan ik doen, mijn Koning en Vriend? U gaf alles voor mij, meer dan ik had verdiend. Jezus, wat kan ik doen tot eer van uw naam? Neem dit lied aan als dank voor wat U hebt gedaan. Ieder woord schiet tekort en ik voel me verward, maar ik zing uit liefde voor U uit het diepst van mijn hart. Opwekking 498 : 1-6 1 Er is een stad met gouden straten, vol van Jezus' heerlijkheid. Er is een weg die daarheen leidt; daar is leven in eeuwigheid. 2 Alleen door U, alleen door U, alleen door uw dood, uw liefde zo groot. 3 Nooit meer rouw, nooit meer tranen, nooit meer lijden, nooit meer nood, nooit meer pijn, nooit meer ziekte, nooit meer onrecht, nooit meer dood. 4 Refrein: Alleen door U, alleen door U, alleen door uw dood, uw liefde zo groot. Oh, de schuld is afbetaald, we kunnen eeuwig leven; nu is er weer hoop, alleen door U. Oh, eens zien wij uw gezicht en iedereen zal dansen in de stad van onze God; alleen door U. 5 Altijd licht, altijd vrede, altijd blijdschap, altijd feest, altijd wijn die blijft stromen op het grote bruiloftsfeest. 6 Refrein: Alleen door U, alleen door U, alleen door uw dood, uw liefde zo groot. Oh, de schuld is afbetaald, we kunnen eeuwig leven; nu is er weer hoop, alleen door U. Oh, eens zien wij uw gezicht en iedereen zal dansen in de stad van onze God; alleen door U. Opwekking 499 : 1-11 1 Whoooh, whoooh, whoooh, whoooh. 2 Zie het Lam van God: Hij nadert, vaardig voor de strijd. Zie de Leeuw van Juda hoe Hij komt in majesteit. 3 Refrein: Hij komt in majesteit, in majesteit komt Hij, in majesteit komt Hij. 4 De Zoon van de gerechtigheid rijdt op het witte paard. Een machtig leger volgt Hem om te strijden tegen 't kwaad. 5 Refrein: Hij komt in majesteit, in majesteit komt Hij, in majesteit komt Hij. 6 En trekt de Here ten strijde wie zal zich verzetten? Jezus wint! 7 Whoooh, whoooh, whoooh, whoooh. 8 De wachters op de toren zijn de strijders voor het land. Zij proclameren overwinning door Gods sterke hand. 9 Refrein: Hij komt in majesteit, in majesteit komt Hij, in majesteit komt Hij. 10 En trekt de Here ten strijde, wie zal zich verzetten? Jezus wint! 11 Whoooh, whoooh, whoooh, whoooh, whoooh, whoooh, whoooh, whoooh. Opwekking 501 : 1-6 1 Vader, mijn God, ik aanbid U, heel mijn hart is op U gericht. Neem mijn leven in uw hand, hoed mijn ziel en mijn verstand en laat uw vrede heersen in mijn hart. 2 Heilige Geest, U mijn Trooster, maak mij sterk, hef mijn hoofd omhoog. Heer, uw waarheid maakt mij vrij en uw leven groeit in mij. O, laat uw vrede heersen in mijn hart. 3 Refrein: Heer, ik verlang zo naar meer van U, vul mijn gedachten tot eer van U. Jezus, mijn Redder, reinigt U mijn ziel en stort nieuw leven uit door uw Geest. Leg uw kracht op mij, uw liefde die geneest en laat uw vrede heersen in mijn hart. 4 Heilige Geest, U mijn Trooster, maak mij sterk, hef mijn hoofd omhoog. Heer, uw waarheid maakt mij vrij en uw leven groeit in mij. O, laat uw vrede heersen in mijn hart. 5 Refrein: Heer, ik verlang zo naar meer van U, vul mijn gedachten tot eer van U. Jezus, mijn Redder, reinigt U mijn ziel en stort nieuw leven uit door uw Geest. Leg uw kracht op mij, uw liefde die geneest en laat uw vrede heersen in mijn hart. 6 Refrein: Heer, ik verlang zo naar meer van U, vul mijn gedachten tot eer van U. Jezus, mijn Redder, reinigt U mijn ziel en stort nieuw leven uit door uw Geest. Leg uw kracht op mij, uw liefde die geneest en laat uw vrede heersen in mijn hart. Opwekking 502 : 1-2 1 Jezus, ik wil heel dicht bij U komen, in uw nabijheid wil 'k zijn. Zo dicht bij U voel 'k uw liefde stromen, U maakt mij heilig en rein. 2 In de schuilplaats van de Allerhoogste blijf ik onder uw vleugels, o Heer. Uw schaduw beschermt mij, uw troon is mijn toevlucht. U bent mijn leven, mijn eer. Opwekking 503 : 1 Overvloedig geef Ik u; zoals de Vader Mij zond, zo zend Ik u. Ga en deel mijn liefde uit; vrede zij u. Opwekking 504 : 1-6 1 Hoor, een roep klinkt wereldwijd; prijs de Heer der heerlijkheid, naties kom en vier het feest, maak Hem groot om wat Hij deed. 2 Refrein: Roep het luid, zing het uit en getuig van wat Hij deed. Roep het luid, prijs zijn naam, dat de aarde juich', Hij regeert. 3 Zie de trouw, aan ons betoond; God zond ons zijn eigen Zoon, die de dood ontwapend heeft; kom en zie dat Jezus leeft. 4 Refrein: Roep het luid, zing het uit en getuig van wat Hij deed. Roep het luid, prijs zijn naam, dat de aarde juich', Hij regeert. 5 Kondig aan, de dag begint, zeeën bruis, aarde zing, want Hij brengt gerechtigheid als Hij komt in majesteit. 6 Refrein: Roep het luid, zing het uit en getuig van wat Hij deed. Roep het luid, prijs zijn naam, dat de aarde juich', Hij regeert. Roep het luid, zing het uit en getuig van wat Hij deed. Roep het luid, prijs zijn naam, dat de aarde juich', Hij regeert. Roep het luid, zing het uit en getuig van wat Hij deed. Roep het luid, prijs zijn naam, dat de aarde juich', Hij regeert. Opwekking 505 : 1-7 1 Vader van de schepping, volvoer uw eeuwige plan. Maak ons een generatie die overwinnen kan. Heer, laat uw koninkrijk komen, waar heel de schepping op wacht en laat uw zalfolie stromen, Heer, openbaar ons uw kracht. 2 Refrein: Toon uw heerlijkheid in dit huis tot een zegenend licht voor de volken. Neem ons lied als reukoffer aan, nu wij hier voor uw aangezicht staan. 3 Koning van de aarde, maak ons een licht in de nacht en laat de wereld ervaren: de kerk is vol van uw kracht. Heer raak ons aan en vorm ons, maak ons sterk en bereid. Geef ons kracht waar wij kwetsbaar zijn; dan zijn wij klaar voor de strijd. 4 Refrein: Toon uw heerlijkheid in dit huis tot een zegenend licht voor de volken. Neem ons lied als reukoffer aan, nu wij hier voor uw aangezicht staan. 5 (m) Bouw uw koninkrijk, (v) Bouw uw koninkrijk, (m) kom in majesteit. (v) kom in majesteit. (m) Maak de aarde vol (v) Maak de aarde vol van Jezus' heerlijkheid. 6 Refrein: Toon uw heerlijkheid in dit huis tot een zegenend licht voor de volken. Neem ons lied als reukoffer aan, nu wij hier voor uw aangezicht staan. 7 Toon uw heerlijkheid in dit huis. Toon uw heerlijkheid in dit huis. Toon uw heerlijkheid in dit huis. Toon uw heerlijkheid in dit huis. Opwekking 506 : 1-7 1 Ik zing van het Lam dat zijn leven heeft neergelegd, want ook voor mij is de losprijs voldaan; hier sta ik dan met het kleed van gerechtigheid, dood in zijn dood en met Hem opgestaan. 2 Ik zing van zijn bloed, gevloeid voor mijn waardigheid, bloed dat mij wast en mijn wonden geneest; ’t Lam dat zich gaf in een daad van barmhartigheid zuivert mijn ziel en verzadigt mijn geest. 3 O, zing het lied van het Lam, o, zing het lied van het Lam, hoe groot is zijn liefde dat Hij bij ons kwam! Halleluja, halleluja. 4 Blind als ik was ben ik hopeloos vastgeraakt, verstrikt in een knoop die geen mens ooit ontwart; trots op mezelf kwam ik steeds meer alleen te staan, levend van buiten, maar dood in mijn hart. 5 O, zing het lied van het Lam, o, zing het lied van het Lam, dat al onze zonde en pijn op zich nam. Halleluja, halleluja. 6 Wat geeft een mens aan de Gever die alles gaf Jezus, vernederd, bespot en gehoond? Omdat ik weet dat niets mij weerhouden mag, geef ik mijzelf aan het Lam op de troon. 7 O, zing het lied van het Lam, o, zing het lied van het Lam, rechtvaardig en heilig en waardig bent U. Halleluja, halleluja. Halleluja, halleluja. Opwekking 507 : 1-5 1 't Is goed om U te ontmoeten, met uw kinderen U te prijzen. U geeft mij vrolijkheid, Heer; ‘k zing een lied en geef U eer. 't Is goed om U te ontmoeten, met uw kinderen U te prijzen. U geeft mij vrolijkheid, Heer; ‘k zing een lied en geef U eer. 2 U laat mijn voeten dansen, U vult mij met uw lied; U geeft mij reden voor een feest, een feest. 3 't Is goed om U te ontmoeten, met uw kinderen U te prijzen. U geeft mij vrolijkheid, Heer; ‘k zing een lied ‘k zing een lied ‘k zing een lied en geef U eer. 4 U laat mijn voeten dansen, U vult mij met uw lied; U geeft mij reden voor een feest, een feest. 5 't Is goed om U te ontmoeten, met uw kinderen U te prijzen. U geeft mij vrolijkheid, Heer; ‘k zing een lied en geef U eer. ‘k zing een lied ‘k zing een lied ‘k zing een lied en geef U eer. Opwekking 508 : 1-6 1 God is zo groot, oneindig groot, God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot, God is zo groot, oneindig groot. 2 Hij gaf ons de wind, de zee en het zand, de zon en de bloemen, de sneeuw op het land. Van 's morgens tot 's avonds, het hele jaar door verkondigt de schepping in koor: 3 Wat God aan ons geeft is nieuw elke dag; van mooie zonsopgang, tot heldere nacht. De dauw in de morgen, het daglicht breekt door; zing mee met de schepping in koor! 4 Voor kleuren en klanken, voor dans en muziek; wij willen Hem danken voor al wat Hij schiep. Wij zingen: God is zo groot, oneindig groot, God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot, God is zo groot, oneindig groot. 5 God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot. 6 Voor kleuren en klanken, voor dans en muziek; wij willen Hem danken voor al wat Hij schiep. Wij zingen: God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot. God is zo groot, oneindig groot. Opwekking 509 : 1-3 1 Zo lief had God de Vader ons, dat Hij zijn eigen Zoon zond tot heil van ons gebroken hart, omdat Hij ons zo kostbaar vond. Hoe diep en schrijnend was Gods pijn toen Hij zijn Zoon zo lijden zag; toch is het Jezus’ bloed dat ons weer dicht in zijn nabijheid bracht. 2 O, zie de mens daar aan het kruis, met al mijn schuld beladen; beschaamd hoor ik mijn eigen stem Hem loochenen en smaden. Het was mijn zonde die Hij droeg, totdat Hij riep: ‘Het is volbracht!’; zijn laatste adem bracht mij hoop, zijn sterven werd mijn levenskracht. 3 Ik roem niet meer in eigen kracht, in gaven, in wat wijsheid is; ik roem alleen nog in de Heer, zijn dood en zijn verrijzenis. Hoe zou ik delen in zijn loon, de zege die Hij heeft behaald? Maar dit weet ik met heel mijn hart: zijn offer heeft mijn schuld betaald. Opwekking 510 : 1-2 1 Dit is mijn verlangen: U prijzen, Heer; met mijn hele hart aanbid ik U. Al wat binnen in mij is, verlangt naar U; alles wat ik vinden wil, is in U. 2 Heer, ik geef U mijn hart, ik geef U mijn ziel; ik leef alleen voor U. Leid de weg die ik ga elk moment dat ik besta; Heer, doe uw wil in mij. Heer, doe uw wil in mij. Opwekking 511 : 1-6 1 Maak mijn hart vol van uw heerlijkheid, openbaar in mij uw majesteit, dan verkondig ik het wonder van uw naam en mijn hart zal voor U zingen, Heer. 2 Geef mij woorden vol genade, Heer, openbaar in mij uw kracht steeds meer, dan weerspiegel ik het wonder van uw trouw en mijn hart zal U aanbidden, Heer. 3 Refrein: Heer van genade, goedheid en trouw, God van gerechtigheid: hemel en aarde buigen voor U, Die troont in eeuwigheid. U komt de dank toe, Koning en Heer, de glorie en majesteit; ik geef U mijn liefde, ik geef U mijn hart en bezing uw heerlijkheid. 4 Laat uw liefde in mij zichtbaar zijn, maak mijn wezen nieuw en was mij rein, laat uw leven in mij groeien elke dag en mijn hart zal U aanbidden, Heer. 5 U bent Heer die heel de schepping leidt, vol genade en gerechtigheid; elke knie zal buigen, elke tong belijdt dat Jezus Christus is de Heer. 6 Refrein: Heer van genade, goedheid en trouw, God van gerechtigheid: hemel en aarde buigen voor U, Die troont in eeuwigheid. U komt de dank toe, Koning en Heer, de glorie en majesteit; ik geef U mijn liefde, ik geef U mijn hart en bezing uw heerlijkheid. Opwekking 512 : 1-3 1 Refrein: Wij verhogen U, wij verhogen U, wij verhogen U, almachtig God; U bent heilig, Heer der heerlijkheid; wij aanbidden U, Heer van ons hart. 2 Wij roepen: ‘Waardig het Lam dat geslacht is, alle rijkdom en wijsheid en eer.' Kom en troon in ons hart, dat buigt voor U alleen; Heer, toon ons uw macht en regeer. 3 Refrein: Wij verhogen U, wij verhogen U, wij verhogen U, almachtig God; U bent heilig, Heer der heerlijkheid; wij aanbidden U, Heer van ons hart. Opwekking 513 : 1-3 1 Halleluja, halleluja, halleluja, de Heer regeert. Halleluja, halleluja, halleluja, de almachtige God regeert. 2 Ja, Hij toont aan ons zijn macht, zijn overwinningen zijn groot; de duisternis zal wijken in zijn naam. Hij heeft het juk verbroken en gevangenen bevrijd; door zijn rechtvaardigheid zijn wij gered. 3 Halleluja, halleluja, halleluja, de Heer regeert. Halleluja, halleluja, halleluja, de almachtige God regeert. De almachtige God regeert. Opwekking 514 : 1 I went to the enemy's camp and I took back what he stole from me, took back what he stole from me, took back what he stole from me. I went to the enemy's camp and I took back what he stole from me; he's under my feet; he's under my feet; he's under my feet; he's under my feet; he's under my feet; he's under my feet; satan is under my feet. Opwekking 515 : 1 Can you believe what the Lord has done in me? Can you believe what the Lord has done in me? He saved me, cleansed me, turned my life around, set my feet upon the solid ground: can you believe what the Lord has done in me? Opwekking 516 : 1 Look what the Lord has done, look what the Lord has done. He healed my body, He touched my mind, He saved me just in time. Oh, I'm gonna praise His name, each day He's just the same; come on and praise Him, look what the Lord has done. Opwekking 517 : 1-5 1 Refrein: Gezegend zijn zij die wonen bij U; altijd brengen zij U eer. Gezegend zijn zij die wonen bij U; altijd brengen zij U eer. 2 Liever één dag in uw huis, o God dan duizend buiten uw hof. Liever als wacht bij de poorten staan dan leven zonder God. 3 Refrein: Gezegend zijn zij die wonen bij U; altijd brengen zij U eer. Gezegend zijn zij die wonen bij U; altijd brengen zij U eer. 4 Mijn ziel verlangt naar de God die leeft en naar uw heerlijkheid. Mijn hele hart strekt zich uit naar U naar uw aanwezigheid. 5 Refrein: Gezegend zijn zij die wonen bij U; altijd brengen zij U eer. Gezegend zijn zij die wonen bij U; altijd brengen zij U eer. Opwekking 518 : 1-4 1 Heer, U doorgrondt en kent mij; mijn zitten en mijn staan en U kent mijn gedachten, mijn liggen en mijn gaan. De woorden van mijn mond, o Heer, die zijn voor U bekend en waar ik ook naar toe zou gaan, ik weet dat U daar bent. 2 Heer, U bent altijd bij mij, U legt uw handen op mij en U bent voor mij en naast mij en om mij heen. Heer, U bent altijd bij mij, U legt uw handen op mij en U bent voor mij en naast mij en om mij heen, elke dag. 3 Heer, U doorgrondt en kent mij, want in de moederschoot ben ik door U geweven; U bent oneindig groot. Ik dank U voor dit wonder, Heer, dat U mijn leven kent en wat er ook gebeuren zal, dat U steeds bij mij bent. 4 Heer, U bent altijd bij mij, U legt uw handen op mij en U bent voor mij en naast mij en om mij heen. Heer, U bent altijd bij mij, U legt uw handen op mij en U bent voor mij en naast mij en om mij heen, elke dag. Opwekking 519 : 1-7 1 Ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, o God. Ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, o God. 2 U geneest mijn ziel, U geneest mijn ziel, U geneest mijn ziel, o God. U geneest mijn ziel, U geneest mijn ziel, U geneest mijn ziel, o God. 3 Refrein: Mijn hoop is op U, de Heer die de hemel en aarde gemaakt heeft; mijn hoop is op U, mijn schepper, mijn rots en mijn heil. 4 Ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, o God. Ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, ik vertrouw op U, o God. 5 Heer, ik schuil bij U, Heer, ik schuil bij U, Heer, ik schuil bij U, Heer, ik schuil bij U, Heer, ik schuil heel dicht bij U. Heer, ik schuil heel dicht bij U. 6 Refrein: Mijn hoop is op U, de Heer die de hemel en aarde gemaakt heeft; mijn hoop is op U, mijn schepper, mijn rots en mijn heil. 7 Ik vertrouw op U, Ik vertrouw op U, Ik vertrouw op U, o God. Ik vertrouw op U, Ik vertrouw op U, Ik vertrouw op U, o God. Opwekking 520 : 1-5 1 Wees mijn verlangen, o Heer van mijn hart, leer mij U kennen in vreugde en smart. Laat mijn gedachten op U zijn gericht; wakend of slapend, vervuld van uw licht. 2 Geef mij uw wijsheid, uw woorden van eer, dat ik in U blijf en U in mij Heer, U als mijn Vader en ik als uw kind dat in uw armen geborgenheid vindt. 3 Geef mij uw schild en uw zwaard in de strijd, maak mij tot machtige daden bereid. Wees als een burcht, als een toren van kracht, wijs mij omhoog waar uw liefde mij wacht. 4 Wat baat mij rijkdom of eer van een mens: bij U te wonen is al wat ik wens, met als beloning dat ik op U lijk; Hemelse Koning, pas dan ben ik rijk. 5 Hemelse Koning, die het kwaad overwon, als ik daar kom in het licht van uw zon, stralend van vreugde, getooid als een bruid, gaat mijn verlangen nog meer naar U uit. Stralend van vreugde, getooid als een bruid, gaat mijn verlangen nog meer naar U uit. Opwekking 521 : 1-3 1 U zorgt voor heel de schepping en uw hand vertroost mijn ziel. Van de einden der aard' tot het diepst van mijn hart wordt uw eeuwige trouw gezien. 2 U roept mij in uw liefde om heel dicht bij U te zijn, vol aanbidding, want U schiep de mens tot uw eer en uw heerlijkheid. 3 Ja Heer, ik ren naar U toe als ik bang ben of moe; niet door kracht noch geweld, maar door de Geest van uw Zoon. Ja Heer, ik loop, ik ren, tot ik bij U ben en tot ik leef in de schaduw van uw troon. Opwekking 522 : 1-6 1 Vader, stort uw Geest uit, op alle volken die bestaan; laten dan uw kind'ren profeteren in uw naam. 2 Toon in visioenen de geheimen van uw hart; ja, uw volk ziet uit, Heer naar die dag dat U uw grootheid openbaart. 3 Refrein: Er komt een tijd van grote opwekking; dan komen mensen tot besef dat Jezus leeft. Er komt een tijd van grote opwekking en iedereen die Jezus aanroept als Heer wordt gered. 4 Vader, toon uw glorie aan alle mensen die bestaan; dan buigt elke knie zich vol van eerbied voor uw naam. 5 Laat de hemel beven, schud de aarde door uw kracht; zie de schepping smachten naar die dag dat U uw grootheid openbaart. 6 Refrein: Er komt een tijd van grote opwekking; dan komen mensen tot besef dat Jezus leeft. Er komt een tijd van grote opwekking en iedereen die Jezus aanroept als Heer wordt gered. Opwekking 523 : 1-6 1 Laat ieder het horen, dat eens werd geboren, de Redder der wereld, de Heer van ’t heelal. De engelen melden, in Efratha’s velden, dat Hij werd geboren in Bethlehems stal. 2 Refrein: Komt, laten wij eren, de Here der Heren, zo groot van ontferming en van gena. Want Hij wil ons geven, dicht bij Hem te leven. De Heiland der wereld, halleluja! 3 En herders, zij kwamen bij ’n kribbe tesamen, omringden eerbiedig het Kindeke teer. De flonk’rende sterre, riep wijzen van verre; zij knielden ontroerd bij het Kindeke neer. 4 Refrein: Komt, laten wij eren, de Here der Heren, zo groot van ontferming en van gena. Want Hij wil ons geven, dicht bij Hem te leven. De Heiland der wereld, halleluja! 5 In doeken gewonden, voor al onze zonden, ligt hier in een kribbe het Godd’lijk Kind. De sterre gaat stralen, voor wie moe van ’t dwalen, bij ’t wonder van Bethlehem vrede vindt. 6 Refrein: Komt, laten wij eren, de Here der Heren, zo groot van ontferming en van gena. Want Hij wil ons geven, dicht bij Hem te leven. De Heiland der wereld, halleluja! Opwekking 524 : 1-6 1 Als ’s morgens de zon opgaat, alles ontwaakt, de schepping zingt; dan met de dageraad komt er weer hoop, de dag begint. 2 Het licht verschijnt, geeft leven weer; de nacht verdwijnt en heerst niet meer. Het licht verdrijft wat donker is en wint de strijd van duisternis. 3 Iedere nieuwe dag is er een volk dat roept Hem aan. Hij die steeds op hen wacht vult hen met kracht om door te gaan. 4 Het licht verschijnt, geeft leven weer; de nacht verdwijnt en heerst niet meer. Het licht geneest en raakt je aan; kom vier het feest, verhoog zijn naam. 5 God gaf ons zijn eigen Zoon die voor ons stierf om onze schuld. Ieder die Hem gelooft heeft Hij opnieuw met hoop vervuld. 6 De Zoon verschijnt, geeft leven weer; de dood verdwijnt en heerst niet meer. Zijn licht geneest en raakt je aan; kom vier het feest, verhoog zijn naam. Opwekking 525 : 1-3 1 Jubel het uit. De Heer is hier; ontvang het koningskind! Als redder van de aarde geeft Hij het leven waarde. Dus hemel en aarde, zingt! Dus hemel en aarde, zingt! Dus hemel, dus hemel en aarde, zingt! 2 Jubel het uit. De Heer regeert; wees blij, verhef je stem! Zing als de schepping juicht, aanbiddend voor Hem buigt een vreugdelied voor Hem, een vreugdelied voor Hem, een vreugde-, een vreugdelied voor Hem! 3 Zijn koningschap zal eeuwig zijn, rechtvaardig en vol kracht! Laat ieder volk op aarde zijn heerlijkheid ervaren; de liefde die Hij bracht, de liefde die Hij bracht, de liefde, de liefde die Hij bracht! Opwekking 526 : 1-6 1 Goed nieuws, goed nieuws voor jou en mij, halleluja! Ja zelfs de eng’len zingen blij, halleluja! 2 Refrein: Zijn genade voor de mensen, liefde toonde Hij. Voor ons zendt God zijn enige Zoon, halleluja! 3 Hij verdrijft de schaduw van de nacht, halleluja! Vandaag begint een eeuwige dag, halleluja! 4 Refrein: Zijn genade voor de mensen, liefde toonde Hij. Voor ons zendt God zijn enige Zoon, halleluja! 5 God reikt de mens verzoening aan, halleluja! De hemel is wijd opengegaan, halleluja! 6 Refrein: Zijn genade voor de mensen, liefde toonde Hij. Voor ons zendt God zijn enige Zoon, halleluja! Opwekking 527 : 1-2 1 Licht in de nacht: een ster schijnt door de wolken, dit is de nacht dat zijn leven begon. ’n Sluier van angst en pijn lag op de volken, totdat Hij kwam en het kwaad overwon. Nieuwe hoop is Hij ons komen brengen; stralend breekt die held’re morgen aan. 2 Prijs nu zijn naam, samen met de engelen. O, nacht vol licht, o, nacht dat Jezus kwam. O, nacht vol licht, o, nacht dat Jezus kwam. Wat Hij ons leert is geven om een ander; liefde alleen is de weg die Hij wees. En als Hij spreekt verbreekt Hij alle banden, vrij van het juk van verdrukking en vrees. Uit ons hart en dwars door alle tranen ontspringt een lied dat jubelt door de tijd. Opwekking 528 : 1-2 1 Hoor, de engelen zingen de eer van de nieuwgeboren Heer. Vrede op aarde ’t is vervuld: Hij verzoent der mensen schuld. Zing, o volken in het koor dat weerklinkt de hemel door. Zing het met een blijde stem voor het kind van Bethlehem. Hoor, de engelen zingen de eer van de nieuwgeboren Heer. 2 Hij die heerst in eeuwigheid, Zoon van de gerechtigheid. Van zijn vleugelen dalen neer licht en leven, altijd weer. Glorie aan de Zoon van God, mens geworden om ons lot, opdat wij van zonden rein nieuwgeboren zouden zijn. Hoor de engelen zingen de eer van de nieuwgeboren Heer. Opwekking 529 : 1-9 1 Komt laten wij aanbidden, komt laten wij aanbidden, komt laten wij aanbidden, die Koning. 2 Want U alleen bent waardig, want U alleen bent waardig, want U alleen bent waardig, o Koning. 3 Wij prijzen U voor eeuwig, wij prijzen U voor eeuwig, wij prijzen U voor eeuwig, o Koning. 4 Eén klein handje dat wijst waar de hemel is, vredeskind in de nacht. 5 Enig heerser die ons al zijn rijkdom geeft, enig Heerser met hemelse macht. enig heerser die zelf zich vernederd heeft, Koningskind in de nacht. 6 Zie Hem liggen, in doeken gewikkeld, zie Hem stralen in het hooi. Zie zijn moeder zijn Vader prijzen, zie dit kindje, rustig en mooi, 7 Eén klein licht dat de wereld verlichten moet. Eén klein licht dat het duister ontkracht. Eén klein licht dat Gods liefde ontbranden doet, stralend Licht in de nacht. 8 Zie de herders Hem hulde bewijzen, zie de wijzen buigen zich neer. Zie zijn moeder zijn Vader prijzen, zie dit kindje, klein en teer. 9 Eén klein kind in een wereld vol duisternis, één Verlosser, zo lang al verwacht. Eén klein handje dat wijst waar de hemel is, reddend Licht in de nacht. Opwekking 530 : 1-3 1 Bewijst nu eer aan Jezus’ naam en buigt u voor Hem neer. Aanbidt Hem met de engelen saam, en kroont Hem, hoogste Heer. Aanbidt Hem met de engelen saam, en kroont Hem, hoogste Heer. 2 Met Israël apart gezet, zijn wij geen slaven meer. Aanbidt Hem die ons heeft gered en kroont Hem, hoogste Heer. Aanbidt hem die ons heeft gered en kroont Hem, hoogste Heer. 3 Als eens de wereld buigt voor Hem bewijst zijn volk Hem eer. Een machtig koor verheft de stem en kroont Hem, hoogste Heer. Een machtig koor verheft de stem en kroont Hem, hoogste Heer. Opwekking 531 : 1-2 1 Immanuël, o Immanuël, vol ontzag aanbid ik U als Heer en zing: Immanuël, God is met ons. 2 U kwam bij ons om mens te zijn deelde mijn zwakheid en mijn pijn. U droeg de zwaarste straf voor mij, Immanuël. Rijker dan woorden, mooier dan al wat mijn hart bevatten kan. Eindeloos is de grootheid van Immanuël. Opwekking 532 : 1-3 1 Wees gerust, wees gerust, hemel en aarde zingt! Deze nacht scheen Gods licht liefdevol in ons duister. Halleluja, halleluja! 2 Wees gerust, wees gerust, vrede op aarde komt! Christus is als een kind daar in die stal geboren. Halleluja, halleluja! 3 Wees gerust, wees gerust, zing en getuig van Hem! Jezus leeft, Immanuel als onze Heer en Redder. Halleluja, halleluja! Opwekking 533 : 1-2 1 Eén klein kind in een wereld vol duisternis, één Verlosser, zo lang al verwacht. Eén klein handje dat wijst waar de hemel is, Vredeskind in de nacht. 2 Enig heerser die ons al zijn rijkdom geeft, enig Heerser met hemelse macht. Enig heerser die zelf zich vernederd heeft, Koningskind in de nacht. Opwekking 534 : 1-4 1 Jezus, Gods heerlijkheid verschijnt. De Mensenzoon, de Zoon van God zal koning zijn. Jezus, Hij offerde zichzelf; wordt nu verhoogd, wordt nu gekroond; Hij is de Heer! 2 Refrein: En zijn koninkrijk kent geen grens en haar heerlijkheid kent geen eind, nu de majesteit en luister van de Vredevorst verschijnt. Hij zal koning zijn, Hij zal heerser zijn en regeren met macht en in gerechtigheid. Jezus, Gods heerlijkheid verschijnt. 3 Jezus, zo lief had Vader ons. Hij was Gods trouw, Hij was Gods Woord, aan ons getoond. Jezus, beeld van Gods heiligheid; wordt nu verhoogd, wordt nu gekroond; Hij is de Heer! 4 Refrein: En zijn koninkrijk kent geen grens en haar heerlijkheid kent geen eind, nu de majesteit en luister van de Vredevorst verschijnt. Hij zal koning zijn, Hij zal heerser zijn en regeren met macht en in gerechtigheid. Jezus, Gods heerlijkheid verschijnt. Opwekking 535 : 1-3 1 In het stro van een geleende kribbe, uit een maagd en door de Geest van God kwam de Redder als een kind op aarde om te delen in ons mensenlot. Maar het licht brak door en een engelenkoor heeft aan herders het geheim verteld: van de hoogste troon kwam Gods eigen Zoon als een teken van Immanuël! 2 Deze Koning werd een vriend van zondaars als een dienaar in zijn Vaders hand; vol van kracht en door de Geest geheiligd en door medelijden overmand. Ja, Hij ging mijn weg en Hij leed mijn pijn, zelfs mijn vreugde kent Hij wonderwel. Zijn rechtvaardigheid leert mij trouw te zijn; daarom volg ik mijn Immanuël! 3 Nu wordt Hij geëerd als hoogste Koning heeft zijn kroon verkregen door een kruis en bereidt voor ons een nieuwe woning brengt ons eenmaal naar het Vaderhuis. Als Hij komen zal met bazuingeschal om te heersen over dood en hel en dan ons, zijn bruid, in zijn armen sluit als de bruidegom Immanuël! Opwekking 536 : 1-8 1 Hoe lang heeft de mensheid gebeden versmachtend van honger en dorst, gesmeekt dat het leed was geleden, gehoopt dat de strijd was gestreden, gewacht op de Vredevorst. 2 Refrein: Kind van het licht, voor Gods aangezicht, in donkere dagen geboren. Kind van het licht, en Gods aangezicht, schijnt helderder dan ooit tevoren. 3 Het Woord heeft een lichaam gekregen het ligt nog in doeken gehuld. Heeft God in zijn liefde gezwegen? Toch bleef Hij de mens toegenegen en heeft zijn belofte vervuld. 4 Refrein: Kind van het licht, voor Gods aangezicht, in donkere dagen geboren. Kind van het licht, en Gods aangezicht, schijnt helderder dan ooit tevoren. 5 Gods plan bleef in sluiers verborgen, maar nu breekt het ogenblik aan. Hij heeft op die stralende morgen het Kind dat voor redding zou zorgen voor ons uit de doeken gedaan. 6 Refrein: Kind van het licht, voor Gods aangezicht, in donkere dagen geboren. Kind van het licht, en Gods aangezicht, schijnt helderder dan ooit tevoren. 7 Hij werd weer in doeken gewonden toen Hij aan het kruis was gegaan. Maar ’t licht heeft het duister ontbonden; er werden slechts doeken gevonden; Hij was uit de dood opgestaan. 8 Refrein: Kind van het licht, voor Gods aangezicht, in donkere dagen geboren. Kind van het licht, en Gods aangezicht, schijnt helderder dan ooit tevoren. Opwekking 537 : 1-3 1 Ere zij God, ere zij God, ere zij God in de hoogste hemelen. Ere zij God, ere zij God, ere zij God in de hoogste hemelen. 2 Buig voor zijn majesteit kniel voor zijn heerlijkheid. Voor Hem die ons vrede geeft, voor Hem die ons leven geeft. Buig voor zijn majesteit kniel voor zijn heerlijkheid. Voor Hem die ons vrede geeft, voor Hem die ons leven geeft. 3 Ere zij God, ere zij God, ere zij God in de hoogste hemelen. Ere zij God, ere zij God, ere zij God in de hoogste hemelen. Opwekking 538 : 1-6 1 De Koning komt, dit is het uur. Zijn ogen zijn een brandend vuur. Hij is het einde, het begin, zijn naam is Jezus. Het levend woord vanuit zijn mond beweegt de aarde, schudt de grond, maar aan zijn stem herken ik Hem; de stem van Jezus. 2 Refrein: Voor Hem zing ik mijn liefdeslied tot de wereld hoort en ziet: de Koning komt, de Koning komt er aan. Een hart vol zorgen, uitgeblust maakt Hij nieuw en geeft Hij rust. De Koning komt, de Koning komt er aan! 3 Zijn adem is de zoetste wijn, genade is bij Hem te zijn. Hij deelt mijn vreugde en mijn pijn, want zo is Jezus. Zijn handen zijn doorboord voor mij, de prijs betaald, de weg is vrij. Hij kijkt niet om, het is voorbij, want zo is Jezus. 4 Refrein: Voor Hem zing ik mijn liefdeslied tot de wereld hoort en ziet: de Koning komt, de Koning komt er aan. Een hart vol zorgen, uitgeblust maakt Hij nieuw en geeft Hij rust. De Koning komt, de Koning komt er aan! 5 O, maak Uzelf aan ons bekend want U weet toch dat U welkom bent. Voor zoveel trouw en liefde, Heer haal ik al mijn muren neer. 6 Refrein: Voor Hem zing ik mijn liefdeslied tot de wereld hoort en ziet: de Koning komt, de Koning komt er aan. Een hart vol zorgen, uitgeblust maakt Hij nieuw en geeft Hij rust. De Koning komt, de Koning komt er aan! Opwekking 539 : 1-2 1 Kom, nu is de tijd: aanbid Hem. Kom, nu is de tijd: ontmoet jouw God. Kom, zoals je bent, aanbid Hem. Kom, zoals je bent en geef je hart. Kom. 2 Eens zal elke tong U belijden als Heer, buigt zich elke knie voor U neer. Toch heeft U het beste aan hem beloofd die nu in U gelooft. Opwekking 540 : 1-7 1 Hij mat de wateren met zijn hand, sprak en schiep de zon, breidde de hemelen uit als tent, waar de mens in wonen kon. 2 God schiep de aarde in al haar pracht: bergen, zee en land. Toch zal dit allemaal ooit vergaan, maar zijn Woord houdt eeuwig stand. 3 Refrein: Kom, laten wij aanbidden; ons buigen voor de Heer, de Koning der eeuwen, Hem komt toe de dank en eer. Kom laten wij aanbidden de Schepper van ’t heelal, van hemel en aarde, Hij die spoedig komen zal. 4 Hij is ons licht in de donk’re nacht, leidt ons door zijn Woord en als wij struikelen richt Hij ons op; aan wie moe is, geeft Hij kracht. Niemand is aan Hem gelijk; een machtig God is Hij; kwam op de aarde voor jou en mij, verliet zijn hemels koninkrijk. 5 Refrein: Kom, laten wij aanbidden; ons buigen voor de Heer, de Koning der eeuwen, Hem komt toe de dank en eer. Kom laten wij aanbidden de Schepper van ’t heelal, van hemel en aarde, Hij die spoedig komen zal. 6 Hij weidt ons als een herder, draagt ons in zijn schoot, redt ons van de duisternis; verlost ons van de dood! 7 Refrein: Kom, laten wij aanbidden; ons buigen voor de Heer, de Koning der eeuwen, Hem komt toe de dank en eer. Kom laten wij aanbidden de Schepper van ’t heelal, van hemel en aarde, Hij die spoedig komen zal. Opwekking 541 : 1-5 1 Almachtig God die mij bevrijdt, mijn schuilplaats en mijn toevluchtsoord. Geen naam is zoals Jezus’ naam, geen macht weerstaat uw kracht, Heer. 2 Mijn voeten staan op deze rots; daardoor ben ik onwankelbaar. Ik vestig al mijn hoop op U, mijn heer en mijn verlosser. 3 Uw lof zal op mijn lippen zijn, uw Woord staat in mijn hart gegrift en ik aanbid U met een nieuw lied; ik zal U prijzen, Heer. 4 U vult mijn leven met geluk, ja, ik verheug mij steeds in U en ik aanbid U met een nieuw lied; ik zal U prijzen, Heer. 5 Al ben ik zwak, U maakt mij sterk. Lijk ik arm, door U ben ik rijk, want in de kracht van Jezus’ naam is alles mogelijk! Alles is mogelijk. Alles is mogelijk. Alles is mogelijk. Opwekking 542 : 1-3 1 God van trouw, U verandert nooit, Eeuwige, U mijn vredevorst. Aller Heer, ik vertrouw op U. 2 Heer, ik roep tot U, opnieuw en opnieuw. Heer, ik roep tot U, opnieuw en opnieuw. 3 U bent mijn rots wanneer ik wankel, U richt mij op wanneer ik val. Dwars door de storm bent U Heer, het anker; ik stel mijn hoop alleen op U. Opwekking 543 : 1-6 1 U maakte mij tot een ander mens, gaf aan mij een nieuw leven. Ik ging kapot maar U heelde mij, U heeft mij hoop gegeven. 2 Refrein: U bent de Heer die ik dien. Eens was ik blind, nu kan ik zien. Zing halleluja, juich voor de Heer. U heb ik lief, U heb ik lief, U heb ik lief, Jezus, U heb ik lief. 3 Leer mij het lied dat ik zingen kan met de engelen samen. Tot in de eeuwigheid zing ik dan, prijs ik uw grote naam, want 4 Refrein: U bent de Heer die ik dien. Eens was ik blind, nu kan ik zien. Zing halleluja, juich voor de Heer. U heb ik lief, U heb ik lief, U heb ik lief, Jezus, U heb ik lief. 5 Heer, toets mijn hart en was mijn leven schoon. Dan kan ik U aanbidden en juichen voor uw troon. 6 Refrein: U bent de Heer die ik dien. Eens was ik blind, nu kan ik zien. Zing halleluja, juich voor de Heer. U heb ik lief, U heb ik lief, U heb ik lief, Jezus, U heb ik lief. Opwekking 544 : 1-3 1 Meer dan rijkdom, meer dan macht, meer dan schoonheid van sterren in de nacht, meer dan wijsheid die deze wereld kent is het waard te weten wie U bent. 2 Meer dan zilver, meer dan goud, meer dan schatten door iemand ooit aanschouwd, meer dan dat, zo eindeloos veel meer was de prijs die U betaalde Heer. 3 In een graf verborgen door een steen, toen U zich gaf verworpen en alleen; als een roos geplukt en weggegooid nam U de straf en dacht aan mij, meer dan ooit. Opwekking 545 : 1-5 1 Jezus, Heer, wanneer ik aan uw offer denk zie ik een lijden, zo ongekend. En steeds meer ervaar ik dat als godsgeschenk, ben ik daar op dat moment, ben ik daar op dat moment. 2 Op dat moment zie ik U aan het kruis waar U leed en is mijn hart verbroken door wat U voor mij deed; op dat moment van vreugde, op dat moment geef ik mij opnieuw. 3 Nu bent U verheven tot de hoogste plaats, waar ik U zien zal zoals U bent. Maar ook nu blijft U mijn steun en toeverlaat, dank ik U op dit moment, dank ik U op dit moment. 4 Op dit moment zie ik U aan het kruis waar U leed en is mijn hart verbroken door wat U voor mij deed; op dit moment van vreugde, op dit moment geef ik mij opnieuw. 5 Dank U voor het kruis, dank U voor het kruis, dank U voor het kruis, o Heer. Dank U voor het kruis, dank U voor het kruis, dank U voor het kruis, o Heer. Opwekking 546 : 1-7 1 Nabij Gods hoog verheven troon is iemand die steeds voor mij pleit; Hij is volmaakt, Gods eigen zoon en Priester tot in eeuwigheid. 2 Mijn naam, geschreven in zijn hand, bewaart Hij eeuwig in zijn hart; ik weet: geen aanklacht houdt meer stand, wanneer mijn redder pleit voor mij, wanneer mijn redder pleit voor mij. 3 Al klaagt de satan mij steeds aan, terwijl hij wijst op al mijn schuld, ik kijk omhoog en zie Hem staan die alles voor mij heeft vervuld. 4 Omdat Hij al mijn zonden droeg en door zijn bloed ben ik nu vrij, want Jezus’ offer was genoeg voor Gods vergeving ook voor mij, voor Gods vergeving ook voor mij. 5 Ja, Hij is mijn gerechtigheid, want zie, het Lam is opgestaan! Hij troont als Heer der heerlijkheid, wiens liefde eeuwig zal bestaan. 6 Ik leef in Hem en Hij in mij; zo één met Hem sterf ik niet meer; eens zal ik zitten aan zijn zij, mijn Jezus, Redder en mijn Heer. 7 Ik leef in Hem en Hij in mij; zo één met Hem sterf ik niet meer; eens zal ik zitten aan zijn zij, mijn Jezus, Redder en mijn Heer. mijn Jezus, Redder en mijn Heer. Opwekking 547 : 1-6 1 Refrein: Ik kan wel blijven zingen, want U heeft mijn ziel bevrijd. Ik kan wel blijven dansen, want uw liefde maakt mij blij. 2 Mijn hart loopt over Heer van alles wat U deed; U nam mijn leven en gaf mij een nieuwe kans. Ik roep naar iedereen die het maar horen kan: ik weet het zeker, God is voor mij en Hij helpt mij! 3 Refrein: Ik kan wel blijven zingen, want U heeft mijn ziel bevrijd. Ik kan wel blijven dansen, want uw liefde maakt mij blij. 4 Alle mensen zingen, want wij zijn zo vrolijk. Alle mensen dansen, want wij zijn zo vrolijk. 5 O, konden wij uw ogen zien, uw glimlach op ons leven zien, de lofprijs van de engelen zien uw liefde maakt ons blij. 6 Refrein: Ik kan wel blijven zingen, want U heeft mijn ziel bevrijd. Ik kan wel blijven dansen, want uw liefde maakt mij blij. Ik kan wel blijven zingen, want U heeft mijn ziel bevrijd. Ik kan wel blijven dansen, want uw liefde maakt mij blij. Opwekking 548 : 1-6 1 De muziek vervaagt, langzaam wordt het stil, dan kom ik bij U met mijn grootste wens iets te geven Heer waar U blij mee bent. 2 Ik geef U meer dan een lied, want een lied op zichzelf is niet waar U naar verlangt. U kijkt veel dieper in mij, door de buitenkant heen, doorgrondt het diepst van mijn hart. 3 Ik wil terug naar het hart van aanbidding en dan gaat het om U, om U alleen, Jezus. Ik heb zo’n spijt van hoe ik er mee omging, want het gaat toch om U, om U alleen, Jezus. 4 Onvolprezen Heer, U bent zo veel meer dan ik zeggen kan. Maar al ben ik zwak, alles wat ik heb, leg ik voor U neer. 5 Ik geef U meer dan een lied, want een lied op zichzelf is niet waar U naar verlangt. U kijkt veel dieper in mij, door de buitenkant heen, doorgrondt het diepst van mijn hart. 6 Ik wil terug naar het hart van aanbidding en dan gaat het om U, om U alleen, Jezus. Ik heb zo’n spijt van hoe ik er mee omging, want het gaat toch om U, om U alleen, Jezus. Opwekking 549 : 1-3 1 Ik kniel neer en belijd: U bent Heer in dit huis. Ik kniel neer en belijd: U bent Heer in dit huis. 2 U bent mijn leven, mijn licht, ik zoek uw aangezicht. Aan uw voeten, dicht bij U kniel ik neer, kniel ik neer. 3 Ik kniel neer en belijd: U bent Heer in dit huis. Ik kniel neer en belijd: U bent Heer in dit huis. Opwekking 550 : 1-6 1 Liefdevol trekt U mij dicht aan uw hart als wij samen zijn. Door uw bloed wast U mij witter dan sneeuw en nu ben ik vrij. 2 Refrein: U behoor ik toe; Heer, ik heb U lief en boven alles volg ik U. Vreugde van mijn hart, kostbaarder dan goud, ik leef voor U, want U houdt van mij. 3 Neem mijn hart, maak het een deel van Uzelf, laat ons samen zijn. Angst verdwijnt, als ik uw liefde ervaar; door U ben ik vrij. 4 Refrein: U behoor ik toe; Heer, ik heb U lief en boven alles volg ik U. Vreugde van mijn hart, kostbaarder dan goud, ik leef voor U, want U houdt van mij. 5 Jezus, vreugde van mijn hart. Jezus, vreugde van mijn hart. Jezus, vreugde van mijn hart. Jezus, vreugde van mijn hart. 6 Refrein: U behoor ik toe; Heer, ik heb U lief en boven alles volg ik U. Vreugde van mijn hart, kostbaarder dan goud, ik leef voor U, want U houdt van mij. Opwekking 551 : 1-6 1 Ik zie uit naar de dag die straks komen zal, als Jezus komt en we horen de klank van bazuingeschal, als Jezus komt. Zie, Hij komt dan op de wolken met heerlijkheid en eer en dan buigen alle volken met eerbied voor Hem neer. 2 En we zingen: Heilig, heilig, heilig is de Heer, heilig, heilig, heilig is de Heer. En we zingen: heilig, heilig, heilig is de Heer, de Almachtige, die was en is en komt. 3 Ik zie uit naar de dag die straks komen zal als Jezus komt en we horen de klank van bazuingeschal, als Jezus komt. Een nieuwe hemel en een aarde zonder ziekte, zonder pijn, zonder honger, zonder oorlog, wat heerlijk zal dat zijn. 4 En we zingen: Heilig, heilig, heilig is de Heer, heilig, heilig, heilig is de Heer. En we zingen: heilig, heilig, heilig is de Heer, de Almachtige, die was en is en komt. 5 Maar ik weet dat die dag die straks komen zal, niet eerder komt en ik weet dat de klank van bazuingeschal, niet eerder komt, voordat alle mensen weten wat Jezus heeft gedaan. Daarom gaf Hij ons de opdracht de wereld in te gaan. 6 En we zingen: Jezus, Jezus, Jezus is de Heer, Jezus, Jezus, Jezus is de Heer. En we zingen: Jezus, Jezus, Jezus is de Heer, de Almachtige, die was en is en komt. Opwekking 552 : 1-4 1 Als mijn volk zich vernedert voor Mij, vernedert voor Mij en bidt; als mijn volk zich bekeert van zijn weg en roept tot mijn aangezicht zal Ik hen verhoren en genadig zijn en hun land genezen van alle pijn. 2 Refrein: Herstel ons land, Heer, herstel ons land. Hoor ons aan en reik ons volk uw Vaderhand. Herstel ons land, hoor ons, o Heer, vergeef ons land. Maak alles wat gebroken is weer heel. 3 Heer wij knielen neer, vernederen ons, vernederen ons voor U; Heer wij knielen neer, bekeren ons en zoeken uw aangezicht. Vader in de hemel, wil genadig zijn, wil ons land verlossen van alle pijn. 4 Refrein: Herstel ons land, Heer, herstel ons land. Hoor ons aan en reik ons volk uw Vaderhand. Herstel ons land, hoor ons, o Heer, vergeef ons land. Maak alles wat gebroken is weer heel. Opwekking 553 : 1-6 1 Laat het feest zijn in de huizen, mensen dansen op de straat, als het onrecht buigt voor Jezus en het volk weer bidden gaat. 2 Refrein: In de bergen, door de dalen, hoor ons loflied overal, in de hemel en op aarde, als uw glorie komen zal. 3 Laat uw licht zien in het duister, als wij buigen voor het kruis. Laat uw heerlijkheid verschijnen in de wereld, in ons huis. 4 Refrein: In de bergen, door de dalen, hoor ons loflied overal, in de hemel en op aarde, als uw glorie komen zal. 5 Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. 6 Refrein: In de bergen, door de dalen, hoor ons loflied overal, in de hemel en op aarde, als uw glorie komen zal. In de bergen, door de dalen, hoor ons loflied overal, in de hemel en op aarde, als uw glorie komen zal. Opwekking 554 : 1-6 1 Ik weet: Hij heeft mij gered, mij in de vrijheid gezet; ik geloof, ik geloof. Hij droeg mijn pijn en mijn schuld, heeft mij met liefde vervuld; ik geloof, ik geloof. 2 'k Hef een banier op, mijn Heer stond op uit het graf. 3 Refrein: Mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft. 4 Ik weet: Hij heeft mij gered, mij in de vrijheid gezet; ik geloof, ik geloof. Hij droeg mijn pijn en mijn schuld, heeft mij met liefde vervuld; ik geloof, ik geloof. 5 U draagt mijn lasten en richt mij op, om dansend op de berg te zien hoe U weer komen zal. 6 Refrein: Mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft. Mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft, mijn verlosser leeft. Opwekking 555 : 1-10 1 Ik geloof in het bloed van Jezus, ik geloof in de kracht van zijn naam. Ik geloof dat Hij stierf voor mijn zonden, ik geloof: Hij is opgestaan! 2 Ik geloof dat zijn moeder een maagd was, ik geloof in het heilig offerlam. Ik geloof dat Hij opsteeg naar zijn Vader en dat Hij eens terugkomen zal. 3 Refrein: Op die rots bouwt de Heer zijn kerk; dit huis is niet gebouwd op zand. Op die rots staan wij samen sterk; het kwaad krijgt nooit de overhand. 4 Ik geloof dat Hij ons kwam redden, ik geloof dat Hij mens was zoals wij. Ik geloof dat Hij ons zijn Geest zond, ik geloof in zijn kracht, ook in mij. 5 Ik geloof in zijn trouw elke morgen, dat zijn liefde er altijd al was. Ik geloof dat Hij voor ons wil zorgen, ik geloof dat Hij zieken genas. 6 Refrein: Op die rots bouwt de Heer zijn kerk; dit huis is niet gebouwd op zand. Op die rots staan wij samen sterk; het kwaad krijgt nooit de overhand. 7 Ik geloof in de eenheid van zijn kind'ren, zo verschillend, maar toch één kerk. Dat, waar wij in zijn naam bijeen zijn, Jezus Zelf in ons midden werkt. 8 Ik geloof dat ik bergen kan verzetten en dat ik zijn stem kan verstaan. Ik geloof, als ik bid zonder twijfel, dat ik wonderen zal zien in zijn naam. 9 Refrein: Op die rots bouwt de Heer zijn kerk; dit huis is niet gebouwd op zand. Op die rots staan wij samen sterk; het kwaad krijgt nooit de overhand. Op die rots bouwt de Heer zijn kerk; dit huis is niet gebouwd op zand. Op die rots staan wij samen sterk; het kwaad krijgt nooit de overhand. 10 Ik geloof in het bloed van Jezus. Ik geloof in het bloed van Jezus. Ik geloof in het bloed van Jezus. Opwekking 556 : 1-5 1 Prijst God die ons het leven geeft. O, prijs zijn almacht, al wat leeft. Prijst Hem die redt en die geneest. 2 Prijst Vader, Zoon en Geest. Prijst Vader, Zoon en Geest. Prijst Vader, Zoon en Heil'ge Geest. 3 Bekleed met majesteit en macht, stralend in de glans van uw glorie. Vul ons met liefde en kracht; wij zingen: heilig, heilig, heilig. 4 Schijn met uw licht... 5 Heilig, heilig, heilig, dat ik U zien zal. Schijn met uw licht in mijn hart, Heer. .. dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. Opwekking 557 : 1-5 1 Laat uw glorie zien aan heel de wereld om ons heen; als wij samen U aanbidden dan maakt U ons één. Laat uw glorie zien, laat alle blijdschap die U brengt een getuigenis van hoop zijn voor wie U niet kent. 2 Refrein: Als wij samen U aanbidden en vol eerbied voor U staan, daalt uw Geest neer in ons midden; raak ons allen aan. Als wij Jezus' naam belijden als de enige die redt. Toon uw majesteit en glorie, dat is ons gebed. 3 Laat uw glorie zien, dat heel de wereld horen mag het lied van Jezus en het kruis waar Hij ons redding bracht. Laat uw glorie zien aan wie gebroken is en moe, dat zij horen hoe U liefdevol hun namen roept. 4 Refrein: Als wij samen U aanbidden en vol eerbied voor U staan, daalt uw Geest neer in ons midden; raak ons allen aan. Als wij Jezus' naam belijden als de enige die redt. Toon uw majesteit en glorie, dat is ons gebed. 5 Laat uw glorie zien. Laat uw glorie zien. Laat uw glorie zien. Laat uw glorie zien. Opwekking 558 : 1-5 1 Wij zijn als adem, U was er altijd, Heer van de eeuwen, God van de tijd. Wij zijn hier even, U bent voor eeuwig, heersend met liefde en majesteit. 2 Refrein: Heilig, heilig, Heer God almachtig, waardig is het bloed van het Lam. Hoogste eer, aanbidding en glorie voor uw grote naam, voor uw grote naam. 3 Wij zijn gebroken, U bent de Maker, Jezus, Verlosser, die ons bevrijdt. U bent ons lied, Heer, wij zullen zingen, juichen voor eeuwig in heerlijkheid. 4 Refrein: Heilig, heilig, Heer God almachtig, waardig is het bloed van het Lam. Hoogste eer, aanbidding en glorie voor uw grote naam, voor uw grote naam. Heilig, heilig, Heer God almachtig, waardig is het bloed van het Lam. Hoogste eer, aanbidding en glorie voor uw grote naam, voor uw grote naam. Slot: Voor uw grote naam. 5 Voor uw grote naam. Opwekking 559 : 1-7 1 Schijn met uw licht in mijn hart, Heer, schijn met uw licht in mijn hart, dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. Schijn met uw licht in mijn hart, Heer, schijn met uw licht in mijn hart, dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. 2 Refrein: Bekleed met majesteit en macht, stralend in de glans van uw glorie. Vul ons met liefde en kracht; wij zingen: heilig, heilig, heilig. 3 Schijn met uw licht in mijn hart, Heer, schijn met uw licht in mijn hart, dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. Schijn met uw licht in mijn hart, Heer, schijn met uw licht in mijn hart, dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. 4 Refrein: Bekleed met majesteit en macht, stralend in de glans van uw glorie. Vul ons met liefde en kracht; wij zingen: heilig, heilig, heilig. Bekleed met majesteit en macht, stralend in de glans van uw glorie. Vul ons met liefde en kracht; wij zingen: heilig, heilig, heilig. 5 Heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, dat ik U zien zal. Heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, dat ik U zien zal. Heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, dat ik U zien zal. Heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, heilig, dat ik U zien zal. 6 Tegenstem vrouwen (3e en 4e keer): Schijn met uw licht in mijn hart, Heer. Schijn met uw licht in mijn hart, dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. Slot: Dat ik U zien zal, dat ik U zien zal. 7 Heilig, heilig, heilig, Heilig, heilig, heilig, Heilig, heilig, heilig, dat ik U zien zal. Opwekking 560 : 1-7 1 (v) Mijn eerste liefde doet vuur oplaaien, ik voel zijn krachtige gloed in mij. Want Hij ontstak daar een vlam van passie, zijn warme liefde gloeit op in mij. En ik bezing mijn geliefde in de nacht, zodat Hij weet dat ik 's morgens op Hem wacht. 2 Refrein: En als een kind zal ik dansen en zingen; o, giet uw vreugdeolie uit over mij. Ik denk terug aan die eerste ontmoeting en ik wil nooit dat eerste vuur meer kwijt. 'k Heb U lief. 3 (m) Mijn eerste liefde is stromend water; een waterval die geen einde heeft. En in de vloed van gelach en tranen, daar voel ik hoe Hij genezing geeft. Ik les mijn dorst bij uw levensbron vol kracht, zodat ik leef uit genade elke dag. 4 Refrein: En als een kind zal ik dansen en zingen; o, giet uw vreugdeolie uit over mij. Ik denk terug aan die eerste ontmoeting en ik wil nooit dat eerste vuur meer kwijt. 'k Heb U lief. 5 Vergoed de tijd dat de kerken sliepen, blaas het vuur aan dat zachtjes gloeit. Vernieuw de liefde die zo verflauwd is, geef ons het leven dat U bedoelt. Dan gaan wij op als de zon die krachtig schijnt, totdat de laatste bazuin uw komst bereidt. 6 Refrein: En als een kind zal ik dansen en zingen; o, giet uw vreugdeolie uit over mij. Ik denk terug aan die eerste ontmoeting en ik wil nooit dat eerste vuur meer kwijt. 'k Heb U lief. En als een kind zal ik dansen en zingen; o, giet uw vreugdeolie uit over mij. Ik denk terug aan die eerste ontmoeting en ik wil nooit dat eerste vuur meer kwijt. 'k Heb U lief. 7 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. 'k Heb U lief. Opwekking 561 : 1-4 1 Hier aan uw voeten Heer, kwetsbaar en klein, leert U mij nederig als U te zijn. 2 Heer van gerechtigheid, U was bereid eerst Zelf die weg te gaan van nederigheid. 3 U bent een vriend van de zwakken, de armen geeft U brood. U wast de voeten van zondaars, omarmt hen in hun nood. 4 Ik wil als U zijn, Heer Jezus, bewogen Man van smart; maak mij zachtmoedig als U Heer en nederig van hart. Opwekking 562 : 1-5 1 U noemde mij bij mijn naam, uw liefde raakte mij aan; nu ben ik vrij en in uw hand geborgen. Door uw genade gekocht, vond ik de rust die ik zocht; heel dicht bij U ben ik niet bang voor morgen. 2 Refrein: Jezus, mijn redder, U bent voor altijd mijn vriend. En door uw liefde leer ik nu om te leven met U. En door uw liefde leer ik nu om te leven met U. 3 U bent mijn schild en mijn kracht, een helder licht in mijn nacht. U bent voor mij een Held die ik bewonder. Uw liefde beter dan wijn maakt dat ik bij U wil zijn; heel dicht bij U, want U bent zo bijzonder. 4 Refrein: Jezus, mijn redder, U bent voor altijd mijn vriend. En door uw liefde leer ik nu om te leven met U. En door uw liefde leer ik nu om te leven met U. 5 Refrein: Jezus, mijn redder, U bent voor altijd mijn vriend. En door uw liefde leer ik nu om te leven met U. En door uw liefde leer ik nu om te leven met U. Opwekking 563 : 1-3 1 I have a light and it always shines. It shines in the day and it shines in the night. When the dark days come and the sun isn't bright, I will be shining, for I have a light. 2 I have a light and it always shines. It shines in the day and it shines in the night. When the dark days come and the sun isn't bright, I will be shining, for I have a light. 3 Oh, my light is the Lord, oh, Jesus by name. My light is the Spirit, who leads me to change. My light is the Father, who gave up His own. My light is the hope I'll be with Him in a heavenly home. Opwekking 564 : 1-6 1 Ik loop de wedloop die voor mij ligt door een wolk van getuigen omgeven. Met mijn ogen alleen op Jezus gericht, in de wedloop van het leven. 2 Refrein: Hij is mijn hoop, mijn kracht, mijn zekerheid, Hij wijst mij de weg die ik moet gaan. Hij is mijn rots en geeft standvastigheid; Jezus is het doel van mijn bestaan. 3 Hij geeft volharding om door te gaan in de strijd die het leven ons kan geven. Hij heeft zelf ook de pijn en moeite doorstaan in de wedloop van het leven. 4 Refrein: Hij is mijn hoop, mijn kracht, mijn zekerheid, Hij wijst mij de weg die ik moet gaan. Hij is mijn rots en geeft standvastigheid; Jezus is het doel van mijn bestaan. 5 En ik weet dat Hij gestorven is aan het kruis om mijn zonde te vergeven. Dit geloof is mijn getuigenis in de wedloop van het leven. 6 U bent mijn hoop, mijn kracht, mijn zekerheid, U wijst mij de weg die ik moet gaan. U bent mijn rots en geeft standvastigheid. Ja, U bent het doel van mijn bestaan. Ja, U bent het doel van mijn bestaan. Opwekking 565 : 1-4 1 Geest van God, blaas op mij, liefdesadem die bevrijdt. Geest van God, blaas op mij, laat het vuur weer vlammen. 2 Refrein: Neem mijn hart en mijn ziel, zodat ik uw genade zie. Leid mij naar uw heiligdom, blaas op mij. 3 Woord van God, spreek tot mij, zacht en stil diep in mijn hart. Woord van God, spreek tot mij, troost, genees, herstel mij. 4 Refrein: Neem mijn hart en mijn ziel, zodat ik uw genade zie. Leid mij naar uw heiligdom, blaas op mij. Opwekking 566 : 1-2 1 Ik verlang naar uw aanwezigheid in alles wat ik doe, dat uw Geest mij op mijn wegen leidt; daarom wijd ik heel mijn leven aan U toe. Jezus, Koning van de eeuwigheid, uw volk gelooft uw Woord. Heel de aarde toont uw heerlijkheid en uw woorden brengen leven aan wie hoort. Refrein: Machtig Heer, alles wat leeft zingt tot uw eer in eeuwigheid. Hier zijn wij, U toegewijd; wij aanbidden U. 2 Machtig Heer, alles wat leeft zingt tot uw eer in eeuwigheid. Hier zijn wij, U toegewijd; wij aanbidden U. Opwekking 567 : 1-2 1 Jezus, Jezus, Heiland, Redder, mijn bevrijder, ik hou van U, ik hou van U. 2 Jesus, Jesus, Saviour, Healer, Strong Deliverer, how I love You, how I love You. Opwekking 568 : 1-5 1 Vier nu feest, geef Hem eer, het middelpunt is onze Heer; want onze zonden schold Hij kwijt, vergeten zijn ze nu en voor altijd, altijd, altijd, ja altijd, altijd, altijd. 2 Dit is ons jubeljaar en onze schuld is afbetaald. We geven alles nu aan Hem, want niets is meer van ons; het is van Hem, van Hem, van Hem, ja van Hem, van Hem, van Hem. 3 Refrein: Hier is 't feest, het feest is hier, hier is 't waar de vreugde hoogtij viert. Volle vrijheid waar Hij woont, wij juichen voor Gods Zoon. Hier is 't feest, het feest is hier, zingend met de engelen zonder schroom. Hier is 't feest, het feest is hier, waar we dansen voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon. 4 Uw vrijheid maakt ons waarlijk vrij, geen boeien meer, geen slavernij, geen banden, geen gebondenheid, want U verbrak de zonde voor altijd, altijd, altijd, ja altijd, altijd, altijd. 5 Refrein: Hier is 't feest, het feest is hier, hier is 't waar de vreugde hoogtij viert. Volle vrijheid waar Hij woont, wij juichen voor Gods Zoon. Hier is 't feest, het feest is hier, zingend met de engelen zonder schroom. Hier is 't feest, het feest is hier, waar we dansen voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon, voor zijn troon. Opwekking 569 : 1-4 1 Over al wat leeft, bent U de hoogste Heer, als de zon opkomt elke morgen weer. Daarom vraag ik U, Heer van zee en land: neem ook mijn leven in uw hand. 2 Refrein: Regeer in mij met al uw kracht in mijn mooiste droom, in mijn zwartste nacht. Er is één ding dat ik U vraag: o Heer, regeer in mij vandaag. 3 Laat alles wat ik zeg en alles wat ik denk als een spiegel zijn van wie U in mij bent. U bent zoveel meer dan ik verlangen kan: Heer, neem mijn leven in uw hand. 4 Refrein: Regeer in mij met al uw kracht in mijn mooiste droom, in mijn zwartste nacht. Er is één ding dat ik U vraag: o Heer, regeer in mij vandaag. Opwekking 570 : 1 Dit is de tijd van Elia die 't woord van de Heer tot ons spreekt. En dit is de tijd van zijn dienstknecht Mozes, die 't juk van het onrecht verbreekt. En dit is de tijd van verzoeking, van duisternis, net als weleer. Maar in de woestijn klinkt een stem, die uitroept: 'Bereid nu de weg van de Heer!' Opwekking 571 : 1-3 1 Dit is de dag die de Heer ons geeft; wees daarom blij en vier het feest. Dit is de dag die de Heer ons geeft; wees daarom blij, wees daarom blij en vier het feest! 2 Zijn hand die leidt mij, (Zijn hand die leidt mij,) Hij wandelt naast mij, (Hij wandelt naast mij,) Hij leeft nu in mij en zijn liefde vult mijn ziel. Hij is mijn redder, (Hij is mijn redder,) Hij's mijn bevrijder, (Hij's mijn bevrijder) en overvloedig geeft Hij zijn liefde iedere dag! 3 Slot: Dit is de dag die de Heer ons geeft; wees daarom blij, (wees daarom blij,) wees daarom blij, (wees daarom blij,) wees daarom blij, wees daarom blij en vier het feest. Opwekking 572 : 1-6 1 Als wij samenkomen, leid ons naar uw levende rivier; laat uw liefde stromen, tot iedereen erkent: De Heer is hier. Deze generatie ziet dan dat U één maakt en verlost; als wij samenkomen in de stad van onze God. 2 Als wij U aanbidden, leid ons naar uw troon van heerlijkheid; open onze ogen en maak ons hart bewogen voor wie lijdt. Deze generatie ziet dan dat U heel maakt en verlost; als wij U aanbidden in de stad van onze God. 3 Want de Geest van God, de Geest des Heren is op ons; dit is het jaar van de Heer. Want de Geest van God, de Geest des Heren is op ons; dit is het jaar van de Heer. 4 Als wij U verwachten, leid ons in de schaduw van uw hand; boven op de bergtop, om uit te zien op ons verdorde land. Want door uw genade stroomt de late regen op ons neer; als wij U verwachten in de stad van onze Heer. 5 Want de Geest van God, de Geest des Heren is op ons; dit is het jaar van de Heer. Want de Geest van God, de Geest des Heren is op ons; dit is het jaar van de Heer. 6 Als wij samenkomen, leid ons naar uw levende rivier; laat uw liefde stromen, tot iedereen erkent: De Heer is hier. Deze generatie ziet dan dat U één maakt en verlost; als wij samenkomen in de stad van onze God. Als wij samenkomen in de stad van onze God. Opwekking 573 : 1-3 1 We zijn hier bij elkaar om de Koning te ontmoeten. We zijn hier bij elkaar om te eren onze Heer. 2 We zijn hier bij elkaar om te vieren dat Hij goed is. En wij prijzen en aanbidden Hem, Jezus, onze Heer! 3 Refrein: Heer, U bent welkom, welkom, U bent welkom, grote koning. Wij heffen onze handen op naar de God van alle eeuwen. Heer, U bent welkom, welkom, U bent welkom, Zoon van God. Wij richten heel ons hart op U; U bent welkom in ons midden. Opwekking 574 : 1-3 1 Groot is Hij, allerhoogste heer, onze vredevorst; wat een God is Hij! Groot is Hij, allerhoogste heer, onze vredevorst; wat een God is Hij! 2 Halleluja, halleluja. Halleluja, wat een God is Hij! Halleluja, halleluja. Halleluja, wat een God is Hij! 3 Halleluja, aan Hem zij de glorie, rijkdom en macht; wat een God is Hij! Halleluja, aan Hem zij de glorie, rijkdom en macht; wat een God is Hij! Opwekking 575 : 1-7 1 Jezus alleen, ik bouw op Hem. Hij is mijn hoop, mijn lied, mijn kracht. Door stormen heen hoor ik zijn stem, dwars door het duister van de nacht. 2 Zijn woord van liefde dat mij sust verdrijft mijn angst; nu vind ik rust! Mijn vaste grond, mijn fundament; dankzij zijn liefde leef ik nu. 3 (v) Jezus alleen werd mens als wij; klein als een kind, in kwetsbaarheid. Oneindig veel hield Hij van mij, leed om mijn ongerechtigheid. 4 (allen) En door zijn offer werd ik vrij, Hij droeg mijn straf, Hij stierf voor mij, ontnam de dood zijn heerschappij; dankzij zijn sterven leef ik nu. 5 (m) Daar in het graf, in dood gehuld, leek al zijn macht tenietgedaan. Maar, o die dag, dat werd vervuld: Jezus, de Heer is opgestaan! 6 (allen) Sinds Hij verrees in heerlijkheid ben ik van vloek en schuld bevrijd. Ik leef in Hem en Hij in mij; dankzij zijn bloed ben ik nu vrij. 7 Geen levensangst, geen stervensnood; dat is de kracht, waar ik in sta. Van eerste stap tot aan de dood leidt Hij de weg waarop ik ga. Geen duivels plan of aards bestaan kan mij ooit roven uit zijn hand. Als Hij verschijnt, roept Hij mijn naam; in die verwachting houd ik stand. In Hem alleen, in Hem alleen! Opwekking 576 : 1-4 1 Als wij samen U aanbidden dan maakt uw Geest ons één. U bent welkom in ons midden, wij eren U alleen. Ons hart staat voor U open, Heer, neem de ereplaats; wij heffen onze handen naar U op. 2 Refrein : Immanuël, God zelf is met ons. Vredevorst, machtig God, de allerhoogste heer. Immanuël, God zelf is met ons. Vredevorst, machtig God, de allerhoogste heer. 3 Zie hoe, als wij voor Hem zingen, de hemel opengaat en als frisse morgenregen zijn liefde mensen raakt. Want U alleen bent waardig, dat Sion U aanbidt, de koning die voor eeuwig heersen zal! 4 Refrein : Immanuël, God zelf is met ons. Vredevorst, machtig God, de allerhoogste heer. Opwekking 577 : 1-2 1 Jezus, allerhoogste naam, mijn ziel zingt: Jezus, het allermooiste lied. Jezus, engelen aanbidden Hem. Hemel en aard’ verheerlijken zijn naam. 2 Morgenster, Stralend Licht, Bron van levend water, Roos van Saron, Zoon van God. Opgestaan en verhoogd, alfa en omega; U komt toe aanbidding in eeuwigheid. Slot: Jezus, allerhoogste naam! Opwekking 578 : 1-4 1 U redde mij en riep mijn naam, gaf mij weer hoop, een nieuw bestaan, bekleed met uw gerechtigheid; o, Jezus, U redde mij. 2 Met U verzoend, werd ik weer rein, U nam mijn schuld en droeg mijn pijn. Nu ben ik vrij, volmaakt in U; o, Jezus, U redde mij. 3 Voor U mij maakte, had U mij lief, Heer en werd ik door U gekend. Ik ben geschapen naar uw evenbeeld, o Heer. En U zocht mij en U kocht mij, U vergoot uw bloed voor mij. Een nieuwe schepping naar uw evenbeeld, o Heer; U redde mij, U redde mij. 4 En U zocht mij en U kocht mij, U vergoot uw bloed voor mij. Een nieuwe schepping naar uw evenbeeld, o Heer; U redde mij, U redde mij. Opwekking 579 : 1-3 1 Dank U, dank U voor uw kostbare bloed. Dank U voor uw offer dat ons de vrijheid biedt. Dank U, U nam alle schuld van ons af. Daarom zingen wij nu een overwinningslied, een overwinningslied. 2 Want U opent de weg naar de Vader, laat Hem zien, zoals niemand Hem ziet. Jezus, dankzij uw trouw en genade zingen wij dit vreugdelied. 3 Als dank voor wat U deed, als dank voor wat U deed, als dank voor wat U deed voor ons, leed voor ons, streed voor ons. Als dank voor wat U deed, als dank voor wat U deed, als dank voor wat U deed voor ons, leed voor ons, streed voor ons. Opwekking 580 : 1-6 1 Jezus, Hij kwam om ons leven te geven, daarom verliet Hij zijn vaderlijk huis. Hij gaf aan mij het eeuwige leven door te sterven aan het kruis. 2 Ik zie nu zijn tranen en zie nu zijn wonden. Ik zie nu het bloed dat Hij gaf voor mij. Dat bloed wast mij schoon en bevrijdt van zonde. Prijs de Heer; nu ben ik vrij! 3 Refrein: Ik ben zo dankbaar, Heer voor wat U heeft gedaan. En heel mijn hart aanbidt uw heil’ge naam. En Heer, ik hou van U, want U hield eerst van mij. Uw liefde tilt mij op en maakt mij vrij. 4 Uit liefde droeg Jezus de straf van mijn zonden. Hij droeg die straf zelfs tot diep in de dood. Nu houdt de dood mij niet langer gebonden, ook al was mijn zonde groot. 5 Want Hij is niet lang in het graf gebleven. De dood kon onmoog’lijk Gods liefde verslaan. Nu troont Hij als Koning en Heer van het leven. Heel de schepping roept zijn naam. 6 (refrein) Opwekking 581 : 1-5 1 Ik wil heel dicht bij U zijn, als een kind bij de vader op schoot. Ik wil heel dicht bij U zijn; dat is de plek waar ik hoor. 2 Til mij op, neem mij in uw armen. Til mij op, houd mij dicht tegen U aan. Til mij op, ik wil U omarmen. Til mij op en laat mij niet meer gaan. 3 Draag mij door het diepe water, waar ik zelf niet meer kan staan. In uw armen ben ik veilig, wanneer U mij draagt, als ik niet verder kan gaan. 4 Ik mag heel dicht bij U zijn, als een kind bij de vader op schoot. Ik mag heel dicht bij U zijn; dat is de plek waar ik hoor. 5 En U tilt mij op, neemt mij in uw armen. En U tilt mij op, houdt mij dicht tegen U aan. En U tilt mij op, ik mag U omarmen. En U tilt mij op en laat mij niet meer gaan. En U tilt mij op en laat mij niet meer gaan. Opwekking 582 : 1-4 1 Jezus, alles geef ik U, wat ik ben en heb en wat ik ooit zal zijn. Jezus, alles geef ik U, wat ik ben en heb en wat ik ooit zal zijn. 2 Al mijn hoop, mijn plannen en mijn tijd leg ik in uw hand, vertrouw ze aan U toe. Al mijn hoop, mijn plannen en mijn tijd leg ik in uw hand, vertrouw ze aan U toe. 3 Door uw wil te doen, leer ik om vrij te zijn. Door uw wil te doen, leer ik om vrij te zijn. 4 Jezus, alles geef ik U, wat ik ben en heb en wat ik ooit zal zijn. Opwekking 583 : 1-4 1 Machtige Heer en God, wat U gedaan hebt, is wonderbaar. En Heer, om wie U bent, zingen en juichen wij met elkaar: amen! 2 Alle rijkdom en macht, alle wijsheid en kracht, alle lof, alle heerlijkheid. Alle dank, alle eer is voor U, onze Heer, die zit op de troon voor altijd. Machtige Heer en God, U bent rechtvaardig in wat U doet. En wij aanbidden U, want U alleen bent heilig en goed: amen! 3 Alle rijkdom en macht, alle wijsheid en kracht, alle lof, alle heerlijkheid. Alle dank, alle eer is voor U, onze Heer, die zit op de troon. Amen! Alle rijkdom en macht, alle wijsheid en kracht, alle lof, alle heerlijkheid. Alle dank, alle eer is voor U, onze Heer, die zit op de troon. Amen! 4 Alle rijkdom en macht, alle wijsheid en kracht, alle lof, alle heerlijkheid. Alle dank, alle eer is voor U, onze Heer, die zit op de troon voor altijd. Amen! Opwekking 584 : 1-4 1 Refrein: Zo machtig, zo waardig; heilig is de Heer, onze God. Barmhartig, genadig; heilig is de Heer, onze God. (v) De aarde zingt van zijn heerschappij, (v) de bergen verheffen hun stem. (v) De zee verkondigt: Luister naar Hem, (allen) de hemel juicht: Hoe groot zijt Gij! 2 Refrein: Zo machtig, zo waardig; heilig is de Heer, onze God. Barmhartig, genadig; heilig is de Heer, onze God. Als Jezus komt, die tijd is nabij, verheffen miljoenen hun stem. Vol eerbetoon aanbidden zij Hem en roepen uit: Hoe groot zijt Gij! 3 Refrein: Zo machtig, zo waardig; heilig is de Heer, onze God. Barmhartig, genadig; heilig is de Heer, onze God. Wij buigen ons voor zijn heerschappij, verheffen voor Hem onze stem. Als Hij verschijnt, aanschouwen wij Hem en roepen uit: Hoe groot zijt Gij! 4 Refrein: Zo machtig, zo waardig; heilig is de Heer, onze God. Barmhartig, genadig; heilig is de Heer, onze God. Refrein: Zo machtig, zo waardig; heilig is de Heer, onze God. Barmhartig, genadig; heilig is de Heer, onze God. Opwekking 585 : 1-5 1 Er is een dag, waar al wat leeft al lang op wacht, een dag van blijdschap, als heel de schepping wordt bevrijd. En op die dag, dan komt de Heer en haalt zijn bruid, die rein en stralend opgaat in zijn heerlijkheid. 2 Refrein: Spoedig zullen wij Hem zien en voor altijd op Hem lijken en Jezus kennen zoals Hij is, amen! Nooit meer tranen, nooit meer pijn, want wij zullen met Hem leven in zijn nabijheid, voor altijd. Amen, amen! 3 Er klinkt geschal, wanneer de graven opengaan en doden opstaan, voor eeuwig levend door zijn kracht. Hun aardse tent wordt nu bekleed met heerlijkheid, de dood verzwolgen, overwonnen voor altijd. 4 Refrein: Spoedig zullen wij Hem zien en voor altijd op Hem lijken en Jezus kennen zoals Hij is, amen! Nooit meer tranen, nooit meer pijn, want wij zullen met Hem leven in zijn nabijheid, voor altijd. Amen, amen! 5 Dus kijk omhoog en zie wat nog verborgen is, maar wat beloofd is, dat blijft in alle eeuwigheid. En als je lijdt, weet dat het maar voor even is. Als Jezus terugkomt, deel je in zijn heerlijkheid. Opwekking 586 : 1-7 1 (m) Heel de schepping geeft U eer, buigt zich vol aanbidding neer. Jezus Christus, Zoon van God, trouw in eeuwigheid. 2 (allen) Heel de schepping zingt uw lof; U alleen bent onze God, onze koning die regeert, heerser voor altijd! 3 Refrein: Hij is Heer en zijn eer vult de aarde, vult de hemel en zijn heerlijkheid wordt wereldwijd geroemd. Hij is Heer, geeft Hem eer heel de aarde, heel de hemel, want wij leven voor de glorie van uw naam, de glorie van uw naam. 4 U alleen hebt alle macht, leer ons leven uit uw kracht. Blaas uw vuur aan in ons hart, dat iedereen het ziet en ieder hoort: 5 Refrein: Hij is Heer en zijn eer vult de aarde, vult de hemel en zijn heerlijkheid wordt wereldwijd geroemd. Hij is Heer, geeft Hem eer heel de aarde, heel de hemel, want wij leven voor de glorie van uw naam, de glorie van uw naam. 6 Heilig is de Heer, de schepping juicht, de schepping juicht. Heilig is de Heer, de schepping juicht, de schepping juicht. Heilig is de Heer, de schepping juicht, de schepping juicht. Heilig is de Heer, de schepping juicht, de schepping juicht. 7 Refrein: Hij is Heer en zijn eer vult de aarde, vult de hemel en zijn heerlijkheid wordt wereldwijd geroemd. Hij is Heer, geeft Hem eer heel de aarde, heel de hemel, want wij leven voor de glorie van uw naam, de glorie van uw naam. Opwekking 587 : 1-7 1 Ik was verloren, maar U redde mij. U trok mij uit de put, verhoogde mij. Zoveel liefde, toen ik was afgedwaald, zocht U naar mij. Heer, U weet alles wat ik heb gedaan, maar door uw bloed mag ik nu voor U staan. Zoveel liefde, dat ik een kind van U mag zijn. 2 Refrein: U geeft een nieuw lied in mijn mond, ik roep het uit met heel mijn hart, een lied van dank voor mijn grote God, halleluja! Nu sta ik vast op deze rots, nu ben ik veilig in de hand van God. Alles werd nieuw toen Jezus kwam, halleluja, uw liefde redde mij! 3 Nu mag ik leven in uw koninkrijk, want Jezus offer maakte plaats voor mij. Zoveel vrede, omdat U van mij hield, stierf U voor mij. En nu wij weten hoe geliefd wij zijn, zijn wij gekomen om bij U te zijn. Zoveel vreugde, te weten dat U van ons houdt. 4 Refrein: U geeft een nieuw lied in mijn mond, ik roep het uit met heel mijn hart, een lied van dank voor mijn grote God, halleluja! Nu sta ik vast op deze rots, nu ben ik veilig in de hand van God. Alles werd nieuw toen Jezus kwam, halleluja, uw liefde redde mij! 5 Zoveel wonderen heeft U gedaan, zoveel plannen liggen voor ons klaar. Uw genade is zo groot voor ons, dat wat geen mens verdient, dat wat geen mens bedenkt, is wat uw liefde schenkt. 6 Refrein: U geeft een nieuw lied in mijn mond, ik roep het uit met heel mijn hart, een lied van dank voor mijn grote God, halleluja! Nu sta ik vast op deze rots, nu ben ik veilig in de hand van God. Alles werd nieuw toen Jezus kwam, halleluja, uw liefde redde mij! 7 Slot: Uw liefde redde mij! Uw liefde redde mij! Uw liefde redde mij! Uw liefde redde mij! Uw liefde redde mij! Opwekking 588 : 1-3 1 Er is geen vriend zo trouw als Jezus, nee niet één, nee niet één! Jezus alleen kan ons hart genezen, Hij alleen, Hij alleen! 2 Refrein: Nooit is ons zoveel troost gegeven, zoveel liefde heeft Hij alleen. Er is geen vriend zo trouw als Jezus, nee niet één, nee niet één! 3 Er is geen dag dat Hij niet dichtbij is, nee niet één, nee niet één! Geen donk're nacht kan ons van Hem scheiden, nee niet één, nee niet één! Opwekking 589 : 1-8 1 Ik wil juichen voor U, mijn Heer, met blijdschap in mijn hart. Ik wil jubelen voor U, Heer, mijn hart is vol ontzag. 2 Ik erken: U, Heer, bent God en ik behoor U toe. Mijn aanbidding is slechts voor U wat ik ook denk of voel. 3 En ik ga door de poorten met een loflied, want ik wil U ontmoeten deze dag. En ik zing U alle lof toe, 'k hef mijn handen naar U op. Ik prijs uw naam, God van de eeuwigheid. 4 Ik wil juichen voor U, mijn Heer, met blijdschap in mijn hart. Ik wil jubelen voor U, Heer, mijn hart is vol ontzag. Ik erken: U, Heer, bent God en ik behoor U toe. Mijn aanbidding is slechts voor U wat ik ook denk of voel. 5 Want de Heer is goed. Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid, amen! Ja, de Heer is goed, zijn liefde en zijn trouw zijn tot in eeuwigheid, amen! 6 En ik ga door de poorten met een loflied, want ik wil U ontmoeten deze dag. En ik zing U alle lof toe, 'k hef mijn handen naar U op. Ik prijs uw naam, ik prijs uw naam, ik prijs uw naam, God van de eeuwigheid, God van de eeuwigheid, God van de eeuwigheid. 7 Want de Heer is goed. Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid, amen! Ja, de Heer is goed, zijn liefde en zijn trouw zijn tot in eeuwigheid, amen! 8 En ik ga door de poorten met een loflied, want ik wil U ontmoeten deze dag. En ik zing U alle lof toe, Ik hef mijn handen naar U op. Ik prijs uw naam, God van de eeuwigheid. Opwekking 590 : 1-7 1 (v) O mijn ziel, sta op en prijs je maker, want Hij is je meester en je vriend. Vol geduld en rijk in zijn genade; prijs de Verlosser, Jezus. 2 (allen) Lam van God, zijn liefde is oneindig; levend brood, verzadigt mij voorgoed. Door zijn bloed ben ik gekocht voor eeuwig, daar bij het kruis van Jezus. 3 Refrein: En ik bezing zolang ik ben zijn grenzeloze trouw; een liefdeslied tot eer van Hem, totdat ik Hem aanschouw. 4 Elke dag bewijst Hij zijn nabijheid; ben ik zwak, dan steun ik op zijn kracht. Zijn sterke hand die doet mij steeds weer opstaan; Hij is mijn Helper, Jezus. 5 Schep in mij het lied dat U wilt zingen, laat mij zien de dingen die U ziet. Geef mij geloof uw werken te volbrengen; maak mij steeds meer als Jezus. 6 Refrein: En ik bezing zolang ik ben zijn grenzeloze trouw; een liefdeslied tot eer van Hem, totdat ik Hem aanschouw. 7 Op een dag dan zal ik Hem ontmoeten; als Hij komt, verlangend naar zijn bruid, zal ik Hem zien en eeuwig bij Hem wonen; daar wil ik zijn bij Jezus, daar wil ik zijn bij Jezus. Opwekking 591 : 1-4 1 Ik zie de Heer gezeten op de troon, verheven en de zoom van zijn kleed vult de tempel met glorie. 2 Heel de aard is vervuld, heel de aard is vervuld, heel de aard is vervuld met zijn glorie. 3 Heilig, heilig, heilig, heilig, ja heilig is de Heer. Heilig, heilig, heilig, heilig, ja heilig, heilig is de Heer. Slot: Ja, heilig, heilig is de Heer. 4 heilig, heilig is de Heer. Opwekking 592 : 1-4 1 God van licht, schijn in mij, verlicht mijn hart. God van trouw, schenk mijn ziel uw genade. 2 Refrein: Zo kunnen wij uw heiligdom aanbiddend binnengaan. Zo voelen wij uw Vaderhart en horen onze naam. 3 God van vuur, was mij schoon en reinig mij. Jezus, neem mijn hart en maak het nieuw. 4 Refrein: Zo kunnen wij uw heiligdom aanbiddend binnengaan. Zo voelen wij uw Vaderhart en horen onze naam. Refrein: Zo kunnen wij uw heiligdom aanbiddend binnengaan. Zo voelen wij uw Vaderhart en horen onze naam. Opwekking 593 : 1-3 1 Lam van God, o, heilig Lam van God, in het midden van de troon. Lam van God, o, heilig Lam van God, werd geslacht als Mensenzoon. 2 Zegevierend voor altijd; overwinning werd een feit. U komt toe aanbidding, eer en wijsheid, sterkte en macht, sterkte en macht. Heerlijkheid, heerlijkheid, heerlijkheid, heerlijkheid. 3 Heerlijkheid. (4x) Opwekking 594 : 1-7 1 U bent 'Ik ben' op de troon, uw naam is heilig. U bent de Christus, Gods Zoon, uw naam is heilig. 2 U bent de Redder die kwam, uw naam is heilig. U bent het vlekkeloos Lam, uw naam is heilig. 3 Refrein: In uw naam worden zondaars weer rein, is vertroosting in pijn, in uw grote naam. In uw naam ligt een veilig bestaan en kracht om door te gaan, in uw grote naam. 4 U bent 'Ik ben' op de troon, uw naam is heilig. U bent de Christus, Gods Zoon, uw naam is heilig. U bent de Redder die kwam, uw naam is heilig. U bent het vlekkeloos Lam, uw naam is heilig. 5 Refrein: In uw naam worden zondaars weer rein, is vertroosting in pijn, in uw grote naam. In uw naam ligt een veilig bestaan en kracht om door te gaan, in uw grote naam. 6 Refrein: In uw naam worden zondaars weer rein, is vertroosting in pijn, in uw grote naam. In uw naam ligt een veilig bestaan en kracht om door te gaan, in uw grote naam. 7 U bent 'Ik ben' op de troon, uw naam is heilig. U bent de Christus, Gods Zoon, uw naam is heilig, uw naam is heilig, uw naam is heilig, uw naam is heilig, uw naam is heilig. Opwekking 595 : 1-6 1 Licht van de wereld, U scheen in mijn duisternis; nu mag ik zien wie U bent. Liefde die maakt, dat ik U wil kennen Heer, bij U wil zijn elk moment. 2 Refrein: Voor U wil ik mij buigen, U wil ik aanbidden, U wil ik erkennen als mijn Heer. Want U alleen bent waardig, heilig en rechtvaardig, U bent zo geweldig goed voor mij. 3 Hemelse Heer, U, die hoog en verheven bent, Koning vol glorie en macht, bent als een kind naar de wereld gekomen, legde uw heerlijkheid af. 4 Refrein: Voor U wil ik mij buigen, U wil ik aanbidden, U wil ik erkennen als mijn Heer. Want U alleen bent waardig, heilig en rechtvaardig, U bent zo geweldig goed voor mij. 5 En nooit besef ik hoe U leed, de pijn die al mijn zonde deed. En nooit besef ik hoe U leed, de pijn die al mijn zonde deed. 6 Refrein: Voor U wil ik mij buigen, U wil ik aanbidden, U wil ik erkennen als mijn Heer. Want U alleen bent waardig, heilig en rechtvaardig, U bent zo geweldig goed voor mij. Opwekking 596 : 1-5 1 Uw liefde, stralend als de zon, sterker dan de wind, zuiver als een bron, waar ik verfrissing vind. Oh, ik ontvang uw liefde. 2 Genadig droeg U elke last, mijn zonde en mijn pijn. Nu heelt U mijn hart en mag ik bij U zijn. Oh, ik ontvang uw liefde. 3 Refrein: Doordrenk mij Heer, o schenk mij meer van uw liefde in mijn dorstig hart. Doorstroom mij nu, ik dorst naar U; doordrenk mij Heer. 4 Ik kom en leg nu elke last dankbaar voor U neer. Ik geef U heel mijn hart en voel uw vrede weer. Oh, ik ontvang uw liefde. 5 Refrein: Doordrenk mij Heer, o schenk mij meer van uw liefde in mijn dorstig hart. Doorstroom mij nu, ik dorst naar U; doordrenk mij Heer. Refrein: Doordrenk mij Heer, o schenk mij meer van uw liefde in mijn dorstig hart. Doorstroom mij nu, ik dorst naar U; doordrenk mij Heer. Opwekking 596 : 1-5e 1 Your love, shining like the sun, Pouring like the rain, Raging like the storm, Refreshing me again. I receive Your love. 2 Your love, shining like the sun, Pouring like the rain, Raging like the storm, Refreshing me again. I receive Your love. 3 Pour over me, Pour over me, Let Your rain flood this thirsty soul. Pour over me Your waves of love, Pour over me. Your grace frees me from the past, It purges every sin, It purifies my heart And heals me from within, I receive Your grace 4 I come and lay my burden down Gladly at Your feet, I'm opening up my heart, Come make this joy complete; I receive Your peace. 5 Pour over me, Pour over me, Let Your rain flood this thirsty soul. Pour over me Your waves of love, Pour over me. Opwekking 597 : 1-7 1 Uw liefde is zo prachtig, eeuwig en standvastig; Uw liefde is een rots waar ik mijn voet op zet. Uw liefde is een wonder, U vindt mij bijzonder; als ik in de put zit, redt uw liefde mij. 2 Refrein : Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. 3 Uw liefde blijft steeds boeien en ik voel het groeien. Uw liefde geeft me blijdschap, heel diep in mijn ziel. Steeds als ik U zie, Heer, raakt uw liefde mij weer. En dan wil ik zingen, U geeft mij een lied. 4 Refrein : Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. 5 Uw liefde is zo prachtig, eeuwig en standvastig; Uw liefde is een rots waar ik mijn voet op zet. Uw liefde is een wonder, U vindt mij bijzonder; als ik in de put zit, redt uw liefde mij. 6 Refrein : Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. Halleluja, halleluja, halleluja, U maakt dat ik zing. 7 U maakt dat ik zing, U maakt dat ik zing, zing, zing. U maakt dat ik zing. Opwekking 598 : 1-7 1 Machtige Heer, grote Verlosser, iedere dag kneden uw handen mijn leven als klei. Zo vormt U mij naar uw plan. 2 U roept mij zacht in uw nabijheid; daar vind ik kracht, uw Geest omgeeft mij. Leer mij, o Heer, hoe ik steeds meer leef als U. 3 U riep mij om voor U te leven, aan U alleen wil ik mij geven. Trek mij, o Heer, dichter naar U toe. 4 Refrein: Neem mij, kneed mij, vorm mij, vul mij: ik leg mijn leven in uw sterke hand. Roep mij, zend mij, leid mij, wandel naast mij: ik leg mijn leven in uw sterke hand. 5 U roept mij zacht in uw nabijheid; daar vind ik kracht, uw Geest omgeeft mij. Leer mij, o Heer, hoe ik steeds meer leef als U. 6 U riep mij om voor U te leven, aan U alleen wil ik mij geven. Trek mij, o Heer, dichter naar U toe. Refrein: Neem mij, kneed mij, vorm mij, vul mij: ik leg mijn leven in uw sterke hand. Roep mij, zend mij, leid mij, wandel naast mij: ik leg mijn leven in uw sterke hand. 7 Refrein: Neem mij, kneed mij, vorm mij, vul mij: ik leg mijn leven in uw sterke hand. Roep mij, zend mij, leid mij, wandel naast mij: ik leg mijn leven in uw sterke hand. Opwekking 599 : 1-7 1 Nog voordat je bestond, kende Hij je naam. Hij zag je elk moment en telde elke traan. Omdat Hij van je hield, gaf Hij zijn eigen Zoon. Hij wacht alleen nog maar totdat je komt. 2 En wat je nu ook doet, zijn liefde blijft bestaan. Ook niets wat jij ooit deed, verandert daar iets aan. Omdat Hij van je houdt, gaf Hij zijn eigen Zoon. En nu is alles klaar wanneer jij komt. 3 Refrein: Kom tot de Vader, kom zoals je bent. Heel je hart, al je pijn is bij Hem bekend. De liefde die Hij geeft, de woorden die Hij spreekt. Daarmee is alles klaar wanneer jij komt. 4 En wat je nu ook doet, zijn liefde blijft bestaan. Ook niets wat jij ooit deed, verandert daar iets aan. Omdat Hij van je houdt, gaf Hij zijn eigen Zoon. En nu is alles klaar wanneer jij komt. 5 Refrein: Kom tot de Vader, kom zoals je bent. Heel je hart, al je pijn is bij Hem bekend. De liefde die Hij geeft, de woorden die Hij spreekt. Daarmee is alles klaar wanneer jij komt. 6 Refrein: Kom tot de Vader, kom zoals je bent. Heel je hart, al je pijn is bij Hem bekend. De liefde die Hij geeft, de woorden die Hij spreekt. Daarmee is alles klaar wanneer jij komt. 7 De liefde die Hij geeft, de woorden die Hij spreekt. Hij wacht alleen nog maar totdat je komt. Opwekking 600 : 1-7 1 Open mijn ogen voor de schoonheid van uw schepping. Open mijn oren voor uw liefdevolle stem, die aan mij zegt: Ik hou van jou, mijn kind, kom bij Mij. 2 Open mijn ogen om uw heerlijkheid te zien, Heer. Open mijn oren om te horen naar uw stem; ik zeg U: Heer, ik hou van U, mijn Vader, ik kom bij U. 3 Refrein: Ik open mijn hart voor de Heer die ik dien. Ik open mijn hart, laat mij zien met uw ogen. Open mijn hart, maak het sterk en bewogen. Ik open mijn hart. 4 Open mijn ogen voor de tranen van de mensen. Open mijn oren voor uw liefdevolle stem, die aan hen zegt: Ik hou van jou, mijn kind, kom bij Mij. 5 Open mijn ogen voor de dag dat U zal komen. Open mijn oren voor de stem van Hem die komt; ik zeg U: Heer, ik hou van U, mijn Vader, ik kom bij U. 6 Refrein: Ik open mijn hart voor de Heer die ik dien. Ik open mijn hart, laat mij zien met uw ogen. Open mijn hart, maak het sterk en bewogen. Ik open mijn hart. Refrein: Ik open mijn hart voor de Heer die ik dien. Ik open mijn hart, laat mij zien met uw ogen. Open mijn hart, maak het sterk en bewogen. Ik open mijn hart. Refrein: Ik open mijn hart voor de Heer die ik dien. Ik open mijn hart, laat mij zien met uw ogen. Open mijn hart, maak het sterk en bewogen. Ik open mijn hart. 7 Slot: Ik open mijn hart, ik open mijn hart, ik open mijn hart, ik open mijn hart, ik open mijn hart. Opwekking 601 : 1-9 1 Deel door ons uw liefde uit aan wie honger heeft en pijn. Laat ons waar verdeeldheid is uw vredestichters zijn. Ons verlangen is alleen, Heer, maak ons hart bereid, dat door heel ons leven heen uw liefde wordt verspreid. 2 Deel door mij uw liefde uit, aan een medemens die lijdt. Leer mij meer vervuld te zijn met uw bewogenheid. Mijn verlangen is alleen, Heer, maak mijn hart bereid, dat door heel mijn leven heen uw liefde wordt verspreid. 3 Openbaar uw koninkrijk aan wie zoekt, aan arm en rijk. Giet een stroom van liefde uit, dat in ons en door ons, o Jezus, uw liefde wordt verspreid, uw liefde wordt verspreid. 4 Deel door ons uw liefde uit tot de einden van de aard'. Dat zich waar de dood nu heerst nieuw leven openbaart. Maak ons als uw werkers klaar en sterk ons in de strijd, tot wij mogen oogsten waar uw liefde wordt verspreid. 5 Openbaar uw koninkrijk aan wie zoekt, aan arm en rijk. Giet een stroom van liefde uit, dat in ons en door ons, o Jezus, uw liefde wordt verspreid, uw liefde wordt verspreid, 6 uw liefde wordt verspreid. uw liefde wordt verspreid. uw liefde wordt verspreid. uw liefde wordt verspreid. 7 Deel door ons uw liefde uit, maak ons hart bereid. Deel door ons uw liefde uit, maak ons hart bereid. Deel door ons uw liefde uit, maak ons hart bereid. Deel door ons uw liefde uit, maak ons hart bereid. 8 Deel door ons uw liefde uit, ja wij zijn bereid. Deel door ons uw liefde uit, ja wij zijn bereid. 9 Deel door mij uw liefde uit, ja ik ben bereid. Deel door mij uw liefde uit, ja ik ben bereid. Uw liefde wordt verspreid, uw liefde wordt verspreid, uw liefde wordt verspreid. Opwekking 602 : 1-3 1 Vrede van God, de vrede van God, de vrede van God zij met jou. Vrede van Hem, vrede van God, de vrede van God zij met jou. 2 In Jezus' naam, in Jezus' naam, in Jezus' naam geef ik jou: vrede van Hem, vrede van God, de vrede van God zij met jou. 3 Heilige Geest, de Heilige Geest, de Heilige Geest zij met jou. Vrede van Hem, vrede van God, de vrede van God zij met jou. Opwekking 603 : 1-4 1 Refrein: Ruil je rouwkleed in voor een lofgewaad, maak Hem groot om wat Hij doet. Zing een vreugdelied, nu wij samen zijn; vier nu feest, want God is goed. 2 Jezus, onze Heer, bouwt zijn rijk in ons, vestigt hier zijn heerschappij. Door zijn heilig licht vlucht de duisternis; vier nu feest en zing met mij. 3 Heel de schepping zingt, zelfs de zee zingt mee. Al wat leeft zal juichen: 'Hij is Heer'. 4 Refrein: Ruil je rouwkleed in voor een lofgewaad, maak Hem groot om wat Hij doet. Zing een vreugdelied, nu wij samen zijn; vier nu feest, want God is goed. Slot: Vier nu feest, want God is goed! Vier nu feest, want God is goed! Opwekking 604 : 1-8 1 Kom en laat ons prijzen de God van alle eeuwen, Vader van de schepping, Heer van zee en land. 2 Kom en laat ons prijzen en juichen voor zijn grootheid, want Hij, de grote Koning, heeft de wereld in zijn hand. 3 Eer en verheerlijk Hem, open je hart voor zijn aanwezigheid. Eer en gehoorzaam Hem, want Hij, de grote Koning, heeft de wereld in zijn hand. Eer en verheerlijk Hem, open je hart voor zijn aanwezigheid. Eer en gehoorzaam Hem, want Hij, de grote Koning, heeft de wereld in zijn hand. 4 Kom, laat ons aanbidden de God van onze redding, onze Goede Herder, die ons leven leidt. 5 Kom, laat ons aanbidden, ons buigen voor zijn grootheid, want Hij is onze God en wij de schapen die Hij weidt. 6 Eer en verheerlijk Hem, open je hart voor zijn aanwezigheid. Eer en gehoorzaam Hem, want Hij is onze God en wij de schapen die Hij weidt. Eer en verheerlijk Hem, open je hart voor zijn aanwezigheid. Eer en gehoorzaam Hem, want Hij is onze God en wij de schapen die Hij weidt. 7 Omdat wij aan Hem toebehoren, wandelen wij in zijn licht. Om Hem te zien, zijn stem te horen, komen wij voor zijn aangezicht. 8 Eer en verheerlijk Hem, open je hart voor zijn aanwezigheid. Eer en gehoorzaam Hem, want Hij, de grote Koning, heeft de wereld in zijn hand. Eer en verheerlijk Hem, open je hart voor zijn aanwezigheid. Eer en gehoorzaam Hem, want Hij, de grote Koning, heeft de wereld in zijn hand. Opwekking 605 : 1-6 1 Geef ons een lofgewaad, Heer in plaats van neerslachtigheid. Giet uw vreugdeolie nu uit over ons. 2 Geef ons een lofgewaad, Heer in plaats van neerslachtigheid. Uw vreugde is onze kracht, is onze kracht. 3 Giet uw levend water uit op ons dorstig land. Geef wie afgemat is kracht om te dansen. 4 Wij verlangen zo naar U, Heer, wij wachten... op de kracht van uw Geest en wij prijzen uw naam. Geef ons een lofgewaad, Heer… 5 Halleluja, zing halleluja, Heer, wij aanbidden en prijzen uw naam. Halleluja, zing halleluja, ja, Heer, wij trekken ons lofgewaad aan. 6 Halleluja, zing halleluja, Heer, wij aanbidden en prijzen uw naam. Halleluja, zing halleluja, ja, Heer, wij trekken ons lofgewaad aan. Opwekking 606 : 1-9 1 Veilig, veilig, veilig rustend in uw armen, Heer. Veilig, veilig, veilig rustend in uw armen, Heer. 2 O, hart vol zorg, wat drukt je neer? Is het de last die je opneemt, telkens weer? Geef Hem je lasten, want Hij is trouw. Jezus Zelf, Hij zorgt voor jou. 3 Jezus Zelf, Hij zorgt voor jou. Er is geen last te zwaar, die Hij niet dragen zou. Geef Hem je zorgen, want Hij is trouw; en geloof in zijn liefde, ook voor jou. 4 Refrein: En ik prijs de grote naam van Jezus, prijs de Heer; Hij heft mijn hoofd omhoog, prijs de Rots van mijn verlossing; al mijn dagen heeft Hij in zijn hand. 5 O, hart vol angst, wat buigt je neer? Bedenk in tijd van beproeving des te meer: geef Hem je zorgen, want Hij is trouw; Jezus Zelf, Hij zorgt voor jou. 6 (refrein) 7 Veilig, veilig, veilig rustend in uw armen, Heer. Veilig, veilig, veilig rustend in uw armen, Heer. Veilig, veilig, veilig rustend in uw armen, Heer. Veilig, veilig, veilig rustend in uw armen, Heer. 8 (refrein) 9 En ik prijs de grote naam van Jezus, prijs de Heer; Hij heft mijn hoofd omhoog, prijs de Rots van mijn verlossing; al mijn dagen heeft Hij in zijn hand, al mijn dagen heeft Hij in zijn hand. Opwekking 607 : 1-5 1 Elke dag wil ik zingen van uw liefde, buig ik mij bij de bron van leven neer. Want in mijn diepste nood was U nabij; een stroom van liefde verzadigde mij. 2 Ik vertrouw op het kruis van mijn verlosser en ik zing van het bloed dat overwint. U wies mijn zonden weg, vernieuwde mij; uw dood bracht leven en nu ben ik vrij! 3 Refrein: Machtige Redder, wonderbaar Raadgever, Heer van elke tijd, vol van majesteit, U bent Koning van 't heelal. Here der heren, blinkende Morgenster. U, verrezen Zoon, draagt de koningskroon, U regeert, regeert over al. 4 Ik verlang bij uw troon te zijn voor eeuwig, daar te zijn waar uw heerlijkheid verschijnt, waar alle volkeren verenigd zijn en samen zingen tot eer van het Lam! 5 Refrein: Machtige Redder, wonderbaar Raadgever, Heer van elke tijd, vol van majesteit, U bent Koning van 't heelal. Here der heren, blinkende Morgenster. U, verrezen Zoon, draagt de koningskroon, U regeert, regeert over al. Opwekking 608 : 1-9 1 Waai met uw Geest, Heer, op dit moment. Toon in ons midden, hoe machtig U bent. Vol van verlangen roepen wij uit: 2 Refrein: Waai met uw Geest, Heer, waai met uw Geest, Heer, waai met uw Geest, Heer. Wij roepen U aan, verheerlijk uw naam, machtig God. 3 Raak met uw Geest aan wie U verwacht. Schenk hen die lijden genade en kracht. Al onze hoop, Heer, is op U gericht. 4 Refrein: Waai met uw Geest, Heer, waai met uw Geest, Heer, waai met uw Geest, Heer. Wij roepen U aan, verheerlijk uw naam, machtig God. 5 Machtig God. Machtig God. Machtig God. Machtig God. 6 Stort toch uw Geest uit op al wat leeft. Dat heel de schepping uw naam glorie geeft. Vol van verwachting roepen wij uit: 7 Refrein: Waai met uw Geest, Heer, waai met uw Geest, Heer, waai met uw Geest, Heer. Wij roepen U aan, verheerlijk uw naam, machtig God. 8 (m) Machtig God, (v) wij verhogen uw naam. (m) Machtig God, (v) wij verhogen uw naam. (m) Machtig God, (v) wij verhogen U. Machtig God. 9 (m) Machtig God, (v) wij verhogen uw naam. (m) Machtig God, (v) wij verhogen uw naam. (m) Machtig God, (v) wij verhogen U. Machtig God. Opwekking 609 : 1-2 1 U bent heilig, (U bent heilig,) U bent machtig, (U bent machtig,) U bent waardig, (U bent waardig,) eer en ontzag, (eer en ontzag.) Ik wil volgen, (Ik wil volgen,) ik wil luist'ren, (ik wil luist'ren,) van U houden, (van U houden,) iedere dag, (iedere dag.) 2 Mannen: Ik wil zingen en juichen; in aanbidding mij buigen. U de Heer aller heren, U mijn God wil ik eren. Ik wil zingen en juichen; in aanbidding mij buigen. U de Heer aller heren, U mijn God wil ik eren. Opwekking 610 : 1-5 1 Wij staan voor uw troon, almachtig God en wij bidden U, genees ons land. Vader breng vernieuwing in ons hart, zodat mensen zien hoe groot U bent. 2 Refrein : Kom verhoog de naam van de Heer, eensgezind en vol van kracht. Volken buigen voor Hem neer als gebed de hemel raakt. Refrein : Kom verhoog de naam van de Heer, eensgezind en vol van kracht. Volken buigen voor Hem neer als gebed de hemel raakt. 3 Wie de wedloop loopt die kijkt niet om, leeft slechts voor 't behalen van de prijs. Wie met tranen zaait, oogst met gejuich; dankbaar oogsten wij wat God ons geeft. 4 Stort uw Geest uit, stort uw Geest uit. Geef ons opwekking, Heer. Stort uw Geest uit, stort uw Geest uit. Geef ons opwekking, Heer. Stort uw Geest uit, stort uw Geest uit. Geef ons opwekking, Heer. Stort uw Geest uit, stort uw Geest uit. Geef ons opwekking, Heer. 5 Refrein : Kom verhoog de naam van de Heer, eensgezind en vol van kracht. Volken buigen voor Hem neer als gebed de hemel raakt. Opwekking 611 : 1-5 1 Refrein : Niet door kracht noch geweld, maar door mijn Geest, zo spreekt de Heer. Refrein : Niet door kracht noch geweld, maar door mijn Geest, zo spreekt de Heer. 2 De wapens die wij dragen zijn niet van de wereld, maar machtig door God, machtig door God. 3 De kracht van zijn genade en de kracht van zijn liefde zijn groter altijd, groter altijd. 4 Aanbid nu in eenheid Jezus de Heer. Hij geeft door zijn Woord overwinning steeds weer. 5 Refrein : Niet door kracht noch geweld, maar door mijn Geest, zo spreekt de Heer. Opwekking 612 : 1-2 1 In uw aanwezigheid kan ik daar ooit zijn, want ik ben een mens, zondig en onrein. Maar U gaf uw Zoon om in mijn plaats te staan en door wat Hij deed mag ik binnengaan. 2 Refrein: En ik kom tot U met een open hart. En ik kom tot U, God van mijn verlossing. En ik kom tot U zoals ik ben. En ik kom tot U in aanbidding. Opwekking 613 : 1-7 1 Geliefde, Gezegende, de Vaders liefste Zoon. Verlosser, Beschermer, al mijn passie en mijn loon. 2 Mijn broeder, mijn trooster, mijn herder en mijn vriend. Mijn erfdeel, rechtvaardiging, stroom die nooit een einde vindt. 3 Refrein: Zo voortreffelijk, onveranderlijk, alles wat je wensen kunt. U, mijn levenskracht en gerechtigheid, liefde die mij steeds weer vult. 4 Uw mildheid en liefde die angsten overwint, aanvaarding, vergeving zijn voor ieder die U vindt. 5 Refrein: Zo voortreffelijk, onveranderlijk, alles wat je wensen kunt. U, mijn levenskracht en gerechtigheid, liefde die mij steeds weer vult. 6 U, het Levend Woord, U, het Hemels Brood, U, de Leeuw en het Lam. Alles in mij roept: 'Wees verheerlijkt Heer, 'k geef U alles wat ik ben'. 7 Geliefde, mijn Geliefde. Geliefde, mijn Geliefde. Geliefde, mijn Geliefde. Geliefde, mijn Geliefde. Opwekking 614 : 1-4 1 Zie, hoe Jezus daar loopt in Jeruzalem, met een kruis op zijn rug en een doornenkroon. Hoor, de menigte schreeuwt en roept: 'Kruisig Hem!' Zo gaf God zijn eigen Zoon. 2 Zie het Lam aan het kruis daar op Golgotha, als de Koning der Joden wordt Hij veracht. Zie de liefde voor ons in zijn ogen staan als Hij roept: 'Het is volbracht'. Refrein: Ja, ik dank U voor uw genade, o Heer, dat U het kruis voor mij droeg. U bewijst uw genade aan mij telkens weer. Uw genade is mij genoeg. 3 In het rijk van de dood is Hij neergedaald. Ja, uit liefde voor ons heeft Hij dit gedaan. Maar de steen van het graf is nu weggehaald, Jezus leeft, Hij is opgestaan. Refrein: Ja, ik dank U voor uw genade, o Heer, dat U het kruis voor mij droeg. U bewijst uw genade aan mij telkens weer. Uw genade is mij genoeg. 4 En nu kom ik tot U met vrijmoedigheid, met ontzag en respect kniel ik voor U neer. U bent Koning en God tot in eeuwigheid, U bent Jezus, de hoogste Heer. Refrein: Ja, ik dank U voor uw genade, o Heer, dat U het kruis voor mij droeg. U bewijst uw genade aan mij telkens weer. Uw genade is mij genoeg. Slot: Uw genade is mij genoeg. Opwekking 615 : 1-5 1 Dank U voor het kruis Heer, dank U dat U stierf voor mij. U droeg al mijn schuld en pijn; nu ben ik rein; uw liefde wast mij schoon. 2 Dank U voor uw offer; vastgenageld aan het kruis. Liefdevol vergeeft U mij, U leeft in mij en omarmt mij als uw zoon. 3 Refrein: Waardig is het Lam zittend op de troon. Zegevierend voor altijd draagt U de hoogste kroon. 4 Hoog verheven Heer, Jezus, Zoon van God. De hemel gaf ons haar grootste schat. Waardig is het Lam, waardig is het Lam. 5 Refrein: Waardig is het Lam zittend op de troon. Zegevierend voor altijd draagt U de hoogste kroon. Opwekking 616 : 1-3 1 Houd me dicht bij U, laat me nooit meer gaan. Voor U leg ik mijn leven neer, verlangend naar uw vriendschap, Heer. 2 U alleen begrijpt wat ik nodig heb; uw liefde die mij warmte geeft, als U mij in uw armen neemt. Leid mij naar uw hart, breng mij terug naar U. 3 Refrein: U bent mijn doel, U bent mijn hartsverlangen. U bent mijn doel, houd mij heel dicht bij U. Opwekking 617 : 1-5 1 Een machtig Maker formeerde mijn hart. Hij nam voor de tijd begon mijn leven in zijn hand. 2 Hij kent mijn naam, Hij weet zelfs wat ik denk. Hij ziet mijn stil verdriet en hoort mij als ik roep. 3 Ik heb een Vader, Hij noemt mij zijn kind. Hij laat mij nooit alleen, waarheen ik ook zal gaan. 4 Hij kent mijn naam, Hij weet zelfs wat ik denk. Hij ziet mijn stil verdriet en hoort mij als ik roep. 5 Hij kent je naam, Hij weet zelfs wat je denkt. Hij ziet jouw stil verdriet en luistert als je roept, en luistert als je roept. Opwekking 618 : 1-3 Jezus, hoop van de volken, Jezus, trooster in elk verdriet; U bent de bron van hoop die God ons geeft. Jezus, licht in het duister, Jezus, waarheid die overwint; U bent de bron van licht die in ons leeft. U overwon in elke nood, U brak de banden van de dood. Refrein: U bent de hoop in ons bestaan. U bent de rots waarop wij staan. U bent het licht waardoor de wereld God kan zien. U won van de dood, droeg onze pijn. Nu mogen wij dicht bij U zijn. Jezus de hoop, levend in ieder die gelooft. Heer, ik geloof… Opwekking 619 : 1-4 Kom nu hemel, wees blij, kom nu aarde, juich! Kom nu volk van de Heer, geef Hem eer. Kom, jubel het uit! Als je staat op de bergtop, kom verhef je stem. Ook in de vallei, kom en wees blij en zing voor Hem! Sta op en prijs Hem, Hij verdient de eer. Sta op en prijs Hem, zing voor de hoogste Heer, met heel je hart, met heel je ziel, met al je kracht. Sta op en prijs Hem! Slot: Sta op en prijs Hem! Sta op en prijs Hem! Sta op en prijs Hem! Opwekking 620 : 1-9 Prijs God, de Heer die ons leven is; zijn liefde duurt voor eeuwig. Prijs Hem die goed en vergevend is; zijn liefde duurt voor eeuwig. Kom, prijs zijn naam. Zijn trouwe hand en zijn arm vol kracht; zijn liefde duurt voor eeuwig. Het offer dat ons nieuw leven bracht; zijn liefde duurt voor eeuwig. Kom, prijs zijn naam! Kom, prijs zijn naam! Refrein : Voor eeuwig is zijn liefde. Voor eeuwig is zijn kracht. Voor eeuwig is Hij bij ons. Voor eeuwig, voor eeuwig en eeuwig. Refrein : Voor eeuwig is zijn liefde. Voor eeuwig is zijn kracht. Voor eeuwig is Hij bij ons. Voor eeuwig, voor eeuwig en eeuwig. Van zonsopgang tot zonsondergang; zijn liefde duurt voor eeuwig. Hij is onze kracht ons leven lang; zijn liefde duurt voor eeuwig. Kom, prijs zijn naam! Kom, prijs zijn naam! Refrein : Voor eeuwig is zijn liefde. Voor eeuwig is zijn kracht. Voor eeuwig is Hij bij ons. Voor eeuwig, voor eeuwig en eeuwig. Zijn liefde duurt voor eeuwig. Zijn liefde duurt voor eeuwig. Zijn liefde duurt voor eeuwig. Zijn liefde duurt voor eeuwig. Kom, prijs zijn naam! Kom, prijs zijn naam! Voor eeuwig is uw liefde. Voor eeuwig is uw kracht. Voor eeuwig bent U bij ons. Voor eeuwig, voor eeuwig... Voor eeuwig is uw liefde. Voor eeuwig is uw kracht. Voor eeuwig bent U bij ons. Voor eeuwig, voor eeuwig... en eeuwig. Opwekking 621 : 1-7 U bent mijn anker, mijn licht en mijn bevrijder. U bent mijn vesting, dus vrees ik geen kwaad. Want al keert de vijand zich tegen mij in uw schuilplaats mag ik toch veilig zijn. Als ik roep, dan bent U nabij; U tilt mij hoog op een rots, ik zing en juich voor U. Refrein: Eén ding wil ik vragen, Heer, met heel mijn hart, dat ik in uw huis mag zijn iedere dag en rustend aan uw Vaderhart uw liefde bewonderen mag. Leer mij uw weg, Heer en effen al mijn paden. Laat mij niet los, Heer, mijn hoop is op U. 'k Wil uw goedheid zien op mijn levenspad en uw leiding zoeken bij elke stap. Als mijn hart zegt: 'Ga naar Hem toe', dan wacht ik op U bij alles wat ik doe. Refrein: Eén ding wil ik vragen, Heer, met heel mijn hart, dat ik in uw huis mag zijn iedere dag en rustend aan uw Vaderhart uw liefde bewonderen mag. Refrein: Eén ding wil ik vragen, Heer, met heel mijn hart, dat ik in uw huis mag zijn iedere dag en rustend aan uw Vaderhart uw liefde bewonderen mag. Opwekking 622 : 1-8 Groot is de Heer God Almachtig. Groot is de hoogste Heer. De zoom van zijn kleed vult de tempel; en wij roepen: 'Heilig Heer'! Glorie aan de Zoon van God. Glorie aan de Heer, Koning en Heer. Refrein: Open de poort, effent de baan zodat de Koning binnen kan gaan. En voor eeuwig is Hij God! Heilig is de Heer God Almachtig. Heilig is de hoogste Heer. Laat heel de aard' voor Hem buigen en Hem kronen aller Heer! Glorie aan de Zoon van God. Glorie aan de Heer, Koning en Heer. Refrein: Open de poort, effent de baan zodat de Koning binnen kan gaan. En voor eeuwig is Hij God! Refrein: Open de poort, effent de baan zodat de Koning binnen kan gaan. En voor eeuwig is Hij God! Glorie aan de Zoon van God. Glorie aan de Heer, Koning en Heer. aan de Heer, Koning en Heer. Aan de Heer, Koning en Heer. Refrein: Open de poort, effent de baan zodat de Koning binnen kan gaan. En voor eeuwig is Hij God! Refrein: Open de poort, effent de baan zodat de Koning binnen kan gaan. En voor eeuwig is Hij God! Slot: En voor eeuwig is Hij God! En voor eeuwig is Hij God! Opwekking 623 : 1-6 1 Laat het huis gevuld zijn met wierook van aanbidding. Laat het huis gevuld zijn met de wolk van mijn Geest. Laat het huis gevuld zijn met het brood van eeuwig leven. Laat het huis gevuld zijn met mijn geur. 2 Want Ik wil komen met mijn Geest en doorwaaien heel het huis. Ik wil het maken tot een tempel waar Ik woon. Laat mijn leven in je zijn, Ik maak je heilig, puur en rein. Laat het levend water stromen door je heen. 3 Laat het huis bekleed zijn met kleden van fijn linnen. Laat het huis bekleed zijn met gerechtigheid en trouw. Laat het huis gekleurd zijn door het bloed van uw Zoon Jezus. Laat het huis gereinigd zijn en schoon. 4 Want U wilt komen met uw Geest en doorwaaien heel het huis. U wilt het maken tot een tempel waar U woont. Laat uw leven in ons zijn, maak ons heilig puur en rein. Laat het levend water stromen door ons heen. 5 Heer, wij roepen tot U: 'Kom opnieuw met uw vuur.' Wij verlangen naar echtheid; bewerk het diep in ons hart. 6 (2x) Heer, wees welkom met uw Geest en doorwaai nu heel het huis. Kom en maak het tot een tempel waar U woont. Laat uw leven in ons zijn, maak ons heilig, puur en rein. Laat het levend water stromen door ons heen. Opwekking 624 : 1-6 1 De woorden die U sprak, Heer, ben ik al weer vergeten. Het vuur van uw beloften is langzaam uitgedoofd. Met een hart vol van twijfel volg ik aardse wijsheid. Vergeef mij toch mijn ongeloof; hernieuw het vuur in mij. 2 Refrein: Wees genadig, Heer vergeef mij. Wees genadig voor mij. Wees genadig, Heer vergeef mij. Wees genadig voor mij. 3 Ik bouwde zelf een altaar van dingen van de wereld. Ik wandelde op wegen ver bij U vandaan. Nu keer ik terug en stort mij in uw armen van genade. Vergeef mij, Heer en help mij opnieuw uw weg te gaan. 4 Refrein: Wees genadig, Heer vergeef mij. Wees genadig voor mij. Wees genadig, Heer vergeef mij. Wees genadig voor mij. 5 Ik hunker naar uw liefde, barmhartig en genadig, als een stroom van vergeving die geen einde kent. Alles in mij buigt nu voor U, hier in uw nabijheid. Het licht van uw verlossing schijnt helder in de nacht. 6 Refrein: Wees genadig, Heer vergeef mij. Wees genadig voor mij. Wees genadig, Heer vergeef mij. Wees genadig voor mij. Opwekking 625 : 1-11 1 (v) Bij U ben ik thuis, bij U ben ik veilig. In U is mijn huis, in U ben ik heilig, in U. 2 (m) Bij U vind ik troost, bij U kan ik huilen. In U vind ik rust, in U kan ik schuilen, in U. 3 U neemt mij in uw armen en droogt mijn tranen af. 4 Refrein : Wat een liefde, wat een liefde, wat een liefde! Wat een liefde, wat een liefde, wat een liefde! 5 Bij U is het goed, U geeft mij uw zegen. In U is mijn hoop, in U zijn mijn wegen, in U. U hebt Uzelf voor mij gegeven. In U kan ik zijn, in U kan ik leven, in U. 6 Ik hoef niets te verbergen, want U wijst mij niet af. 7 Refrein : Wat een liefde, wat een liefde, wat een liefde! 8 En dat ik steeds terug mag komen, ook als ik ver ben afgedwaald. En U mij altijd wilt vergeven wanneer ik heb gefaald. 9 Dat is liefde, dat is liefde, dat is liefde! Dat is liefde, dat is liefde, dat is liefde! 10 U bent liefde, U bent liefde, U bent liefde! U bent liefde, U bent liefde, U bent liefde! 11 U bent liefde! U bent liefde! Opwekking 626 : 1-7 1 Eindeloos, zo eindeloos, uw liefde is zo groot. Het kruis sprak uw genade uit voor mij. 't Is nooit gezien en nooit gehoord, door niemand echt beseft; hoe prachtig en hoe liefdevol U bent! 2 Refrein: Prachtige God, ik zing. Prachtige God, ik aanbid. Prachtige God, ik heb U lief. 3 Eindeloos, zo eindeloos, uw heerlijkheid verschijnt en ieder kan uw machtig werk nu zien. De grootsheid van uw majesteit maakt dat mijn hart weer zingt hoe krachtig en hoe weergaloos U bent! 4 Refrein: Prachtige God, ik zing. Prachtige God, ik aanbid. Prachtige God, ik heb U lief. Refrein: Prachtige God, ik zing. Prachtige God, ik aanbid. Prachtige God, ik heb U lief. 5 U liet mij opnieuw uw wonderen zien, uw liefde veroverde mij. Want niets op de wereld is ooit zo mooi als U. U liet mij opnieuw uw wonderen zien, uw liefde veroverde mij. Want niets op de wereld is ooit zo mooi als U. 6 Refrein: Prachtige God, ik zing. Prachtige God, ik aanbid. Prachtige God, ik heb U lief. Refrein: Prachtige God, ik zing. Prachtige God, ik aanbid. Prachtige God, ik heb U lief. 7 Ik zing, ik zing voor U, ik zing, ik zing voor U, ik zing, ik zing voor U, prachtige God! Ik zing, ik zing voor U, ik zing, ik zing voor U, ik zing, ik zing voor U, prachtige God! Opwekking 627 : 1-5 1 Jezus, licht in de duisternis, Jezus, Vaders getuigenis, Jezus, liefde die eeuwig is, ik prijs U. 2 Jezus, weg die ik volgen moet, Jezus, waarheid volmaakt en goed, Jezus, leven in overvloed, ik prijs U. 3 Refrein: Waar zou ik gaan zonder U, waarom bestaan zonder U? Jezus, mijn hoop en mijn kracht, U bent mijn Heer, U bent mijn Heer. 4 Jezus totdat ik bij U ben, Jezus en U volkomen ken. Jezus, geef ik mijn hart en stem en prijs U. 5 Refrein: Waar zou ik gaan zonder U, waarom bestaan zonder U? Jezus, mijn hoop en mijn kracht, U bent mijn Heer, U bent mijn Heer. Refrein: Waar zou ik gaan zonder U, waarom bestaan zonder U? Jezus, mijn hoop en mijn kracht, U bent mijn Heer, U bent mijn Heer. Opwekking 628 : 1-7 1 Een hoop die zeker is, een groot geheimenis beloofd door God, is nu aan ons onthuld. Als een volmaakte schat, die heel Gods plan omvat; Christus in ons, hoop op Gods heerlijkheid. 2 Refrein: En het leven dat ik leef is nu niet meer van mij; Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. Elke dag dat ik besta leef ik niet meer, maar Hij. Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. 3 (m) Liefde die zuiver is, Vaders getuigenis; zijn eigen Zoon, die onze zonde droeg. (v) Hij heeft zichzelf omhuld met onze zondeschuld. Daar aan het kruis riep Hij: 'Het is volbracht!' 4 Refrein: En het leven dat ik leef is nu niet meer van mij; Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. Elke dag dat ik besta leef ik niet meer, maar Hij. Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. 5 Leven dat sterker is dan dood en duisternis en onverslaanbaar voor de macht der hel. Met Jezus doodgegaan en met Hem opgestaan, zullen wij delen in zijn heerlijkheid. 6 Refrein: En het leven dat ik leef is nu niet meer van mij; Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. Elke dag dat ik besta leef ik niet meer, maar Hij. Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. 7 Refrein: En het leven dat ik leef is nu niet meer van mij; Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. Elke dag dat ik besta leef ik niet meer, maar Hij. Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. Slot: Jezus leeft in mij, mijn hoop voor eeuwig. Opwekking 629 : 1-6 1 Hoe kan ik verder leven, hoe moet ik verder gaan. Kan ik ooit vergeven wat mij is aangedaan. De wonden in mijn ziel, de haat en bitterheid, lijken niet te helen niet door woorden, niet door tijd. 2 Refrein: Maar als er vergeving is kan er genezing zijn van de pijn en het verdriet diep van binnen. Als er vergeving is, kan er genezing zijn en de weg van herstel kan beginnen. 3 O God, ik heb U nodig, ik kan het zelf niet. Ik lijk haast te verstikken in angst en in verdriet. Hoe kan ik ooit vergeven zoals U mij vergeeft, dwars door alles heen wat mij beschadigd heeft? 4 Refrein: Maar als er vergeving is kan er genezing zijn van de pijn en het verdriet diep van binnen. Als er vergeving is, kan er genezing zijn en de weg van herstel kan beginnen. 5 Geef mij de kracht van uw liefde om verder te gaan, ook al zal er een litteken blijven bestaan. Want is uw liefde niet sterker dan de dood en uw vergeving niet dieper dan mijn nood? 6 Refrein: Want waar uw vergeving is zal genezing zijn van de pijn en het verdriet diep van binnen. Waar uw vergeving is zal genezing zijn en de weg van herstel kan beginnen. En de weg van herstel kan beginnen. Opwekking 630 : 1-4 1 Op elk moment van mijn leven in voor- of tegenspoed aanbid ik U, mijn Jezus en dank U voor uw bloed. Ik vind kracht in U, mijn Vader, als ik heel dichtbij U ben. Mijn hart en mijn gedachten worden warm als ik bedenk: 2 Refrein: Vader, U bent goed, U bent heilig, U bent liefde. Jezus, U bent groot, U bent sterker dan de dood. Vader, deze dag geef ik mijzelf aan U en ik zing met heel mijn hart: 'Ik hou van U'. 3 Op elk moment van mijn leven bij dag en bij nacht wil ik uw woorden lezen en dragen in mijn hart. In de stormen van mijn leven, in de regen, in de kou, wil ik schuilen in uw vrede, wil ik rusten in uw trouw. 4 Refrein: Vader, U bent goed, U bent heilig, U bent liefde. Jezus, U bent groot, U bent sterker dan de dood. Vader, deze dag geef ik mijzelf aan U en ik zing met heel mijn hart: 'Ik hou van U'. Opwekking 631 : 1-6 1 U zei: 'Vraag en je zult ontvangen al wat je zoekt.' U zei: 'Bid en Ik zal je geven herstel voor je land.' 2 U zei: 'Mijn heerlijkheid vult de aarde als water de zee.' U zei: 'Ga dan op weg, de oogst is dichtbij, mijn rijk is nabij.' 3 Refrein: U zei: 'Vraag, dan geef Ik de volken aan jou'; o Heer, hoor de roep van mijn hart. Toon de landen en volken uw licht, o Heer, als het schijnt over ons. 4 U zei: 'Mijn heerlijkheid vult de aarde als water de zee.' U zei: 'Ga dan op weg, de oogst is dichtbij, mijn rijk is nabij.' 5 Refrein: U zei: 'Vraag, dan geef Ik de volken aan jou'; o Heer, hoor de roep van mijn hart. Toon de landen en volken uw licht, o Heer, als het schijnt over ons. Refrein: U zei: 'Vraag, dan geef Ik de volken aan jou'; o Heer, hoor de roep van mijn hart. Toon de landen en volken uw licht, o Heer, als het schijnt over ons. 6 O Heer, ik bid voor de volken. O Heer, ik bid voor de volken. O Heer, ik bid voor de volken. O Heer, ik bid voor de volken. Opwekking 632 : 1-3 1 Wij zijn het leger van God, kind'ren van Abraham, het volk dat Hij heeft uitverkoren. Onder een nieuw verbond, rein door zijn kostbaar bloed en met zijn Heilige Geest vervuld. 2 En je hoort alom, dat de regen komt. Want wij prijzen Hem die voor eeuwig leeft. Ziekte is niet meer, doden leven weer. En uw kerk is het leger dat uw woord volvoert. 3 Uw kerk is het leger. Uw kerk is het leger. Uw kerk is het leger. Uw kerk is het leger. Opwekking 633 : 1-3 1 Halleluja, halleluja, want de Heer God Almachtig regeert! Halleluja, halleluja, want de Heer God Almachtig regeert! 2 Halleluja, heilig, heilig bent U Heer God Almachtig! Waardig is het Lam, waardig is het Lam. 3 U bent heilig, heilig bent U Heer God Almachtig! Waardig is het Lam, waardig is het Lam. Slot: Amen. Opwekking 634 : 1-7 1 U bent heilig en rechtvaardig en wie U eren, zien uw aangezicht. Ik richt mijn oog naar U omhoog en zie uw majesteit, uw heerlijkheid en heel mijn ziel aanbidt U. 2 Refrein: Mijn hoop is in de naam van de Heer. Heer, U bent mijn kracht en U bent mijn lied. Mijn hulp is in de naam van de Heer en uw grote trouw blijft voor eeuwig. 3 U bent heilig en rechtvaardig en wie U eren, zien uw aangezicht. Ik richt mijn oog naar U omhoog en zie uw majesteit, uw heerlijkheid en heel mijn ziel aanbidt U. 4 Refrein: Mijn hoop is in de naam van de Heer. Heer, U bent mijn kracht en U bent mijn lied. Mijn hulp is in de naam van de Heer en uw grote trouw blijft voor eeuwig. 5 Ik richt mijn oog naar U omhoog en zie uw majesteit, uw heerlijkheid en heel mijn ziel aanbidt U. 6 Refrein: Mijn hoop is in de naam van de Heer. Heer, U bent mijn kracht en U bent mijn lied. Mijn hulp is in de naam van de Heer en uw grote trouw blijft voor eeuwig. Refrein: Mijn hoop is in de naam van de Heer. Heer, U bent mijn kracht en U bent mijn lied. Mijn hulp is in de naam van de Heer en uw grote trouw blijft voor eeuwig. 7 Slot: Blijft voor eeuwig. Blijft voor eeuwig. Blijft voor eeuwig. Blijft voor eeuwig. Opwekking 635 : 1-7 1 Refrein : Wij zijn bij elkaar om U te eren, want U bent het waard, Here der heren. Geen God is als U, zo geweldig, ontzagwekkend en heilig, Heer. 2 Refrein : Wij zijn bij elkaar om U te eren, want U bent het waard, Here der heren. Geen God is als U, zo geweldig, ontzagwekkend en heilig, Heer. 3 En Vader wat U ook doet komt uit uw trouwe hand en een hart vol liefde; U bent genadig en goed in uw volmaakte plan voor wie U liefheeft. 4 Refrein : Wij zijn bij elkaar om U te eren, want U bent het waard, Here der heren. Geen God is als U, zo geweldig, ontzagwekkend en heilig, Heer. 5 En Vader wat U ook doet komt uit uw trouwe hand en een hart vol liefde; U bent genadig en goed in uw volmaakte plan voor wie U liefheeft. 6 In zijn liefde zijn wij Hem zoveel waard dat Hij zijn eigen Zoon zelfs niet heeft gespaard. Des temeer verhoort en voorziet Hij ons die bidden in zijn naam, die bidden in zijn naam, die bidden in zijn naam, die bidden in zijn naam. 7 Wij zijn bij elkaar om U te eren, want U bent het waard, Here der heren. Geen God is als U, zo geweldig, ontzagwekkend en... zo geweldig, ontzagwekkend en... zo geweldig, ontzagwekkend en... heilig, Heer. Opwekking 636 : 1-10 1 Eer en glorie van de mens is niet waar ik naar op zoek ben. Zelfs de machten hier op aard', niets waar mijn hart voor buigt, mijn ziel voor juicht. Al mijn trouw en mijn devotie, hartsverlangen en emotie, zijn alleen bestemd voor Hem die voor mij stierf. 2 Refrein : Alleen een God als U, U bent ongeëvenaard, al mijn lofzang waard. De Koning der koningen, Heer. In aanbidding kniel ik neer, geef U alle eer. 3 Refrein : Alleen een God als U, U bent ongeëvenaard, al mijn lofzang waard. De Koning der koningen, Heer. In aanbidding kniel ik neer, geef U alle eer. 4 Alleen aan mijn Maker, Mijn Redder, mijn Vader, Verzoener, Beloner, Verlosser, Vertrooster. Alleen aan een God als U, geef ik alle eer. 5 Eer en glorie van de mens is niet waar ik naar op zoek ben. Zelfs de machten hier op aard', niets waar mijn hart voor buigt, mijn ziel voor juicht. Al mijn trouw en mijn devotie, hartsverlangen en emotie, zijn alleen bestemd voor Hem die voor mij stierf. 6 Refrein : Alleen een God als U, U bent ongeëvenaard, al mijn lofzang waard. De Koning der koningen, Heer. In aanbidding kniel ik neer, geef U alle eer. 7 Refrein : Alleen een God als U, U bent ongeëvenaard, al mijn lofzang waard. De Koning der koningen, Heer. In aanbidding kniel ik neer, geef U alle eer. 8 Alleen aan mijn Maker, Mijn Redder, mijn Vader, Verzoener, Beloner, Verlosser, Vertrooster. Alleen aan een God als U, geef ik alle eer. 9 Alleen een God als U, alleen een God als U, alleen een God als U! Alleen een God als U, alleen een God als U, alleen een God als U! 10 Alleen aan mijn Maker, Mijn Redder, mijn Vader, Verzoener, Beloner, Verlosser, Vertrooster. Alleen aan een God als U, geef ik alle eer. Opwekking 637 : 1-8 1 Erken nu de Heer, volken der aarde, erken nu zijn majesteit. Kniel voor Hem neer, want Hij is waardig, vol macht en heerlijkheid. 2 Als Hij spreekt boven de wateren rolt de donder, vlamt er een vuur. Ontzagwekkend is zijn machtige stem, hoor naar Hem in dit heilig uur. 3 Refrein : Alle glorie aan de eeuwige Heer, alle heerlijkheid en eer. Kom verhoog zijn naam en buig voor Hem neer. Hij is Koning voor altijd. Refrein : Alle glorie aan de eeuwige Heer, alle heerlijkheid en eer. Kom verhoog zijn naam en buig voor Hem neer. Hij is Koning voor altijd. 4 Verhef dan je stem, volk van de Ene. Verheug je en juich voor Hem. Zijn Geest geeft je kracht, Hij zegent met vrede, nieuw leven is in Hem. 5 Als Hij spreekt boven de wateren rolt de donder, vlamt er een vuur. Ontzagwekkend is zijn machtige stem, hoor naar Hem in dit heilig uur. 6 Refrein : Alle glorie aan de eeuwige Heer, alle heerlijkheid en eer. Kom verhoog zijn naam en buig voor Hem neer. Hij is Koning voor altijd. Refrein : Alle glorie aan de eeuwige Heer, alle heerlijkheid en eer. Kom verhoog zijn naam en buig voor Hem neer. Hij is Koning voor altijd. 7 Als Hij spreekt boven de wateren rolt de donder, vlamt er een vuur. Ontzagwekkend is zijn machtige stem, hoor naar Hem in dit heilig uur. 8 Refrein : Alle glorie aan de eeuwige Heer, alle heerlijkheid en eer. Kom verhoog zijn naam en buig voor Hem neer. Hij is Koning voor altijd. Refrein : Alle glorie aan de eeuwige Heer, alle heerlijkheid en eer. Kom verhoog zijn naam en buig voor Hem neer. Hij is Koning voor altijd. Opwekking 638 : 1 Wie is als Hij? de Leeuw maar ook het Lam, gezeten op de troon. Bergen buigen neer, de zee verheft haar stem voor de allerhoogste Heer. Opwekking 639 : 1-4 1 Ik heb U lief met heel mijn hart, Heer, laat mij zeggen dat ik van U hou. Heer, laat mij zijn in de schaduw van uw schoonheid, laat mij zien uw grote trouw. Heel de aarde beeft als uw woord weerklinkt, en de hemel die schudt door uw kracht. Maar 'k heb U lief met heel mijn hart, Heer, o mijn Redder, mijn God en Vriend. 2 Heer, laat mij horen hoe U fluistert, als U zachtjes tot mij spreekt. En toon mij dan uw macht en uw luister tot ik voel het vuur van uw Geest. Laat U vinden in de droogte, maak dit stof tot heilige grond. En hier ben ik, ik geef mij volledig aan U, mijn God en Vriend. 3 Ik heb U lief met heel mijn hart, Heer, alles in mij roept uit naar U. En ik verlang U dieper te kennen. Ik vond vergeving dicht bij U. Uw genade is zo oneindig groot, U noemt mij een kind van God. Ik heb U lief met heel mijn hart, Heer, o mijn Redder, mijn God en Vriend. 4 Uw genade is zo oneindig groot, U noemt mij een kind van God. Ik heb U lief met heel mijn hart, Heer, o mijn Redder, mijn God en Vriend. Ik heb U lief met heel mijn hart, Heer, o mijn Redder, mijn God en Vriend. Opwekking 640 : 1-3 Ik hef mijn ogen op naar de bergen, waar komt mijn hulp vandaan? Ik hef mijn ogen op naar U, Heer, die mij bij zal staan. Mijn hulp is van U, Heer, die alles heeft gemaakt. U zult voorkomen dat ik wankel of val. U bent mijn beschermer die over mij waakt, die niet sluimeren of slapen zal. Wat kan mij gebeuren door zon of door maan? U bent mijn schaduw, U bent er altijd. Bewaart heel mijn leven; mijn komen en gaan, U beschermt mij tot in eeuwigheid. Mijn hulp is van U, Heer! Slot: Mijn hulp is van U, Heer. O, van U! Opwekking 641 : 1-7 Refrein: U heeft mij voor Uzelf gemaakt, en mijn hart is onrustig tot het rust vindt bij U. U heeft mij voor Uzelf gemaakt, en mijn hart is onrustig tot het rust vindt bij U. Herder van mijn ziel, die het duister verlicht. Ik zoek uw aangezicht tot ik rust vind bij U. Hoe ik mij ook voel, U alleen bent mijn doel. Ik zoek uw aangezicht tot ik rust vind bij U. Refrein: U heeft mij voor Uzelf gemaakt, en mijn hart is onrustig tot het rust vindt bij U. U heeft mij voor Uzelf gemaakt, en mijn hart is onrustig tot het rust vindt bij U. Leid mij door de nacht, Heer, uw woord geeft mij kracht. Ik zoek uw aangezicht tot ik rust vind bij U. Dan zal ik U zien, Jezus, Heer die ik dien. En zie uw aangezicht waar ik rust vind bij U. Refrein: U heeft mij voor Uzelf gemaakt, en mijn hart is onrustig tot het rust vindt bij U. U heeft mij voor Uzelf gemaakt, en mijn hart is onrustig tot het rust vindt bij U. Herder van mijn ziel, die het duister verlicht. Ik zoek uw aangezicht tot ik rust vind bij U. Hoe ik mij ook voel, U alleen bent mijn doel. Ik zoek uw aangezicht tot ik rust vind bij U. Leid mij door de nacht, Heer, uw woord geeft mij kracht. Ik zoek uw aangezicht tot ik rust vind bij U. Dan zal ik U zien, Jezus, Heer die ik dien. En zie uw aangezicht waar ik rust vind bij U. Slot: En zie uw aangezicht waar ik rust vind bij U. Opwekking 642 : 1-3 Al mijn zonden, al mijn zorgen, neem ik mee naar de rivier. Heer, vergeef mij en genees mij. Vader, kom, ontmoet mij hier. Want dit water brengt nieuw leven en verfrist mij elke dag. 't Is een stroom van uw genade, waar 'k U steeds ontmoeten mag. Refrein: Here Jezus, neem mijn leven, ik leg alles voor U neer. Leid mij steeds weer naar het water; 'k wil U daar ontmoeten, Heer. Kom ontvang een heel nieuw leven, kom en stap in de rivier. Jezus roept je, Hij verwacht je en Hij zegt: "ontmoet mij hier". Refrein: Here Jezus, neem mijn leven, ik leg alles voor U neer. Leid mij steeds weer naar het water; 'k wil U daar ontmoeten, Heer. Slot: Leid mij steeds weer naar het water; 'k Wil U daar ontmoeten, Heer. Opwekking 643 : 1-6 Al voor mijn leven is ontstaan had U een doel voor mijn bestaan, beschreef mijn dagen in de tijd. U bent het die mij heeft gemaakt, wat U bedacht heeft is volmaakt en daarom dank ik U altijd. Iedere dag is bijzonder, ieder moment is een wonder. Refrein : Dit is de dag die U mij geeft; U maakt mij blij, U maakt mij blij; ik prijs U Heer, in alles. Refrein : Dit is de dag die U mij geeft; U maakt mij blij, U maakt mij blij; ik prijs U Heer, in alles. Al voor mijn leven is ontstaan had U een doel voor mijn bestaan, beschreef mijn dagen in de tijd. U bent het die mij heeft gemaakt, wat U bedacht heeft is volmaakt en daarom dank ik U altijd. Iedere dag is bijzonder, ieder moment is een wonder. Refrein : Dit is de dag die U mij geeft; U maakt mij blij, U maakt mij blij; ik prijs U Heer, in alles. Slot: U maakt mij blij; ik prijs U Heer. U maakt mij blij; ik prijs U Heer. U maakt mij blij; ik prijs U Heer. U maakt mij blij; ik prijs U Heer. Opwekking 644 : 1-7 Ik schaam mij niet voor U mijn Heer, U bent de Rots waarop ik sta. Ik schaam mij ook niet voor uw woord of voor het kruis van Golgotha. Vanaf de allerhoogste berg tot in het allerdiepste dal, ik roep naar iedereen en overal: Refrein : Jezus, U mijn Koning en mijn Heer. Jezus, U bent al wat ik begeer. Jezus, de dood heeft nu geen aanklacht meer. Halleluja, halleluja. Refrein : Jezus, U mijn Koning en mijn Heer. Jezus, U bent al wat ik begeer. Jezus, de dood heeft nu geen aanklacht meer. Halleluja, halleluja. Ik kan niet stil meer blijven staan, U heeft zoveel voor mij gedaan. Eens was ik ver bij U vandaan, U zocht mij op en riep mijn naam. Want als de wereld juichen kan voor al dat tijdelijk vermaak dan is de Eeuwige dit meer dan waard! Refrein : Jezus, U mijn Koning en mijn Heer. Jezus, U bent al wat ik begeer. Jezus, de dood heeft nu geen aanklacht meer. Halleluja, halleluja. Refrein : Jezus, U mijn Koning en mijn Heer. Jezus, U bent al wat ik begeer. Jezus, de dood heeft nu geen aanklacht meer. Halleluja, halleluja. Hal-le-lu-ja! Hal-le-lu-ja! Hal-le-lu-ja! Hal-le-luja! Refrein : Jezus, U mijn Koning en mijn Heer. Jezus, U bent al wat ik begeer. Jezus, de dood heeft nu geen aanklacht meer. Halleluja, halleluja. Slot: Halleluja! Halleluja! Halleluja! Halleluja! Jezus! Opwekking 645 : 1-6 Ik kies vandaag: ik leef voor U. Ik kies vandaag: ik geef mijn 'ja' aan U. Ik kies vandaag: ik wil uw stem verstaan. Ik kies vandaag: ik leef voor U. Refrein: Want met heel mijn gezin dien ik U Heer. Want met heel mijn gezin wil ik leven tot uw eer, vandaag. Ik kies vandaag: ik leef voor U. Ik kies vandaag: ik geef mijn 'ja' aan U. Ik kies vandaag: ik wil uw stem verstaan. Ik kies vandaag: ik leef voor U. Refrein: Want met heel mijn gezin dien ik U Heer. Want met heel mijn gezin wil ik leven tot uw eer, vandaag. Vader God, Vredevorst, Wonderbare Raadsman, Majesteit, toegewijd willen wij U volgen. Ik kies vandaag: ik leef voor U. Ik kies vandaag: ik geef mijn 'ja' aan U. Ik kies vandaag: ik wil uw stem verstaan. Ik kies vandaag: ik leef voor U. Opwekking 646 : 1-5 Heer, zie uw huis, dat verwoest en leeg is; kom help ons, Heer, kom help ons, Heer! Kind'ren gestolen, gezinnen gebroken; kom help ons, Heer, kom help ons, Heer! Refrein: Koning en Heer, Eeuwige God, Alpha, Omega, Jezus, Redder, breng uw verlossing op deze plaats. God van de nacht, God van de dag, niemand is groter; kom Heer, red ons, breng uw verlossing op deze plaats. Heer, zie uw stad, die verwoest en leeg is; kom help ons, Heer, kom help ons, Heer! De mensen liefdeloos, de kinderen vaderloos; kom help ons, Heer, kom help ons, Heer! Refrein: Koning en Heer, Eeuwige God, Alpha, Omega, Jezus, Redder, breng uw verlossing op deze plaats. God van de nacht, God van de dag, niemand is groter; kom Heer, red ons, breng uw verlossing op deze plaats. Niemand is groter; kom Heer, red ons. Breng uw verlossing op deze plaats. Niemand is groter; kom Heer, red ons. Breng uw verlossing op deze plaats. Niemand is groter; kom Heer, red ons. Breng uw verlossing op deze plaats. Opwekking 647 : 1-6 (v) Toen U bad werd brood vermeerderd, toen U sprak, de storm gesust; met een blik gaf U bewogen aan de hopelozen rust. Door uw hand genas U duizenden en uw roep versloeg de dood. Door uw Woord vluchtten demonen, met een zegen brak U brood. Refrein: Liefde, tastbaar, God zo nabij, vul mijn hart en spreek door mij: al wat ik doe komt U toe. (m) Als een Lam zou U niet klagen, toen U stil de kruisweg liep, zo vernederd en geslagen door de hand van die U schiep. Toen de hel was losgebroken leek de nederlaag nabij, maar U riep: 'Vader vergeef hen'; zo droeg U de straf voor mij. Refrein: Liefde, tastbaar, God zo nabij, vul mijn hart en spreek door mij: al wat ik doe komt U toe. Ik wil geven aan de armen, voor de waarheid wil ik staan, steeds bereid mijn kruis te dragen, en de wereld in te gaan. En ik bid: vul zo mijn leven met uw vrede, Geest en vuur, dat ik U mijn dank zal geven, zelfs nog in mijn laatste uur. Refrein: Liefde, tastbaar, God zo nabij, vul mijn hart en spreek door mij: al wat ik doe komt U toe. Opwekking 648 : 1-10 U roept ons, Vader, om als dank voor uw liefde U te aanbidden Heer. Wij willen komen in uw nabijheid en buigen voor U neer. Vernieuw ons denken nu, open ons hart, help ons uw stem te verstaan. U gaf uw leven, Heer; dankzij uw dood mogen wij voor U staan. Refrein: Hier zijn wij, als levend offer, Heer, heilig en aangenaam voor U. Hier zijn wij, wij leggen voor uw troon neer, al onze dromen en ons nu; wij eren U. U roept ons, Vader, om als dank voor uw liefde U te aanbidden Heer. Wij willen komen in uw nabijheid en buigen voor U neer. Vernieuw ons denken nu, open ons hart, help ons uw stem te verstaan. U gaf uw leven, Heer; dankzij uw dood mogen wij voor U staan. Refrein: Hier zijn wij, als levend offer, Heer, heilig en aangenaam voor U. Hier zijn wij, wij leggen voor uw troon neer, al onze dromen en ons nu; wij eren U. Wij knielen neer bij het kruis, zien uw lijden heel dichtbij. U wilde sterven voor ons; ons leven geven wij. Refrein: Hier zijn wij, als levend offer, Heer, heilig en aangenaam voor U. Hier zijn wij, wij leggen voor uw troon neer, al onze dromen en ons nu; wij eren U. Refrein: Hier zijn wij, als levend offer, Heer, heilig en aangenaam voor U. Hier zijn wij, wij leggen voor uw troon neer, al onze dromen en ons nu; wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Wij eren U. Opwekking 649 : 1-8 (m) Jezus, onze Schepper God, die mij levensadem schonk, U die alles heeft gemaakt. Laat uw heilig Koninkrijk vorm gaan krijgen diep in mij. Bouw uw kerk, Heer, in mijn hart. (allen) Maak het groot genoeg, liefdevol genoeg, dat er steeds weer plaats zal zijn voor iedereen. Refrein: Maak het sterk, maak het echt, Heer, wees zelf de Architect. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Schijn uw hoop van binnenuit, hoop die nooit haar deuren sluit. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. God door wie wij zijn ontstaan, U houdt de aarde in haar baan, breng ons samen, maak ons één. Vorm uw kerk in elk van ons met passie die steeds sterker wordt voor het werk dat U begon. Maak het hoog genoeg, verlicht het fel genoeg, dat een afgedwaalde ziel de weg weer vindt. Refrein: Maak het sterk, maak het echt, Heer, wees zelf de Architect. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Schijn uw hoop van binnenuit, hoop die nooit haar deuren sluit. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Uw kerk is de enige hoop voor een wereld verzonken in nood. Uw kerk is de enige hoop. Uw hart klopt door liefde, zo sterk. Uw arm reikt nog even ver. Uw kerk is de enige hoop. Uw kerk is de enige hoop voor een wereld verzonken in nood. Uw kerk is de enige hoop. Uw hart klopt door liefde, zo sterk. Uw arm reikt nog even ver. Uw kerk is de enige hoop. Refrein: Maak het sterk, maak het echt, Heer, wees zelf de Architect. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Schijn uw hoop van binnenuit, hoop die nooit haar deuren sluit. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Slot: Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Jezus, bouw uw kerk diep in mijn hart. Opwekking 650 : 1-5 Voor uw schoonheid ons getoond, voor uw komst als Mensenzoon, voor het wonder dat U gaf, wij prijzen U. Voor uw liefde wondergroot, voor uw lijden en uw dood. Hoe U zondaars heeft bevrijd, waaronder mij. Refrein: Daarom komt er nooit een eind, komt er nooit een eind aan de vreugde van mijn hart vol van dankbaarheid. Als mijn tijd gekomen is en ik voor U verschijn gaat mijn lofzang door. Als ik de hemel binnenga begin ik weer van vooraf aan, zal ik juichend voor uw troon van genade staan. In een machtig hemels koor klinkt dit lied de eeuwen door; mijn lofzang houdt nooit op, houdt nooit op! En in het nauw gedreven, Door angst en zorg omgeven, al zou de wereld U ontkennen, Ik kom luid en duidelijk voor Jezus uit! Refrein: Daarom komt er nooit een eind, komt er nooit een eind aan de vreugde van mijn hart vol van dankbaarheid. Als mijn tijd gekomen is en ik voor U verschijn gaat mijn lofzang door. Als ik de hemel binnenga begin ik weer van vooraf aan, zal ik juichend voor uw troon van genade staan. In een machtig hemels koor klinkt dit lied de eeuwen door; mijn lofzang houdt nooit op, houdt nooit op! Heer ik prijs U, eeuwig prijs ik U. Heer ik prijs U, eeuwig prijs ik U. Heer ik prijs U, eeuwig prijs ik U. Heer ik prijs U, eeuwig prijs ik U. Opwekking 651 : 1-4 U bent het licht in deze tijd, alleen uw waarheid die maakt vrij. U bent voor ons een schuilplaats en kracht, toont door de eeuwen heen uw macht. De volkeren zoeken naar iets wat nog echt betrouwbaar is. Dus wij proclameren, dat Jezus Hij alleen de waarheid is! Refrein : Er is een rots, een sterke rots waarop ons leven is gebouwd. Er is een hoop, een vaste hoop ik wil dat iedereen het hoort. Refrein : Er is een rots, een sterke rots waarop ons leven is gebouwd. Er is een hoop, een vaste hoop ik wil dat iedereen het hoort. Door mensen veracht, gekozen door God; de hoeksteen, een zeker fundament. U bouwt wereldwijd een levende kerk; haar peilloze kracht is ongekend. Opwekking 652 : 1-3 Zing voor de Koning, het Lam op de troon. Hij zal regeren, Gods enige zoon. Leven en redding brengt zijn heerschappij. Vreugde zal heersen, de schepping wordt vrij. Refrein: Kom, zing dit lied met mij. Zing dat je hoort bij Koning Jezus, Hij is jouw Heer. Kom richt je hart op Hem. Zing nu, verhef je stem voor Jezus. Zing voor de Heer. Jezus komt terug voor wie bidt en verwacht. Wij willen klaar staan bij dag en bij nacht. Als Hij verschijnt, klinkt ons lied tot zijn eer. Satan moet wijken en Jezus regeert! Opwekking 653 : 1-5 Kom, o bron van zegeningen, geef een nieuw lied in mijn hart, vol van dank, niet te bedwingen, voor genade ongedacht. Geef mij woorden om te zingen met de eng'len rond uw troon, want uw naam blijft mij omringen en verlost mij van de dood. Ik mag zijn in uw nabijheid door uw offer aan het kruis en uw liefde geeft mij vrijheid om te wonen in uw huis. Jezus zocht mij toen ik dwaalde, op mijn eigen wegen liep en Hij kocht mij door genade met zijn bloed, dat redding biedt! Refrein : Kom, o bron, kom, o God. Kom geliefde vredevorst. Hoor uw bruid, hoor hoe zij zingt: kom, o bron van zegening. Refrein : Kom, o bron, kom, o God. Kom geliefde vredevorst. Hoor uw bruid, hoor hoe zij zingt: kom, o bron van zegening. Nooit kan ik mijn schuld vergoeden, 't is genade onverdiend. Laat uw goedheid mij behoeden, wees mijn altijd trouwe vriend. Zonder U ben ik verloren, zie ik zelf geen toekomst meer. Laat mijn hart U toebehoren tot ik U ontmoet, mijn Heer! Refrein : Kom, o bron, kom, o God. Kom geliefde vredevorst. Hoor uw bruid, hoor hoe zij zingt: kom, o bron van zegening. Opwekking 654 : 1-3 Dank U voor deze nieuwe dag die ik van U ontvangen mag, Heer wat een zegen, elke dag opnieuw. U geeft uw liefde telkens weer en uw genade keer op keer, iedere morgen, elke dag opnieuw. U geeft mij vrede die de wereld niet geeft, U geeft mij blijdschap door uw Heilige Geest. Refrein: Ja, de blijdschap die U mij geeft, is meer dan de vreugde die de wereld heeft. Als de zon schijnt en in de donkere nacht; de vreugde van U is mijn kracht, de vreugde van U is mijn kracht. Opwekking 655 : 1-2 Ik wil zingen voor de Heer en ik verhef mijn stem, want U hoorde mijn schreeuw. Ik wil zingen voor de Heer en hef mijn handen op, want U trok mij op uit de put, want U trok mij op uit de put. En ik zing glorie, halleluja! Ik prijs uw grote naam. Ik zing heilig, U bent waardig! Ik prijs U met mijn dans. En ik zing glorie, halleluja! Ik prijs uw grote naam. Ik zing heilig, U bent waardig! Ik prijs U met mijn dans. Ja, ik prijs U met mijn dans. Heer, ik prijs U met mijn dans. Opwekking 656 : 1-5 Refrein: Ontwaak, verhef je stem, mijn ziel, verheerlijk Hem. Zing nu met de schepping mee; prijs God en juich voor Hem! Het oog van de vijand was op mij, hij trok mij met leugens omlaag. Maar ik ben veilig in uw schaduw, ik verhoog U, o El Shaddai! Refrein: Ontwaak, verhef je stem, mijn ziel, verheerlijk Hem. Zing nu met de schepping mee; prijs God en juich voor Hem! Mijn vijanden zweren steeds samen, dan brengen ze mij in het nauw. Toch worden ze stil, als ik roep tot God, als ik zing van uw grote trouw! Refrein: Ontwaak, verhef je stem, mijn ziel, verheerlijk Hem. Zing nu met de schepping mee; prijs God en juich voor Hem! Opwekking 657 : 1-8 Zie, de dag breekt aan vol van duisternis, Christus op weg naar Golgota. Zondaars grepen Hem en bespotten Hem, sloegen Hem aan een kruis. Refrein 1: Zie het kruis, voel zijn kracht: Christus droeg onze straf; werd veracht, maar Hij bracht vergeving, stervend aan het kruis. O, te zien hoe pijn uw gelaat vervormt, als al die zonde op U drukt. Bitterheid, verraad, elke slechte daad kroont uw bebloed gezicht. Refrein 1: Zie het kruis, voel zijn kracht: Christus droeg onze straf; werd veracht, maar Hij bracht vergeving, stervend aan het kruis. Nu dooft al het licht en de aarde beeft, want Hij, haar Maker, buigt zijn hoofd. Zie de voorhang scheurt, doden leven weer. Dank God, het is volbracht! Refrein 1: Zie het kruis, voel zijn kracht: Christus droeg onze straf; werd veracht, maar Hij bracht vergeving, stervend aan het kruis. Ik zie ook mijn naam in uw wonden staan, want door uw lijden ben ik vrij. Dood is weggevaagd en nu leef ik weer, doordat uw liefde won. Refrein 2: Zie het kruis, voel zijn kracht: Lam van God werd geslacht; maar Hij leeft en Hij geeft vergeving, want het is volbracht! Opwekking 658 : 1-5 Refrein: Jezus, uw naam is de allerhoogste naam. Jezus, uw naam vult ons hart, waar wij ook gaan. In uw naam is heil en macht, overwinning, liefde en kracht. Heer, uw naam is licht in de duisternis. Jezus! Heer, uw naam is licht in de duisternis. Jezus! Refrein: Jezus, uw naam is de allerhoogste naam. Jezus, uw naam vult ons hart, waar wij ook gaan. In uw naam is redding en hoop, onze troost in elke nood. Heer, uw naam herstelt wat gebroken is. Jezus! Heer, uw naam herstelt wat gebroken is. Jezus! In uw naam is heil en macht, overwinning, liefde en kracht. Heer, uw naam is licht in de duisternis. Jezus! Heer, uw naam is licht in de duisternis. Jezus! Opwekking 659 : 1-4 Jezus, stralend licht, ik kom voor uw aangezicht. Hier ben ik, machtig Heer, ik verlang naar U. Heiland, majesteit, ik kniel voor uw heiligheid. U alleen, Zoon van God, ik verlang naar U. Ik wil graag bij U zijn, mijn Heer, want U bent alles voor mij. U bent mijn God, mijn hoop en mijn kracht, U geeft mij rust en licht in mijn nacht; U bent Koning. U bent mijn God, mijn hoop en mijn kracht, U geeft mij rust en licht in mijn nacht; U bent Koning. Opwekking 660 : 1-6 Bron van leven, stroom van zegen, Heilige Geest, U bent hier. Raadsman, Trooster, milde regen, Gods hemelse glorie is hier. Spring op in mij, o Levend Water, Heilige Geest van God. Refrein: U bent welkom in dit huis, U bent welkom in dit huis. God van liefde raak mij aan en doorstroom mijn ziel. Overvloedig is de vreugde die U als een vriend aan mij geeft. Spring op in mij, o Levend Water, Heilige Geest van God. Refrein: U bent welkom in dit huis, U bent welkom in dit huis. God van liefde raak mij aan en doorstroom mijn ziel. U bent welkom in dit huis, U bent welkom in dit huis. Geest van God, leid mijn bestaan en doorstroom mijn ziel, en doorstroom mijn ziel, en doorstroom mijn ziel, en doorstroom mijn ziel. Opwekking 661 : 1-7 Refrein: Maak groot onze God, zing met mij, maak groot onze God. Zing, want Hij is groot, zo groot, onze God. De Koning in zijn pracht, bekleed met eer en macht; kom aarde, juich voor Hem, aarde, juich voor Hem. Het duister vreest zijn licht; als Hij rechtvaardig richt, dan vlucht het voor zijn stem, vlucht het voor zijn stem. Refrein: Maak groot onze God, zing met mij, maak groot onze God. Zing, want Hij is groot, zo groot, onze God. De God die eeuwig leeft, de tijd geschapen heeft, de Vader, Geest en Zoon, Vader, Geest en Zoon. Het Lam dat werd geslacht, de Leeuw in al zijn kracht, de Koning op de troon, Koning op de troon. Refrein: Maak groot onze God, zing met mij, maak groot onze God. Zing, want Hij is groot, zo groot, onze God. Allerhoogste Heer, waardig onze Heer. Kom, zing met mij: maak groot onze God. Allerhoogste Heer, waardig onze Heer. Kom, zing met mij: maak groot onze God. Refrein: Maak groot onze God, zing met mij, maak groot onze God. Zing, want Hij is groot, zo groot, onze God. Opwekking 662 : 1-10 U bent heilig, heilig Heer; heel de schepping buigt zich voor U. Halleluja, halleluja, glorie in de hoge. En ik zing, ja, ik zing een loflied voor U, zolang ik leef. Refrein: God regeert, Hij regeert; heilig is de Heer der heren. God regeert, Hij regeert in eeuwigheid. U bent heilig, heilig Heer; heel de schepping buigt zich voor U. Halleluja, halleluja, glorie in de hoge. En ik zing, ja, ik zing een loflied voor U, zolang ik leef. Refrein: God regeert, Hij regeert; heilig is de Heer der heren. God regeert, Hij regeert in eeuwigheid. En ik zing, ja, ik zing een loflied voor U, zolang ik leef. Refrein: God regeert, Hij regeert; heilig is de Heer der heren. God regeert, Hij regeert in eeuwigheid. Refrein: God regeert, Hij regeert; heilig is de Heer der heren. God regeert, Hij regeert in eeuwigheid. In eeuwigheid. In eeuwigheid. In eeuwigheid. In eeuwigheid. Ik verlang naar U, ik verlang naar U Heer, naar U Heer. Opwekking 663 : 1-2 Jezus, redder van mijn ziel, de liefde in uw ogen brandt als vuur. Jezus, ik wil dat U weet, dat ik U wil volgen ieder uur. Want geen mens in de geschiedenis is zoals U, al wat is gebeurd, behoort U toe. Alfa en omega, U hield eerst van mij en eens mag ik voor eeuwig bij U zijn. Refrein: Het gaat steeds om U, Jezus en alles is voor U, voor de glorie van uw naam. Het gaat niet om mij, alsof U moet doen wat ik wil; U alleen bent God, ik geef mij over aan uw wil. Opwekking 664 : 1-7 Rijken en armen, zonen en dochters knielen voor Jezus neer. Verliezers en winnaars, heiligen, zondaars zien op één dag hun Heer. Refrein: En wij buigen neer, koningen brengen Hem eer, aanbidden Jezus. Hij is voor ons liefde en trouw, liefde en trouw van God. Winter en zomer, bergen en stromen fluisteren zacht zijn naam. Heilig en machtig, goed en barmhartig, zijn liefde zal eeuwig bestaan. Refrein: En wij buigen neer, koningen brengen Hem eer, aanbidden Jezus. Hij is voor ons liefde en trouw, liefde en trouw van God. Hij is het licht van de wereld en Heer van het kruis. Refrein: En wij buigen neer, koningen brengen Hem eer, aanbidden Jezus. Hij is voor ons liefde en trouw, liefde en trouw van God. En wij buigen neer, koningen brengen Hem eer. En wij aanbidden Jezus, ja, wij aanbidden Jezus, ja, wij aanbidden Jezus. Hij is voor ons liefde en trouw, liefde en trouw van God. Opwekking 665 : 1-7 Ooit komt er een dag dat de hemel openbreekt en de doden zullen opstaan. Ooit komt er een dag dat U terugkomt op een wolk en dat U kijkt met ogen, stralend als de zon. Ooit zal het zo zijn, dat we leven in een stad, waar geen pijn en geen verdriet is. Ooit zal het zo zijn, als we komen in die stad, dat de Vader onze tranen wist. Refrein: Tot aan die dag wil ik weten wie U bent, wil ik leven dicht bij U en mij geven in aanbidding. Tot aan die dag wil ik horen wat U zegt en uw woorden tot mij nemen, als een kostbaar geschenk. Tot aan die dag! Ooit zal het zo zijn, dat we leven in een stad, waar geen pijn en geen verdriet is. Ooit zal het zo zijn, als we komen in die stad, dat de Vader onze tranen wist. Refrein: Tot aan die dag wil ik weten wie U bent, wil ik leven dicht bij U en mij geven in aanbidding. Tot aan die dag wil ik horen wat U zegt en uw woorden tot mij nemen, als een kostbaar geschenk. Tot aan die dag! Ik verlang zo naar de dag dat ik neerkniel aan uw voeten en ik U mag herkennen aan uw stem. Als we samen hand in hand het hemels paradijs betreden, zal ik eeuwig mogen zijn waar U bent. Refrein: Tot aan die dag wil ik weten wie U bent, wil ik leven dicht bij U en mij geven in aanbidding. Tot aan die dag wil ik horen wat U zegt en uw woorden tot mij nemen, als een kostbaar geschenk. Tot aan die dag! Slot: Tot aan die dag! Tot aan die dag! Opwekking 666 : 1 Opwekking 667 : 1-8 Hoor het geluid van volken die God aanbidden. Hoor het geluid, de kinderen van God die zingen: 'Wie zal voor ons gaan?' Wie roept het uit tot de einden van de aard: 'Jezus is Heer!' Refrein: Spreek tot de volken: 'Bevrijding!' 'Kom en aanbid Hem, kniel voor Hem neer.' Spreek tot de volken: 'Het Koninkrijk komt nu heel dichtbij.' Oooh. Spreek tot elk bolwerk van satan: 'Duistere machten, wijk in zijn naam!' Spreek tot de volken: 'Het Koninkrijk komt nu heel dichtbij.' We spreken uit: 'Wees vrij, wees vrij, wees vrij!' Hoor het geluid van volken in nood die roepen. Hoor het geluid van kind'ren die eenzaam huilen. Wie zal voor hen gaan? Wie roept het uit tot de einden van de aard: 'Jezus is Heer!' Refrein: Spreek tot de volken: 'Bevrijding!' 'Kom en aanbid Hem, kniel voor Hem neer.' Spreek tot de volken: 'Het Koninkrijk komt nu heel dichtbij.' Oooh. Spreek tot elk bolwerk van satan: 'Duistere machten, wijk in zijn naam!' Spreek tot de volken: 'Het Koninkrijk komt nu heel dichtbij.' We spreken uit: 'Wees vrij, wees vrij, wees vrij!' Wees vrij! Wees vrij! Wees vrij! Wees vrij! Wees vrij! Wees vrij! Wees vrij! (m) Wees vrij! (v) Elke natie, elke stam en taal, (m) Wees vrij! (v) bouw uw koninkrijk nu overal. (m) Wees vrij! (v) Elke natie, elke stam en taal, (m) Wees vrij! (v) bouw uw koninkrijk nu overal. (m) Wees vrij! (v) Van noord tot zuid van oost tot west: (m) Wees vrij! (v) wees vrij, wees vrij! (m) Wees vrij! (v) Elke natie, elke stam en taal, (m) Wees vrij! (v) bouw uw koninkrijk nu overal. (m) Wees vrij! (v) Elke natie, elke stam en taal, (m) Wees vrij! (v) bouw uw koninkrijk nu overal. (m) Wees vrij! (v) Van noord tot zuid van oost tot west: (m) Wees vrij! (v) wees vrij, wees vrij! Spreek tot de volken: 'Bevrijding!' Spreek tot de volken: 'Kniel voor Hem neer.' Spreek tot de volken: 'Het Koninkrijk komt nu heel dichtbij.' We spreken uit: 'Wees vrij!' Opwekking 668 : 1-7 Heer, U bent goed en uw liefde en trouw zijn voor eeuwig. Heer, U bent goed en uw liefde en trouw zijn voor eeuwig. Door heel de wereld en in elke taal, door alle eeuwen heen klinkt overal: Refrein 1: Wij prijzen U, halleluja, halleluja. Wij prijzen U om wie U bent! Wij prijzen U, halleluja, halleluja. Wij prijzen U om wie U bent! U bent goed! Heer, U bent goed en uw liefde en trouw zijn voor eeuwig. Heer, U bent goed en uw liefde en trouw zijn voor eeuwig. Door heel de wereld en in elke taal, door alle eeuwen heen klinkt overal: Refrein 2: Wij prijzen U, halleluja, halleluja. Wij prijzen U om wie U bent. Wij prijzen U, halleluja, halleluja. Wij prijzen U om wie U bent. U bent goed voor altijd, voor altijd bent U goed. U bent goed voor altijd, voor altijd bent U goed. U bent goed voor altijd, voor altijd bent U goed. U bent goed voor altijd, voor altijd bent U goed. Heer, U bent goed en uw liefde en trouw zijn voor eeuwig. Heer, U bent goed en uw liefde en trouw zijn voor eeuwig. Door heel de wereld en in elke taal, door alle eeuwen heen klinkt overal: Refrein 2: Wij prijzen U, halleluja, halleluja. Wij prijzen U om wie U bent. Wij prijzen U, halleluja, halleluja. Wij prijzen U om wie U bent. Slot: om wie U bent, om wie U bent! U bent goed! Opwekking 669 : 1-10 Heer van de eeuwigheid laat ons uw glorie zien. Heer over hemel en aard, God van Israël. Kom in uw wijsheid en macht, vol van uw glorie en kracht. Hoor naar de roep van ons hart, toon uw heerlijkheid. En ieder zal U zien die komt in majesteit. Refrein: Adonai, Adonai, dan buigt elke knie voor de hoogste Heer. Adonai, Adonai, dan juicht elke tong: U alleen bent Heer! Adonai. Zie Jeruzalem wacht, heft haar lofzang omhoog, alle poorten zien uit naar de dag dat U komt. En hoor hoe Sion zingt: gezegend Hij die komt. Refrein: Adonai, Adonai, dan buigt elke knie voor de hoogste Heer. Adonai, Adonai, dan juicht elke tong: U alleen bent Heer! Adonai. U bent Heer over al wat leeft, U bent Heer over al wat leeft… U bent Heer over al wat leeft, U bent Heer over al wat leeft… U bent Heer over al wat leeft, U bent Heer over al wat leeft… U bent Heer over al wat leeft, U bent Heer over al wat leeft… En hoor hoe Sion zingt: gezegend Hij die komt. Refrein: Adonai, Adonai, dan buigt elke knie voor de hoogste Heer. Adonai, Adonai, dan juicht elke tong: U alleen bent Heer! Adonai. Opwekking 670 : 1-5 Op Hem rust mijn geloof en hierin vind ik hoop, dat Jezus Christus opstond uit de dood! Geen vreugde overtreft het kennen van mijn Heer en aardse rijkdom heeft geen waarde meer. Bevrijd uit het duister mogen wij thuis zijn in Gods familie, wonen bij Hem. Als uw erfgenamen bindt U ons samen, ons leven geven wij tot eer van U. Verbonden als uw volk, verenigd in uw naam; één hoop, één Heer, één roeping om te gaan. Aanbiddend in uw huis, zien wij uw heerlijkheid en raakt uw Heil'ge Geest ons allen aan. Laten we opstaan vol van Gods liefde, laat ons op weg gaan naar mensen in nood. Vertel Jezus' boodschap aan heel de wereld, dat ieder wordt gered die Hem gelooft. En worden wij beproefd, help ons om in ons land te strijden voor gerechtigheid en eer. Geen angst weerhoudt ons meer, als wij de wedloop gaan; ons leven is gekruisigd met de Heer! Uw rijk verbreidt zich in heel de wereld; wie kan bestrijden dit machtige vuur? Wij blijven belijden in moeilijke tijden: 'Geen helse macht voorkomt; God bouwt zijn Kerk!' En op die grote dag daalt neer bij God vandaan, de heil'ge stad, het nieuw' Jeruzalem. Een menigte knielt neer, aanbiddend voor Gods troon, één volk gevormd uit elke stam en taal. Wat een bevrijding, machtige tijding: de Leeuw van Juda haalt zijn stralende bruid! Wat een vervulling voor heel de schepping van al wat is beloofd door Jezus' komst! Wat een bevrijding, machtige tijding: de Leeuw van Juda haalt zijn stralende bruid! Wat een vervulling voor heel de schepping van al wat is beloofd door Jezus' komst! Opwekking 671 : 1-7 U schiep zon en maan en sterrenpracht, Vader, U bent het geheim van het leven; alles toont uw macht. U bent alles wat mijn hart verlangt, U bezielt mij, Heer, U houdt heel mijn leven veilig in uw sterke hand. Refrein: Lof, aanbidding, alle dank in mij stroomt over uit mijn hart; U maakt mij blij. Van uw liefde zal ik blijven zingen; ik prijs uw naam. Refrein: Lof, aanbidding, alle dank in mij stroomt over uit mijn hart; U maakt mij blij. Van uw liefde zal ik blijven zingen; ik prijs uw naam. U geeft regen, zon en overvloed, Vader, U bent het geheim van het leven dat U bloeien doet. U doorgrondt mij en U houdt van mij, wat een wonder, Heer, U bent heilig, hoogverheven, maar ook heel dichtbij. Refrein: Lof, aanbidding, alle dank in mij stroomt over uit mijn hart; U maakt mij blij. Van uw liefde zal ik blijven zingen; ik prijs uw naam. Refrein: Lof, aanbidding, alle dank in mij stroomt over uit mijn hart; U maakt mij blij. Van uw liefde zal ik blijven zingen; ik prijs uw naam. Heilig is de Heer almachtig. Waardig, waardig is zijn naam. Heilig is de Heer almachtig. Waardig, waardig is zijn naam. Heilig is de Heer almachtig. Waardig, waardig is zijn naam. Heilig is de Heer almachtig. Waardig, waardig is zijn naam. Refrein: Lof, aanbidding, alle dank in mij stroomt over uit mijn hart; U maakt mij blij. Van uw liefde zal ik blijven zingen; ik prijs uw naam. Refrein: Lof, aanbidding, alle dank in mij stroomt over uit mijn hart; U maakt mij blij. Van uw liefde zal ik blijven zingen; ik prijs uw naam. Opwekking 672 : 1-5 Heerser over alle dingen, God van de oneindigheid, van uw liefde wil ik zingen, buigen voor uw majesteit. Eeuwen komen, eeuwen gaan, voor altijd blijft uw trouw bestaan. Uw naam weerklinkt door het heelal: 'Die was en is en komen zal.' U alleen kunt grootheid tonen in een enkel ogenblik. De natuur spreekt zonder woorden, vol verwond'ring luister ik. U schiep leven door uw Woord, bracht het licht en duister voort. Zelfs nu uw werk in zonde lijdt, weerspiegelt het uw heerlijkheid. In het lijden van dit leven, in een dal van duisternis, wilt U mij uw liefde geven en de vrede die ik mis. Leid mij aan uw sterke hand veilig naar de overkant. Ik hoef geen gevaar te vrezen, als uw huis mijn schuilplaats is. Eeuwen komen, eeuwen gaan, voor altijd blijft uw trouw bestaan. Uw naam weerklinkt door het heelal: 'Die was en is en komen zal.' Heerser over alle dingen, God van de oneindigheid. Van uw liefde wil ik zingen, buigen voor uw majesteit. Heerser over alle dingen, God van de oneindigheid. Van uw liefde wil ik zingen, buigen voor uw majesteit. Opwekking 673 : 1-6 Heer van de hemelse machten, Schepper van hemel en aard', hoe kan een mens toch bevatten dat U hem kent en bewaart? Heer van de hemelse machten, oneindig is uw grote naam. Refrein: Overweldigend bent U, ontzagwekkend in uw grootheid, overrompelend, zo liefdevol bent U. Onvoorstelbaar is uw plan, onbegrijpelijk uw lijden, door genade mag ik nu naderen tot U. Heer van de hemelse machten, Schepper van hemel en aard', U werd een mens vol van smarten werd voor geen lijden gespaard. Heer van de hemelse machten, oneindig is uw grote trouw. Refrein: Overweldigend bent U, ontzagwekkend in uw grootheid, overrompelend, zo liefdevol bent U. Onvoorstelbaar is uw plan, onbegrijpelijk uw lijden, door genade mag ik nu naderen tot U. Heilig, heilig, heilig bent U Heer. Heilig, heilig, heilig bent U Heer van de hemelse machten. Heilig, heilig, heilig bent U Heer. Heilig, heilig, heilig bent U Heer van de hemelse machten. Heer van de hemelse machten. Heer van de hemelse machten. Heer van de hemelse machten. Heer van de hemelse machten, Schepper van hemel en aard', hoe kan een mens toch bevatten dat U hem kent en bewaart? Heer van de hemelse machten, oneindig is uw grote naam, oneindig is uw grote naam. Heer van de hemelse machten. Opwekking 674 : 1-4 Zie de stroom van Jezus' liefde overstelpend als een vloed. Toen de Mensenzoon ons vrijkocht met zijn eigen kostbaar bloed. Wie kan zwijgen van zijn liefde of vergeten wat Hij deed? Jezus' naam zij steeds geprezen, tot in alle eeuwigheid! Aan het kruis werd Jezus' offer tot een bron die altijd blijft. Door de sluizen van Gods goedheid stroomde zijn barmhartigheid. Een rivier van diepe liefde daalde uit de hemel neer, bracht ons vrede met de Vader, schonk de wereld leven weer. Het is uw volmaakte liefde, die mijn diepste angst verdrijft. Vol vertrouwen mag ik komen, waar uw rechterstoel verrijst. Want mijn rechter is mijn redder, mijn verlosser pleit voor mij. Hij heeft zelf mijn straf gedragen; Jezus, mijn gerechtigheid! Wie kan zwijgen van zijn liefde, of vergeten wat Hij deed? Jezus' naam zij steeds geprezen, tot in alle eeuwigheid! Opwekking 675 : 1-5 Vader, ik kom in uw heiligdom binnen, Maker van hemel en aard', vol eerbied voor uw heerlijkheid. Heilig, heilig bent U in uw tempel vol van genade en pracht. Ik prijs U, mijn hart aanbidt U. Refrein 1: Al wat leeft, alles zingt dat uw liefde ons omringt. De schepping roept luid, de zee doet mee. Zelfs de bomen zijn blij, prijzen U en zo ook wij. Ik zing een nieuw lied en ik verhoog uw naam en prijs uw majesteit! Jezus, Heer van het leven, Verlosser, wij komen dicht bij uw troon en willen U ons leven geven. Vul ons, vul ons opnieuw met uw liefde, laat heel de wereld het zien, vervul ons en toon uw glorie! Refrein 1: Al wat leeft, alles zingt dat uw liefde ons omringt. De schepping roept luid, de zee doet mee. Zelfs de bomen zijn blij, prijzen U en zo ook wij. Ik zing een nieuw lied en ik verhoog uw naam en prijs uw majesteit! Refrein 2: Al wat leeft, alles zingt dat uw liefde ons omringt. De schepping roept luid, de zee doet mee. Zelfs de bomen zijn blij, prijzen U en zo ook wij. Ik zing een nieuw lied en ik verhoog uw naam en prijs U Jezus, ik verhoog en prijs U Jezus, ik verhoog en prijs uw majesteit! Opwekking 676 : 1-5 Refrein: Welkom in ons midden, Jezus. Welkom in ons midden, hoogste Heer. Jezus, o Jezus, Jezus, o Jezus, U bent welkom, allerhoogste Heer. Zoals het droge en verdorde land verlangt naar water uit de hemel, zo smachten wij naar uw aanwezigheid, want daar is liefde, daar is leven. U vult dit huis nu met uw tegenwoordigheid, uw glorie stroomt over ons heen. Wij zien U in uw schoonheid en uw majesteit, wij loven en prijzen U, Heer. Jezus, U bent... Refrein: Welkom in ons midden, Jezus. Welkom in ons midden, hoogste Heer. Jezus, o Jezus, Jezus, o Jezus, U bent welkom, allerhoogste Heer. Slot: Welkom in ons midden, Jezus. Welkom in ons midden, hoogste Heer. Jezus, o Jezus, Jezus, o Jezus, Jezus, o Jezus, Jezus, o Jezus. U bent welkom, allerhoogste Heer. U bent welkom, allerhoogste Heer. Opwekking 677 : 1-5 In het diepst van de nacht roep ik naar U: 'Waar bent U, God?' In het diepst van mijn pijn, als alles zwart lijkt, roep ik het uit: 'U bent mijn enige houvast, mijn enige zekerheid. O, trek mij op uit de put, houd mij vast, houd mij vast.' U bent groter dan mijn vragen, want soms doet het leven zeer. Al wat ik niet zelf kan dragen leg ik aan uw voeten neer. U bent groter dan mijn zonden en omarmt mij in mijn pijn. U gaat dieper dan mijn wonden, daarom wil ik bij U zijn. O God, omarm mij, ik kom heel dicht bij U. O God, genees mij, houd mij heel dicht bij U. In mijn diepste verdriet roep ik naar U: 'Waarom, o God?' Aan het eind van mijn kracht, moe van het strijden, roep ik het uit: 'U bent mijn enige houvast, mijn enige zekerheid. O, trek mij op uit de put, houd mij vast, houd mij vast.' U bent sterker dan mijn angsten en een schuilplaats in de nood. U bent bij mij als ik bang ben, houdt mij vast tot in de dood. Steeds weer hoort U naar mijn klagen, telkens raakt uw liefde mij. Niemand die mij zo kan dragen, daarom wil ik bij U zijn. O God, omarm mij, ik kom heel dicht bij U. O God, genees mij, houd mij heel dicht bij U. Niets kan mij scheiden van uw liefde, niemand mij roven uit uw hand. Ik vind vervulling in uw liefde, heel dicht bij U. Niets kan mij scheiden van uw liefde, niemand mij roven uit uw hand. Ik vind vervulling in uw liefde, heel dicht bij U. Opwekking 678 : 1-2 God van het licht, U schittert in uw heerlijkheid. Eeuwige God, U fonkelt in uw pracht. God van het licht, uw stralende aanwezigheid verlicht mijn hart, U bent de Morgenster. Sterk als de zon is uw licht, is uw pracht, is uw heerlijkheid verlicht mijn hart met de gloed van uw majesteit. Sterk als de zon is uw licht, is uw pracht, is uw heerlijkheid verlicht mijn hart met de gloed van uw majesteit. Opwekking 679 : 1-3 Hij is hier, Hij is bij ons, in ons hart, in ons huis, onder ons. Hij is hier, Hij is bij ons; kom maar en vertrouw op Hem. Leg je last maar neer bij de God die leven geeft, geef je zorgen over aan Hem. Open nu je hart voor het Levend Woord van God. Hij is liefde, Hij is liefde… Hij is liefde, Hij is liefde... Slot: Hij is hier, Hij is bij ons; kom maar en vertrouw op Hem. Kom maar en vertrouw op Hem. Opwekking 680 : 1-8 Iedereen zoekt naar liefde, trouw die nooit teleurstelt; geef uw genade Heer. Iedereen zoekt vergeving, de goedheid van een redder; de hoop van de volken. Refrein: Mijn Redder, bergen moeten wijken voor zijn geweldige kracht, zijn geweldige kracht. Als redder, grote overwinnaar stond Jezus op uit het graf, Hij stond op uit het graf. Neem mij zoals ik ben Heer met al mijn angst en falen; vul mijn hart opnieuw. Ik geef mij aan U over met alles wat ik geloof, Heer, wil ik U volgen. Refrein: Mijn Redder, bergen moeten wijken voor zijn geweldige kracht, zijn geweldige kracht. Als redder, grote overwinnaar stond Jezus op uit het graf, Hij stond op uit het graf. Laat uw licht aan heel de wereld zien, wij zingen tot de eer van de verrezen Heer. Jezus, laat uw licht aan heel de wereld zien, wij zingen tot de eer van de verrezen Heer. Refrein: Mijn Redder, bergen moeten wijken voor zijn geweldige kracht, zijn geweldige kracht. Als redder, grote overwinnaar stond Jezus op uit het graf, Hij stond op uit het graf. Refrein: Mijn Redder, bergen moeten wijken voor zijn geweldige kracht, zijn geweldige kracht. Als redder, grote overwinnaar stond Jezus op uit het graf, Hij stond op uit het graf. Laat uw licht aan heel de wereld zien, wij zingen tot de eer van de verrezen Heer. Jezus, laat uw licht aan heel de wereld zien, wij zingen tot de eer van de verrezen Heer. Opwekking 681 : 1-6 Ik zie de grote Koning vol glorie en met vuur omringd; de aarde beeft, de aarde beeft. Ik zie Hem in zijn liefde; onze zonden wast Hij weg. En ieder zingt en ieder zingt: Refrein : Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Refrein : Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Ik zie een generatie opstaan in gehoorzaamheid, met puur geloof, met puur geloof. Ik zie een grote doorbraak, opgewekt door ons gebed; we knielen neer, we knielen neer. Refrein : Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Refrein : Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Genees mijn hart en maak mij rein, ontsluier het geheim van uw heerlijkheid. Leer mij hoe ik lief heb, Heer zoals U mij. Raak mijn hart met wat U raakt, alles wat ik ben is voor U gemaakt op mijn weg van aards bestaan naar eeuwigheid. Refrein : Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Refrein : Hosanna, hosanna, hosanna in de hoge. Opwekking 682 : 1-8 U, de Leeuw van Juda en Gods offerlam, dat verhoogd in de hemel voor eeuwig heersen zal, komt terug op die dag, waar de aarde op wacht en dan brengt U de volkeren samen. En het oog van de wereld zal dan zijn gericht op de Mensenzoon, die wijs en rechtvaardig in liefde regeert op zijn Vaders troon. En de hemel roept uit: 'Eer het Lam, dat de zonde der wereld op zich nam.' En de aarde die juicht: 'U regeert als de Koning der koningen, eeuwige God.' Met een tweesnijdend zwaard en een schild in de hand is ons hart vol van vuur, dat onuitblusbaar brandt. 't Was uit liefde, dat Jezus als Lam werd geslacht en nu brengt Hij de volkeren samen. Heel de wereld moet horen, dat Hij werd gekruisigd, de Mensenzoon, afgedaald in de hel, toch verheven als Heer op zijn Vaders troon. En de hemel roept uit: 'Eer het Lam, dat de zonde der wereld op zich nam.' En de aarde die juicht: 'U regeert als de Koning der koningen, eeuwige God.' En het oog van de wereld zal dan zijn gericht op de Mensenzoon, die wijs en rechtvaardig in liefde regeert op zijn Vaders troon. En de hemel roept uit: 'Eer het Lam, dat de zonde der wereld op zich nam.' En de aarde die juicht: 'U regeert als de Koning der koningen, eeuwige God.' Opwekking 683 : 1-6 Heer, U bent mijn God en ik verhoog uw naam. Heer, U bent mijn God en ik verhoog uw naam. 'k Wil U zoeken in de morgen en U volgen op al uw wegen. En stap voor stap leidt U mij. Ik wil bij U zijn iedere dag. Ik wil bij U zijn iedere dag, iedere dag. Refrein: Halleluja, wij eren U Heer Jezus en voor eeuwig zingen wij: halleluja, want U alleen bent waardig en voor eeuwig zingen wij: halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Bridge: Wij eren U, Heer Jezus, (Eren U, Heer Jezus,) verhogen uw naam. (Verhogen uw naam.) Wooo... (wooo...) Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Refrein: Halleluja, wij eren U Heer Jezus en voor eeuwig zingen wij: halleluja, want U alleen bent waardig en voor eeuwig zingen wij: halleluja, halleluja, halleluja, halleluja. Opwekking 684 : 1-8 Uw majesteit is onaantastbaar, niemand is aan U gelijk. Onvolprezen, zonder weerga, koning van het hemelrijk. Oorverdovend als de donder, helder als een bliksemschicht. Oogverblindend is de luister van uw heilig aangezicht. Toch bent U niet onbereikbaar; door uw Geest woont U in mij. U bent alomtegenwoordig: overal altijd nabij. Refrein: U bent adembenemend, eindeloos mooi, overstijgt wat een mens ooit heeft gezien, gehoord, bedacht. U bent meer dan bijzonder, buitengewoon. Niets is vergelijkbaar met uw majesteit en pracht. Uw werken zijn verbazingwekkend, schoonheid die de schepping vult. Onuitspreek'lijk is de grootsheid waarmee U zich heeft omhuld. Ondoorgrond'lijk zijn uw wegen, onvoorstelbaar is uw macht. Uw gedachten zijn ongrijpbaar, ontzagwekkend is uw kracht. Toch bent U niet onbereikbaar; door uw Geest woont U in mij. U bent alomtegenwoordig: overal altijd nabij. (refrein) Uw wijsheid is onovertroffen en uw woord zal nooit vergaan. Uw rechtvaardigheid onwrikbaar, eeuwig blijft uw trouw bestaan. Onweerstaanbaar is uw liefde, uw genade ongekend. Here, U bent onbeschrijflijk, want U bent wie U bent. (refrein) Opwekking 685 : 1-7 Met ons lied, Heer, roept ons hart uit naar U, naar U alleen. Vol verwachting, vol verlangen naar U; U maakt ons één. Refrein: Als wij U zien, Heer, geeft U kracht om op te staan. Wij mogen vrij van angst en schaamte, in uw huis binnengaan. Hosanna, hosanna, U bent de God van redding, U zij de eer, aanbidding. Hosanna, hosanna, kom met uw Geest, vernieuw ons, verheerlijk uw naam, Heer Jezus. Met ons lied, Heer, keert ons hart zich naar U, naar U alleen. U maakt harten die gebroken zijn heel; U maakt ze één. Refrein: Als wij U zien, Heer, geeft U kracht om op te staan. Wij mogen vrij van angst en schaamte, in uw huis binnengaan. Hosanna, hosanna, U bent de God van redding, U zij de eer, aanbidding. Hosanna, hosanna, kom met uw Geest, vernieuw ons, verheerlijk uw naam, Heer Jezus. Als wij U zien Heer, geeft U kracht om op te staan. Wij mogen vrij van angst en schaamte binnengaan. Als wij U zien Heer, geeft U kracht om op te staan. Wij mogen vrij van angst en schaamte in uw huis binnengaan. Refrein: Als wij U zien, Heer, geeft U kracht om op te staan. Wij mogen vrij van angst en schaamte, in uw huis binnengaan. Hosanna, hosanna, U bent de God van redding, U zij de eer, aanbidding. Hosanna, hosanna, kom met uw Geest, vernieuw ons, verheerlijk uw naam, Heer Jezus. Slot: Hosanna, hosanna, Hosanna, hosanna! Opwekking 686 : 1-6 Uw nabijheid vernieuwt en geneest, er stroomt nieuw leven voor lichaam, ziel en geest. God van wonderen, God van het onmoog'lijke is hier. God is hier. Refrein: God is hier, maakt gebroken harten weer blij. (v: Kom en weest blij!) God is hier, en wie ziek is richt Hij op. (m: Machtig God is Hij!) God is hier, zeg als zwakke: ik ben sterk. (v: zeg als zwakke: ik ben sterk.) God is hier, met wonderbare kracht. Uw nabijheid die brengt mij tot rust, en maakt mij steeds meer van uw heiligheid bewust. God zo wonderlijk, God de Almachtige is hier. God is hier. Refrein: God is hier, maakt gebroken harten weer blij. (v: Kom en weest blij!) God is hier, en wie ziek is richt Hij op. (m: Machtig God is Hij!) God is hier, zeg als zwakke: ik ben sterk. (v: zeg als zwakke: ik ben sterk.) God is hier, met wonderbare kracht. Refrein: God is hier, maakt gebroken harten weer blij. (v: Kom en weest blij!) God is hier, en wie ziek is richt Hij op. (m: Machtig God is Hij!) God is hier, zeg als zwakke: ik ben sterk. (v: zeg als zwakke: ik ben sterk.) God is hier, met wonderbare kracht. God is hier; Hij is hier bij ons, met wonderbare kracht. God is hier; Hij is hier bij ons, met wonderbare kracht. God is hier; Hij is hier bij ons, met wonderbare kracht. God is hier; Hij is hier bij ons, met wonderbare kracht. Opwekking 687 : 1-4 Heer, wijs mij uw weg en leid mij als een kind dat heel de levensweg slechts in U richting vindt. Als mij de moed ontbreekt om door te gaan; troost mij dan liefdevol en moedig mij weer aan. Heer, leer mij uw weg, die zuiver is en goed. Uw woord is onderweg als een lamp voor mijn voet. Als mij het zicht ontbreekt, het donker is; leid mij dan op uw weg, de weg die eeuwig is. Heer, leer mij uw wil aanvaarden als een kind dat blindelings en stil U vertrouwt, vrede vindt. Als mij de wil ontbreekt uw weg te gaan; spreek door uw woord en Geest mijn hart en leven aan. Heer, toon mij uw plan; maak door uw Geest bekend hoe ik U dienen kan en waarheen U mij zendt. Als ik de weg niet weet, de hoop opgeef; toon mij dat Christus heel mijn weg gelopen heeft, toon mij dat Christus heel mijn weg gelopen heeft. Opwekking 688 : 1-4 Genade zo groot, aan mij die het niet verdient, liet Christus zijn liefde zien, want Hij kocht mij vrij. Genade zo groot, de schuld die ik voor Hem leg, wast Hij geduldig weg; zijn bloed reinigt mij. Refrein: En al wat ik heb, leg ik voor Hem neer, mijn verlosser en heer, die mij liefheeft. Liefde zo groot, die stand hield tot in de dood, schonk in de diepste nood vergeving aan mij. Liefde zo groot, wiens kracht onverslaanbaar is, verdrijft elke duisternis; nu zijn wij vrij. Refrein: En al wat ik heb, leg ik voor Hem neer, mijn verlosser en heer, die mij liefheeft. Refrein: En al wat ik heb, leg ik voor Hem neer, mijn verlosser en heer, die mij liefheeft. Opwekking 689 : 1-4 Spreek, o Heer, door uw heilig woord, dat ons hart U hoort en verzadigd wordt. Zaai uw woord, plant het diep in ons en verander ons naar uw evenbeeld, zodat Christus' licht in ons zichtbaar is, onze daden maakt tot getuigenis. Spreek, o Heer, en voltooi in ons wat uw hand begon tot uw heerlijkheid. Leer ons Heer, uw volmaakte weg, echte need'righeid en gehoorzaamheid. Toets ons hart en ons denken nu in het heilig vuur van uw zuiverheid. In geloof zien wij dan uw majesteit en uw liefde leidt ons tot heerlijkheid. Woord van hoop, dat ons leven deed, overwinning geeft over ongeloof. Spreek, o Heer, maak ons denken nieuw, laat de diepten zien van uw plan met ons. Woord dat klonk voor de tijd begon, onze vaste grond tot in eeuwigheid. Uw genade geeft ons de zekerheid: al wat U belooft, wordt eens werk'lijkheid. Spreek, o Heer, en voltooi uw kerk en uw scheppingswerk tot uw heerlijkheid. Uw genade geeft ons de zekerheid: al wat U belooft, wordt eens werk'lijkheid. Spreek, o Heer, en voltooi uw kerk en uw scheppingswerk tot uw heerlijkheid. Spreek, o Heer, en voltooi in ons wat uw hand begon tot uw heerlijkheid. Opwekking 690 : 1-8 (v) Zing het overal, een lied van overwinning. De God van onze redding kocht ons vrij! (m) Dood waar is je macht? Nu is de vloek verbroken, het lege graf staat open. Kom en zie! Jezus leeft, Hij leeft, Hij leeft, halleluja! Hij leeft, eer en glorie aan het Lam. Hij leeft, Hij leeft, Hij leeft, halleluja! Hij leeft voor eeuwig, amen. Ik zing met heel mijn hart: de Zoon van God almachtig, zo heilig en zo krachtig redde mij. Nu dreigt de dood niet meer, omdat Hij mij bevrijdde. Niets kan mij nu nog scheiden van mijn Heer. Ik leef, ik leef, ik leef, halleluja! Ik leef, eer en glorie aan het Lam. Ik leef, ik leef, ik leef, halleluja! Ik leef voor eeuwig, amen. Ik leef, ik leef, ik leef, halleluja! Ik leef, eer en glorie aan het Lam. Ik leef, ik leef, ik leef, halleluja! Ik leef voor eeuwig, amen. (6x) Waardig is het Lam, waardig onze eer. Waardig is de Zoon, die de dood verslagen heeft. Kom en roep het luid, dans en zing het uit. Waardig is de hoogste koning. Hij leeft, Hij leeft, Hij leeft, halleluja! Hij leeft, eer en glorie aan het Lam. Hij leeft, Hij leeft, Hij leeft, halleluja! Hij leeft voor eeuwig, amen. Slot: Hij leeft, Hij leeft, Hij leeft, halleluja! Hij leeft, eer en glorie aan het Lam. Hij leeft, Hij leeft, Hij leeft, halleluja! Hij leeft voor eeuwig, amen. Hij leeft voor eeuwig, amen. Hij leeft voor eeuwig, amen. Opwekking 691 : 1-11 Refrein : Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand. Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en verstand. Refrein : Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand. Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en verstand. Dat is het grootste, het eerste gebod. Het tweede, daaraan gelijk: heb je naaste lief, als jezelf. Refrein : Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand. Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en verstand. Dat is het grootste, het eerste gebod. Het tweede, daaraan gelijk: heb je naaste lief, als jezelf. Vader, God almachtig, bron van echte liefde, laat mijn hart vervuld zijn van uw liefde, meer en meer. Jezus, mijn verlosser, U gaf Uzelf uit liefde. Laat mijn hart vervuld zijn van uw liefde meer en meer. Vader, God almachtig, bron van echte liefde, laat mijn hart vervuld zijn van uw liefde, meer en meer. Jezus, mijn verlosser, U gaf Uzelf uit liefde. Laat mijn hart vervuld zijn van uw liefde meer en meer. Refrein : Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand. Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en verstand. Refrein : Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en met heel je verstand. Heb de Heer, je God, lief met heel je hart, met heel je ziel en verstand. Opwekking 692 : 1-5 Mijn Heer zal ik altijd prijzen. Mijn God ik vertrouw op Hem. Hij heeft mij verlost van angsten en Hij plaatst mijn voeten op een rots. Dus ik wankel niet en ik zeg tot de Heer: Refrein: U bent mijn schild, mijn kracht, mijn erfdeel, mijn sterke held. Mijn schuilplaats, mijn vesting, mijn helper in de nood; U bent nabij. Wie heb ik in de hemel buiten U? Ik verlang niemand anders naast U. U verheugt mijn ziel en ik zeg tot de Heer: Refrein: U bent mijn schild, mijn kracht, mijn erfdeel, mijn sterke held. Mijn schuilplaats, mijn vesting, mijn helper in de nood; U bent nabij. Refrein: U bent mijn schild, mijn kracht, mijn erfdeel, mijn sterke held. Mijn schuilplaats, mijn vesting, mijn helper in de nood; U bent nabij. U bent mijn schuilplaats, helper in de nood. U bent mijn schuilplaats, helper in de nood. U bent mijn schuilplaats, helper in de nood. Dus ik wankel niet en ik zeg tot de Heer: Refrein: U bent mijn schild, mijn kracht, mijn erfdeel, mijn sterke held. Mijn schuilplaats, mijn vesting, mijn helper in de nood; U bent nabij. Refrein: U bent mijn schild, mijn kracht, mijn erfdeel, mijn sterke held. Mijn schuilplaats, mijn vesting, mijn helper in de nood; U bent nabij. Opwekking 693 : 1-7 God, voor U is niets onmogelijk; hoe ongelofelijk, U heeft alles in de hand. U bent God en trekt uw eigen plan. U bent voor niemand bang, voor niets en niemand bang. Refrein: U houdt mij vast, U geeft me moed om door te gaan als ik niet durf; ik wil van U zijn. U geeft me kracht, U bent de vaste grond waarop ik stevig sta; ik wil van U zijn, voor altijd van U zijn, o God. Grote God, U bent uitzonderlijk en ondoorgrondelijk; U biedt uw liefde aan. Wie ben ik dat U mij ziet staan, U met mij om wilt gaan? Ik kan U niet weerstaan. Refrein: U houdt mij vast, U geeft me moed om door te gaan als ik niet durf; ik wil van U zijn. U geeft me kracht, U bent de vaste grond waarop ik stevig sta; ik wil van U zijn, voor altijd van U zijn, o God. Onweerstaanbaar, onweerstaanbare God. Onweerstaanbaar, onweerstaanbare God. Onweerstaanbaar, onweerstaanbare God. Onweerstaanbaar, onweerstaanbare God. Refrein: U houdt mij vast, U geeft me moed om door te gaan als ik niet durf; ik wil van U zijn. U geeft me kracht, U bent de vaste grond waarop ik stevig sta; ik wil van U zijn, voor altijd van U zijn, o God. Refrein: U houdt mij vast, U geeft me moed om door te gaan als ik niet durf; ik wil van U zijn. U geeft me kracht, U bent de vaste grond waarop ik stevig sta; ik wil van U zijn, voor altijd van U zijn, o God. Opwekking 694 : 1-9 Ik bouw op Jezus, anders niet; het is zijn bloed dat redding biedt. Wie op Hem hoopt, wordt niet beschaamd; ik steun alleen op Jezus' naam. Refrein: Hij is de rots waarop ik sta; de vaste grond voor mijn bestaan, de vaste grond voor mijn bestaan. Ook als de nacht mijn zicht vervaagt, toont Hij zijn liefde die mij draagt. Al woeden stormen om mij heen, mijn anker rust in Hem alleen. Refrein: Hij is de rots waarop ik sta; de vaste grond voor mijn bestaan, de vaste grond voor mijn bestaan. Ik bouw op Jezus, anders niet; het is zijn bloed dat redding biedt. Ik bouw op Jezus, anders niet; het is zijn bloed dat redding biedt. Ik bouw op Jezus, anders niet; het is zijn bloed dat redding biedt. Want zijn belofte en zijn bloed die doen mij sterk staan in de vloed. Als alles wankelt rondom mij; mijn fundament, mijn hoop blijft Hij! Wanneer Hij komt met luid geschal, weet ik dat Hij mij kennen zal. Bekleed met zijn gerechtigheid ben ik van Hem in eeuwigheid. Refrein: Hij is de rots waarop ik sta; de vaste grond voor mijn bestaan, de vaste grond voor mijn bestaan. Slot: Hij is de rots waarop ik sta; de vaste grond voor mijn bestaan, de vaste grond voor mijn bestaan, de vaste grond voor mijn bestaan. Opwekking 695 : 1-5 Verberg mij nu onder uw vleugels Heer. Houd mij vast in uw sterke hand. Refrein: Als de oceaan haar krachten toont, zweef ik met U hoog boven de storm. Vader, U bent sterker dan de vloed. Dan word ik stil; U bent mijn God. Vind rust mijn ziel in God alleen. Ken zijn kracht, vertrouw Hem en wees stil. Refrein: Als de oceaan haar krachten toont, zweef ik met U hoog boven de storm. Vader, U bent sterker dan de vloed. Dan word ik stil; U bent mijn God. Slot: Als de oceaan haar krachten toont, zweef ik met U hoog boven de storm. Vader, U bent sterker dan de vloed. Dan word ik stil; U bent mijn God. Dan word ik stil; U bent mijn God. Opwekking 696 : 1-6 Onvoorstelbaar, ontzagwekkend, onvolprezen bent U. Onaantastbaar, onverslaanbaar, overwinnaar bent U. Refrein: U, de Koning, wil ik prijzen, met mijn stem U eer bewijzen. U, Heer Jezus, wil ik geven wat U toekomt; neem mijn leven. Lovenswaardig, levenskrachtig, Leeuw van Juda bent U. Allerhoogste, alomvattend, God almachtig bent U. Refrein: U, de Koning, wil ik prijzen, met mijn stem U eer bewijzen. U, Heer Jezus, wil ik geven wat U toekomt; neem mijn leven. Refrein: U, de Koning, wil ik prijzen, met mijn stem U eer bewijzen. U, Heer Jezus, wil ik geven wat U toekomt; neem mijn leven. Refrein: U, de Koning, wil ik prijzen, met mijn stem U eer bewijzen. U, Heer Jezus, wil ik geven wat U toekomt; neem mijn leven. Opwekking 697 : 1-7 Al wat ik ben, leg ik in uw hand, ik geef mijzelf volledig. Mijn leven rust in de palm van uw hand, ik ben van U voor eeuwig. Jezus, ik geloof in U. Jezus, ik vertrouw op U. En de reden dat ik leef, de reden dat ik zing, bent U alleen. Zo wandel ik heel dicht aan uw zij, ook in mijn pijn vertroost U mij. En ik vertrouw op wat U belooft, uw woord staat vast voor eeuwig. Jezus, ik geloof in U. Jezus, ik vertrouw op U. En de reden dat ik leef, de reden dat ik zing… Jezus, ik geloof in U. Jezus, ik vertrouw op U. En de reden dat ik leef, de reden dat ik zing… bent U alleen. Ik aanbid U, ik aanbid U, Heer. Ik aanbid U, ik aanbid U, Heer. Ik aanbid U, ik aanbid U, Heer. Ik aanbid U, ik aanbid U, Heer. Ik vertrouw U, Ik vertrouw U, ik vertrouw op U. Jezus, ik geloof in U. Jezus, ik vertrouw op U. En de reden dat ik leef, de reden dat ik zing… Jezus, ik geloof in U. Jezus, ik vertrouw op U. En de reden dat ik leef, de reden dat ik zing… bent U alleen. Opwekking 698 : 1-10 Ook al gaat mijn weg door een diep dal van duisternis heen, uw liefde drijft de angst uit in mij. Ook al loop ik vast, overvallen door een hevige storm, ik keer niet om, want U bent nabij. En ik vrees geen gevaren meer, met mijn God steeds aan mijn zij. Voor wie zou ik nog vrezen? Hij is toch bij mij? Hij is toch bij mij? Refrein: Nooit meer, nooit meer alleen, loop ik door de stormen heen. Nooit meer, nooit meer alleen, op de berg of in de dalen. Nooit meer, nooit meer alleen; Heer, U laat mij nooit meer alleen. En ik zie al de glans, in de verte, van het stralende licht, dat schijnt voor elk die volhoudt en wacht. Maar tot aan die dag dat de schepping wordt bevrijd van de pijn, is U te kennen al wat ik wil. En ik vrees geen gevaren meer, met mijn God steeds aan mijn zij. Voor wie zou ik nog vrezen? Hij is toch bij mij? Hij is toch bij mij? Refrein: Nooit meer, nooit meer alleen, loop ik door de stormen heen. Nooit meer, nooit meer alleen, op de berg of in de dalen. Nooit meer, nooit meer alleen; Heer, U laat mij nooit meer alleen. (2x) Ja, ik zie al de glans, in de verte, van het stralende licht. Maar tot aan die dag dat de schepping wordt bevrijd van de pijn, blijf ik U prijzen, blijf ik U prijzen. Refrein: Nooit meer, nooit meer alleen, loop ik door de stormen heen. Nooit meer, nooit meer alleen, op de berg of in de dalen. Nooit meer, nooit meer alleen; Heer, U laat mij nooit meer alleen. Refrein: Nooit meer, nooit meer alleen, loop ik door de stormen heen. Nooit meer, nooit meer alleen, op de berg of in de dalen. Nooit meer, nooit meer alleen; Heer, U laat mij nooit meer alleen. Refrein: Nooit meer, nooit meer alleen, loop ik door de stormen heen. Nooit meer, nooit meer alleen, op de berg of in de dalen. Nooit meer, nooit meer alleen; Heer, U laat mij nooit meer alleen. Opwekking 699 : 1-9 Wij hebben hoop die zeker is en altijd onveranderd blijft. Wij hebben Jezus als een vriend die in de hemel voor ons pleit. Wij zijn verankerd in die hoop; zijn bloed heeft ons een weg bereid tot in het vaderhart van God, tot voor zijn troon van heerlijkheid. Wij zien Hem nu; verheven en groot, Hij won van de dood. Refrein: Ik weet: Hij leeft, Jezus leeft vandaag en regeert in heerlijkheid. Ik weet: Hij leeft, wij zullen Hem zien. Halleluja, ik weet: Hij leeft. Hij heerst als koning op de troon, de Vaders eerstgeboren Zoon. De schepping hunkert naar zijn stem. Als Hij komt, lijken wij op Hem. Wij zien Hem nu; verheven en groot, Hij won van de dood. Refrein: Ik weet: Hij leeft, Jezus leeft vandaag en regeert in heerlijkheid. Ik weet: Hij leeft, wij zullen Hem zien. Halleluja, ik weet: Hij leeft. Bridge: Wij zien Hem nu in majesteit, verheven boven het heelal. Maar spoedig komt een nieuwe tijd, waarin de schepping juichen zal. Slot: Ik weet: Hij leeft, Jezus leeft vandaag en regeert in heerlijkheid. Ik weet: Hij leeft, wij zullen Hem zien. Halleluja, Ik weet: Hij leeft, Jezus leeft vandaag en regeert in heerlijkheid. Ik weet: Hij leeft, wij zullen Hem zien. Halleluja, ik weet: Hij leeft. Ik weet: Hij leeft. Ik weet: Hij leeft. Opwekking 700 : 1-8 Refrein : Kom zing een nieuw lied want dit is een nieuwe dag. Zet de poorten open en zing je lied voor Hem. Kom zing een nieuw lied Hij heeft je roep gehoord. En de trouw en liefde van God zijn ook voor jou! Refrein : Kom zing een nieuw lied want dit is een nieuwe dag. Zet de poorten open en zing je lied voor Hem. Kom zing een nieuw lied Hij heeft je roep gehoord. En de trouw en liefde van God zijn ook voor jou! Hij glimlacht en schijnt zijn licht op ons. Hij redt ons en steunt ons liefdevol. Mijn Redder, mijn sterkte is de Heer. Deze dag leef ik voor Hem - en geef Hem eer! Refrein : Kom zing een nieuw lied want dit is een nieuwe dag. Zet de poorten open en zing je lied voor Hem. Kom zing een nieuw lied Hij heeft je roep gehoord. En de trouw en liefde van God zijn ook voor jou! Zijn goedheid rust elke dag op ons. Zijn liefde verdrijft de angst in ons. Mijn schuilplaats, mijn toevlucht is de Heer. Deze dag leef ik voor Hem - en geef Hem eer! Refrein : Kom zing een nieuw lied want dit is een nieuwe dag. Zet de poorten open en zing je lied voor Hem. Kom zing een nieuw lied Hij heeft je roep gehoord. En de trouw en liefde van God zijn ook voor jou! Bridge (3x): Breng dank aan de Heer jouw God. Geef eer met een dankbaar hart, Hij toont zijn liefde hier vandaag! Breng dank aan de Heer, jouw God. Geef eer met een dankbaar hart. Open je hart voor Hem vandaag! Ik zing een nieuw lied en breng Hem de hoogste eer want de nieuwe dag is vol zegen van de Heer! Ik zing een nieuw lied en breng Hem de hoogste eer. Zet je hart wijd open en zing je lied voor Hem! Opwekking 701 : 1-7 Hoor de roep van de Koning, kijk omhoog naar de Zoon. Laat je loflied als reukwerk zijn dat opstijgt voor zijn troon; want Gods rijke genade wordt in Christus betoond aan een ieder die in Hem gelooft. Hoor de roep van de Koning, om te leven in 't licht; om als Christus te dienen, heilig voor Gods aangezicht. Om rechtvaardig te leven, steeds in zijn liefde één; zo wordt Christus zichtbaar door ons heen. Refrein: Hoogste Koning, hier zijn wij om te gaan, U te volgen, want uw Geest vuurt ons aan. Vol van passie, vol van kracht getuigen wij: verlossing in Jezus' naam! Hoor de roep van de Koning; breng verlorenen thuis, want God toont zijn ontferming in het wonder van het kruis. Breng vergeving en vrede; bied de wereld weer hoop, totdat elke tong zijn naam verhoogt. Refrein: Hoogste Koning, hier zijn wij om te gaan, U te volgen, want uw Geest vuurt ons aan. Vol van passie, vol van kracht getuigen wij: verlossing in Jezus' naam! Refrein: Hoogste Koning, hier zijn wij om te gaan, U te volgen, want uw Geest vuurt ons aan. Vol van passie, vol van kracht getuigen wij: verlossing in Jezus' naam! Slot: Verlossing in Jezus' naam! Verlossing in Jezus' naam! Opwekking 702 : 1-2 Er is kracht voor wie hopen op de Heer, wij hopen op de Heer, ja, wij hopen op de Heer. Nieuwe kracht als wij hopen op de Heer, wij hopen op de Heer, ja, wij hopen op de Heer. De God die troont voor eeuwig; de hoop die onze redding is. U bent de God die eeuwig leeft. De God die eeuwig leeft. U raakt niet moe of uitgeput, Heer. U bent de zwakke tot een schild, U sterkt en troost wie lijdt. U tilt ons op met arendsvleugels. Slot: U bent de zwakke tot een schild, U sterkt en troost wie lijdt U tilt ons op met arendsvleugels. Opwekking 703 : 1-4 Refrein : Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God. Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U. Refrein : Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God. Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U. Ben je bedroefd, mijn ziel, en onrustig in mij; vestig je hoop op God. Eens zal ik Hem weer loven, mijn God die mij ziet en mij redt! Refrein : Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God. Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U. Ben je bedroefd, mijn ziel, en onrustig in mij; vestig je hoop op God. Eens zal ik Hem weer loven, mijn God die mij ziet en mij redt! Bridge (2x): Overdag bewijst Hij mij zijn liefde, in de nacht, dan klinkt er een lied in mij op. Overdag bewijst Hij mij zijn liefde, in de nacht, dan klinkt er een lied in mij op. Slot: een gebed tot de God van mijn leven. Refrein : Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God. Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U. Opwekking 704 : 1-5 O kerk, sta op, met wapenrusting aan; stel je op als Christus' leger. Wie zwak is, kom en zeg nu: "Ik ga staan in de kracht die God wil geven." Omgord met waarheid, in Zijn kracht, weerstaan wij satans leugenmacht. Gods leger strijdt met liefde die bevrijdt wie gevangen zit in 't duister. De oorlog woedt niet tegen bloed en vlees, maar is tegen duist're machten. Hanteer het zwaard dat elke wond geneest en wees moedig en standvastig. Al dreigt gevaar aan elke kant, de uitkomst heeft Hij in zijn hand; want Christus krijgt de prijs waar Hij voor stierf: vele volken als zijn erfdeel. Kom, zie het kruis waar liefde recht ontmoet, waar Gods Zoon zich heeft gegeven. De vijand ligt vertrapt onder zijn voet, Jezus is als Heer verrezen! De grote steen is weggedaan, en Christus, Hij is opgestaan. Zijn zegetocht duurt voort tot aan die dag dat elk oog en hart Hem zien zal. Kom, Heil'ge Geest, geef kracht voor elke stap, laat ons elke horde nemen. Dan lopen wij de wedloop om de prijs te ontvangen in de hemel. De heiligen uit vroeger tijd getuigen van zijn majesteit. En wij zien uit, verlangend naar de dag dat wij delen in zijn luister. Al dreigt gevaar aan elke kant, de uitkomst heeft Hij in zijn hand; want Christus krijgt de prijs waar Hij voor stierf: vele volken als zijn erfdeel. Slot: Want Christus krijgt de prijs waar Hij voor stierf: vele volken als zijn erfdeel. Opwekking 705 : 1-6 Aan de maaltijd wordt het stil, als de Meester knielen wil, en vol liefde als een knecht elk apart de voeten wast en zegt: Dit is wat Ik wil dat jullie doen, dit is waarom Ik bij jullie neerkniel. Dit is hoe mijn kerk behoort te zijn, dit is wat de wereld ziet van Mij, als je Mij gaat volgen. Refrein: Toon mijn liefde aan de ander, dien de ander, zo heb Ik ook jou liefgehad. Heb elkaar lief, wat er ook gebeurt, dien de ander, zo heb Ik ook jou liefgehad. In de wereld wordt het stil, als wij doen wat Jezus wil en gaan dienen als een knecht, zoals Hij ons heeft gezegd. Hij zei: Dit is wat Ik wil dat jullie doen, dit is waarom Ik bij jullie neerkniel. Dit is hoe mijn kerk behoort te zijn, dit is wat de wereld ziet van Mij, als je Mij gaat volgen. Refrein: Toon mijn liefde aan de ander, dien de ander, zo heb Ik ook jou liefgehad. Heb elkaar lief, wat er ook gebeurt, dien de ander, zo heb Ik ook jou liefgehad. Refrein: Toon mijn liefde aan de ander, dien de ander, zo heb Ik ook jou liefgehad. Heb elkaar lief, wat er ook gebeurt, dien de ander, zo heb Ik ook jou liefgehad. Slot: Zo heb Ik ook jou liefgehad. Zo heb Ik ook jou liefgehad. Opwekking 706 : 1-5 Zie hoe Jezus lijdt voor mij, aan het kruis de dood nabij. Die voor mij het oordeel draagt, Hij die tot zonde wordt gemaakt. Wat een offer - Hij voor mij! Wie wil worden zoals Hij? Zoveel pijn, ongerechtigheid, is op Hem die voor mij strijdt. Zie hoe Jezus biddend strijdt met de pijn, verlatenheid. Zo alleen, verwond, roept Hij: Mijn God, waarom verlaat U mij? Zie wat Jezus heeft gedaan, in zijn lijden heeft doorstaan. Zoveel liefde verwondert mij, niemand heeft zo lief als Hij. Als de Heer zijn leven geeft, vlucht de dag, de aarde beeft. Zelfs de dood verliest haar macht als Jezus roept: 'Het is volbracht!' Waarlijk, Hij is Zoon van God die voor ons gekruisigd wordt. Door zijn wonden genezen wij, in zijn dood maakt Hij ons vrij. Heel de schepping slaakt een zucht, zij ontwaakt, het duister vlucht. Jezus leeft, is opgestaan, Hij roept ons uit de dood vandaan. Juicht want Hij, mijn Here leeft Hij die overwonnen heeft. Nooit meer tranen, en nooit meer pijn. Nooit van God verlaten zijn. Slot: Juicht want Hij, mijn Here leeft, Hij die ons de toekomst geeft. Nooit meer tranen, en nooit meer pijn. Nooit van God verlaten zijn. Opwekking 707 : 1-3 U bent mooier dan ik kan omschrijven, of vatten in een woord, te wonderlijk om te begrijpen, als niets ooit gezien of ooit gehoord. Wie doorgrondt uw oneindige wijsheid, wie de liefde die U ons betoont? U bent mooier dan ik kan omschrijven, Majesteit, die zit op de troon. En met diep ontzag aanbid ik U. Met diep ontzag aanbid ik U. Heilig God, ik zing mijn loflied nu met diep ontzag voor U. Opwekking 708 : 1-8 Kom, zing voor de Heer, die eeuwig regeert, die nooit veranderen zal. Onfeilbaar eerlijk, onpeilbaar goed; Zijn woord houdt eeuwig stand. Ja, uw woord houdt eeuwig stand. Kom, zing voor de Heer, die eeuwig regeert, die nooit veranderen zal. Onfeilbaar eerlijk, onpeilbaar goed; Zijn woord houdt eeuwig stand. Ja, uw woord houdt eeuwig stand. Refrein: De hemel juicht, de kerk getuigt: 'Groot is uw trouw, o Heer!' Van eeuw tot eeuw belijden wij: 'Groot is uw trouw, o Heer! Hoe groot is uw trouw, o Heer!' Alles verandert, maar U blijft gelijk; uw koninkrijk kent geen eind. En wat U beloofd hebt, dat zult U ook doen; Uw trouw is voor altijd. Wij vertrouwen U altijd. Refrein: De hemel juicht, de kerk getuigt: 'Groot is uw trouw, o Heer!' Van eeuw tot eeuw belijden wij: 'Groot is uw trouw, o Heer! Hoe groot is uw trouw, o Heer!' Bridge: Van generatie tot generatie - nooit liet U ons in de steek. Gisteren en vandaag steeds dezelfde, die was, die is en die komt. Refrein: De hemel juicht, de kerk getuigt: 'Groot is uw trouw, o Heer!' Van eeuw tot eeuw belijden wij: 'Groot is uw trouw, o Heer! Hoe groot is uw trouw, o Heer!' Refrein: De hemel juicht, de kerk getuigt: 'Groot is uw trouw, o Heer!' Van eeuw tot eeuw belijden wij: 'Groot is uw trouw, o Heer! Hoe groot is uw trouw, o Heer!' Opwekking 709 : 1-9 De hemel vertelt van Gods heerlijkheid, het uitspansel spreekt van zijn macht. De dag zegt het voort aan de dag die komt, de nacht aan de volgende nacht. Pre-chorus: Zonder te spreken, geen enkel woord, wordt hun stem over heel de wereld gehoord. Refrein: Halleluja, God van de hemel, God van de aarde. Halleluja, God van het land en de zee. Halleluja, God van de dieren, God van de mensen. Halleluja, alles getuigt met ons mee. De schepping verkondigt zijn majesteit, de zee bruist van blijdschap voor Hem. De regenboog spreekt van zijn grote trouw, de bergen verheffen hun stem. Pre-chorus: Zonder te spreken, geen enkel woord, wordt hun stem over heel de wereld gehoord. Refrein: Halleluja, God van de hemel, God van de aarde. Halleluja, God van het land en de zee. Halleluja, God van de dieren, God van de mensen. Halleluja, alles getuigt met ons mee. Bridge: God heeft vanaf het begin van de tijd zichtbaar gemaakt dat Hij leeft. Hij toont zijn kracht en zijn goddelijkheid in wat Hij geschapen heeft. Refrein: Halleluja, God van de hemel, God van de aarde. Halleluja, God van het land en de zee. Halleluja, God van de dieren, God van de mensen. Halleluja, alles getuigt met ons mee. Refrein: Halleluja, God van de hemel, God van de aarde. Halleluja, God van het land en de zee. Halleluja, God van de dieren, God van de mensen. Halleluja, alles getuigt met ons mee. Opwekking 710 : 1-4 Zegen mij op de weg die ik moet gaan. Zegen mij op de plek waar ik zal staan. Zegen mij in alles, wat U van mij verlangt. O God, zegen mij alle dagen lang! Vader, maak mij tot een zegen; ga mij niet voorbij. Regen op mij met Uw Geest, Heer, Jezus, kom tot mij als de Bron van leven, die ontspringt, diep in mij. Breng een stroom van zegen, waarin U zelf steeds mooier wordt voor mij. Zegen ons waar we in geloof voor leven. Zegen ons waar we hoop en liefde geven. Zegen om de ander tot zegen te zijn. O God, zegen ons tot in eeuwigheid! Vader, maak ons tot een zegen; hier in de woestijn. Wachtend op Uw milde regen, om zelf een bron te zijn. Met een hart vol vrede, zijn wij zegenend nabij. Van Uw liefde delend, waarin wij zelf tot bron van zegen zijn. Vader, maak ons tot een zegen; hier in de woestijn. Wachtend op Uw milde regen, om zelf een bron te zijn. Met een hart vol vrede, zijn wij zegenend nabij. Van Uw liefde delend, waarin wij zelf tot bron van zegen zijn. Slot: Met een hart vol vrede, zijn wij zegenend nabij. Van Uw liefde delend, waarin wij zelf tot bron van zegen zijn.